Door:
Bianca E. Pereira Passaro

14 november 2015

Tags

12115924_441577089367516_9198135955512742328_n BLOG – Steeds meer gemeentes spreken zich er tegen uit. Politici treden ermee in de schijnwerpers. Winkelketen Lush noemde het de Dirty Deal. Met de chloorkip als verzetssymbool zijn verschillende groepen in beweging gekomen in de strijd tegen handelsverdrag TTIP. De opiniemakers verschillen in toon, maar hun boodschap werkt infecterend. Is het bij jou al doorgedrongen? Met het handelsverdrag TTIP (Transatlantic Trade & Investment Partnership of, in de volksmond, tietip) hopen Europa en de VS het grootste handelsblok ter wereld te vormen. Het verdrag wordt gepresenteerd als dé manier om goedkoop door de crisis te komen, terwijl het bovendien meer werk en inkomsten belooft. TTIP wil een versoepeling van de regels omtrent productveiligheid, milieubescherming en arbeidsomstandigheden. Barrières opheffen die bedrijven er nu van zouden weerhouden om meer winst te maken. Zo wordt het althans verkocht. In de praktijk zal dit neerkomen op flink knagen aan onze Europese regelgeving. Handelsbedrog Voorstanders van het verdrag benadrukken de voordelen voor de economie en spreken van beter afstemmen van de regelgeving. Met als voornaamste doel de liberalisering van de handel stelt zowel de Europese Commissie als de VS dat onnodige regelgeving moet worden geschrapt. Hoe meer van die vervelende regels weg kunnen, hoe beter, toch? Tegelijkertijd wordt er licht gedaan over de verschillen tussen de EU en de VS. De Amerikaanse regels zouden hooguit op een andere manier in elkaar zitten maar Europese veiligheids- en gezondheidsstandaarden waarborgen. Het zou in de meeste gevallen slechts om technische oneffenheden gaan die met het gelijkschakelen van de regels voor makkelijkere handel zou zorgen. Administratieve rompslomp waar niemand op zit te wachten. De regelgeving zou zelf effectiever en beter worden, we kunnen van elkaars regels leren en ze nog beter maken! Voor wie tussen de verdragsregels door kan lezen begint het meteen te wringen. Want aan beide zijden gaat het om handelsbelangen. En wie bepaalt dan nog wat nodige regels zijn? Wie komt er op voor mens en milieu, of brengt de kosten in rekening van wetenschappelijk onderzoek naar veiligheid? Sinds wanneer laat een multinational milieubeschermende wetten zijn internationale handelsovereenkomst in de weg zitten? Pruillippen Wat mij het meest verontrust is de winst die te behalen valt in de landbouw- en chemiesector. Deze lopen namelijk wel degelijk erg uiteen in de EU en VS. In de EU zijn er 1377 chemische stoffen verboden voor de cosmetica, tegenover 11 in de VS. Zo wordt er in de VS bijvoorbeeld lood in lippenstift gebruikt. Bovendien hebben dieren en cosmetica in de EU steeds minder met elkaar te maken. Hier zijn na lange strijd alternatieven voor gevonden. In de VS worden producten vaak gewoon nog op dieren getest. Ook andere producten voor de lichaamsverzorging zullen met de komst van TTIP weer een gezondheidsrisico vormen. Uit recent onderzoek bleek 85 procent van hygiëneproducten, zoals tampons en maandverbanden gemaakt van genetisch gemodificeerd katoen, dezelfde werkzame stof te bevatten als onkruidbestrijder Roundup van het bedrijf Monsanto. Zowel politici als wetenschappers maken zich zorgen over het ondertussen omstreden werk van Monsanto. Een uistekend voorbeeld van het touwtrekken tussen Grootkapitaal en Burgerveiligheid. Lekker (w)eten! Bij de landbouw zien we ook zulke uiteenlopende bedrijfsvoering. In Amerikaans vlees zitten groeihormonen waar in Nederland al sinds 1961 een verbod op rust en in de EU sinds 1988. De chloorkip, het verzetssymbool, blijft polemisch. Maar Nederlandse pluimveeverwerkingsbedrijven zijn tegen een chloorbad om bacteriën te doden, iets wat in de VS wel gebeurt. Feit blijft dat je met vleeswaren “zorgvuldig moet blijven, zowel in de stal als bij de slacht, in de supermarkt en in de keuken”Tot slot is het gebruik van pesticiden en genetische gemodificeerd gewas (GMO) niet toegestaan op ons continent, maar op boerderijen in de VS wel. Zo kunnen GMO’s toch nog hun weg vinden naar ons dagelijks brood. Natuurlijk kan je je als land of groepering proberen te verzetten. Maar TTIP geeft bedrijven de vrije hand om een land aan te klagen via een procedure die nationale rechtssystemen van tafel veegt. Deze extra bureaucratische laag krijgen we er gratis bij. Kan niet waar zijn? Buiten Europa gebeurt het al. Philip Morris, bijvoorbeeld, dat zowel Uruguay als Australië heeft aangeklaagd; de waarschuwende plaatjes op pakjes sigaretten drongen blijkbaar door bij de rokers. Stokpaardje Marlboro maakt Philip Morris ook marktleider in Nederland. Of oliebedrijf ExxonMobil, aandeelhouder van de Nederlandse Aardolie Maatschappij. Zij zullen toch ook niet schromen om Nederland aan te klagen nu het in Groningen de gaskraan sneller dichtdraait? Voedselveiligheid aan de ene kant en concurrentie aan de andere. Want voor het Midden en Klein Bedrijf wordt de illusie gewekt dat er voordelen aan TTIP zitten. De bakker om de hoek gaat niet opeens internationaal handel drijven maar zal juist te maken krijgen met extra concurrentie. In het geval dat het ‘recht op winst’ in het geding is, kunnen bedrijven de overheid hiervoor dus aanklagen. Vele gemeentes stimuleren o.a. duurzaam, gezond en lokaal geproduceerd voedsel en je ziet dan ook dat gemeentes over heel Nederland een signaal geven aan de regering dat TTIP niet welkom is in hun dorpen. Wie komt er voor mij op? Het anti-TTIP-virus in Europa is epidemisch. Begin oktober verzamelden in Europa duizenden geïnfecteerden zich. In Berlijn zo’n 150.000 mensen, in Nederland waren dat er 7000. Hier was dat een mijlpaal volgens de organisatoren. Vorige jaar stonden ze nog (maar) met 50 man sterk. Vak- en milieubewegingen, boerenorganisaties en ondernemers, foodies die vinden dat onze voedselproductie anders moet en leiders die staan voor onze publieke voorzieningen en democratie. Volgens onderzoek verspreidt het virus tegen TTIP zich snel. Onze collectieve belangen worden behartigd door uiteenlopende (maatschappelijke) bewegingen die bijeenkomen en elkaar vinden in de strijd tegen TTIP. Niet goed genoeg TTIP gaat uit van het principe dat wat goed genoeg is voor een Amerikaan, ook goed genoeg is voor een Europeaan. En andersom. Maar velen met mij vinden dat wat goed genoeg is voor de een, niet goed genoeg hoeft te zijn voor de ander. Het is maar waar je prioriteiten liggen en het TTIP laat ons duidelijk zijn hebzuchtige gezicht zien. Met een mooie verpakking. En daar ligt het gevaar.

‘Opgeven is erger dan verliezen’

Door Marc Broere | 29 juni 2020

Carolyne Ndalilah, directeur van de spraakmakende Keniaanse jongerenorganisatie TYSA, helpt jongeren zichzelf én de uitdagingen van hun gemeenschap te leren kennen. ‘Wat onze samenleving nodig heeft, zijn jongeren die voorbij de dag van morgen denken; die het als een uitdaging zien het onmogelijke uit te proberen.’

Lees artikel

In coronatijd schiet de noodhulpsector terug in oude reflexen

Door Sarah Haaij | 18 juni 2020

Noodhulp moet effectiever en meer lokaal worden georganiseerd, sprak de internationale gemeenschap in 2016 af. Voortaan zou een kwart van het hulpgeld zo direct mogelijk naar lokale partners gaan. De kloof met de praktijk is ‘schokkend’: o,1 procent van het corona-noodhulpgeld gaat rechtstreeks naar lokale ngo’s, voor wie inspraak en toegang tot fondsen tijdens de pandemie nog moeilijker lijkt te worden.

Lees artikel

Vluchtelingen en migranten in de klem van corona en falend beleid

Door Frank van Lierde | 16 juni 2020

Wereldwijd raakt de coronacrisis migranten, ontheemden en vluchtelingen misschien nog wel het hardste. Ook in Nederland. Asielprocedures staan stil, opvangcentra zitten vol, en wie al wat verdiende verdient bijna niets meer. Migratie-expert Bob van Dillen geeft uitleg en komt met oplossingen en aanbevelingen.

Lees artikel