Door:
Ayaan Abukar

9 november 2016

Yacouba Dié

Yacouba Dié

Yacouba Dié, binnen het ministerie van Financiën in Burkina Faso verantwoordelijk voor de donorcoördinatie aan zijn land, was vorige week in Nederland ter gelegenheid van het debat dat Vice Versa organiseerde over het IOB-rapport ‘Stoppen, en dan?’. Anne Rensma sprak met hem. Hoe is het vertrek van Nederland in Burkina Faso gevoeld? ‘Het vertrek van Nederland is vooral gevoeld op politiek niveau.’

 

Op woensdagochtend 2 november ontmoet ik Yacouba Dié in de lobby van zijn hotel in Den Haag. Dat het Nederlandse vertrek in 2010 voor Burkina Faso grote gevolgen gehad heeft, is in de eerste paar minuten van ons gesprek glashelder. Dié vertelt dat, met name in de sectoren waar Nederland een belangrijke rol speelde, zoals in de gezondheidszorg en in het onderwijs, de effecten van de beëindiging van de steun sterk gevoeld zijn. Het oprichten van scholen en het creëren van een infrastructuur waren belangrijke Nederlandse bijdragen. Hierdoor is onderwijs de afgelopen jaren vele malen toegankelijker geworden. ‘Het is logisch dat wanneer een grote bijdrager verdwijnt men dat gaat voelen’, stelt Dié. ‘Op het moment dat de overheid niet meer in onderwijs investeert en als de investeringen teruglopen, zullen er minder kinderen naar school gaan. Er zullen regio’s zijn waar het onderwijsniveau zal dalen.’

De Nederlandse begrotingssteun was erg belangrijk voor Burkina Faso en met name gericht op het onderwijs en op de gezondheidssector. Dié benadrukt dat Nederland een erg belangrijke bilaterale partner was voor Burkina Faso. Het vertrek heeft een grote leegte heeft achtergelaten. ‘De vraag is nu hoe we die leegte van het Nederlandse vertrek gaan opvullen’, peinst hij.

 

Sneeuwbaleffect

Nederland was destijds niet het enige land dat uit Burkina Faso vertrok. Zweden trok niet veel later ook haar budgettaire steun in, Duitsland verdween uit de onderwijssector en Luxemburg volgde. Dié spreekt van een effet boule de neige. ‘We moeten ons ook beseffen dat de mondiale conjunctuur op dat moment niet favorabel was’, vult hij aan. Het was een algemeen probleem. De bezuinigingen die Nederland besloot door te voeren waren het gevolg van een situatie die op meerdere plekken aan de gang was. Het vraagstuk van vervanging en de overname van bestaande programma’s was daarom niet eenvoudig, erkent Dié. Het vertrek van Nederland heeft ook op institutioneel niveau een enorme krater geslagen in de Burkinese samenleving. ‘Het was een partner die veel bij kon dragen aan de dialoog’, herinnert Dié zich. In de strijd tegen corruptie en het implementeren van een democratisch systeem speelde Nederland een erg belangrijke rol. De Nederlandse ambassade was bijvoorbeeld prominent aanwezig in veel humanitaire en sociale activiteiten; haar sluiting in 2010 was absoluut merkbaar. Dié vertelt dat hij het vooral gemerkt heeft op politiek niveau – er was een belangrijke dialoog gaande met de autoriteiten over verschillende programma’s, discussies over gender, de strijd tegen corruptie, het versterken van de democratie, persvrijheid en het lokale regeringsbeleid. Deze debatten werden met name gevoerd door Nederland, Denemarken en Zweden.

 

Een legitiem regime

Sinds het aftreden van voormalige leider Blaise Compaoré, heeft Burkina Faso een democratisch verkozen regering. In de aanloop naar het nieuw verkozen regime is er vanuit de Europese donorgemeenschap hulp gekomen door middel van state building-contracten, die tijdens de volksopstand tegen het regime van Compaoré voor veel verlichting hebben gezorgd. Ook heeft de Wereldbank in deze periode haar hulp vermeerderd, de Afrikaanse Ontwikkelingsbank heeft de elektriciteitssector ondersteund, wat tot veel verbetering leidde. Nu is het essentieel dat de partners terugkomen om de stabiliteit van deze ingezette lijn te verzekeren, stelt Dié. ‘Er zijn veel redenen voor! Er is nu een nieuwe politieke context; een nieuwe regime dat tot stand is gekomen door een volksopstand. Het volk heeft duidelijk ‘nee’ gezegd – dat was geen staatsgreep, maar de bevolking die vond dat het zo niet verder kon. Daarna vond er een overgangssituatie plaats – en politieke transities zijn nooit eenvoudig – maar dat is erg goed gegaan.’

Burkina Faso heeft nu een legitiem regime, benadrukt Dié. Echter, de huidige situatie is nog fragiel. De veiligheidssituatie, ook in de omringende landen, is nog onzeker. Dié verwijst naar de ontwikkelingen in nabijgelegen landen als Mali en Niger waar nog altijd veel problemen zijn. Nederland moet Burkina Faso daarom nu des te meer ondersteunen. ‘Op het moment zijn de NGOs en de vakbonden erg belangrijk.’

Hij legt uit dat Nederland een belangrijke bijdrage leverde aan het uitrusten en het opleiden van civiele organisaties die strijden tegen de corruptie. De noodzaak om het maatschappelijk middenveld te steunen is absoluut niet minder geworden sinds het nieuwe regime. Er is nog steeds veel mankracht nodig om het democratisch systeem te handhaven. Vooral het regeren op lokale schaal behoeft veel aandacht, onderstreept Dié. De leegte sinds het Nederlandse vertrek is ook hier duidelijk aanwezig; veel organisaties zien hun activiteiten de laatste jaren drastisch verminderen.

Op de vraag of er de afgelopen jaren al een belangrijk aantal overwinningen behaald zijn, antwoordt hij volmondig ja. ‘Er waren veel successen!’ Niet alleen in het onderwijs, ook in de gezondheidssector heeft Burkina Faso de afgelopen jaren belangrijke stappen gezet. Mede dankzij de Nederlandse hulp is er veel verbeterd op het gebied van moeder- en kindzorg en zijn er belangrijke mijlpalen behaald in de strijd tegen aids. Bovendien zijn er wetten doorgevoerd die totale onafhankelijkheid van de rechtspraak waarborgen en er is een belangrijke wetgeving gekomen tegen de corruptie, die de autorisatie van het recht om de bestemmingen van geldstromen na te gaan en te verifiëren garandeert. Dié vertelt dat veel mensen het nieuwe regime nu steunen en zich hard maken voor het doorzetten van het nieuwe democratische geluid. Bovendien zijn sinds 2015 met het vertrek van Blaise Compaoré een groot aantal nieuwe organisaties bijgekomen. ‘De mensen hebben meer vertrouwen; ze hebben een grote overwinning ervaren met het veranderen van het regime.’

Dié spreekt zelfs van een heuse ‘burgerwacht tegen de corruptie’. Echter, de grote overwinningen die hier behaald zijn betekenen niet dat het vertrek van Nederland geen complicaties met zich mee heeft gebracht. ‘Vandaag de dag is er een duidelijke burgermaatschappij. Ze is er, maar ze moet ondersteund en aangemoedigd worden.’

 

Stabiliseren

Dié gelooft niet dat er een direct verband ligt tussen het Nederlandse vertrek en de recente, positieve ontwikkelingen waar hij me over vertelde. ‘Het heeft niet zozeer te maken met het vertrek, maar eerder met het veranderen van het regime.’ Omdat het regime is veranderd, is er een nieuwe visie, een nieuwe mentaliteit en dat heeft voor belangrijke en positieve veranderingen gezorgd. ‘Ik vind het erg lastig om positieve effecten direct te linken aan het vertrek van Nederland.’ Om de gaten te vullen is het belangrijk dat de regering stabiel is, benadrukt Dié nogmaals. Dit houdt in dat de fiscale politiek zich moet verbeteren, dat de wetgeving rondom de douane verbetert en dat de privésector dynamisch wordt, zodat Burkina Faso op zichzelf kan gaan rekenen. Het stabiliseren van de huidige situatie is een essentiële prioriteit vandaag de dag. ‘Dat kan gebeuren met de steun van de internationale gemeenschap, zowel op politiek niveau als op economisch niveau.’

Dié is ervan overtuigd dat aanwezigheid daadwerkelijk helpt. ‘Het is belangrijk dat de hulp hervat wordt om de huidige regering aan te moedigen en om haar te helpen haar doelen te verwezenlijken. Gewoon zeggen ‘we houden er mee op’, werkt niet.’ Die aanmoediging is volgens Dié zonder twijfel te verwezenlijken met behulp van de steun van de internationale gemeenschap. De huidige regering heeft ambitieuze plannen, legt hij uit. De vraag is nu hoe de regering haar middelen en haar democratische potentie gaat mobiliseren. ‘De grote uitdaging is: hoe houden we dit niveau vast? Dat is de inzet nu.’

 

 

 

Anne Rensma

Anne heeft een bachelor Franse taal en cultuur afgerond aan de UU en loopt momenteel stage bij Vice Versa.

Hoe de ziel uit de ngo-sector verdwijnt

Door Marc Broere | 13 november 2019

Ze behoren tot de pioniers en innovators van de milieubeweging en ontwikkelingssamenwerking in Nederland en vormden decennialang een spraakmakend duo. Hoewel ze volop genieten van hun pensioen, luiden Ron van Huizen en Hans Guijt de noodklok over een ontwikkeling die hen zorgen baart: raden van toezicht die ontwikkelingsorganisaties willen laten besturen alsof het bedrijven zijn. ‘Stop met de idiote doelstelling dat je altijd moet groeien.’

Lees artikel

Deugen de meeste mensen nu wel of niet?

Door Hans Beerends | 31 oktober 2019

Historicus Rutger Bregman stelt in zijn nieuwe boek dat de meeste mensen deugen, verwijzend naar de prehistorie. Daar staat volgens Hans Beerends tegenover dat veel deugende mensen zich ook gemakkelijk laten misleiden.

Lees artikel

Het Raadsel van de ander

Door Vice Versa | 08 oktober 2019

In de nieuwe Vice Versa die komend weekend verschijnt staat ‘de ander’ centraal en zoeken we naar een nieuw, progressief narratief. Angst voor de ander kun je alleen bestrijden met menselijke verhalen, schrijven Ayaan Abukar en Marc Broere.

Lees artikel