Door:
Marc van Dijk

18 september 2018

Internationale solidariteit is anno 2018 niet meer vanzelfsprekend. Hoe kunnen we daarin verandering brengen? Zes tips van mensenrechtenonderzoekers Jos Philips en Daphina Misiedjan.

Het is ethisch gezien geen moeilijke vraag of wij als welvarende westerlingen iets verplicht zijn aan mensen die elders in slechte omstandigheden leven. Je zou kunnen denken dat het antwoord op deze vraag afhangt van je politieke voorkeur: ben je ‘rechts’ dan heb je er minder mee dan wanneer je ‘links’ bent. Maar in de ethiek – de tak van de filosofie die zich afvraagt wat ‘het goede leven’ is en wat juist is om te doen – is over de vraag of we iets verplicht zijn aan de armen weinig onenigheid, legt politiek filosoof en ethicus Jos Philips uit.

‘We mogen het verbeteren van de wereld niet slechts overlaten aan organisaties of de politiek.’

Philips: ‘De grote contouren zijn vrij duidelijk: er zijn landen waar mensen tekortgedaan worden in hun basale belangen of noden. Ze hebben honger, krijgen ziektes die eigenlijk te voorkomen of te genezen zouden zijn of ze leven zonder fundamentele vrijheden. Andere mensen, zoals wij, hebben in een aantal gevallen de mogelijkheid om daar met relatief weinig inspanning iets aan te doen, zonder zelf onze welvaart te hoeven opgeven. Als aan de ene kant grote nood is en aan de andere kant de middelen bestaan die nood met weinig moeite weg te nemen, zal elke ethische theorie zeggen dat er iets moet gebeuren.’

 Als de theorie betrekkelijk helder is, waarom blijkt de praktijk dan toch vaak zo moeilijk? Natuurlijk is de werkelijkheid complexer dan een simpel ethisch schema. Maar toch: waarom zien we het als rijke westerlingen niet meer vanzelfsprekend als onze plicht – als het al ooit vanzelfsprekend is geweest – om ons in te zetten voor mensen die in slechte omstandigheden leven? En hoe zou daar verandering in kunnen komen?

Op zoek naar een antwoord op die vragen sprak Vice Versa met filosoof Jos Philips en jurist Daphin Misiedjan, die beiden onderzoek doen naar mensenrechten en rechtvaardigheidsvraagstukken.

 

Drie tips voor ngo’s, ontwikkelingsorganisaties en de politiek: 

 

1. Onderzoek wat het best werkt

 Ethici zijn het erover eens dat een bepaalde mate van internationale solidariteit eigenlijk de enige verdedigbare weg is. Eén van de meest uitgesproken pleitbezorgers hiervan is de Australische ethicus Peter Singer, die in de jaren zeventig met een simpel voorbeeld de discussie op scherp zette. Hij zei: stel dat je in een park een kind in het water ziet vallen, maar je hebt splinternieuwe schoenen aan. Zou je dan in het water springen om het kind te redden?

Bijna iedereen zou die vraag positief beantwoorden en bijna niemand zou zeggen: dat is zonde van mijn dure nieuwe schoenen. Maar wat als het kind ergens anders op de wereld in nood is? Dan vinden we het ineens een lastige vraag, en voeren we excuses aan die nog veel vreemder zijn dan te wijzen op onze dure schoenen. Voor Singer is het simpel: iedereen die een goede levensstandaard heeft, zou minstens tien procent van zijn inkomen moeten weggeven aan mensen die het minder hebben, waar ook ter wereld.

In zijn proefschrift onderzocht Philips die ethische positie van Singer en stelt dat er voor een echte doorbraak op dit terrein meer nodig is dan enkel filosofische of ethische redeneringen.

Philips: ‘Rechtvaardigheidsvraagstukken zijn complex. Als iets ethisch vereist is, wil dat nog niet zeggen dat het gaat gebeuren. En als het niet gebeurt, kan je je afvragen hoe ver je bijvoorbeeld als organisatie of regering zou mogen gaan om mensen ertoe te brengen anders te handelen. Dat is een ethische vraag.

‘Naast ethiek heb je ook robuuste empirische gegevens nodig uit de politicologie, economie, sociologie en psychologie. In de medicijnenindustrie is het heel gewoon om alle bijwerkingen van een middel te onderzoeken. In de klimaatwetenschap worden gegevens uit allerlei wetenschapsterreinen samengebracht om een compleet beeld te krijgen. Dat zou op het gebied van internationale solidariteit ook moeten gebeuren: wat brengt (groepen) mensen in beweging? En ook: welke vormen van “hulp” doen werkelijk goed?’

Effectief Altruïsme, een beweging die op Peter Singers ideeën is geïnspireerd, is volgens Philips een stap in de goede richting. ‘Deze beweging probeert op basis van robuuste data te zeggen welke goede doelen de meeste levens redden en het meeste lijden wegnemen.’

 

2. Maak bedrijven aansprakelijk voor mensenrechtenschendingen

Het is voor rijke westerlingen als wij belangrijk om vanuit de ethiek na te denken over de vraag wat onze verantwoordelijkheid is ten aanzien van mensen die het minder hebben dan wij. Maar we zouden die vraag ook kunnen bekijken vanuit een andere discipline: het recht. Dit is waar jurist Daphina Misiedjan zich mee bezighoudt. Hoezeer zijn wij afhankelijk van hulpbronnen uit andere delen van de wereld? Misiedjan: ‘Of we ons er nu wel of niet verantwoordelijk voor voelen, dat doet er niet zo heel veel toe. Wij zijn via onze dagelijkse handelingen aantoonbaar verantwoordelijk voor allerlei effecten die optreden in het Zuiden. We zouden hier juridisch meer werk van moeten maken.’

Een voorbeeld? ‘De toegang tot voldoende schoon water is een recht voor iedereen. Westerse bedrijven zoals Coca Cola gebruiken voor hun fabrieken in landen als India en Brazilië grote hoeveelheden grondwater. Maar wat als dit zorgt voor een tekort aan water voor de lokale bevolking? Dit heeft in de afgelopen jaren al tot rechtszaken geleid. Tot nu toe is het moeilijk om bedrijven hierop aan te spreken. Hun weerwoord is doorgaans: “Wij houden ons aan ons contract.” Ze doen niets illegaals en daarmee is de kous af. Maar als je de mensenrechten en het recht op water er bij zou betrekken, kan dat veranderen. Het is van het hoogste belang dat ook bedrijven kunnen worden aangesproken op hun verantwoordelijkheid ten aanzien van hulpbronnen en de effecten van exploitatie. Daarbij moet de vraag niet alleen zijn of de lokale bevolking nog genoeg over heeft om als drinkwater te gebruiken, maar ook: heeft de lokale bevolking nog genoeg over om landbouw mee te bedrijven?’

Als het recht eenzijdig de (economische) belangen steunt van één partij, dan schiet dat tekort, stelt Misiedjan. ‘Mensenrechten zijn bedoeld om ook voor diegene die geen andere middelen hebben een minimum in levensstandaard waar te maken. Dat doel is nog steeds niet bereikt. Dit komt deels doordat we tot nu toe alleen staten juridisch kunnen aanspreken op schendingen van mensenrechten. Het zou zeker helpen als we ook bedrijven hierop konden aanspreken. Het recht probeert hier steeds meer naartoe te werken. Maar er spelen grote belangen. Bedenk dat de balans van veel multinationals groter is dan dat van een compleet land. Consumenten kunnen ook een rol spelen door via hun koopgedrag te laten merken wat zij van bedrijven willen zien.’

 

3. Zorg voor een goede levensstandaard in eigen land

Sommige denkers, zoals Allen Buchanan en Russell Powell[1], verklaren solidariteit vanuit evolutionaire logica. Toen de mensen nog leefden als jagers en verzamelaars, in kleine groepen, waren ze zeer xenofoob. Buitenstaanders werden als een bedreiging gezien; mensen van een andere stam werden vaak niet eens als mensen beschouwd. Ze waren bedreigend, want er was niet genoeg voedsel of water. En ze konden de sociale cohesie in de war schoppen.

Daaruit ontwikkelen de onderzoekers de hypothese dat onder dergelijke condities mensen geen solidariteit zullen voelen met onbekenden. Hef je die condities op, dan ontstaat er eerder een gevoel van solidariteit.  ‘Bij gebrek aan solidariteit kan het gaan om objectieve condities – er is daadwerkelijk te weinig voedsel om nieuwkomers te kunnen gedogen,’ legt Philips uit, ‘maar het kan ook gaan om de perceptie dat nieuwkomers bedreigend zijn: mensen denken dat ze worden bedreigd door buitenstaanders, terwijl er eigenlijk genoeg voedsel is.

‘Volgens deze theorie zal je dus eerst de levensstandaard in eigen land op orde moeten hebben om solidariteit met mensen elders te vinden. Dus als zekerheden als een baan, uitkering en verzekering van mensen hier er nogal hard op achteruit gaan, ondergraaft dat hun bereidheid tot solidariteit met andere groepen.’

 

Drie tips waarmee jij vandaag kunt beginnen: 

 

1. Eigen jezelf de geschiedenis toe

We leven in een geglobaliseerde wereld waarin we de hele dag op de hoogte worden gehouden van problemen elders. Een verleidelijke reflex is dan om jezelf terug te trekken in je eigen cocon. Iemand die tegen die reflex in ging, was de Amerikaanse politiek filosoof Iris Marion Young (1949-2006).

Philips: ‘Young is helaas overleden voordat ze haar belangrijke werk Responsibility for Justice had voltooid. Maar het is toch uitgegeven, en het bevat ideeën die voor onze tijd relevant zijn. Ze zei: het is onverdedigbaar om onverschillig te zijn, en het is bij veel problemen onvruchtbaar om te blijven hangen in de vraag wie of wat er schuldig is aan de situatie – het Westen, het bedrijfsleven, het kapitalisme, enzovoorts. In plaats daarvan moeten we vooruitkijken en de schouders eronder zetten. Gemeenschappelijke actie biedt de mogelijkheid om veel te veranderen. De één is goed met zijn handen, de ander kan strategisch denken en weer anderen hebben geld.’

 Young werd geïnspireerd door de Joodse politiek denker Hannah Arendt, die nadat zij nazi-Duitsland ontvlucht was haar leven lang bezig bleef met de vraag: hoe kan het dat een hoogontwikkelde cultuur ontaardt in barbarij? Haar antwoord: de mensen hebben zich de geschiedenis niet voldoende toegeëigend. In de totalitaire staat zijn ze passief geworden, ze verborgen zich achter het systeem.

Philips: ‘Het is dus van het hoogste belang dat wij het anders doen. We moeten ons de publieke ruimte en de geschiedenis toe-eigenen. We mogen het beter maken van de wereld en het vergroten van internationale solidariteit niet enkel uitbesteden aan organisaties of aan de politiek. Dankzij sociale media is het makkelijker geworden om dit idee te realiseren. Soms is het mogelijk vandaag een actie op te zetten die morgen al effect heeft.’

 

2. Maak gebruik van je eigen invloedssfeer

 Jezelf de geschiedenis toe-eigenen, dat klinkt wel mooi, maar hoe doe je dat? Je kunt moeilijk in je eentje de plastic soep uit de oceaan vissen – al schijnt Boyan Slat een heel eind te komen.

Om iets kleiner te beginnen: ga uit van je eigen circle of influence; alle dingen waarop jij direct invloed hebt. Je dagelijkse bezigheden, van werk en sociaal verkeer tot de boodschappen, bankzaken en reizen. Het lijkt misschien alsof je jezelf dan opsluit in je eigen wereldje, maar ieders invloedsfeer is in onze geglobaliseerde wereld verrassend groot, zegt Misiedjan. ‘Iedereen heeft een circle of influence en is in die zin machtig, want al jouw kleine keuzes hebben invloed in de wereld. Het is aan jou of je die invloed positief of negatief inzet.’ We schijnen binnen zes handdrukken een ieder op aarde te kunnen bereiken. En daar zitten neem ik aan ook wat grote influencers tussen.

Zelf volgt Misiedjan zoveel mogelijk een op planten gebaseerd dieet om op die manier haar CO2-impact te verkleinen. Ze is van bank overgestapt en probeert zo min mogelijk te vliegen. ‘Als ik nu word gevraagd voor een presentatie op een congres in het buitenland, reis ik er indien mogelijk op een andere manier naartoe. Of ik stuur een videoboodschap. Solidariteit komt niet zonder ongemak of zonder prijs. Maar een beetje ongemak brengt ons niet beneden het minimumniveau voor het leiden van een goed leven. Ik heb meer dan genoeg en ik wil terug naar dat wat voldoende is voor mij. Voor mij is het vanzelfsprekend om goede doelen te steunen van mensen binnen mijn eigen invloedssfeer, zoals bijvoorbeeld Youth Empowerment Suriname.’

 

3. Omring je met gelijkgestemden

Als het moeilijk is om dingen op te geven uit solidariteit, kan je omgeving helpen, zoals bij alles waarvoor discipline nodig is.  Philips: ‘Uit veel onderzoeken blijkt hoe groot het effect van groepen hierbij is. Het is heel belangrijk met wie je omgaat. Als al jouw familie, collega’s en vrienden het heel normaal vinden de wereld rond te blijven vliegen, dan is het heel moeilijk om dat zelf niet te doen. Als je bewuster nadenkt over de mensen met wie je omgaat, kan je makkelijker een opwaartse spiraal bereiken.’

Ook kan je vanuit eigen je circle of influence nog grotere groepen creëren. Een mooi voorbeeld hiervan zijn groepen werknemers die pensioenfondsen beïnvloeden.

Misiedjan: ‘Als werknemer kan je je verdiepen in de vraag waar jouw pensioenfonds jouw geld eigenlijk in investeert. Zijn dat doelen die de wereld beter maken, of wordt er bijvoorbeeld met jouw geld in wapens en roofbouw belegd – dingen waar je vanuit klimaatperspectief en in sociaal opzicht niet aan wilt bijdragen? Het pensioenfonds voor ambtenaren (ABP) is sinds een jaar of vijf bezig aan een enorme omslag in het beleid, alleen maar doordat een paar mensen hier vragen over begonnen te stellen. Die mensen hebben hun krachten gebundeld onder de naam Fossielvrij NL en maken nu als klein collectief een enorm verschil – het gaat om miljarden euro’s.’ •

 

 

Ethicus en politiek filosoof Jos Philips (44) is universitair docent aan het Ethiek Instituut van de Universiteit Utrecht. Hij is gepromoveerd op de vraag welke verantwoordelijkheid individuen in rijke landen hebben ten opzichte van armen in andere delen van de wereld. Momenteel houdt hij zich als onderzoeker bezig met de vraag of het mogelijk is om toekomstige mensen op te nemen in de omgang met mensenrechten nu. Philips: ‘Dat zou grote gevolgen hebben voor de manier waarop wij nu leven; als we de rechten van toekomstige generaties serieus meenemen in ons beleid en in onze daden, moeten we een stuk zuiniger worden op de aarde.’

 

Jurist Daphina Misiedjan (31) is universitair docent aan de Universiteit Utrecht. Ze promoveerde op de vraag hoe toegang tot water kan worden verankerd in het recht. Ze richt zich nu vooral op de relatie tussen mensenrechten en het milieu. Een van de vragen waarmee ze zich bezighoudt: helpt het als rivieren of natuurgebieden rechten krijgen? Enkele landen experimenteren hier al mee: Nieuw-Zeeland (een rivier), Colombia (een bos), en Ecuador (een rivier). Misiedjan: ‘Mondiale solidariteit kan niet zonder de ander. Maar dat is niet alleen de menselijke ander, maar ook de natuur-ander. Als we een rivier veranderen in een rechtspersoon, dan gaan we die rivier tot op zekere hoogte zien “als mens”. Dit kan bijdragen aan een betere balans tussen onze behoeften en die van de natuur.’

 

[1] Recentelijk publiceerden zij hierover een artikel in het tijdschrift Ethics onder de titel ‘Towards a naturalistic theory of moral progress’.

Het journalistieke project Reinventing the Message is bedoeld om met onder andere filosofen, schrijvers,  sociaal ondernemers, activisten, wetenschappers en professionals uit de ontwikkelingssector nieuwe ideeën te genereren om mensen te raken en te betrekken bij internationale samenwerking en mondiale solidariteit.

Het journalistieke project Reinventing the Message is bedoeld om met onder andere filosofen, schrijvers,  sociaal ondernemers, activisten, wetenschappers en professionals uit de ontwikkelingssector nieuwe ideeën te genereren om mensen te raken en te betrekken bij internationale samenwerking en mondiale solidariteit.

Blog: Gezondheidszorg voor iedereen of alleen de happy few?

Door Remco van der Veen | 12 december 2018

Vandaag is het Universal Health Coverage Day. Ministers van Financiën zien gezondheidszorg helaas vaak slechts als een uitgavenpost en geven prioriteit aan productieve investeringen in landbouw en infrastructuur. Dat moet anders, schrijft Remco van der Veen, director International Offices bij Cordaid.

Lees artikel

‘De oudere generatie heeft kennis, de jongere generatie heeft de energie en de toekomst.’

Door Lys-Anne Sirks | 11 december 2018

In haar beleidsnota ‘Investeren in perspectief’ zet minister Kaag sterk in op jongeren, maar wat vinden die zelf eigenlijk van de nota en de rol die hen daarin wordt opgelegd? Volgens Francis Arinaitwe, een jonge ondernemer uit Kenia,  is het vooral cruciaal om ‘jongeren zeggenschap te geven over hun eigen toekomst’.  

Lees artikel

Bossen: onze krachtigste high-tech klimaatoplossing

Door Han de Groot | 03 december 2018

Als we over klimaat oplossingen praten, gaat het gesprek bijna altijd over de vermindering van fossiele brandstoffen. Maar volgens Han de Groot, CEO van de Rainforest Alliance, is dat maar een deel van de oplossing en zou het veel meer over bossen moeten gaan: de meest krachtige en efficiënte CO2 opnemende technologie die het wereld ooit heeft gezien.

Lees artikel