Door:
Daniëlle Hirsch

18 april 2020

Tags

Snelheid is van levensbelang in deze wereldwijde coronacrisis. Evelijne Bruning en Danielle Hirsch roepen daarom op het geld dat minister Kaag vrijmaakt voor coronabestrijding zo snel en direct mogelijk bij boeren, lokale gemeenschappen en vrouwen terecht te laten komen. Juist Nederland heeft samenwerkingsrelaties opgebouwd met tal van organisaties die direct in contact staan met de wijken, straten en dorpen waar de meest kwetsbare mensen in arme landen wonen.

Door Danielle Hirsch en Evelijne Bruning

In deze pandemie staat de wereld op zijn kop. Bij ons is het gewone leven ontwricht. Veel mensen lijden onder de polderlockdown, al hebben wij gelukkig voldoende veerkracht en vangnetten om aan onze meest urgente noden te kunnen voldoen. Buiten Nederland ontbreekt die weerbaarheid helaas maar al te vaak. Zeker in landen waar de publieke zorgstructuren zwak zijn en waar mensen in een totale lockdown zitten. Want lokale gemeenschappen die vandaag opgehokt zitten, kunnen morgen al honger hebben. En hulp en geld stroomt daar niet als vanzelfsprekend naar de meest kwetsbare burgers. Daar is dus extra financiële steun urgent.

Usual suspects

Het goede nieuws is dat minister Kaag daarvoor in overleg met andere Europese lidstaten snel 100 miljoen euro heeft vrijgemaakt. Maar het minder goede nieuws zijn de partners die ze daarvoor aanwees. Wij maken ons zorgen over de keuze voor deze usual suspects. Want we twijfelen of we daarmee zo snel kunnen handelen als nu nodig is. En we geloven dat we juist nu moeten kijken naar nieuwe oplossingen. De echte les die Covid19 ons leert is dat we ons open mogen stellen voor een andere manier van leven, voor andere wegen en voor nieuwe oplossingen.

De grote uitdaging is om dat Covid19-geld zo snel mogelijk terecht te laten komen bij de juiste mensen. Snelheid is van levensbelang in deze wereldwijde crisis. Daarbij dagen wij de minister graag uit om op meerdere paarden tegelijkertijd te wedden. Vooralsnog kiest minister Kaag nu enkel voor bekende grote partner-instituties zoals de Wereldbankgroep en de VN-organisaties. Maar het verleden laat helaas zien dat zij veel tijd nodig hebben om dat geld te laten landen in lokale gemeenschappen. Tijd die we nu niet hebben.

Daardoor zullen grote groepen kwetsbare mensen die buiten de formele geldstromen vallen, zoals vrouwen, kleine boeren op het platteland, visserijgemeenschappen en inheemse volkeren niet worden bereikt. Terwijl het juist dáár is waar deze crisis onverbiddelijk de hardste klappen zal uitdelen.

Samenwerken met lokale gemeenschappen

Dat kan ook anders. Het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft de afgelopen jaren al een strategische samenwerking opgebouwd met tal van financieringsorganisaties die direct in contact staan met de wijken, straten en dorpen waar de meest kwetsbare mensen in arme landen wonen. Deze organisaties zijn opgezet door mensen die hun eigen gemeenschap op die manier verder willen helpen. Door hun directe relatie met vrouwengroepen in steden en op het platteland, met boerencoöperaties en textielarbeiders, met vissersgemeenschappen en inheemse bewoners van bossen in Brazilië, Indonesië of de Congo, zijn zij in staat om zelfs tijdens een lockdown in nauw overleg sámen met lokale gemeenschappen te bepalen waar de ondersteuning het aller-hardste nodig is.

Door de steun van minister Kaag hebben die organisaties innovatieve, lokaal gewortelde financieringskanalen ontwikkeld. Ze staan klaar om juist de aller-kwetsbaarste mensen te helpen om uit deze misère te komen. Deze innovatieve aanpak van ontwikkelingshulp werkt al jaren uitstekend. Dit is de kans om ook de wereld te laten zien dat geld anders kan stromen en dan bij de juiste mensen terecht komt, zodat zij zélf zeggenschap hebben over hoe hulp aan hen moet worden ingericht. Dit geeft ons een aanzienlijk ‘innovatief voordeel’.

Het ministerie heeft deze optie bovendien al vijf jaar lang succesvol in haar toolkit. Er is inmiddels dan ook vertrouwen in de kwaliteit en de accountability van onze partnerorganisaties. Minister Kaag heeft dus de keuze om snel en slim grote gevolgen voor moeilijk bereikbare gemeenschappen te voorkomen en om ook andere donoren mee te nemen op dit pad. We dagen de minister dan ook uit om ook dit pad verder te bewandelen. Lokale leiders staan in de startblokken.

Danielle Hirsch (directeur Both ENDS) Evelijne Bruning (bestuurslid Both ENDS, directeur The Hunger Project)

Voor meer informatie over de algemene werking van dit soort mechanismen, zie: https://www.bothends.org/en/Whats-new/Publicaties/Summary-of-Putting-People-First/ 

En kijk ook op https://communityleddev.org/covid-19/

Uitgelichte afbeelding: Boerin Guday Tirfe in Ethopië, @ Johannes Odé | The Hunger Project

Richt je niet alleen op laaghangend fruit

Door Marc Broere | 30 juli 2020

In zijn hoofdredactioneel commentaar in de nieuwe Vice Versa doet Marc Broere een oproep aan ontwikkelingsorganisaties om een extra mijl te lopen om ook de meest gemarginaliseerden in te sluiten in hun projecten. Onderzoeker Anika Altaf laat zien dat het kan.

Lees artikel

Column Eva Nakato: Van nadeel tot voordeel

Door Eva Nakato | 27 juli 2020

Wat vroeger in je leven als ‘ongepast’ werd gezien door je omgeving, blijkt vaak de sleutel tot succes in je latere leven te zijn. Ook voor onze columniste Eva Nakato. Vroeger werd ze soms gepest om haar zware stem, nu wordt ze juist hiervoor uitgekozen voor het spreken in het openbaar en het inspreken van teksten.

Lees artikel

De Utstein coalitie voegde de daad bij het woord

Door Ron Keller | 20 juli 2020

Er is geen enkel samenwerkingsverband geweest dat zo uniek en invloedrijk was als de Utstein coalitie (U4) van vier vrouwelijke ministers voor ontwikkelingssamenwerking, waaronder de Nederlandse Eveline Herfkens. Dat schrijft oud-topambtenaar Ron Keller als reactie op de recensie die Paul Hoebink schreef over een recentelijk verschenen boek over de U4.

Lees artikel