Skip to content

 

Door:
Marc Broere

15 december 2017

Categorieën

Tags

In de nieuwe Vice Versa veel aandacht voor diversiteit en inclusiviteit. In plaats van dat maatschappelijke organisaties hiervan de voordelen zien, blijken er vooral veel vooroordelen te zijn, schrijft Marc Broere in zijn Vrijdagmiddagborrel.

De voordelen van meer diversiteit zijn talloos, schrijft Ellen Mangnus in haar rubriek Filosoferen met Ellen: ‘Zo stimuleren nieuwe perspectieven creativiteit, worden oplossingen sneller gevonden en is het gezond dat aannames worden betwijfeld. Om een parallel te trekken met ecologie: hoe meer diversiteit, hoe weerbaarder een systeem.’

Diversiteit en inclusie vormen de rode draad in de nieuwe Vice Versa die volgende week verschijnt.  Zo vroegen we aan 24 voornamelijk ontwikkelingsorganisaties hoeveel mensen met een migratie of vluchtelingenachtergrond ze in dienst hebben. Dat bleken er bij de meesten niet veel te zijn. Werden Nederlandse ontwikkelingsorganisaties afgerekend op hoe divers ze zelf  zijn, dan zou de  sector wankelen.  ‘Als je hier al niet divers en inclusief wilt zijn, dan ben je dat in het Zuiden ook niet’, zegt een van de geïnterviewden.

Wat blijkt: in de sector van internationale samenwerking lijken er vooral veel vooroordelen over diversiteit en inclusie te zijn, liever dan dat men de voordelen ziet. Zo zegt deskundige Dominica Ghidei in een van de artikelen: ‘Jarenlang werden talloze onderzoeken aangehaald om aan te tonen dat migranten niet neutraal en onafhankelijk zouden zijn als het ging om ontwikkelingswerk in hun herkomstland. Dan werden – ondanks je kennis van de cultuur, talen en krachtenvelden – je loyaliteit en objectiviteit in twijfel getrokken. Maar zelden stonden de organisaties stil bij hoe objectief en neutraal de witte medewerkers zijn. Hebben die soms niet te maken met de framing en interpretaties van de lokale medewerker die voor hen de context ter plekke moet duiden?’

Wegkijken

Ook in het dubbelinterview met Sara Kinsbergen en Betteke de Gaay Fortman komen vooroordelen ter sprake. Het gesprek gaat over de erkenning van al die duízenden particuliere initiatieven als volwaardige actoren binnen de Nederlandse ontwikkelingssamenwerking. Dit  particulier initiatief (PI) is niet klein te krijgen; het neemt nog steeds in omvang toe en zijn fondsenwerving stijgt sneller dan die van grote organisaties. Toch is er amper contact tussen deze vrijwillige hulpinitiatieven en de professionele ontwikkelingssector. In plaats van dat ze omarmd worden, zie dat je dat veel ontwikkelingsorganisaties en ook het ministerie ervan wegkijken.

‘De gemiddelde particuliere-initiatiefnemer werkt met 25.000 tot 55.000 euro per jaar. Meteen denken professionals dat zo’n organisatie niets voorstelt’, zegt Kinsbergen. ‘Doorgaans gebruiken particuliere-initiatiefnemers geen termen als theory of change en advocacy and lobby, maar een deel van hen is daar in de praktijk wel dagelijks mee bezig – door de lokale bevolking aan te moedigen, door de lokale overheid te wijzen op beloften die ze – zeg – over investeringen in onderwijs heeft gedaan. Dan denk ik: als je nu eens goed naar ze luistert en door die kleinschaligheid en vrijwilligheid heen durft te kijken, zie je wat voor moois er wordt opgebouwd.’

Iemand die dagelijks bezig is met diversiteit en inclusie, is Catalina Devandas. Ze is de speciale VN-gezant voor mensen met een beperking. ‘Ken je die scène waarin Han Solo in de film Star Wars een bar binnenloopt?’ vroeg ze aan onze redacteur Selma Zijlstra. ‘Han Solo loopt een bar binnen, waar allerlei schepsels zitten. Buitenaardse wezens, groen uitgeslagen monsters; alles wat je je maar kunt voorstellen. Ze zijn allemaal verschillend en niemand maakt het iets uit.’ Zo zou het volgens Devandas moeten zijn: ‘Een maatschappij waarin het niet ertoe doet of je blond bent, of dik, chagrijnig of blij, uit welke cultuur je komt of welk perspectief je hebt. Waarin het hebben van een beperking – of je nu blind bent of doof, in een rolstoel zit of autistisch bent – gewoon een van de vele variaties is.’

Zo zou het moeten zijn. Juist binnen de wereld van internationale samenwerking. Toch?

De verhalen lezen? Word dan snel lid van Vice Versa en ontvang het nieuwe nummer. http://abonnement.viceversaonline.nl

Marc Broere

Marc Broere is hoofdredacteur van Vice Versa. Daarnaast is hij auteur van een aantal boeken waaronder De Bewogen Beweging -50 jaar mondiale solidariteit (met Hans Beereends), Berichten over Armoede -een journalistieke kijk op ontwikkelingssamenwerking, en Minder Hypes, Meer Hippocrates -een positieve injectie voor de ontwikkelingssector (met Ellen Mangnus).

De democratie moet leveren wat ze belooft 

Door Marc van Dijk | 05 februari 2020

In het Westen staat de democratie onder druk, in het mondiale Zuiden is ze als ideaal aan slijtage onderhevig. Experts uit drie continenten bieden bouwstenen, voor democratie voorbíj verkiezingen, een sociaal pact en een democratische nationale identiteit. ‘Doorbreek de dynamiek die nu dominant is: “de sterkste steeds sterker maken”.’ 

Lees artikel

In Mali is water een levensstroom

Door Marc Broere | 03 februari 2020

Hoe help je ngo’s en burgers in Mali beter voor hun rechten op te komen als het gaat om water en sanitatie? Het partnerschap Watershed gebruikt een heel palet aan activiteiten om de grondoorzaken op te lossen. ‘Je kunt migratie of geweld niet stoppen, als je het waterprobleem niet óók aanpakt.’

Lees artikel

En wat als Rutger Bregman los zou gaan op internationale samenwerking?

Door Dirk Jan Koch | 30 januari 2020

In deze column-serie licht Dirk-Jan Koch eens per twee maanden een onderwerp uit waar hij mee bezig is in het kader van zijn onderzoeksproject ‘ongeplande effecten van internationale samenwerking’. Deze keer: wat zijn de bijwerkingen van de verzakelijking van de sector?

Lees artikel
Scroll To Top