Door:
Ayaan Abukar

15 september 2016

Tags

Gisteren vond in de Tweede Kamer een Algemeen Overleg plaats over gezondheidsystemen. Zoals gewoonlijk bij debatten over ontwikkelingssamenwerking waren er maar een klein aantal partijen aanwezig. De uiteindelijke conclusie van de dag werd niet veel spannender dan dat wereldgezondheidsorganisatie WHO toe is aan verandering, maar wat voor verandering dat wist niemand te vertellen.

Het begint bijna een gewoonte te worden, maar ook nu was de belangstelling voor een Algemeen Overleg met minister Ploumen gering. Slechts drie partijen kwamen opdagen. De woordvoerders die wel aanwezig waren, waren de usual suspects Joost Taverne (VVD), Roelof van Laar (PvdA) en Jasper van Dijk (SP) die zijn partijgenoot Eric Smaling verving.

Taverne nam het voortouw door grote zorgen uit te spreken vanuit de VVD over de toenemende groei van de Afrikaanse bevolking. Dit komt volgens hem omdat mensen geen toegang hebben tot anti-conceptiemiddelen.  De kernvraag die de VVD zou stellen is of de vrouwen überhaupt kinderen willen en zo ja, hoeveel dan. Zolang kinderen gezien worden als verzekering voor de toekomst, dan blijft de bevolking stijgen. Wat hem betreft is de Nederlandse strategie om vooral de pijlen te richten op reproductieve en seksuele rechten in de mondiale gezondheidzorg dus nuttig. Ook Roelof van Laar is het hiermee eens en geeft aan niet veel nut te zien in een Nederlandse strategie over internationale gezondheidszorg. Het is immers internationaal en dient daarom niet op nationaal niveau behandeld te worden. Hier is Taverne het dan weer niet helemaal mee eens.

Al snel ging Van Laar door naar wat het hoofdonderwerp van de dag zou worden, de WHO. Hij stelde dat doordat de WHO gebrekkig was er in de sector versnippering optreedt. Er komen steeds meer kleine organisaties die zich specifiek op onderwerpen richten en op dat gebied vervolgens heel groot worden. Het is echter niet de bedoeling dat de WHO opgegeven zou moeten worden, zeker niet, maar de macht van de WHO subkantoren moet wel teruggedrongen worden. Anders kan de organisatie lang niet zo effectief zijn als bedoeld, aldus Van Laar. Dat Nederland nu in de uitvoerende raad van de WHO zit is alleen maar goed om dit te kunnen bereiken.  De WHO zou zich volgens Van Laar moeten richten op zaken zoals ebola en AIDS. De nadruk ligt nu nog teveel op eerste wereld issues zoals overgewicht.

Taverne is het hier niet mee eens en kaart aan dat de WHO staat voor World Health Organisation en om die reden alleen al niet alle hulp slechts op Afrika zou moeten worden gericht. Ook vraagt hij herhaaldelijk aan Van Laar hoe hij denkt dat de WHO verbeterd zou kunnen worden. Van Laar weet hier geen sluitend antwoord op te geven en houdt het voornamelijk bij een falende WHO en de inspringende partijen die geen keuze hebben dan de lacunes op te vullen.

Hoewel het voor 70% van de tijd wel zo leek, was dit geen overleg tussen de VVD en de PvdA. Ook SP had een woordvoerder en wel in de vorm van Jasper van Dijk. Hij, als één van de weinigen, greep terug op het IOB rapport en nam hieruit mee dat ook het versterken van basisgezondheidzorg net zo belangrijk is als de seksuele en reproductieve rechten waar Nederland het meeste van haar aandacht aan besteedt. Het zou dus geen of.. of.. situatie, maar een en.. en.. situatie moeten zijn. Dat de aanpak van wereldwijde gezondheid te wensen over laat, is volgens hem zeer zorgelijk.

Hoewel ook Van Laar zelf een aantal keer ook om opheldering vroeg was het vrij opvallend dat hij toch zijn partijgenoot Ploumen blijft steunen en veel vragen, van met name Taverne, namens de partij beantwoordt. Erg onder de indruk van de uitingen van Van Dijk is hij verder niet. Hij benadrukt namelijk dat Nederland gespecialiseerd is in reproductieve en seksuele rechten. Dus het is niet meer dan logisch dat Nederland dit ook meeneemt naar het internationale toneel. Preventie is nu eenmaal een groot onderdeel van het Nederlandse beleid. Wel vind Van Laar het belangrijk dat het Global Fund meer geld krijgt.

Het oordeel van de jury

De heren hebben zich tijdens het overleg vooral als jury opgesteld en na hun moment van vragen en over en weer opmerkingen was het dan eindelijk de beurt aan deelneemster Lilianne Ploumen om alle kritiek en vragen toe te lichten. Haar woorden over het IOB rapport waren als volgt: ‘Prima, voorkomen is beter dan genezen, maar vrouwen moeten eerst.’ Ze zegt een trend te hebben gemerkt in  een ‘irritante’ niet aflatende lobby dat reproductieve zorg nog niet mogelijk is omdat er geen basisgezondheidzorg is. Met deze woorden richtte ze haar pijlen op Van Dijk, omdat hij één van die mannen was die blijkbaar niet begreep dat vrouwen ook een belangrijke factor zijn. Volgens Ploumen zijn er andere landen die de expertise hebben om basisgezondheidzorg wereldwijd te bewerkstelligen.

Als het op de WHO aankomt erkent Ploumen dat deze in de ebola crisis tekort is geschoten. In haar opinie doen ze het inderdaad niet geweldig waardoor dus die nieuwe organisaties opkomen, maar dat is geen ramp. De WHO moet er wel voor zorgen dat ze in de coördinerende rol blijft en dat moet ze ook werkelijk beter gaan doen. De reorganisatie is al aan de gang er wordt dus hard gewerkt, aldus Ploumen.

Toezegging

Het overleg werd afgesloten door voorzitter De Roon die concludeerde met de volgende drie – niet erg indrukkwekkende – toezeggingen:

1) Ploumen zal de Kamer voorlichten over  SRGR (Seksuele Reproductieve Gezondheidsrechten) en specifiek over family planning (zo te noemen op verzoek van Taverne) en reproductieve rechten.

2) De minister zal nagaan of er vanuit Nederland ruimte is om een extra bijdrage te leveren aan het Global Fund.

3) Als laatste zal Ploumen ‘zeer binnenkort’ de Kamer een brief schrijven over de ODA hervorming als onderdeel van een groter geheel. De minister heeft aangegeven de suggesties van Taverne en Van Laar hierbij niet achterwege te laten.

Dit AO was al met al niet diep prikkelend en werden er weinig nieuwe dingen gezegd. Er werd voornamelijk gesproken over wat voor zorg Nederland nou zou moeten aanbieden op mondiaal niveau: reproductieve en seksuele zorg, basisgezondheidzorg of juist allebei? Een oplossing voor hoe de WHO verbeterd kon worden, zoals gevraagd door Taverne, kon door niemand echt worden geboden en de overige agendapunten zoals HIV/AIDS werden eigenlijk vrij oppervlakkig besproken. De minister zou nog terugkomen op een aantal zaken. Het kan dus zijn dat we over enige tijd misschien toch nog meer antwoorden krijgen.

 

Joana Lamptey

Vechten voor het recht op liefde

Door Siri Lijfering | 05 december 2019

De antihomowet die in Nigeria is ingevoerd, maakt de lhbt-gemeenschap nòg kwetsbaarder. Zo is opkomen voor lesbische vrouwen zowel broodnodig als gevaarlijk; een kat-en-muisspel met hoge inzet. Hoe gaat het strategisch partnerschap Count Me In! ermee om?

Lees artikel

Venezolaanse vluchtelingen op Curaçao vallen tussen wal en schip

Door Bob van Dillen | 05 december 2019

Nu er een humanitaire crisis is in onze eigen regio, geeft de Nederlandse overheid niet thuis. Dat schrijft Bob van Dillen van Cordaid, die de situatie nauwgezet volgt, in deze opiniebijdrage. Ondertussen wordt de situatie steeds nijpender en krijgen vluchtelingen op Curaçao geen menswaardige behandeling.

Lees artikel

Strijd op twee fronten

Door Siri Lijfering | 04 december 2019

De Nigerdelta is aantrekkelijk voor sekswerkers, maar ook gevaarlijk: geweld en vervolging liggen op de loer. Het strategisch partnerschap Count Me In! probeert hun rechten te beschermen; beeldvorming en beïnvloeding van beleid lijken de sleutel te zijn. Twee sekswerkers doen hun verhaal.

Lees artikel