Door:
Lizan Nijkrake

20 juni 2019

Tags

Minister Kaag werkt hard aan een nieuw subsidiekader voor het maatschappelijk middenveld. Ze wil meer eigenaarschap geven aan zuidelijke ngo’s om hen meer legitimiteit te geven, en ziet daarbij een andere rol voor Nederlandse organisaties. Vice Versa vroeg vier zuidelijke organisaties hoe zij dit zien. Wat is hun gouden tip voor onze minister? Met vandaag Hajer Sharief, medeoprichter van Together We Build It, een ngo die werkt aan jongeren-en vrouwenparticipatie in Libië’s vredesproces.

Hajer Sharief spreekt klare taal door de telefoon. ‘Als de Nederlandse overheid de subsidiecriteria niet verandert, kan ik je garanderen dat nog steeds geen enkele Libische ngo aan de voorwaarden voldoet om mee te dingen naar financiering’, zegt ze. Het grootste struikelblok in Libië zijn eisen rond geldbeheer. ‘Libië is een conflictgebied. We hebben nauwelijks infrastructuur, niemand heeft toegang tot een bankrekening’, zegt ze. ‘Wij kunnen dus geen directe fondsen ontvangen.’ Volgens haar zien veel donoren financieel beheer als belangrijkste criterium voor samenwerking. ‘Het is ook belangrijk, begrijp me niet verkeerd. Maar donoren bestempelen het missen van een bankrekening als zwakte, terwijl het helemaal niets zegt over de wijze waarop we ons werk doen. We hebben een geweldige *track record sinds onze oprichting in 2011.’

Wat kan Kaag hieraan doen? ‘Open staan voor het gebruik van contant geld. Of met ons werken aan een omweg, door een internationale organisatie het geld te laten beheren. We doen dat al, onder andere via de Women’s International League for Peace and Freedom’, zegt Sharief. Ze lacht. ‘Het is heel interessant dat ik – door deze voorbeelden te geven – mijn eigen pleidooi voor zuidelijk eigenaarschap tegenspreek, omdat we toch een internationale organisatie nodig hebben voor de uitvoering van ons werk.’

Het brengt haar bij de belangrijkste tip voor Kaag: ‘De dynamiek binnen de samenwerking is ongelooflijk belangrijk, daar kan de minister iets aan veranderen. Nu krijgt een noordelijke organisatie geld. Zij beslist vervolgens over partners, strategie en de toewijzing van de gelden, bijvoorbeeld aan ons. Verander dat. Laat noordelijke organisaties verplicht samenwerken met zuidelijke partners. Maak de relatie gelijkwaardig. Zodat we, als er iets mis gaat, kunnen zeggen: hé, we zijn partner, geen onderaannemer. Jij beheert niet het gehele fonds, je kunt ons ook niet zomaar vervangen.’

 

English below

‘Make it compulsory for Northern organisations to collaborate with Southern partners’

Minister Kaag is working hard to develop a new civil society subsidy framework. Her aim is to pass greater ownership to Southern NGOs, giving them more legitimacy, and she also sees a new role for Dutch organisations. Vice Versa asked four Southern organisations what they think of this plan, and what their one golden tip would be for our minister. Today with Hajer Sharief, co-founder of Together We Build It, aan NGO that works to increase the participation of young people in Libya’s peace process.

Hajer Sharief does not mince her words during our telephone call. ‘If the Dutch government doesn’t change the subsidy criteria, I promise you that – still – not one Libyan NGO will satisfy the conditions to compete for funding,’ she says. The biggest stumbling block in Libya is the set of requirements for financial management. ‘Libya is a conflict zone. We have barely any infrastructure; no one has access to a bank account,’ Sharief explains, ‘so we can’t receive any direct funds.’ In her view, many donors see financial management as the most important criterion for collaboration. ‘And it is important, don’t get me wrong. But donors label the lack of a bank account as a weakness, even though that doesn’t say anything about how we do our work. We’ve had a great track record ever since the organisation was founded in 2011.’

What can Kaag do about this? ‘Be open to using cash. Or work with us to find another way, by having an international organisation manage the money. We’re already doing that, for instance through the Women’s International League for Peace and Freedom,’ Sharief says. She laughs. ‘It’s so interesting that in giving these examples I’m arguing against my own call for Southern ownership, because we still need an international organisation to do our work.’

That brings her to her most important tip for Kaag: ‘The dynamics within the collaboration are incredibly important. The minister can do something about that. Right now, a Northern organisation receives money, then that organisation makes decisions about the partners, strategy and allocation of funds, for example to us. Change that. Make it compulsory for Northern organisations to collaborate with Southern partners. Make the relationship equal. So if something goes wrong we can say: come on, we’re a partner, not a subcontractor. You don’t control all the money – you can’t just replace us.’

 

‘Controle over je portemonnee is controle over je keuzes’

Door Eva Huson | 23 januari 2020

In Nepal bindt een dappere vrouwenbeweging de strijd aan met hulpafhankelijkheid en weigert ze principieel fondsen van grote, buitenlandse geldschieters. Een interview in de shift the power-reeks over hoe je als kleine hulporganisatie prima het heft in eigen hand kunt nemen.

Lees artikel

Het Malinese huis van democratie is aan verbouwing toe

Door Ayaan Abukar | 22 januari 2020

Vóór de crisis in 2012 was Mali op het oog een modeldemocratie, maar door migratie en geweld in het noorden is het land nu van geopolitieke betekenis. En het ligt in een van de drie focusregio’s van het Nederlandse ontwikkelingsbeleid. Een tweeluik over het Malinese partnerschap: om te beginnen de politieke achtergrond, ter plekke geschetst.

Lees artikel

Samenwerken in Mali

Door Marc Broere | 20 januari 2020

De komende twee weken staat Mali centraal in ons project ‘Samenspraak en Tegenspraak: de oogst.’ Voor de crisis in 2012 was Mali op het oog een goed functionerende democratie dat weinig in de schijnwerpers stond, maar door de migratie en het geweld in het noorden is het land nu van geopolitieke betekenis. Ook ligt het in een van de drie focusregio’s van het Nederlandse ontwikkelingsbeleid.

Lees artikel