Door:
Edith Kayeli Chamwama

9 juni 2020

Tags

Hoe pakken we seksuele gezondheid en reproductieve rechten (SRGR) aan in een tijd dat het als een onbetaalbare luxe wordt beschouwd? Edith Kayeli Chamwama tekende verhalen op van mensen uit Ethiopië, Ghana, Kenia en Oeganda en pleit voor een intersectionele aanpak voor extra kwetsbare groepen. Juist tijdens de COVID-19 pandemie.

Tijdens de COVID-19-pandemie zijn de prioriteiten van mensen vaak eenvoudig: voedsel op tafel, een dak boven hun hoofd en het virus niet oplopen. Dat is soms al een enorme uitdaging. Seksuele en reproductieve gezondheid en rechten (SRGR) worden dan beschouwd als een luxe die zij zich niet kunnen veroorloven. Hoewel iedereen de effecten van COVID-19 op SRGR voelt, raakt het sommige groepen meer dan andere. Mensen met een handicap, mensen met HIV, sekswerkers en de LGBTQI- gemeenschap, bijvoorbeeld. Wat betekent deze pandemie voor hen?

auteur Edith Kayeli Chamwama

Om de potentieel verwoestende effecten van COVID-19 onder controle te houden, hebben veel Afrikaanse regeringen sociale bijeenkomsten beperkt, vervoer verboden, onderwijsfaciliteiten gesloten en zorg beperkt tot noodhulp. Deze maatregelen ondermijnen de SRGR van mensen. Vanuit mijn huis in Nairobi gebruik ik mijn telefoon om erachter te komen hoe mensen omgaan met de opgelegde beperkingen. De meesten zijn bang om te praten vanwege waarschuwingen van de regering dat iedereen die niet-geverifieerde informatie geeft, zal worden vervolgd. Desondanks slaag ik erin om mensen te bereiken via mijn netwerk en sociale media. De verhalen die ik hier deel komen uit Ethiopië, Ghana, Oeganda en mijn thuisland Kenia.

Zorgwekkende neveneffecten

Ik spreek met Nafula, een Keniaanse vrouw. Haar man sloeg haar nadat ze geld had gevraagd om eten te kopen. Normaal gesproken hoeft ze dat niet te vragen, dan verdient ze haar eigen geld als huishoudster. ‘De laatste tijd wil niemand ons inhuren uit angst voor besmetting met het corona-virus. (…) Mijn fout was dat ik mijn man om geld vroeg voor eten. (…) De buren kwamen me redden, anders had hij me die dag vermoord.’

Haar man was gefrustreerd nadat hij als een van de eersten was ontslagen toen de Keniaanse president ontslagrondes onder personeel in industriële gebieden aankondigde om daarmee de drukte te minimaliseren.

Kenia meldt ook een toename van gevallen van meisjesbesnijdenis en kindhuwelijken in sommige delen van het land na de sluiting van alle onderwijsinstellingen. In een van de opvangcentra voor meisjes in Kajiado County klaagde een meisje: ‘Deze sluiting betekent het einde van mijn opleiding. Ik word teruggestuurd naar de gemeenschap waarvan ik wegliep vanwege meisjesbesnijdenis en huwelijk. Nu niemand me meer kan beschermen, is het gedaan met me.’

Tevens worden meer gevallen gemeld van incest en verkrachting achter gesloten deuren vanwege de lockdown. Daarnaast zijn klinieken voor prenatale zorg en gezinsplanning afgeschaald en op de meeste plaatsen helemaal stopgezet omdat ze als niet-essentieel zijn geclassificeerd. Er is een toename van meldingen van gedwongen anale seks, als een manier om ongewenste zwangerschappen te voorkomen. Uit alle landen horen we dat vrouwen thuis moeten bevallen zonder verloskundige, ofwel omdat ze bang zijn het virus op te lopen in zorginstellingen, ofwel omdat ze de instelling niet kunnen bereiken.

Maatschappelijke organisaties niet ‘essentieel’

In Oeganda kunnen werknemers van maatschappelijke organisaties niet langer vrij bewegen omdat ze niet als ‘essentieel’ worden geclassificeerd. Zo werden advocaten van het Human Rights Awareness and Promotion Forum (HRAPF) gehinderd bij de toegang tot hun cliënten. ‘De politie deed een inval in de opvang van 19 leden van de LGBTQI-gemeenschap en bracht hen naar de gevangenis.’

Het juridische team en hun cliënten stuitten op allerlei hindernissen tijdens het beschermen van hun mensenrechten: ‘Toen we juridische ondersteuning wilden bieden en borgtocht wilden regelen, werd ons de toegang tot onze cliënten geweigerd onder het voorwendsel van regels voor sociale afstand.’

Op de dag van de rechtszitting beweerde de rechtbank dat er geen vervoer beschikbaar was dat voldeed aan de vereisten voor sociale afstand. Later werd een rechtszitting via de televisie afgewezen. Bovendien waren partnerorganisaties zoals de Mensenrechtencommissie slecht bereikbaar vanwege bewegingsbeperkingen en gesloten kantoren.

Van slecht naar nog slechter

Aklilu Guulay Ghiday van de Talent Youth Association (TaYA) in Ethiopië, legt uit dat ze met soortgelijke problemen worden geconfronteerd. TaYA pleit voor SRGR voor jongeren, werkgelegenheid voor jongeren, leiderschap en maatschappelijke betrokkenheid. ‘Het contact met onze doelgroepen is enorm gekelderd. We proberen contact te onderhouden via sociale media, maar dat lukt alleen met degenen die toegang hebben tot internet.’

Voor sommige groepen is hun SRGR-situatie – die al slecht was – alleen maar slechter geworden. Aklilu somt er een paar op: ‘Mensen met een handicap, commerciële sekswerkers, mensen die op straat leven, mensen in sloppenwijken, mensen met weinig toegang tot informatie en diensten, migranten, en zorgverleners (meestal vrouwen) in afgelegen gebieden met weinig of geen hulpmiddelen en medicijnen.’ En de lijst kan nog aangevuld worden met andere groepen die ook op meerdere fronten extra kwetsbaar zijn.

Innovaties
Hoe essentieel SRGR ook is, de meeste mensen met wie ik praat, zeggen: ‘Op dit moment is onze prioriteit eten op tafel voor onze gezinnen, een dak boven ons hoofd en ervoor zorgen dat we het virus niet oplopen.’ Het is duidelijk dat SRGR-kwesties niet de aandacht hebben van een hongerige en gedemoraliseerde persoon.

De veranderde situatie stimuleert tegelijkertijd ook innovaties. Medewerkers van maatschappelijke organisaties omarmen het werken op afstand en de flexibele werktijden. Via radio en sociale media bereiken ze hun doelgroepen. Gifty uit Ghana leeft met een lichamelijke handicap. Samen met haar broer richtte ze de stichting Anty Gifty Disability op, voor inclusiviteit van mensen met een handicap. Omdat haar universiteit een paar weken geleden sloot en er geen onlineonderwijs is, doet ze nu onderzoek naar COVID-19 en deelt ze de informatie met haar leden, die online zeer actief zijn. Via Facebook informeert ze bovendien het brede publiek over de situatie van mensen met een handicap.

In het noorden van Oeganda pakken zorgverleners de fiets om zwangere vrouwen thuis te bezoeken. In Nairobi gaan groepen jongeren vrijwillig naar de sloppenwijken om informatie over SRGR te verspreiden en tevens te wijzen op voorzorgsmaatregelen tegen COVID-19. In Kibera blijft een blinde maatschappelijk werkster patiënten met hiv bezoeken; ze brengt hen naast medicijnen ook voedsel en ze geeft voorlichting over het virus.

Intersectionaliteit is essentieel voor SRGR

Bovenstaande verhalen illustreren de vele uitdagingen voor SRGR. Om SRGR voor iedereen te realiseren, moeten we gebruikmaken van zowel een intersectionele benadering als een innovatieve, alomvattende aanpak die aandacht heeft voor de onderliggende stressfactoren, zoals extreme armoede en culturele en religieuze overtuigingen die opvattingen van mensen over SRGR beïnvloeden. Individuen en organisaties die aan SRGR werken, zullen zich hierop moeten aanpassen en intersectionaliteit in hun werk integreren.

Intersectionaliteit (illustratie Micky Dirkzwager)

Wat we nodig hebben, is intersectionele SRGR-pleitbezorging die een stem geeft aan en ruimte creëert voor mensen met weinig macht, en die tevens rekening houdt met (al) hun overlappende, gemarginaliseerde identiteiten en de manier waarop deze hun SRG-behoeften beïnvloeden.

Ik roep daarom het maatschappelijk middenveld, regeringen en ontwikkelingspartners op om innovators die met de meest kwetsbare groepen werken, te steunen om hun rechten op SRGR op te eisen. Vooral tijdens de pandemie. Samen kunnen we zorgen voor cross-learning over het hele Afrikaanse continent en beslissingen beïnvloeden ter verbetering van wetgeving, economie, sociale systemen en instellingen om aan SRGR-behoeften voor iedereen te voldoen.

Kader:

Intersectionaliteit: wanneer een persoon tot meerdere achtergestelde groepen of identiteiten behoort, verergert en compliceert dit hun ervaringen met stigma, discriminatie en schendingen van de mensenrechten, die allemaal grote belemmeringen blijken te zijn voor het bereiken van SRGR.

Dit artikel is geschreven door Edith Kayeli Chamwama, onderzoeker bij de Circle of Concerned African Women Theologians. Met bijdragen van Akina Mama wa Afrika, Circle of Concerned African Women Theologians, Forum for African Women Educationalists, Human Rights Awareness and Promotion Forum (HRAPF), Talent Youth Association (TaYA), Liliane Fonds, VSO en Wemos.

Eind mei selecteerde het ministerie van Buitenlands Zaken Akina Mama wa Africa, The Circle of Concerned African Women Theologians, Forum for African Women EducationalistsLiliane FondsVSO en Wemos om met het ministerie samen te werken in een nieuw strategisch partnerschap van 2021-2026. Met dit partnerschap zullen zij gemarginaliseerde groepen met meerdere kwetsbare identiteiten ondersteunen om hun seksuele en reproductieve gezondheid en rechten uit te oefenen. 

 

 

 

De erfenis van vier bevlogen vrouwelijke ministers

Door Paul Hoebink | 07 juli 2020

Vier vrouwelijke ministers van Ontwikkelingssamenwerking sloegen eind vorige eeuw de handen ineen met de ‘Utstein-4’. De Nederlandse Eveline Herfkens was een van hen. Wat hebben zij samen bereikt? Herfkens’ long time partner in life and work poogt in zijn nieuwste boek de balans op te maken, maar raakt verstrikt in de feiten.

Lees artikel

‘Opgeven is erger dan verliezen’

Door Marc Broere | 29 juni 2020

Carolyne Ndalilah, directeur van de spraakmakende Keniaanse jongerenorganisatie TYSA, helpt jongeren zichzelf én de uitdagingen van hun gemeenschap te leren kennen. ‘Wat onze samenleving nodig heeft, zijn jongeren die voorbij de dag van morgen denken; die het als een uitdaging zien het onmogelijke uit te proberen.’

Lees artikel

In coronatijd schiet de noodhulpsector terug in oude reflexen

Door Sarah Haaij | 18 juni 2020

Noodhulp moet effectiever en meer lokaal worden georganiseerd, sprak de internationale gemeenschap in 2016 af. Voortaan zou een kwart van het hulpgeld zo direct mogelijk naar lokale partners gaan. De kloof met de praktijk is ‘schokkend’: o,1 procent van het corona-noodhulpgeld gaat rechtstreeks naar lokale ngo’s, voor wie inspraak en toegang tot fondsen tijdens de pandemie nog moeilijker lijkt te worden.

Lees artikel