Door:
Marc Broere

2 december 2019

Tags

Ze was de eerste Keniaanse die professioneel voetbal speelde. Nu wil ze wat terugdoen voor meiden die ook opgroeien in een sloppenwijk en haar als rolmodel zien. Bij de bond van Kenia ontwikkelt ze het vrouwenvoetbal, van de top tot aan de basis. Maak kennis met Doreen Nabwire.

Door Marc Broere en Eunice Mwaura

Een echt voetbalgezin, je kunt wel zeggen dat Doreen Nabwire (32) daarin is opgegroeid. Haar oudste broer Anthony speelde in de hoogste divisie van Kenia, haar andere oudere broer Felix is trainer in Busia, de jongere zus Christine speelt in Zweden – bij Dalheim IF –, net als de jongere broer Eric, die uitkomt voor topclub IF Brommapojkarna. Bovendien komt zowel Christine als Eric uit voor de nationale ploeg van Kenia.

Toch leidt het geen twijfel dat Doreen het voetballende pronkstuk van het gezin is. Haar beeltenis prijkt groot op de muur bij de receptie van de Keniaanse voetbalbond, naast die van Victor Wanyama, de middenvelder van Tottenham Hotspur. Het zegt wat over de toenemende interesse in vrouwenvoetbal dat de bond niet alleen de bekendste speler, maar ook de grootste speelster uit de Keniaanse voetbalgeschiedenis zo nadrukkelijk in de etalage zet.

‘Voetbal zit gewoon in ons bloed’, zegt Doreen Nabwire lachend, als ze plaatsneemt in haar kantoor. Het begon bij haar vader. Ze heeft hem nooit zien spelen, maar hoorde van haar grootmoeder dat heel het dorp soms uitliep om hem aan te moedigen tijdens een wedstrijd.

Zelf groeide ze op in Noord-Mathare, in een van de grootste sloppenwijken van Nairobi – die lang geassocieerd werd met criminaliteit, prostitutie en drugs. Maar het is ook een wijk waaruit de grootste jongerenorganisatie ter wereld is voortgekomen: de Mathare Youth Sports Association (MYSA), die net als zijzelf in 1987 het licht zag.

Het doel van de sportclub is jongeren in de sloppenwijken de kans te geven te ontsnappen aan een perspectiefloze toekomst. Door het organiseren van voetbalcompetities komt MYSA in contact met jongeren tussen de negen en zeventien – jaarlijks doen ruim dertigduizend jongeren eraan mee. Saillant detail: niet alleen de wedstrijduitslagen tellen mee, teams krijgen ook punten bij sociale activiteiten in de wijk, zoals schoonmaakacties.

Naar Noorwegen

Het waren haar oudere broers Anthony en Felix die eerst in contact kwamen met MYSA. ‘Ze vertelden me enthousiast dat er ook meisjesteams waren. Ik ging kijken naar de selectiewedstrijden van de MYSA-ploeg tot veertien jaar, die aan elke editie van de Norway Cup deelnam, maar ik was te verlegen om me aan te melden. Het jaar erop heb ik het wel gedaan.’

Het was een belangrijke beslissing. Ze werd meteen geselecteerd en vertegenwoordigde MYSA van 1999 tot 2001 in Noorwegen. Doreen Nabwire bleek al snel de beste te zijn, niet alleen van MYSA, maar van heel het jeugdtoernooi. In 2000 en 2001 was ze aanvoerder, won MYSA de beker en werd zij bekroond tot beste speelster. Op haar zestiende debuteerde ze al in het nationale vrouwenelftal.

De enige die thuis tegenstribbelde was haar moeder. ‘Ik heb echt ervoor moeten strijden, dat ze accepteerde dat ik voetbalde’, zegt Nabwire. ‘Mijn moeder wilde dat ik thuisbleef en haar met het huishouden hielp. Ook zag ze me als ideale oppas voor mijn jongere broer en zussen. Dat gaf regelmatig spanningen, omdat ik per se wilde voetballen.

‘Op een dag’, vervolgt ze, ‘stond er een cruciale wedstrijd op het programma en wilde mijn moeder me niet laten gaan. Toen heb ik heel het team uitgenodigd bij ons langs te komen, om mijn moeder te overtuigen. Als twaalf meiden met haar het gesprek aangaan, zou ze wel overstag gaan, dacht ik zo. Maar nee, ze bleef onvermurwbaar.

‘Mijn vader was vanwege het voetbal meestal weg in het weekeinde, als manager van General Motors FC. Toevallig was hij die dag thuis en hoorde het kabaal. Hij vroeg wat er aan de hand was, waarna onze aanvoerster het vertelde. Toen heeft hij de beslissing van mijn moeder verworpen en haar duidelijk gemaakt dat ik altijd mocht voetballen.

‘Vervolgens kwam hij naar al mijn wedstrijden en werd mijn grootste supporter. Later trok mijn moeder wel bij, maar niet op de Europese manier van je dochter naar de training brengen en langs het veld staan. Het was meer een stilzwijgend goedkeuren, maar dat was voor mij voldoende.’

Veel vooroordelen

Haar thuissituatie is niet uitzonderlijk, denkt ze. ‘Er zijn altijd veel vooroordelen geweest tegen meisjes die wilden voetballen. Het is opvallend dat het meestal de moeder is die bedenkingen heeft. Die is bang dat haar dochter op jonge leeftijd betrokken raakt in intieme relaties met jongens en drugs gaat gebruiken.

‘Pas de laatste jaren heb ik die houding zien veranderen. Nu zien moeders gelukkig steeds meer dat hun dochter niet voor de jongens, maar voor het spel en voor de passie gaat. Ze zien dat voetbal hen juist van de straat haalt en iets productiefs te doen geeft.

‘Als ze klaar zijn met school en dan anderhalf uur trainen op het voetbalveld, zijn ze daarna moe en willen ze niets liever dan naar huis gaan en ’s avond alleen nog huiswerk doen en gaan slapen. Maar als er na school niets te doen is, hebben ze te veel vrije tijd. Niet voor niets luidt een gezegde: An idle mind is the devil’s workshop. Juist dan zijn ze vatbaar voor de dingen waarvoor hun ouders bang zijn.’

Terugkijkend heeft ze ontzettend veel geleerd van het al op jonge leeftijd betrokken raken bij MYSA: ‘Over hoe ik mezelf moest beschermen en wat er nodig is om een respectabel persoon te worden. Om assertief te zijn, om te leren communiceren, om mezelf uit de problemen te houden en altijd de juiste dingen op het juist moment te doen. En ik heb door MYSA de waarden van respect en verantwoordelijkheid meegekregen. Dat is naast talent alles wat je nodig hebt als sporter om je dromen en doelen te kunnen bereiken.’

Rolmodel voor jonge meiden

Professioneel gezien droomde Nabwire er jarenlang van advocaat te worden, maar die studie bleek financieel niet mogelijk. Ze ging naar het Nairobi Aviation College, haalde een diploma en kreeg een baan aangeboden bij een reisbureau in een van de vele moderne winkelcentra die Nairobi kent.

‘Ik vond het vreselijk’, zegt ze lachend. ‘Iedere ochtend moest ik om half zeven naar mijn werk en was ik pas om half acht ’s avonds thuis. Ook op zaterdag moest ik tot drie uur werken. Na drie weken had ik voor mezelf de conclusie getrokken dat ik niet kon weggooien wat ik in ruim tien jaar met voetballen had opgebouwd. Ik was op dat moment al jaren international en een rolmodel voor veel meiden in Mathare Valley. Door deze baan zou ik compleet uit de voetballerij verdwijnen.’

Op de dag dat haar proefperiode van een maand afliep en ze een vaste aanstelling kreeg aangeboden, schreef ze een lange e-mail aan haar baas. ‘Ik heb hem bedankt voor het vertrouwen, maar liet weten dat ik zijn aanbod niet kon accepteren. Hij was eerst boos, maar later heel trots op me.

‘Kijk, heel mijn leven draaide om voetbal en ik kon mezelf niet op een andere plaats in de maatschappij zien. Ik had bovendien veel impact op jonge meiden, die ik wilde blijven inspireren, zodat ook zij hun dromen konden realiseren.’

De juiste beslissingen nemen

Het was een goede beslissing, want direct daarna kwam de primeur: Doreen Nabwire werd in 2008 de eerste Keniaanse vrouw die als beroepsvoetballer de landsgrenzen overstak. En niet zomaar het buitenland: ze ging direct naar de Duitse Bundesliga, om voor Werder Bremen te spelen. Haar vertrek bij het semiprofessionele team van MYSA was ook min of meer gedwongen, vertelt ze.

‘MYSA had als beleid dat de speelsters uit het eerste team jonger dan 21 moesten zijn, omdat het een jongerenorganisatie is en je op die manier telkens ruimte maakt voor nieuwe jonge spelers. Het enige probleem was dat sommige meiden uit het team financieel afhankelijk waren geworden van MYSA.’

Ze vertelt een schrijnend verhaal van een van haar teamgenoten, die ook 21 zou worden. ‘Zij en haar enige broer waren weeskinderen. Met het geld dat ze als voetballer verdiende, kon ze zichzelf en haar broer onderhouden. Nu vielen de inkomsten weg en had ze geen alternatief. Ze vertelde ons dat ze geen andere keuze voor zichzelf zag dan sekswerker te worden. We vonden het verschrikkelijk.

‘Gelukkig is ze na een paar jaar uit dat vak vertrokken en werkt ze nu in Dubai. Ik heb nog steeds contact met haar. Ik heb mezelf ook vaak afgevraagd wat er van me geworden was als ik geen uitzonderlijk voetbaltalent had gehad. Zeker in een gemeenschap als Mathare Valley is het heel makkelijk om als jonge vrouw in de prostitutie terecht te komen, om zo de armoede te ontvluchten en ook de frustratie die armoede met zich meebrengt.

‘Net zoals het voor jongens makkelijk is in de misdaad terecht te komen – dat heb ik zó vaak gezien, en velen zijn ten slotte gestorven in het criminele circuit. Omdat ik het talent voor de bal had en dat me verder heeft gebracht in het leven, zie ik het als een blijvende verantwoordelijkheid om andere jongeren op het rechte pad te houden.

‘Ik wil ze laten beseffen dat het feit dat je in een sloppenwijk wordt geboren en in bittere armoede opgroeit, niet betekent dat je voorbestemd bent om altijd zo te leven. Je kunt eruit komen. Het hangt alleen af van welke beslissingen je neemt in het leven. Het is aan mij – en aan anderen die eruit wisten te komen – om hen ervan te overtuigen dat ze een keuze hebben en dat ze hun leven kunnen veranderen, ondanks de zware omstandigheden waarin ze geboren zijn.’

Sociale initiatieven

Bij Werder Bremen werd ze het eerste jaar meteen clubtopscorer met zeven doelpunten in achttien wedstrijden – niet slecht voor een middenvelder. Wat haar verblijf ook bijzonder maakte, was dat ze overdag werkte voor de sociale initiatieven van de club – 100% Bremen Worldwide en Scort – en ’s avonds trainde met haar teamgenoten. Ze ging naar scholen in achterstandswijken en naar scholen voor kinderen uit ‘moeilijke’ gezinnen. Ze knutselde en voetbalde met ze. ‘Ik maakte altijd makkelijk contact met de kinderen.’

Ze schiet in de lach als haar een verhaal binnenvalt van enkele jaren geleden, toen ze voetbaltraining gaf op de Duitse internationale school in Nairobi. ‘Het waren kinderen van Duitse expats – een beetje een eliteschool, dus. Ik trainde daar het elftal van jongens onder de twaalf.

‘Op een dag heb ik het MYSA-meidenteam tot twaalf jaar laten komen, voor een oefenwedstrijd. Drie van de speelsters hadden schoenen aan, de rest speelde blootsvoets. De Duitse jongens voelden zich beledigd, dat ze tegen zo’n team moesten spelen. Ze werden met 8-0 ingemaakt door de meiden. De jongens waren zó boos dat ze met flessen begonnen te gooien.’

Na Werder Bremen speelde ze nog bij FC Zwolle en haalde tijdens die periode in Nederland haar trainersdiploma. Nabwire’s professionele carrière eindigde in 2014 voortijdig, na een hardnekkige achillespeesblessure. Ze speelde toen opnieuw in de Bundesliga, bij FC Köln.

Terug in Kenia richtte ze Girls Unlimited op, dat sport gebruikt om het talent van de jeugd te ontwikkelen. ‘Het ging ons vooral om het bijbrengen van levensvaardigheden, zoals zelfvertrouwen, goede communicatie en het nemen van beslissingen.’ Inmiddels staat de organisatie op een laag pitje, omdat zich in 2016 een nieuwe uitdaging aandiende voor Doreen Nabwire.

Dat jaar vonden de verkiezingen voor de Keniaanse voetbalbond plaats. Ze steunde een van de jonge kandidaten, Nick Mwendwa, omdat die verandering beloofde. Het team van Mwendwa won en zij kreeg een baan aangeboden in het management van de bond, als enige vrouw.

Verantwoordelijk voor vrouwenvoetbal

Ze is nu officieel de ‘ontwikkelaar van vrouwenvoetbal’ bij de bond. ‘Ik ben verantwoordelijk voor alle vrouwencompetities in het land en voor de ontwikkeling van meisjesvoetbal op grassroots-niveau. Kenia barst van het talent. Het is nu zaak om daar een goede structuur voor op te bouwen, de komende jaren wil ik het gezicht van vrouwenvoetbal in ons land veranderen.

‘Behalve bij MYSA was er nationaal gezien nauwelijks aandacht voor. Het is mijn taak nu in alle uithoeken van het land competities voor vrouwen te ontwikkelen. We hebben de wind in de rug, omdat vrouwenvoetbal wereldwijd in de lift zit. Ik was afgelopen zomer bij de opening van het vrouwen-WK in Frankrijk – de aandacht die het overal kreeg was ongekend.

‘Een vriend wilde naar een wedstrijd van Nigeria, maar die was uitverkocht. Dat was bij eerdere vrouwenkampioenschappen in grote stadions ondenkbaar. Mensen – óók mannen – beginnen het te waarderen en het kan alleen nog maar beter gaan. Dit zal, denk ik, overal ter wereld positieve invloed hebben op de ontwikkeling. Het is nu zaak de volgende stap te maken, zowel nationaal als mondiaal.’

Door haar bestuurlijke functie staat het coachen zelf nu op een laag pitje. ‘Af en toe geef ik een gastles, maar mijn huidige baan kost me zeven dagen per week en ik heb drie kinderen. Van maandag tot en met vrijdag ben ik op kantoor. In het weekeinde zijn de competities en ben ik de hele dag aan de telefoon om te kijken of alle wedstrijden ook daadwerkelijk worden gespeeld.

‘De vraag of een vrouwelijke coach met andere uitdagingen te maken heeft dan een mannelijke, vind ik moeilijk te beantwoorden. Maar ik denk dat de eerste impressie die mensen bij een vrouwelijke coach hebben misschien anders is dan bij een mannelijke; ze kijken eerder de kat uit de boom, omdat ze èrgens denken dat een vrouw geen officiële kwalificaties heeft om coach te zijn.

‘Maar uiteindelijk hangt het zowel bij een vrouw als bij een man af van je persoonlijkheid of je respect verdient. Dus voorbíj de eerste indruk zie ik geen verschil ertussen.

‘Mijn tip aan buurtcoaches in Nederland is om sportlessen altijd te combineren met oefeningen die levensvaardigheden bijbrengen – wat ik eerder noemde: het stimuleren van zelfvertrouwen, het leren goed communiceren en spelers te helpen beslissingen te nemen. Dat heeft mij geholpen te zijn wie ik nu ben, dat werkte bij Girls Unlimited en ik weet zeker dat het ook in achterstandsbuurten in Nederland werkt.’

Foto’s: Francis Nderitu 

She Got Game!  is een samenwerking tussen Vice Versa en ISA. In Amerikaanse straattaal betekent She Got Game! dat je de ‘baas’ bent of ergens heel goed in bent. En het laat ook zien dat meisjes en jonge vrouwen  juist op het sportveld genderstereotypes kunnen doorbreken en hun stem kunnen gebruiken.

Tot begin februari publiceren we wekelijks een interview met een vrouwelijke sporter met een leidersrol in Nederland, Mali en Kenia. We laten zien hoe zij verandering teweeg brengen voor henzelf, de spelers met wie zij werken en in hun omgeving. Wat zijn de uitdagingen die ze dagelijks tegenkomen, hoe hebben ze dit aangepakt en wat voor impact heeft dit op hun leven en op dat van anderen?

De reeks wordt afgesloten met een conferentie op 6 februari in Den Bosch. Opgeven kan via info@isa-youth.org.

She Got Game! is mogelijk gemaakt door het Frame Voice Report programma van Wilde Ganzen dat gefinancierd wordt door de Europese Unie.

‘Een vrouw hoort niet in de schijnwerpers te staan’

Door Siri Lijfering | 12 december 2019

Hoewel vrouwen het meest lijden onder de vervuiling van de Nigerdelta, vraagt men hen zelden naar de oplossing. Het partnerschap Global Alliance for Green and Gender Action wil dat veranderen: ‘Te lang hebben mannen hier de beslissingen genomen en daaruit is niet veel goeds voortgekomen’, zegt Martha Agbani. Op pad door de Delta.

Lees artikel

‘Niets dan verwoesting van ons land’

Door Siri Lijfering | 10 december 2019

De olie-industrie levert de Nigeriaanse staat miljarden op, maar de bevolking van de Nigerdelta ziet haast niets ervan terug en lijdt zeer onder de vervuiling. De lokale koning daagt Shell voor de rechter en twee strategische partnerschappen gaan de problemen te lijf. Vandaag: deel één.

Lees artikel

‘Wie ik tegenkom, wil ik in beweging brengen’

Door Lizan Nijkrake | 09 december 2019

Houda Loukili was Nederlands jeugdkampioen kickboksen en baande zich, als meisje met Marokkaanse achtergrond, een weg door een traditioneel mannelijke wereld. Nu geeft ze sporttraining aan kinderen en vrouwen buiten de boksring. ‘Ik wil doen wat mijn coach voor míj heeft gedaan.’

Lees artikel