Door:
Ayaan Abukar

4 augustus 2016

Tags

266px-Eric_Smaling1

Samen met  Eric Smaling (SP) blikt Vice Versa terug op het afgelopen politieke jaar en kijken we alvast vooruit naar het volgende. Het Tweede Kamerlid wil dan de boer op met een compleet nieuwe visie op ontwikkelingssamenwerking. Smaling vindt dat er een mentale en een inhoudelijke omslag moet komen en wil stevig inzetten op het betrekken van Nederlandse jongeren en de Afrikaanse diaspora. ‘Weg van het paternalisme en naar een volwassen broer-zus relatie.’

Met energie, milieu en verkeer vormt  ontwikkelingssamenwerking Smaling’s portefeuille. Hoewel sommigen de voorkeur geven het te labelen als internationale samenwerking is ontwikkelingssamenwerking nog wel het juiste woord om de mondiale hulpsituatie te omschrijven volgens Smaling. Er is veel ongelijkheid in de wereld. Dus als je ontwikkeling ziet als het verkleinen van verschillen in welvaart en welzijn, dan is ontwikkelingssamenwerking nog heel erg nodig.’

Hoe kijkt u terug op het afgelopen politieke jaar?

‘Het afgelopen parlementaire jaar werd in internationale zin gedomineerd door Syrië, de vluchtelingenstromen, het Oekraine-referendum en de Brexit. Je ziet verder  een afnemend geloof in supranationale instellingen zoals de Europese Unie, die niet ervaren wordt als voldoende democratisch. Na de Brexit ontkomt men niet aan een fundamentele hervorming, wat mij betreft naar een veel flexibelere vorm waarin ‘Brussel’ meer een marktplaats is waar vertegenwoordigers van lidstaten elkaar treffen. Je kunt dan zonder Europees Parlement en zonder Europese Commissie. Je doet alleen nog datgene samen waarvan je vindt dat het duidelijk meerwaarde heeft. Dat zal ook een SP speerpunt zijn. Niet uit de Unie, maar een andere Unie.’

Waar gaat u het komende politieke jaar op inzetten?

‘Ik wil het komend jaar de boer op met een totaal nieuwe visie op ontwikkelingssamenwerking. Die heeft twee kanten: een mentale omslag, weg van het paternalistische en juist toe naar een volwassen broer-zus relatie. En een inhoudelijke omslag, met een sterke focus op investeringen in jongeren, in (vak)opleidingen en werkgelegenheid die daar achter zit. Bij voorkeur volgen we een sociaal pad (robuuste gezondheidszorg) en een duurzaam pad (milieu en klimaat). Dit programma richt zich op Afrika, maar dan zonder partnerlanden. Het staat open voor ieder land waar een zinvolle samenwerking mee mogelijk is. Nederlandse jongeren worden zoveel mogelijk betrokken, en vooral de Afrikaanse diaspora. Los van dit alles zal (helaas) veel geld nodig zijn voor noodhulp, maar dat moet verder reiken dan alleen dekens en medicijnen sturen. Preventie en het verbeteren van de leefomstandigheden in vluchtelingenkampen zijn minstens zo belangrijk.’

In het kader van de Fair Politician of the Year award schreef Linde-Kee van Stokkum van FMG een opiniestuk voor Vice Versa. Zij constateert een afname in politieke interesse voor internationale samenwerking, klimaat en wat er verder bij komt kijken. Bent u het daarmee eens?

‘Ik heb het stuk gelezen, maar kon mij er niet echt in vinden. De interesse is volgens mij niet minder dan dat die was. We hebben pas nog twee ronde tafels georganiseerd over landrechten en over de nieuwe ontwikkelingsdoelen. Verder zijn we met acht kamerleden naar de Klimaattop in Parijs geweest. Misschien ontstaat het gevoel door de huidige zetelverdeling in de Kamer. De woordvoerders van VVD en PvdA kunnen relatief meer tijd maken voor het onderwerp, omdat de anderen meer portefeuilles hebben. Dit staat dan nog los van het feit dat ik niet precies weet hoe Fair Politician of the Year werkt. Af en toe krijg ik ergens punten voor, maar ik heb niet het idee dat ik minder betrokken ben bij de ontwikkelingssamenwerking dan anderen.’

Vice Versa heeft veel reacties gehad op het interview met ambassadeur Frans Makken in Kenia die ontwikkelingshulp via de overheid een bodemloze put noemde. Wat vindt u daarvan?

‘Ik heb zelf lang in Kenia gewerkt, het is een beetje mijn tweede thuis geworden en ik herken het wel een beetje. Op zich heb ik geen voorkeur voor een kanaal. Het gaat erom dat de hulpinspanning een goed sociaal en economische rendement heeft. Kenia wordt volwassener, zoals Makken ook aangeeft en het heeft toegang tot veel meer kapitaalstromen dan vroeger. Er is echter wel een probleem wanneer grote bedrijven willen investeren. Te vaak worden bijvoorbeeld landrechten van lokale bewoners geschonden en er zijn teveel belastingconstructies die niet deugen. De overheid ter plaatse werkt daar vaak aan mee, zeker als daar nog een zakcentje aan te verdienen valt. Ik vind wel dat wij zeer kritisch moeten zijn op maatschappelijk verantwoord ondernemen. Die druk zorgt ervoor dat het bij bedrijven ook enigszins tussen de oren zit, anders telt alleen de winst, de prestatiebonus en het behagen van de aandeelhouders.’

Waarom is ambassadeur Makken eigenlijk op de vingers is getikt dan?

‘Het is tegen het beleid in hè. Hij geeft teveel zijn eigen mening in dit geval. Ik houd daar juist wel van. Af en toe moet je je hart laten spreken. Bovendien is hij uiterst deskundig, ik ken hem al lang uit vorige functies.’

Houdt minister Ploumen een soort façade op dan? Dit mag dan wel zijn wat er daadwerkelijk aan de hand is, maar dat maakt niet uit want het is niet ons beleid – attitude?

‘Nou ja, hij is natuurlijk gewoon een ambtenaar van haar en moet daarom beleid uitvoeren. Als hij met dit soort statements komt, bijvoorbeeld over de strategische partnerschappen, dan ondermijnt dat haar beleid. Ik vind dat helemaal niet erg, want het houdt de discussie juist fris, vooral als de opvattingen tegen het consensus-denken in gaan.’

Is het eerlijk om dan een Nederlandse gedragscode aan te houden voor bedrijven die naar ontwikkelende landen gaan? Die bedrijven doen toch in principe gewoon hun werk?

‘Kijk, ‘eerlijk’ vind ik een lastig woord. Het is moraliserend. Ieder bedrijf mag gewoon z’n business doen, daar heb ik geen bezwaar tegen. Alleen in een land met een zwak bestuur kun je makkelijk de vruchten plukken van dat zwakke bestuur. Dat moeten we niet willen, dus er moeten daarover wel harde afspraken worden gemaakt, zoals nu gebeurt met het textielconvenant. Bedrijven moeten daar ook op af te rekenen zijn. NGO’s vervullen gelukkig een goede watchdog functie in dit verhaal. Een prestatieladder als ‘Behind the Brands’ bijvoorbeeld, of organisaties als SOMO die bovenop de belastingverdragen zitten, zijn keihard nodig. Omdat wij zelf een belastingparadijs zijn, praat de regering met gespleten tong over dit onderwerp. De minister zelf heeft hier ook last van. Door de aard van haar beleidsagenda (hardcore business en Nederlands eigen belang naast lief zijn voor arme mensen) is ze de ene dag Dr. Jekyll en de andere Mr. Hyde.’

Zou elke andere minster in dezelfde positie met hetzelfde geconfronteerd worden?

‘Als je het mij vraagt worden hulp en handel te makkelijk in één adem genoemd alsof het bij elkaar hoort. Alleen, hulp en handel zijn twee geldstromen in het totaal van het financiële verkeer. Veel Afrikaanse landen hebben inmiddels toegang tot de vrije kapitaalmarkt. Veel landen hebben aanzienlijke inkomsten van remittances vanuit het buitenland. Landen zijn niet alleen meer aangewezen op hulp of handel. Je krijgt een soort schijntegenstelling alsof je van hulp op handel moet overstappen. Dat is geen nuttige manier van discussiëren. Jongeren hebben startinvesteringen nodig. Banken verstrekken die leningen niet gauw als er geen onderpand is.’

‘Ik was in 2011 in Kenia met Emile Roemer . We bezochten een start-up bedrijfje van afgestudeerde jongeren. In een loods, met een overhead van bijna nul, hadden ze een geo-informatie systeem gebouwd waarmee je voor alle ziekenhuizen en medische posten in het land kon volgen hoe het stond met  de voorraden. Uiterst nuttig.  Dit soort bedrijfjes moet door de onrendabele fase heen geloodst worden. Handel is prima, maar de basis van handel is specialisatie: ik maak iets wat jij wil hebben en andersom. Dat leidt tot meer welvaart. Zo zag Xenophon het al. Het wordt alleen ongelijkwaardig als de verdiensten in slechts enkele zakken verdwijnen en natuurlijk kapitaal wordt geplunderd zonder dat mee te nemen in bedrijfsplannen. Bovendien hebben wij na de oorlog onze economie een lange tijd kunnen beschermen met tariefmuren totdat we de concurrentie aan konden. Die route om via productiebescherming naar een gelijkwaardig handelsniveau te groeien gunnen we Afrika niet. Daarom ben ik altijd een verklaard tegenstander van de Economic Partnership Agreements geweest. Je legt een zwakkere partner je wil op en je houdt de ongelijkheid in stand. Net zoals we met de Grieken omgaan over de euro.’

 

Communities need land rights to gain from investments

Door Siri Lijfering | 26 oktober 2020

Communities being able to participate on an equal basis in land governance is key to food security and inclusive development. How can securing land rights pave the way for responsible investments and what can we learn from experiences with the palm oil industry? To answer these questions we turn to West Africa where two activists are fighting for their communities’ right to land. ‘If we want to move forward, we need to share the wealth that the land brings.’

Lees artikel

How to make smallholder farmers an interesting investment opportunity

Door Hans van de Veen | 22 oktober 2020

Smallholder farmers and small agrifood enterprises are key for sustainable food systems in Africa. They need access to capital, but banks consider it tedious, costly and too much of a risk to invest in them. Initiatives like the IDH Farmfit Fund and crowdfunding platform PlusPlus have been set up to try to break this deadlock. Can these new funds assist smallholder farmers and companies to become a commercially interesting opportunity for financial institutions?

Lees artikel

‘Minister Kaag schuift de verantwoordelijkheid voor de bescherming van mensenrechten door naar Europa’

Door Kelly Groen | 21 oktober 2020

Terwijl landen om ons heen nationale wetgeving optuigen voor maatschappelijk verantwoord ondernemen, laat Nederland het initiatief aan de EU. Zo schuift de minister de oplossing tegen mensenrechtenschendingen door Nederlandse bedrijven op de lange baan, schrijft Kelly Groen van ActionAid.

Lees artikel