Skip to content

 

Door:
Manon Stravens

9 maart 2016

Categorieën

Tags

boko 2Gisteren was het Internationale Vrouwendag. Manon Stravens staat stil bij de trauma’s die Nigeria na bijna zeven jaar bloedige – en nog altijd aanhoudende – Boko Haramterreur heeft te verwerken.  Na zes jaar Boko Haramterreur komt de hulp aan slachtoffers eindelijk doch langzaam op gang. Hard nodig, want in het getraumatiseerde noordoosten van Nigeria is een ware ‘hell of a job’ te doen. Zodra het kan én mag van het leger keren vluchtelingen terug naar huis. Grote opvangkampen lopen langzaam leeg. Hulp na terugkeer in de dorpen is dus minstens zo hard nodig. Boko Haram heeft een spoor van onwaarschijnlijke vernietiging getrokken. Akkers zijn verlaten of verwoest, landbouwwerktuigen en trekdieren gestolen, voorraden geplunderd. Voorheen bruisende markten liggen stil. Scholen, gezondheidscentra en overheidsgebouwen zijn platgebrand of geplunderd. Dat vergt jaren opbouwwerk. Met een reële kans op herhaalde verwoesting, want Boko Haram is nog steeds actief, zo blijkt uit een reeks recente zelfmoordaanslagen. Traumazorg, ook voor hulpverleners Naast materieel herstel heeft ook traumazorg prioriteit. Met de bevrijding van ontvoerde vrouwen, mannen en kinderen uit de kampen van Boko Haram sijpelen de horrorverhalen naar buiten. Medische zorg en traumahulp is nodig voor zowel verkrachte vrouwen en meisjes als jongemannen die zijn blootgesteld aan standrechtelijke executies en gedwongen rekrutering. Hun verhalen zijn ook traumatiserend voor de hulpverleners, soms zelf gevlucht of rouwend om verloren familieleden. Rebecca, een hulpverleenster in de stad Jos, overleefde een overval van Boko Haram in de bossen bij het dorp Chibok, toen ze op weg was om de ouders van de ontvoerde schoolmeisjes te helpen. Haar eigen ontvoerde puberzoon is nog altijd niet terecht. Ze kan zich nauwelijks concentreren op haar werk, vertelde ze. Traumatische ervaringen verdwijnen niet snel en mensen praten niet makkelijk over wat ze hebben meegemaakt. Talloze trauma’s blijven bovendien onverteld. Psychosociale zorg heeft absolute prioriteit, maar Nigeria heeft er nauwelijks ervaring mee. Half 2014 opende het land haar eerste trauma- en counseling centrum in de noordelijke stad Kano. Driekwart van de patiënten zijn slachtoffer van Boko Haram. ‘Hoe kunnen we mensen hun waardigheid en veiligheid weer teruggeven, daar draait het om’, aldus een lokale noodhulpambtenaar in de stad Yola, in de oostelijke deelstaat Adamawa.  Vrees en wantrouwen De hulp in Boko Haramgebied is bovendien uiterst ingewikkeld. Het is er nog altijd onveilig en instabiel. En om de beweging hangt een zweem van geheimzinnigheid. Niemand weet precies wie tot de groep behoort of er sympathieën voor heeft. Boko Haram zit overal, vertellen mensen. Het kan je buurman zijn, de taxichauffeur, of een kind dat voor een prikkie de spion voor ze speelt. Er zijn aanwijzingen dat politiek, leger en inlichtingendiensten zijn geïnfiltreerd. Ook zijn er regelmatig vluchtelingen op verdenking van betrokkenheid opgepakt. In een van die kampen, in het noordelijke Hadeija, sprak ik zelf een gevluchte jongeman, die volgens mijn vertaler hoogstwaarschijnlijk een voormalige strijder was, zo vertelde hij me later. Die infiltratie voedt vrees en onderling wantrouwen, ook richting de stroom vluchtelingen, die zich over het hele land heeft verspreid en altijd in beweging is. Dat betekent dat uit kampen bevrijde meisjes, vrouwen en jongemannen soms ook als verdachten worden behandeld. Zo werden vorig jaar honderden bevrijde meisjes en vrouwen vanuit opvangkampen naar onbekende locaties gebracht. Om te worden gescreend, zo luidde de officiële lezing. Leger en inlichtingendiensten verdachten hen van het onderhouden van contacten met de terreurgroep. Human Rights Watchonderzoeker Mausi Segun kreeg geen toegang tot de meisjes en maakte zich grote zorgen. ‘Deze voormalige gevangenen hebben medische hulp nodig, maar de vraag is of hun rechten worden gerespecteerd in dit proces.’ Haar zorgen zijn niet ongegrond. Het Nigeriaanse leger gaat bepaald niet zachtzinnig om met Boko Haram-verdachten, zo bleek uit een schokkend rapport van Amnesty International. In gevangenissen en barakken zijn martelingen aan de orde van de dag.  Foute wraak Reïntegratie van zowel voormalige gevangenen als ex-strijders is nog zo’n immense uitdaging. Talloze jongens én meisjes zijn onder dwang zijn geronseld en hebben misdaden begaan in de tijd dat Boko Haram hele gemeenschappen in handen had. Toen de beweging daaruit werd verdreven, dat was in 2014, werden deze ‘handlangers’ als oud vuil achtergelaten. ‘Zijn ze niet gevlucht, dan hangen ze nog rond in die dorpen of in de bossen daar omheen’, vertelde Peter, een jonge hulpverlener in Yola. ‘Ze zijn verworden tot dieren wiens lot lijkt bezegeld.’ Ze kunnen volgens hem nergens heen en riskeren in hun eigen gemeenschappen te worden gelyncht. Terugkerende vluchtelingen zullen dit soort achterblijvers snel van betrokkenheid bij Boko Haram verdenken. En dat wantrouwen leidt tot heel veel ‘foute wraak’, vertelde ook hulpverlener Rebecca. Wantrouwen, discriminatie of verstoting is tevens het lot dat ontvoerde meisjes, vrouwen en in gevangenschap geboren kinderen tegemoet kunnen zien als ze na bevrijding weer terugkeren in hun gemeenschappen, zo blijkt uit een nieuw verschenen rapport van International Alert en Unicef. Behalve de aanhoudende strijd tegen Boko Haram en een blijvend risico op wederopstanding van de terreurgroep, zoals de geschiedenis heeft uitgewezen, wacht Nigeria een immense opbouwtaak. De noodhulpambtenaar in Yola zei het treffend. ‘De eerste hulp is afgerond. Nu begint het echte werk.’ Journaliste Manon Stravens is auteur van het boek ‘De opstand van Boko Haram.’ www.manonstravens.nl

Open brief van academische gemeenschap aan minister Kaag

Door Vice Versa | 07 april 2020

De academische gemeenschap van ontwikkelingsdeskundigen in Nederland heeft een brief aan minister Kaag geschreven waarin ze zes concrete doet in het licht van de coronacrisis. Variërend van het binnen het Nederlandse kabinet een discussie op gang te brengen over de gezondheidsuitdagingen wereldwijd tot het belang van actie voor een nieuwe ontwikkelingsagenda. Vice Versa drukt de brief integraal af.

Lees artikel

Vooral projecten voor meest kwetsbare mensen getroffen door coronacrisis

Door Yvonne van Driel | 06 april 2020

Niet alleen het werk van grote ontwikkelingsorganisaties en hun partners wordt zwaar getroffen door de uitbraak van het corona-virus. Ook voor kleinschalige ontwikkelingsprojecten van het zogeheten PI (particulier initiatief) van Nederlandse burgers en hun partners heeft het grote gevolgen. En juist de organisaties die minder afhankelijk waren geworden van buitenlandse donoren, hebben het nu extra moeilijk. Yvonne van Driel, die werkt voor Partin -de branchevereniging van het particuliere initiatief, belde met een groep leden en doet verslag.

Lees artikel

Zonder mondiale solidariteit komt corona als een boemerang bij ons terug

Door Marielle Bemelmans | 03 april 2020

In deze bijdrage legt Wemos-directeur Mariëlle Bemelmans uit waarom de Covid-19 crisis het belang van mondiale solidariteit blootlegt. ‘Het heeft geen zin om alleen de eigen zorg te verbeteren, en die elders te verwaarlozen – een virusuitbraak elders bereikt ons uiteindelijk toch in deze geglobaliseerde wereld. Zonder mondiale solidariteit, komt Corona als boemerang bij ons terug. ’

Lees artikel
Scroll To Top