Door:
Marc Broere

16 maart 2018

Categorieën

Tags

Na 36 jaar is er alsnog aangifte gedaan van de moord op vier Nederlandse journalisten in El Salvador. Voor de toen 16-jarige Marc Broere was deze moord een heel bepalend moment in zijn leven.

Op 17 maart 1982 vertrokken Koos Koster, Hans ter Laag, Jan  Kuiper en Joop Willemsen vanuit hotel Alameda in San Salvador naar de provincie Chalatenango. De vier Nederlandse IKON journalisten waren in El Salvador om reportages te maken over de bloedige burgeroorlog en zouden het gebied intrekken dat in handen was van de guerrilla’s van de FLMN. Bij de plek waar de Nederlanders hadden afgesproken met de gidsen van het verzet, had het leger een hinderlaag gelegd en werden ze alle vier doodgeschoten.

De moord op de IKON ploeg was voorpaginanieuws in de hele wereld. Voor mij als 16-jarige jongen was dit hét moment van definitieve betrokkenheid bij mondiale verhoudingen. Een point of no return. Alsof het gisteren is herinner ik me nog de schok die ik voelde toen ik dagblad Trouw van onze deurmat pakte en las wat er gebeurd was.

Enkele maanden daarvoor was ik begonnen met het kijken naar actualiteitenrubriek Kenmerk van de IKON, waar de reportages van Koster en zijn team werden uitgezonden. Zijn geëngageerde stijl en hoe hij berichtte over armoede en schendingen van mensenrechten sprak mij enorm aan. Koster had duidelijke opvattingen over de journalistiek. In 1980 had hij in El Salvador met aartsbisschop Oscar Romero gesproken. Romero, die kort daarna vermoord werd, had tegen hem gezegd: ‘Jullie journalisten hebben een heilig beroep. Jullie moeten de waarheid bekend maken.’

Ook op de andere leden van het IKON team maakte de situatie in het land grote indruk. Geluidsman Hans ter Laag was nog nooit in El Salvador geweest. Hij was totaal overdonderd door wat hij zag en schreef enkele dagen voor de moord in een brief aan zijn vriendin: ‘Vandaag hebben we het lijden van de bevolking gefilmd en ik heb uren liggen huilen in mijn bed. Ik weet zeker dat ik vannacht ook niet kan slapen door alle verhalen die ik heb gehoord.’

Op mijn achttiende ging ik mede door de reportages van het IKON-team naar de School voor de Journalistiek in Utrecht om me in mondiale onderwerpen te specialiseren.

Naar El Salvador

Bijna 25 jaar na de moord ben ik zelf naar El Salvador gegaan omdat ik het idee voor een herdenkingssymposium had bedacht. Dit symposium werd in De Balie in Amsterdam gehouden, die op deze dag helemaal afgeladen was. Er waren zelfs zoveel mensen dat de Brandweer het pand dreigde te ontruimen.  Bert Koenders, die nog maar net was aangetreden als minister voor Ontwikkelingssamenwerking, hield een indrukwekkende toespraak op het symposium. Ook hij herinnerde de moord zich nog als de dag van gisteren.

Het was voor mij ook het begin van een reeks achtereenvolgende bezoeken aan het land. El Salvador behoort samen met Oeganda, Kenia, Mongolië en Nicaragua nu tot mijn favoriete journalistieke landen. Ik sliep tijdens die eerste reis naar El Salvador in dezelfde kamer in hotel Alameda als waarin Koos Koster de dag voordat hij vermoord werd geslapen had: kamer 418.  Ik bezocht de plek vlakbij Santa Rita waar de journalisten en hun gidsen werden doodgeschoten.

Wat op mij vooral indruk maakte was een gesprek met Alicia Garcia, oprichter en directrice van Co-Madres, een Salvadoraanse organisatie voor ouders met verdwenen kinderen. Ze vertelde over haar leven dat een opeenstapeling van huiveringwekkend onrecht was, en over de steun die ze aan Koos Koster had die regelmatig naar het land kwam.  ‘Koos was een hele zachtaardige man’, zei ze. ‘Daarom hadden mensen ook vertrouwen in hem. Hij sprak altijd met moeders die net hun zoon of dochter hadden verloren. Hij troostte ze. “Ik ben weliswaar Nederlander, maar voel me net zo’n Salvadoraan als jullie”, zei hij dan. Ik lijdt ook om wat jullie voelen.” Dat waren niet zomaar woorden, dat was echt.’

Soms kwamen militairen een manifestatie verstoren van Co-Madres of vielen ze hun kantoor binnen. ‘Wij renden nooit weg, net zomin als Koos Koster’, vertelde Garcia. ‘Hij bleef altijd bij ons. Dat was ook de bescherming die wij voelden: het leger reageert anders wanneer ze zien dat er een buitenlandse journalist bij is. Ik denk dat we twee dingen van Koos Koster hebben geleerd die ons tot op de dag van vandaag inspireren. Hij heeft ons geleerd dat het geen zonde is om gerechtigheid te vragen voor een vermoord familielid. Ook hield hij ons altijd voor dat de waarheid uiteindelijk zal triomferen.’

Amnestywet

De daders werden nooit gepakt, ondanks dat in 1993 de Waarheidscommissie van de Verenigde Naties al bevestigde dat het Salvadoraanse leger de vier met opzet had doodgeschoten. Lange tijd werden de vermoedelijke daders echter beschermd onder een amnestiewet. In 2009 vroeg ik de linkse presidentskandidaat Mauricio Funes (die de verkiezingen ook zou winnen) of hij deze wet wilde opheffen. Hij wees deze suggestie toen resoluut van de hand. Het heeft nog tot 2016 geduurd voordat de amnestiewet alsnog werd opgeheven. Daarmee is vervolging van daders van misdaden tijdens de burgeroorlog in El Salvador (1980-1992) nu mogelijk geworden.

En zo werd afgelopen week bekend dat de moord alsnog tot aangifte leidt. Twee Salvadoraanse mensenrechtenorganisaties hebben samen met de Nederlandse ambassadeur Peter-Derrek Hof aangifte van moord op het viertal gedaan. Het is nu aan de rechterlijke macht in El Salvador om te bepalen of er ook een strafzaak komt.

Morgen is het precies 36 jaar geleden dat het gebeurde. Ik zal dan ook even het glas heffen en in gedachten stilstaan bij Koos Koster, Hans ter Laag, Joop Willemsen, Jan Kuiper en al die vele honderden journalisten die daarna nog zijn vermoord omdat ze de waarheid wilden vertellen. En juist in deze tijd hebben we des te meer journalisten nodig die geëngageerd zijn en hun nek durven uit te steken om belangrijke verhalen wereldkundig te maken. Journalistiek blijft een heilig beroep.

Marc Broere

Marc Broere is hoofdredacteur van Vice Versa. Daarnaast is hij auteur van een aantal boeken waaronder De Bewogen Beweging -50 jaar mondiale solidariteit (met Hans Beereends), Berichten over Armoede -een journalistieke kijk op ontwikkelingssamenwerking, en Minder Hypes, Meer Hippocrates -een positieve injectie voor de ontwikkelingssector (met Ellen Mangnus).

‘Van deze rechtsstaat-in-naam wens ik de versierselen niet langer te dragen’

Door Marc van Dijk | 19 april 2019

Trots en dankbaar was Nico Keulemans toen hij door de koningin geridderd werd, na een leven vol ontwikkelingswerk. Nu stuurt de 88-jarige zijn onderscheiding terug. Hij herkent de rechtsstaat Nederland niet meer.

Lees artikel

Zijn we klaar voor verandering?

Door Siri Lijfering | 08 april 2019

Maatschappelijke organisaties staan wereldwijd onder druk. Dit kan het einde betekenen van het bestaan van een kritisch maatschappelijk middenveld én van internationale samenwerking. Door lokale organisaties te brandmerken als spreekbuis van het westen, proberen overheden kritische organisaties vleugellam te maken. Lokale fondsenwerving en mobilisatie van een sterke achterban zijn daarmee belangrijker geworden dan ooit.

Lees artikel

Wat staat er in de nieuwe Vice Versa?

Door Marc Broere | 07 april 2019

Het aangrijpende verhaal van een geridderde oud-ontwikkelingswerker die zijn lintje aan de koning terugstuurt omdat hij de Nederlandse rechtstaat niet meer herkent, een dubbelinterview met twee aspirant-Europarlementariërs die Brussel willen voorzien van nieuw idealisme, een lijvig Afrika-dossier en een profiel van minister Kaag op basis van de tweets die ze sinds haar aantreden heeft uitgestuurd. De nieuwe Vice Versa is uit. Lees hier meer over de inhoud.

Lees artikel