Door:
Arne Doornebal

15 februari 2016

Categorieën

Tags

hennekens-alphonsINTERVIEW – Alphons Hennekens (1951) is al sinds 1998 onafgebroken werkzaam als ambassadeur; achtereenvolgens in Burkina Faso, Rwanda, Ethiopië, Bangladesh en sinds 2012 in Oeganda. Voor Vice Versa ging hij, per e-mail, dieper in op de relatie tussen Nederland en Oeganda. Hoe is de relatie tussen Nederland en Oeganda nu? ‘Er bestaat tussen beide landen een brede, zakelijke, bilaterale relatie.’ Waar ligt de Nederlandse focus in Oeganda? ‘Nederland heeft in overleg met Uganda besloten om verder invulling te geven aan de transitie agenda van hulp naar handel. In dit kader krijgt het voedselzekerheidsprogramma gestalte en wordt de Justice, Law and Order ondersteund. In deze segmenten is Nederland zichtbaar en zelfs toonaangevend.’ Waarom is Oeganda zo’n ‘donor darling’? ‘De uitdrukking ‘donor darling’ moet afgezet worden tegen ‘donor orphans’, landen die beperkte bilaterale steun ontvangen. De keuze voor ‘darlings’ is niet altijd een rationele keuze die gebaseerd is op mate van armoede en behoefte aan ondersteuning maar veeleer een politieke keuze. Eind jaren 80, begin jaren 90 van de vorige eeuw veranderde het politieke landschap op het Afrikaanse continent met de machtsovernames van de Presidenten Museveni en Kagame in resp. Uganda en Rwanda en Minister-President Meles Zenawi in Ethiopië. Deze persoonlijkheden vertolkten afwijkende ontwikkelingsmodellen voor hun landen die voorheen louter gebaseerd waren op overheidsinterventies. Ideeën die westerse donoren aanspraken en vervolgens ondersteunden.’ Wordt er na de afschaffing van de ‘budgetsteun’ meer of minder hulp gegeven? ‘De afschaffing van de budgetsteun betekende inderdaad een vermindering van het financiële volume. De kentering in de beleidsprioriteiten en de Nederlandse politieke keuze om het aantal sectoren te verminderen tot twee en vervolgens uit de Onderwijssector te stappen, betekende een structurele verlaging van het gedelegeerde programma. Naast het aan de ambassade gedelegeerde programma, ontvangen organisaties en instituten in Uganda aanzienlijke steun vanuit het Ministerie van Buitenlandse Zaken via NGO’s, wetenschappelijke instituten en internationale organisaties.’ Om hoeveel geld gaat het? ‘De Nederlandse steun aan Uganda verloopt via verschillende wegen: – gedelegeerd budget aan de Ambassade, ca. 20 miljoen euro op jaarbasis; – door het Ministerie van Buitenlandse Zaken gesloten contracten, ca. 40 miljoen euro op jaarbasis; – medefinanciering van programma’s uitgevoerd door internationale organisaties, EU, VN familie, Bretton Woods Instituten, Regionale Ontwikkelingsbanken. Moeilijk kwantificeerbaar, schatting enkele tientallen miljoenen euro’s op jaarbasis; – FMO, TRIODOS Bank, Rabo investeringen, totaal ruim 100 miljoen euro; – geldstromen van particulieren ten behoeve van ontwikkelingsprojecten. Dat is moeilijk kwantificeerbaar.’ Wat zijn de doelstellingen van de huidige hulp? ‘Uganda is een land in transitie. Het overheidsstreven is erop gericht om in 2040 ‘ Vision 2040’ een midden inkomensland te zijn. Nederland erkent die dynamiek en heeft Uganda opgenomen in de categorie ‘transitie landen’ waarin de hulp component geleidelijk vervangen wordt door de handel/investeringen component. In de speerpunten Voedselzekerheid en Justice, Law and Order heeft deze transitieagenda een duidelijke plaats. In haar beleidsprioriteiten heeft Minister Ploumen de versterking van de Seksuele Reproductieve Gezondheid en Rechten een plaats gegeven. Voor het programma in Uganda, een land met een van de jongste en snelst groeiende bevolkingen wereldwijd, betekende dit de aanstelling van een lokaal medewerker SRGR op de ambassade die deze agenda uitvoert.’ Waarom zijn er zoveel ‘strategische partnerschappen’ met Oeganda? ‘Uganda zit inderdaad in de kopgroep. Als ik me niet vergis staat Uganda nu na Indonesië op de 2e plaats voor wat betreft het aantal partnerschappen. Strategische partnerschappen kun je vergelijken met samenwerkingsverbanden tussen in dit geval Nederlandse ontwikkelingsorganisaties rond specifieke thema’s waar ze goed in zijn. Er zijn 25 van deze partnerschappen gevormd die van onze Minister een subsidie ontvangen om specifieke programma’s uit te voeren in de verschillende landen samen met lokale ontwikkelingsorganisaties. De opzet is dat deze nieuwe programma’s nauw aansluiten bij de projecten die door ambassades worden gefinancierd. Zo hebben we onlangs op de ambassade Action Aid ontvangen en IUCN die ons vertellen wat ze van plan zijn te doen en hoe dat past in wat wij als ambassade doen. De meest opvallende zijn eigenlijk de partnerschappen die zich richten op seksuele en reproductieve gezondheid en rechten. Het blijkt dat dit toch een thema is waar Nederland uitstekende expertise voor in huis heeft en ik ben blij dat dit zich vertaalt in nadrukkelijke belangstelling om die expertise in te zetten voor Uganda.’ Marc Broere, de hoofdredacteur van Vice Versa, schreef dat het voor u lastig uit te leggen moet zijn dat Nederland in Oeganda organisaties steunt die erop gericht zijn om tegenspraak voor de regering te leveren. ‘Samenspraak en Tegenspraak zijn uiteindelijk ingrediënten voor een gezond en levendig maatschappelijk middenveld. Daar is niets mis mee. Het gaat niet om het voeren van politieke oppositie maar veeleer om het versterken van goed geïnformeerde lobby om aandacht te vragen voor specifieke zaken. En dat is niet alleen richting de politiek, maar ook richting de bevolking, de burgers en de specifieke belangengroepen. Ik denk dat Broere het een beetje op de spits drijft omwille van het debat, en dat is een goede journalistieke eigenschap. Ik maak me echt geen zorgen om mijn positie. We hebben een goede verhouding met zowel de regering alsook met maatschappelijke organisaties en de ambassade bevordert juist een constructieve en kritische dialoog, net zoals andere donoren dat doen zoals de Zweden en de Denen. Natuurlijk zijn er onderwerpen die gevoelig liggen, niet alleen politiek, maar ook cultureel en religieus. Dat geldt ook voor de Nederland en overal elders in de wereld. Van belang is dat die dialoog open gevoerd moet kunnen worden op basis van wederzijds respect voor uiteenlopende opvattingen. En er worden vorderingen gemaakt. Zo hoorde ik pas geleden dat na heel veel gestennis nu eindelijk het nieuwe leerplan voor seksuele voorlichting uiteindelijk is goedgekeurd door het Ministerie van Onderwijs. Dat zijn goeie ontwikkelingen die aangeven dat ook in Uganda de klok niet stilstaat.’ Nederlandse NGO’s zoals Hivos steunen al jarenlang Oegandese homo-groepen, terwijl dat indruist tegen de 95% van de bevolking die fel anti-homo is. Schoppen we hier niet tegen het zere been? ‘Ik wil graag een paar misverstanden uit de weg helpen. Nederland steunde geen homogroepen tegen het zere been van Uganda. De anti-homo wet kwam tot stand vanuit een beweging van homofobie die vanuit het westen en met name door ultraconservatieve Amerikaanse religieuze groepen werd gevoed en financieel zwaar werd gesteund. Homofobie is niet eigen aan de Ugandese culturele traditie. Homoseksualiteit was alom bekend en geaccepteerd in de pre-koloniale periode.’ Dit laatste is overigens onderdeel van fel academisch debat. Er is wel degelijk nu en dan sprake geweest van homoseksualiteit in pre-koloniaal Oeganda maar ik zou het zeker niet ‘alom bekend en geaccepteerd’ noemen. Ook de suggestie dat Oeganda een homo-vriendelijk land is wat louter onder invloed van een paar Amerikanen opeens anti-homo werd is helaas onjuist. De Amerikanen vonden een vruchtbare voedingsbodem voor hun plannen om homo-haat wettelijk vast te leggen. Hennekens vervolgt: ‘Het ondertekenen van de anti-homowet was inderdaad voor Nederland en een aantal andere landen aanleiding om hulp op te schorten omdat deze wet discrimineert op seksuele geaardheid en oriëntatie. Ik heb in die periode regelmatig overleg gevoerd met de Ugandese regering en ons standpunt toegelicht en dat werd aan Ugandese zijde gewaardeerd. Ook was er begrip voor ons standpunt en ons besluit. Zoals bekend is de wet daarna onconstitutioneel verklaard en heeft Nederland vervolgens de hulp voor het rechtsorde programma weer hervat.’ Schaadde deze periode de betrekkingen tussen beide landen? ‘Nee, deze episode heeft onze betrekkingen niet geschaad. Sterker nog, het heeft onze betrekkingen verstevigd, zowel met de regering alsook met het maatschappelijk middenveld.’ Oeganda trok de wet snel weer in. Bewijst dit dat het intrekken van hulp een effectieve sanctie is? ‘Nee, het bewijst niet het gelijk van de donoren en het opschorten van de hulp is ook niet bedoeld als drukmiddel. Het opschorten was een antwoord om duidelijk te maken dat Nederland een eigen afweging maakt wanneer duidelijk wordt dat er geen gezamenlijke visie is en daarmee de onderbouwing verdwijnt voor samenwerking.’ Is die opgeschorte hulp later alsnog uitgekeerd? ‘Nee, niet alle opgeschorte hulp is alsnog uitgekeerd. De hulp hebben we op een andere manier ingezet, namelijk voor een beperkt aantal instellingen die deel uitmaken van de sector rechtsorde.’ Wanneer kan Oeganda zonder hulp? ‘ Ontwikkelingshulp aan Uganda is de afgelopen jaren afgenomen in volume en Uganda ambieert om in 2040 de status te bereiken van een midden inkomen land. Dat is zeker haalbaar als aan een aantal voorwaarden kan worden voldaan. Eén van de belangrijkste naar mijn mening – en die van vele anderen – is het beteugelen van de bevolkingsgroei die ik eerder zou willen duiden als bevolkingsexplosie. In 2040 zal de huidige bevolking zijn verdrievoudigd en dat is een zware hypotheek op de begroting…’ Oegandese homo’s werden ook verwelkomd als vluchteling, zo werd in 2014 stellig beweerd door Fred Teeven, toen staatssecretaris van Justitie. Zijn er veel gekomen? ‘Of er een stijging is geweest van het aantal Ugandese homo’s dat asiel heeft gekregen in Nederland weet ik niet. Wat ik wel weet is dat de gay pride van afgelopen jaar zonder problemen is verlopen en dat SMUG – een organisatie die zich inzet van seksuele minderheden – afgelopen jaar een vlekkeloos verlopen galadiner heeft georganiseerd. Wat ik hiermee wil aangeven is niet dat het allemaal koek en ei is voor seksuele minderheden in Uganda. Zeker niet, net zoals dat ook geldt voor seksuele minderheden Nederland. Maar het is zeker niet zo dat er sprake is van een heksenjacht op homo’s.’ Bent u bezorgd over de verkiezingen van 18 februari? ‘De campagne is tot dusverre vrij ordelijk verlopen, het aantal incidenten is zeer gering zeker in relatie tot het aantal rally’s dat dagelijks plaatsvindt. Spannend wordt het in deze laatste dagen voor 18 februari en de dagen erna wanneer, naar alle waarschijnlijkheid, uitslagen betwist zullen gaan worden.’ Westerse landen hebben geregeld gezegd dat Museveni te lang president is. Toch blijft hij veel hulp krijgen. Is dat niet tegenstrijdig? ‘Studies over dit onderwerp hebben aangetoond dat politieke machthebbers die langer dan 10 jaar aan de macht zijn de neiging vertonen hun macht, mogelijk met onconstitutionele middelen, te consolideren. President Museveni is dit jaar 30 jaar aan de macht en heeft in deze periode voor Uganda ongekende stabiliteit en aanzienlijke economische groei gerealiseerd. President Museveni is nog steeds, met name in de rurale gebieden, zeer populair. Het zou vrij aanmatigend zijn van Nederland om dwingend te bepalen hoelang een (populair) politicus aan de macht mag blijven.’ Ziet u genoeg ruimte voor de oppositie? ‘Zoals eerder gezegd verlopen de campagnes tot nog toe vrij ordelijk en de oppositie, met name de FDC kandidaat dr Besigye blijkt in staat te zijn, vrijwel zonder hinder, grote mensenmassa’s te mobiliseren en dagelijks toe te spreken. De Uganda Human Rights Commission heeft sinds de campagnes begonnen, begin december 2015, 15 klachten ontvangen betreffende obstructie.’ Noot van de redactie: dit interview is gehouden voordat bekend werd dat oppositieleider Kizza Besigye vandaag is gearresteerd en direct weer vrijgelaten in Kampala. Ziet u verbetering in het bestuur? ‘Ook hier is enige nuance op haar plaats. In het, met name centrale, bestuursapparaat van Uganda zitten vele bekwame mensen , technocraten, die zich inzetten voor de sociaal economische ontwikkeling van het land. De dienstverlening door de staatsinstituties wordt echter in belangrijke mate bepaald door politiek cliëntalisme; de macht van een politicus bepaalt in belangrijke mate de kwaliteit van de dienstverlening in een bepaald district. De dienstverlenende staats organen zijn nauw verweven met de politieke macht.’ De VS waarschuwde haar burgers voor mogelijk onrust komende week. Ligt er al een evacuatieplan klaar zoals destijds in 2011? ‘Ook de Nederlandse overheid, i.c. de ambassade in Kampala informeert de Nederlandse gemeenschap over mogelijkheden van onrust in bepaalde gebieden en het nemen van voorzorgsmaatregelen zoals inkoop van extra water, voedsel in geval de winkels voor een of enkele dagen gesloten zijn.’ Ziet u een link tussen de politieke situatie in Oeganda en Oost-Afrika en Europa? ‘Neen. Uganda is het toevluchtsoord voor ruim 500.000 geregistreerde vluchtelingen uit Zuid Sudan, de DRC en Burundi. Uganda staat bij de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR bekend als zeer ruimhartig op het gebied van opvang van vluchtelingen. Dit land is geen tussenstation van vluchtelingen naar Europa.’ Op donderdag 18 februari zetten we de discussie live voort in Den Haag tijdens de verkiezingsavond ‘Uganda Votes’. Klik hier voor meer informatie over dit evenement.

Vechten voor het recht op liefde

Door Siri Lijfering | 05 december 2019

De antihomowet die in Nigeria is ingevoerd, maakt de lhbt-gemeenschap nòg kwetsbaarder. Zo is opkomen voor lesbische vrouwen zowel broodnodig als gevaarlijk; een kat-en-muisspel met hoge inzet. Hoe gaat het strategisch partnerschap Count Me In! ermee om?

Lees artikel

Venezolaanse vluchtelingen op Curaçao vallen tussen wal en schip

Door Bob van Dillen | 05 december 2019

Nu er een humanitaire crisis is in onze eigen regio, geeft de Nederlandse overheid niet thuis. Dat schrijft Bob van Dillen van Cordaid, die de situatie nauwgezet volgt, in deze opiniebijdrage. Ondertussen wordt de situatie steeds nijpender en krijgen vluchtelingen op Curaçao geen menswaardige behandeling.

Lees artikel

Strijd op twee fronten

Door Siri Lijfering | 04 december 2019

De Nigerdelta is aantrekkelijk voor sekswerkers, maar ook gevaarlijk: geweld en vervolging liggen op de loer. Het strategisch partnerschap Count Me In! probeert hun rechten te beschermen; beeldvorming en beïnvloeding van beleid lijken de sleutel te zijn. Twee sekswerkers doen hun verhaal.

Lees artikel