Power of the People: het best bewaarde geheim voor verandering zijn wijzelf

28113568721_799bfb1938_o-copy

Alisdare Hickson

Ze zijn verantwoordelijk voor revolutionaire transformaties van Polen tot Zuid-Afrika en van Tunesië tot Hongkong. Ze houden bulldozers tegen die hun grond dreigen om te ploegen. Ze krijgen voor elkaar dat werknemers fatsoenlijk worden betaald en tegenwoordig delen ze ook auto’s en gereedschap met elkaar. We hebben het over: De Burger. Wat is de precieze kracht van de ‘burgermacht’? 

adobe_pdf_file_icon_32x32PDF

Auteur: Selma Zijlstra

 

Op 1 december 1955 nam de vermoeide Rosa Parks, die een hele dag hard had gewerkt in een naaifabriek, plaats in een bus in Montgomery, Alabama. De bus werd met iedere halte voller en toen enkele blanke mannelijke passagiers niet meer konden zitten, beval de buschauffeur Parks haar zitplaats af te staan. Met een ijzeren gezicht weigerde ze. Rosa Parks bleef zitten en ontketende een massale busboycot van 381 dagen. Zwarte Amerikanen gingen wandelend, op de fiets of in de auto naar hun werk, met als gevolg dat busbedrijven miljoenen dollars verlies incasseerden. Ondertussen begon Martin Luther King zich te roeren, en de Amerikaanse Civil Rights Movement was geboren. Na een lange, geweldloze, strijd vol protestmarsen, sit-ins, campagnes en juridisch schermutsel, was de gelijkheid tussen blank en zwart – althans op papier – een feit.

Het is een van de voorbeelden van ‘The Power of the People’. Door de geschiedenis heen zijn burgers ontelbare malen collectief in actie gekomen: geweldloos, en met grote gevolgen. Denk aan Gandhi’s antikoloniale strijd, de antiapartheidsbeweging of de kleurenrevoluties in Oost-Europa. Doorbraken in het homohuwelijk in diverse landen mogen een succes van burgers worden genoemd, en recentelijk hebben opstanden in Burkina Faso voor een politieke omwenteling gezorgd.

 

Om het lezen iets fijner te maken, plaatsen we af en toe protestsongs bij artikelen. Hierbij The Eve of Destruction van Barry McGuire. De passage ‘You’re old enough to kill, but not for voting’ inspireerde de wijziging van de Amerikaanse Grondwet van de stemgerechtigde leeftijd van 21 naar 18. Overigens is de tekst van het lied nog akelig actueel.

 

 

Zakats en gildes

 

Macht van burgers tegenover instituties bestaat sinds lang en wordt vaak in één adem genoemd met civil society, oftewel het maatschappelijk middenveld. Volgens Michael Edwards, dé kenner op het gebied van civil society, maakt dit fenomeen een wezenlijk deel uit van de maatschappij, waarin mensen zich organiseren via vrijwillig lidmaatschap. Dan gaat het om onder andere om familie, ngo’s, kerken of sportverenigingen. Niet-westerse voorbeelden zijn: de zakat in het Midden-Oosten en mobilisatie rondom etniciteit of krediet- en spaargroepen in Afrika.

Tijdens de Verlichting werd de civil society door denkers als Alexis de Tocqueville gedefinieerd als een verdediging tegen onrechtvaardige inbreuken door de staat op individuele rechten en vrijheden, georganiseerd via vrijwillige associatie. Veel democratische verworvenheden die we nu kennen, zoals kiesrecht voor vrouwen, zijn bevochten door activistische burgers die zich vrijwillig verenigden.

De organiserende macht van burgers gaat echter niet alleen om verzet tegen. Burgers hebben zich op talloze andere manieren georganiseerd en daarmee onze maatschappij gevormd. Bijvoorbeeld via gildes of coöperaties, en tegenwoordig via verschijnselen als de deeleconomie. Tijdens de Gouden Eeuw in Amsterdam namen vrouwen collectief de zorg op zich voor wezen en armen, en legden daarmee een basis voor de publieke gezondheidszorg.

Bart Romijn, directeur van Partos, ziet het zo: ‘Civic society zet zich in voor gemeenschappelijk belang, zoals bijvoorbeeld een stabiel klimaat, en gemeenschappelijke waarden, zoals medemenselijkheid. Overheden en de markt schieten hierin tekort en civil society is daarin onmisbaar.’ Zijn concept: de drie C’s’ van civic power, die staan voor corrigerend, connecting en co-creërend. Romijn: ‘Er is de macht van ergens tegen zijn, van misstanden aankaarten: corrigerende oftewel countervailing power. Ten tweede zijn er zij die verbanden leggen tussen verschillende spelers of partijen en burgers met elkaar of met organisaties verbinden. Als derde gaat het om samen iets creëren. Zoals buurtcoöperaties die zelf hun eigen energievoorzieningen opwekken.’

Die corrigerende macht is niet altijd tegen, wil Romijn graag verduidelijken. ‘Je verzet je “tegen”, maar je bent vaak juist vóór iets. Voor inclusie, voor milieubehoud, voor vrouwenrechten.’

 

De eerste ‘C’: corrigerend

 

Kernwapens

 

Laten we beginnen bij de eerste ‘C’. Romijn zelf heeft er ervaring mee als activist bij Greenpeace in zijn jonge jaren . Daar organiseerde hij in 1982 met het schip de Sirius een protestvaart tegen kernwapenproeven naar Leningrad. De actie was niet direct succesvol, maar trok wel mondiale aandacht doordat er voor het eerst in de geschiedenis een internationaal gezelschap in de Sovjet-Unie zelf een protestactie hield. Hoewel kernwapens nog niet de wereld uit zijn, hebben de wereldwijde antikernwapenprotesten voor een rem op de ontwikkeling ervan gezorgd.

Tegenwoordig hoef je niet per se met boten ergens naartoe te varen om succesvol protest te voeren. Internet is een belangrijke nieuwe tool. Romijn: ‘Het eerste voorbeeld van een massabeweging op basis van internet was het wereldwijde verzet tegen de Multilateral Trade Agreement on Investments. Dit plan van de OESO lekte begin 2000 uit, en binnen no-time was er een wereldwijde tegenbeweging van mensen die vreesden voor een uitholling van mensenrechten en macht van multinationale corporaties. Het verdrag belandde in de prullenbak, en is er sindsdien niet meer uitgehaald.’

 

‘Dictators zijn niet sterk’

 

Behalve Romijn, kent de wereld van het geweldloos verzet ontelbare grote namen. We wenden ons tot een indrukwekkend persoon van wie velen waarschijnlijk nog nooit hebben gehoord: de inmiddels 88-jarige Amerikaanse politicoloog Gene Sharp, een soort Godfather voor geweldloos verzet. Zijn boek ‘From Dictatorship to Democracy’ werd vertaald in 24 talen en gebruikt van Egypte tot aan Burma en Servië tot Kirgizstan. Sharp denkt groot: zijn werk richt zich op regime change. Maar het denken erover is toepasbaar op tal van verzet.

Zijn theorie? Overal ter wereld kan verandering plaatsvinden, als mensen erin geloven. “Dictators zijn niet zo sterk als dat ze zelf denken. Mensen zijn niet zo zwak als dat ze zelf denken”, is een van hem afkomstig citaat waarmee de fascinerende documentaire How to Start a Revolution begint. Mensen voelen zich vaak slachtoffer, maar hebben niet door dat zij zelf ook agents zijn. Geen enkele dictator kan immers regeren zonder gehoorzaamheid en medewerking van de bevolking.

Eén ding staat voor hem als een paal boven water: geweldloosheid is een betere strategie dan geweld. Immers, met geweld versla je je regering op het domein waar de regering het sterkst is. Met geweldloosheid kun je veel meer mensen aan je binden en win je nationale en internationale sympathie.

 

1838470_373877ad98_o-copy

Rozen voor de politie in Oekraine, 2013

Van Gandhi, Sharps grootste inspiratiebron, tot aan de Poolse Lech Walesa, van Tunesië in 2011 tot aan de onafhankelijkheid van Oost Timor: overal hebben burgers bewezen dat ze heersende status quo kunnen transformeren. Volgens Maciej Bartkowski, directeur Research bij het International Centre for Non Violent Conflict en gerenommeerd wetenschapper aan de John Hopkins Universiteit, wordt de effectiviteit van geweldloos verzet nog altijd zwaar onderschat. In zijn boek Recovering Nonviolent History: Civil Resistance in Liberation Struggles, werpt hij licht op ‘vergeten’ geweldloze onafhankelijkheidsbewegingen in het Zuiden. ‘Het ontstaan daarvan gaat vaak tegen alle conventionele wijsheid in. Het gros van de wetenschappers focust zich namelijk op structuren. Heeft een land een middenklasse? Zijn er voldoende geletterden? Zo dacht men na de Tunesische revolutie dat er nooit een Egyptische zou komen. Als we ons wat meer zouden focussen op individuele dynamiek, zouden we beter in staat zijn om opstanden te voorspellen.’

De vraag die we onszelf volgens Bartkowski moeten stellen gaat er dus niet over of een land (of een situatie) ‘klaar’ is voor verandering, maar: zijn er individuen die slim weten te mobiliseren? Die over de juiste vaardigheden beschikken, effectief organiseren, en die een ‘activistische infrastructuur’ weten te bouwen zowel in de stad als op het platteland?

 

Zorgvuldig gepland

 

Wie denkt dat dergelijke revoluties spontaan gebeuren, komt bedrogen uit. Ze zijn het gevolg van zorgvuldige lange termijn planning en goed bedachte strategieën. De Otpor beweging in Servië, verantwoordelijk voor het wegjagen van president Milosevic, bouwde hun verzet strategisch op met ludiek straattheater, mobiliseerde bevolking via krachtige symbolen, en probeerde ondertussen het militaire apparaat voor zich te winnen.

 

egyptians-embrace-army-soldiers-after-they-refuse-orders-to-fire-on-civilians-in-cairo-egypt-2011

Het leger staat aan de kant van de bevolking – Jeff Wright

Vaak volgt een gewapende respons op verzet, waardoor activisten sympathie krijgen. Wie de film Selma heeft gezien, zag dat Martin Luther King in zijn mars van Selma naar Montgomery politiegeweld leek uit te lokken – door de gewelddadige respons van de politie werd de beweging immers populairder. Bartkowski: ‘Slimme autoriteiten vermijden het gebruik van geweld en framen verzetsbewegingen als terroristen.’

Geweldloos burgerverzet hoeft niet altijd direct voor transformaties te zorgen om effectief te zijn. Gandhi’s Salt March creëerde niet direct onafhankelijkheid, maar was wel essentieel in mobilisatie van het volk en in het dichten van de kloven tussen kaste en etniciteit. Of protest dient ter oefening. Bartkowski: ‘In Egypte werd het Tahrir plein door de geschiedenis heen meerdere malen bezet. Zo kon men de vaardigheden leren.’

Juist door die effectieve strategieën, die de laatste decennia via uitwisselingen en theorievorming meer sophisticated werden, hebben machthebbers het benauwd gekregen – vandaar de inperking van vrijheden die we vandaag de dag zien (lees hier volgende week meer over).

 

Geweldloosheid is duurzaam

 

Het laatste decennium zijn er enorm veel geweldloze verzetsbewegingen bij gekomen (zie de grafiek). En wat blijkt? Ze zijn veel effectiever dan gewelddadig verzet. Dat weten we dankzij wetenschapper Erica Chenoweth, die een database creëerde van 1900 tot 2006 en deze minutieus uitploos. Geweldloze verzetsbewegingen tegen een autoritaire regering waren twee keer zo succesvol als gewelddadige. Sterker nog, zodra 3,5 % van de bevolking consistent meedeed aan een geweldloze campagne, was de campagne succesvol.

aantal-protesten

Haar data laten bovendien zien dat geweldloze bewegingen duurzamer zijn. Zelfs wanneer geweldloze campagnes mislukken, is niet alles verloren: landen met geweldloos verzet hebben vier keer zoveel kans op een democratische samenleving dan landen waar het verzet naar wapens greep. Bartkowski: ‘Dissidenten zijn veelal uit hetzelfde hout gesneden. Bewegingen zijn veel groter. Dus je moet de vaardigheden ontwikkelen voor onderhandelingen en compromis om zo’n massa effectief te leiden.’

En de Arabische Lente dan? Een geweldloze strijd, maar was die niet mislukt? Bartkowski heeft een verklaring: ‘In Libië was het een gewelddadige interventie – en niet geweldloos verzet – dat er uiteindelijk voor zorgde dat Khadaffi het veld ruimde. Syrië begon vreedzaam, maar werd gekaapt door dit gewapende verzet. In Egypte werden fouten gemaakt. Dezelfde “people’s power” die zorgde voor het aftreden van Mubarak in Egypte, bracht generaal Sisi aan de macht. Dit uit angst voor de Moslimbroederschap, die in tegenstelling tot succesvolle geweldloze revolutionaire bewegingen zich ondemocratisch en exclusief gedroeg.’

 

Tijd voor een nieuw liedje! Hier I.T.T. van Fela Kuti, waarin hij de multinationals International Telephone en Telegraph bekritiseert en buitenlandse bedrijven beschuldigd van de Nigeriaanse economie uit te zuigen. “Many foreign companies dey Africa carry all our money go/…/ Them go dey cause confusion (Confusion!)/Cause corruption (Corruption!)/Cause oppression (Oppression!)/Cause inflation (Inflation!) /…/Them go pick one African man/A man with low mentality/Them go give am million naira breads/To become of high position here/…/To become one useless chief…/ Like Obasanjo and Abiola.

 

Hipsterrevolutie

 

Er zijn tal van andere manieren van tegenmacht die niet zijn gericht om de zittende macht omver te werpen. Wist je bijvoorbeeld dat de zo geroemde Noorse verzorgingsstaat ook niet voor niets uit de lucht is komen vallen, maar het resultaat was van massale demonstraties en stakingen tegenover de rijkdom van de ‘1%’ in de jaren ’30? Dat er tegenwoordig nog een strijd wordt gevoerd tegen echte slavernij, zoals in Mauritanië? Of dat er in Roemenië wekenlang door jongeren werd geprotesteerd tegen de plannen van de regering om het Canadese mijnbouwbedrijf Gabriel Resources concessies te geven rondom het pittoreske Roșia Montană? Het werd ook wel de hipsterrevolutie genoemd.

Juist dit soort protesten over land, milieu en mensenrechten zijn talloos. Iemand die daar meer over kan vertellen is Danielle Hirsch, directeur van Both ENDS. Haar werk definieert ze als ‘concreet verzet tegen de vernieling van de natuur in relatie tot armoede en mensenrechten’. Hirsch: ‘Daarbij zijn er altijd linken te leggen tussen de lokale strijd en de Nederlandse, gezien veel Nederlandse bedrijven, vaak met steun van onze overheid, actief zijn in het Zuiden.’

Het verzet is niet zelden met succes. ‘Een aantal dammen in Argentinië en Chili is tegengehouden via massaal protest van lokale burgergroeperingen samen met internationale organisaties, in combinatie met juridische stappen. Lastiger is de echte transformatie op mondiale schaal via regels en richtlijnen. De oprichting van een World Commission on Dams was ooit zo’n overwinning, net als het opstellen van de UN Guiding Principles on Business and Human Rights. Die kunnen echt veel verandering teweeg brengen, maar juist daarom gaat dat proces ook zo langzaam, en zijn de richtlijnen vooral vrijwillig.’

Het uitoefenen van tegenmacht is geen rechte lijn. ‘Je ziet dat na de instelling van die commissie bedrijven hun discours gaan aanpassen, waardoor ze die grote dammen alsnog kunnen bouwen. Het spel past zich ook aan. Albert Heijn geeft mee op de duurzaamheidskant, maar de Euroshopper-producten liggen nog steeds in de schappen. Terwijl het de bedoeling is dat het hele bedrijf duurzaam is.’

 

Fietsen op het museumplein

 

Het activistische werk is Hirsch met de paplepel ingegoten – haar eerste demonstratie was op haar derde, toen ze aan de hand van haar moeder voor abortus in het ziekenfonds demonstreerde. Kernwapens volgden. Ook maakte ze de fietsenprotesten mee. ‘Die goede infrastructuur in sfa001010268Amsterdam is er niet voor niets. In de jaren ’60 vielen er wel 400 dode kinderen per jaar. Er is een burgerbeweging ontstaan van fietsers die het Museumplein – toen nog een enorme autoweg – vol legde met fietsen.’

 

Voor Hirsch is het begrip “tegenmacht” breed. ‘Tegenmacht is tegen de dominante stroming ingaan. Mensen bevestigen elkaars visie en zien niet meer wat er mis gaat. Je hebt dus personen van buiten de stroming nodig die andere ideeën aandragen. Via bijvoorbeeld lobby, onderzoek of campagnes, of door een massa te mobiliseren, maar ook door alternatieven te laten zien.’

Ook de individuen binnen bedrijven of ministeries kunnen tegenmacht uitoefenen, vindt Hirsch. ‘De Consumentenbond: je organiseert tegenover de macht van bedrijven. Wetenschappelijk onderzoek kan ook tegenmacht zijn, kijk naar tegendraadse klimaatonderzoeken of onderzoek naar TTIP. Feministen. Hedy D’Ancona. En Jezus eigenlijk ook’, besluit ze haar opsomming.

De vorm van activisme kan heel verschillend zijn. ‘Wij zitten hier in Nederland rustig met een bedrijf om tafel, omdat we weten dat het niet zoveel nut heeft als je recht tegenover elkaar staat. Maar leg dat maar eens uit aan onze Hondurese collega’s. Daar zijn bedrijven gewoon de vijand, want staan daar aan de kant van de corrupte regering.’

Massale acties zoals de ‘fietsprotesten’ lijk je niet veel meer te zien in Nederland. Toch ziet Hirsch wel degelijk protest, bijvoorbeeld tegen TTIP of belastingontwijking. ‘Vandaag de dag is een demonstratie van 7000 mensen tegen TTIP al een flinke ‘statement’. Via consequente berichtgeving en sterke samenwerking hebben we publieke en politieke bewustwording in gang kunnen zetten.’

 

Feminisme

 

Een ander sterk voorbeeld van collectieve actie is die voor gelijke verhoudingen tussen man en vrouw. Denk aan Aletta Jacobs’ strijd voor vrouwenkiesrecht, de Dolle Mina’s, maar ook hedendaagse feministes uit de Arabische wereld, of de protesten tegen verkrachtingen in India.

 

india-rape

Ramesh Lalwani

Een van de hedendaagse feministische activistes is de Bengaalse Farah Kabir, directeur van ActionAid. Geïnspireerd door de dappere moslima Begum Rokeya Sakhawat Hussain, die bijna een eeuw geleden meisjesonderwijs op de kaart zette, begon ze in de jaren ’80 haar eigen strijd voor politieke participatie van vrouwen.  Kabir: ‘Vrouwen beseffen vaak niet dat het water dat ze drinken, de school waar ze hun kinderen naartoe sturen of de gezondheidszorg waar ze gebruik van maken, allemaal wordt bepaald door de politiek. Dus het begint met bewustzijn creëren en een kritische massa. We zijn erin geslaagd vrouwen in de lokale politiek te krijgen en nu zijn er 50 plaatsen voor vrouwen in het Bengaalse parlement gereserveerd.’

Tegenwoordig ziet Kabir vele overwinningen voor vrouwen. ‘Vrouwen worden eindelijk gezien als mensen, voor wie mensenrechten gelden. Ze krijgen onderwijs en zijn economisch zelfstandiger. De jeugd protesteert, ook via mondiale campagnes zoals de zestien dagen tegen gendergeweld. Veel progressieve verandering in cultuur en praktijk is het resultaat van groot en klein protest waarmee je voortdurend de patriarchie uitdaagt, gepaard met advocacy waarmee concrete veranderingen tot stand komen. Zoals wetten tegen huiselijk geweld.’ Simpel is ook de feministische strijd niet. Kabir: ‘Je wint op het ene, maar verliest weer op het anderen: meisjes zijn nu economisch zelfstandiger, maar vervolgens is bijna geen huurbaas bereid zelfstandige woningen aan alleenstaande meisjes aan te bieden in Dhaka.’

Een strijd tegen culturele en religieuze overtuigingen is daarom zo mogelijk nog moeilijker dan een politieke strijd. ‘Voor iets als de Irakoorlog of Make Poverty History is het makkelijker mobiliseren. Hier gaat erom dat je de mindset van de patriarchie verandert, zowel binnen de familie als de maatschappij en politiek. De maatschappij is nog steeds tolerant tegenover geweld tegen vrouwen. Men vergoelijkt discriminatie door culturele en religieuze gebruiken; mannen willen hun macht niet verliezen.’

 

De Franse protestzangeres Inna Modja zingt over vrouwenrechten en oorlog in Mali. ‘I wanted to use the video to show women who do not look away and decide not to stay silent’, zegt ze over haar clip.

 

De tweede ‘C’: co-creatie

 

Co-creatie in het zwembad

 

Tot zover de eerste de corrigerende ‘C’ van burgermacht. Met een eenzijdige focus daarop, sluit je echter interessante initiatieven uit die ook tot civic power horen, vindt Romijn. ‘Vluchtelingenkampen waar de regels werden losgelaten en levendige economieën tevoorschijn kwamen. Mensen in mijn geboortedorp Uitgeest die een op handen zijnde sluiting van een zwembad tegenhielden door zichzelf te trainen als zwemmeester en nu zelfstandig het zwembad draaiende houden.’ Romijn doelt hierbij op de derde C, de co-creërende.

 

2008_community_garden_jacksonvillefl_2527237610-png

Hippe gemeenschappelijke stadstuintjes

 

De wereldwijde stroming ‘The Commons’ is daar ook een mooi voorbeeld van. Het is een overkoepelende term voor burgers die zich organiseren zonder tussenkomt van macht en staat en creëren waarde, denk aan Wikipedia, de bitcoin, creative commons op fotowebsite Flickr, couchsurfing, coöperaties en open source wetenschappelijke artikelen.

In die co-creatie zit enorm veel energie, meent Romijn. Maar zullen al die gefragmenteerde initiatieven tot een grotere transformatie kunnen leiden? Romijn: ‘Als je losse initiatieven slim kan verbinden en opschalen dan breng je transformatie dichterbij.’

 

De derde ‘C’: connecting

 

Connecties en concessies

 

We zijn bij de laatste C aangekomen. Eén die bij de Nederlandse ngo-beweging in toenemende mate populair is geworden: de connecting functie, ofwel de verbindende. Neem bijvoorbeeld de Ronde Tafels van het Initiatief Duurzame Handel of, nog breder, de samenwerking tussen overheid, bedrijven en ontwikkelingsorganisaties in de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDG) Charter. Romijn: ‘Maar ook de Stay Human campagne waarmee verschillende partijen samenwerken tegen de polarisatie in het vluchtelingendebat. Dat is een campagne die volgens mij effect heeft gehad, gezien de mildere toon die nu wordt aangeslagen in het debat.’

Die verbindende factor is niet altijd zonder mitsen en maren. Romijn: ‘Als je samenwerkt met bijvoorbeeld bedrijven, moet je soms water bij de wijn doen. Dat geeft niet, als je je er maar bewust van bent en je aan je missie houdt. De samenwerking tussen ngo’s en bedrijven in handelsketens, zoals tussen Solidaridad en Unilever, gaan gepaard met concessies aan beide kanten, maar leiden wel tot een nieuwe markt.’

Ook Hirsch erkent het belang van de verbindende factor. Toch waarschuwt ze voor naïviteit. ‘We moeten onszelf blijven uitdagen om verschillen in macht te zien. Het poldermodel werkt alleen als iedereen voldoende invloed heeft. In veel convenanten en publiek-private partnerschappen wordt dat naar mijn idee niet altijd genoeg verdeeld. En ik weet niet of wij als Nederlandse ngo’s daar altijd bewust van zijn en dat voldoende aan de orde stellen.’

 

Hokjesdenken

 

In deze analyse van “de drie C’s” rest een belangrijke noot: denk niet te strikt tussen functies en partijen. Romijn: ‘Het waren topmannen uit het bedrijfsleven die voor het afschaffen van subsidies op fossiele brandstoffen pleitten. Mensen als Paul Polman (CEO van Unilever, red.) moet je ook niet uitsluiten van civic power.’

Bovendien kunnen organisaties meerdere functies hebben. De Tax Justice campagne is een felle tegenbeweging, maar ook een die fiscaal juristen, de fair taks beweging en overheden bij elkaar brengt. Greenpeace sloot recentelijk akkoorden met de ‘aloude vijanden’ van de visindustrie over duurzame visserij.

 

Diversiteit

 

Als er één ding is dat we in dit artikel hebben geleerd, dan is het wel dat de burgermacht enorm divers is. Niet handig voor een journalist die poogt een kort en bondig webartikel te maken, maar wel goed voor de samenleving. Want juist in die diversiteit van civil society zit de kracht – en daarom is het van belang dat al die verschillende facetten blijven bestaan.

In de woorden van Romijn: het draait erom dat alle c’s bediend worden. Gebeurt dat nog in de ngo-wereld? Romijn: ‘Ik zie in Nederland steeds minder “corrigerende ngo’s”. Er zijn veel ngo’s die de kant van sociale ondernemingen opgaan. Dat is zorgelijk, want zonder corrigerende macht maak je per definitie grotere fouten.’

 

Gefeliciteerd! Je hebt het artikel uitgelezen. Als beloning een laatste song van rapper Smockey, die inspireerde duizenden jongeren tijdens de protesten in Burkina Faso. Terwijl de demonstranten traangas trotseerden, gaf Smockey een concert waarin hij zong: “We shut down schools and take out signs and banners/Everywhere in the city there is excitement in the air.” Luister hier naar Smockey – On Passe À L’attaque