Door:
Rene Bruin

13 oktober 2015

Tags

 

Barbara Kieboom

Barbara Kieboom

Europa lijkt verrast door de omvang van de vluchtelingencrisis, maar had die al van ver aan kunnen zien komen. Dat schrijft René Bruin, Head of Office UNHCR in den Haag. Het plan van de Nederlandse regering, het verbeteren van de opvangcapaciteiten in de regio, is volgens hem ontoereikend. Vluchtelingen moeten meer mogelijkheden hebben om zich op een veilige en legale manier in andere landen te hervestigen. 

Al in het eerste jaar na het uitbreken van de burgeroorlog in Syrië, in maart 2011, belden in Nederland woonachtige Syriërs, Nederlanders, naar het kantoor van UNHCR in Den Haag met de vraag hoe zij hun familieleden konden laten overkomen. Het waren, zo kunnen we achteraf constateren, mensen die de tekenen van de tijd goed aanvoelden. UNHCR adviseerde gebruik te maken van de mogelijkheid een bezoekvisum aan te vragen.

Na verloop van tijd werden we opgebeld dat de verzoeken waren afgewezen. Wanhopiger nu, vaak in tranen, vroegen de familieleden welke andere mogelijkheden er waren om hun vader, moeder, familieleden in de knel, naar Nederland te halen. En toen zaten wij met onze handen in het haar.

Gewaarschuwd 

Van januari tot september 2015 zijn er ruim 510.000 vluchtelingen en migranten via de Middellandse Zee naar Europa gekomen. Europa lijkt verrast en verbaasd door de aantallen. Maar Europa wilde niet zien wat er aan de hand was, terwijl vaak was duidelijk gemaakt dat Libanon, Turkije, Jordanië, Irak en Egypte moeilijkheden hadden om de opvang van Syrische vluchtelingen goed te organiseren. De Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen waarschuwde voor het destabiliserend Libanon.

Er is in deze landen, die 95 procent van de Syrische vluchtelingen opvangen, al lange tijd een enorm gebrek aan goede huisvesting, voedsel, water, onderwijs en gezondsheidszorg. Perspectief op een toekomst ontbreekt volledig omdat kinderen niet naar school kunnen, jongvolwassenen niet kunnen studeren en vaders en moeders niet mogen werken. Terugkeer naar Syrië is te gevaarlijk en lokale integratie in landen zoals Turkije en Libanon is sowieso geen optie. De landen zien zich niet als eindstation. En omdat er onvoldoende internationale steun voor de opvang van de  Syrische vluchtelingen in genoemde landen is en een politieke oplossing voor het conflict in Syrië niet in het verschiet ligt, is de keus om naar Europa te gaan gemaakt.

Het wereldvoedselprogramma (WFP) heeft de voedselrantsoenen voor vluchtelingen in Jordanië herhaaldelijk verminderd. De eerste berichten hierover verschenen in maart 2014. Een derde van de vluchtelingen krijgt in september 2015 zelfs in het geheel geen voedselrantsoen meer. Dagelijks reizen op dit moment honderden Syriërs vanuit Jordanië door Syrië naar Turkije. Zij nemen onvoorstelbare risico’s op zoek naar veiligheid en een menswaardig bestaan.

Eind 2013 vroeg UNHCR meer dan alleen financiële steun voor de Syrische vluchtelingen en de Syrië omringende landen die deze vluchtelingen opvangen. Financiële bijdragen waren zeker welkom maar expliciet werd gesteld dat financiële steun alleen niet voldoende zou zijn. Het delen van de verantwoordelijkheid voor de opvang van vluchtelingen werd gevraagd. Dat zou kunnen door mensen uit te nodigen onder het hervestigingsbeleid of onder een speciaal daarvoor opgezet ‘humanitarian admission program’ (HAP). Ook riep UNHCR staten op om een soepel gezinsherenigingsbeleid voor Syriërs in te voeren en om humanitaire visa af te geven etc.

Lessen

Welke lessen moeten er getrokken worden uit de Syrië-crisis? Kan simpelweg gesteld worden dat een soepeler gezinsherenigingsbeleid en een grootschaliger hervestigingsbeleid niet zou hebben geleid tot een uitreis van zo’n 500.000 personen in de eerste negen maanden van 2015? Ik denk dat met enige stelligheid kan worden beweerd dat ook bij een grootschaliger hervestigingsbeleid er een uitreis uit de regio had plaatsgevonden. Mogelijk waren er wel minder mensen op de Middellandse Zee omgekomen.

Begin september kwam de Nederlandse regering met een plan om de vluchtelingencrisis het hoofd te bieden. Overwogen wordt dat het perspectief in de regio van eerste opvang vergroot moet worden om mensen ervan te weerhouden risicovolle tochten te gaan ondernemen. Vrede, veiligheid en rechtsstatelijkheid moeten worden bevorderd. Veilige opvang en adequate procedures moeten beschikbaar zijn. Om dit te realiseren moeten de EU en de lidstaten helpen bij directe economische investeringen in infrastructuur en bedrijven. Opvang in de regio is het einddoel. Een EU-hervestigingsprogramma moet worden opgezet, met een vastgesteld quotum per jaar voor de gehele EU om de regio te ontlasten als dat nodig is, aldus het Nederlandse plan.

UNHCR is zeker voorstander van het ondersteunen van de landen en de mensen die in de regio de vluchtelingen opvangen. Maar er bestaan twijfels of dit Nederlandse plan, dat erg lijkt op het plan dat meer dan 10 jaar geleden ook al eens naar voren is gebracht door de regering van het Verenigd Koninkrijk, realistisch is. Er zijn juridische bezwaren maar ook grote twijfels of de landen in de regio bereid zullen zijn om in beginsel verantwoordelijk te worden gehouden voor de opvang van alle vluchtelingen. Op dit moment zijn de voorwaarden zeker niet aanwezig. Bij grootschalige crises zoals die in Syrië zal de bescherming en opvang in de regio altijd achterblijven bij de noden.

Laten we stilstaan bij de tot nu toe ongeveer drieduizend personen die in 2015 de overtocht niet hebben overleefd. Laten we stilstaan bij het feit dat we in een globaliserende wereld leven waar vele families verspreid over de wereld wonen en met liefde hun familieleden willen opnemen indien deze in een oorlogssituatie komen te verkeren. Het is toch niet meer dan normaal dat we onze familieleden in veiligheid willen brengen?

René Bruin schreef dit blog op persoonlijke titel.

Verantwoordelijk voorbij de voordeur

Door Gerjan Agterhof | 04 juni 2020

Juist in tijden van nood mogen we de realiteit van groeiende mondiale ongelijkheid niet uit het oog verliezen, schrijven Gerjan Agterhof en Anique Kanters van het samenwerkingsverband Building Change. Om de coronacrisis zo effectief mogelijk te lijf te gaan is alleen financiële steun niet voldoende en is óók belangrijk om te kijken naar het eigen internationale handelen van Nederland en beleidsincoherentie aan te pakken.

Lees artikel

‘Dat iets complex lijkt, ontslaat je niet van je verantwoordelijkheid’

Door Lennaert Rooijakkers | 03 juni 2020

Vandaag deel twee van een tweeluik over hoe Nederland ervoor staat op het terrein van Internationaal Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. Over inspirerende koplopers, en de noodzaak van een stok achter de deur. ‘IMVO moet voor bedrijven net zo logisch worden als de hygiënestandaard voor de horeca.’

Lees artikel

‘Beloon koplopers en reken af met freeriders’

Door Lennaert Rooijakkers | 02 juni 2020

Minister Kaag van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking wil na de zomer een nieuw beleid rond Internationaal Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen vormgeven. Wat is er de afgelopen jaren bereikt, hoe staat Nederland ervoor, en wat zijn de uitdagingen? Vandaag deel een van een tweeluik: met vrijblijvende convenanten hebben Nederlandse bedrijven nog een flinke slag te maken.

Lees artikel