Door:
Paul Hoebink

29 september 2015

07_paul-hoebinkBLOG – Nederland ijvert dezer dagen voor een zetel in de Veiligheidsraad in New York. Daar wordt zelfs de koning voor ingezet. Paul Hoebink betoogt dat een land dat zijn ontwikkelingssamenwerking verwaarloost, niet in de veiligheidsraad thuishoort. Vandaar dat hij een twittercampagne start.

De toespraak van premier Rutte bij de top over de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDGs) was ronduit teleurstellend. In het verlengde van wat het ‘nieuwe’ Nederlandse beleid op buitenlandse handel en ontwikkeling schijnt te zijn, stond hij wel Heineken te verkopen, maar kwam er geen enkel woord over definanciële inzet van de Nederlandse regering. Deze rede was zo een kopie van de al even inhoudsloze rede van minister Ploumen op 15 juli in Addis Abeba op de Financiering voor Ontwikkeling Conferentie, die daar weliswaar zeep van Unilever verkocht, maar verder ook niets te melden had over de inzet van de Nederlandse regering.

Dat was heel wat anders bij de eerste conferentie over de financiering van de Millennium Ontwikkelingsdoelen (MDGs) in Monterrey in 2002, waar alle Europese lidstaten beloofden dat zij naar 0,7 procent van hun nationaal inkomen zouden gaan in 2015 om het behalen van die ontwikkelingsdoelen mede te financieren. Dat hebben ze nog eens herhaald bij het vaststellen van de Europese Consensus over Ontwikkeling in 2005 en de Europese afspraken over de taakverdeling ten opzichte van ontwikkelingssamenwerking in 2007.

Grofste schender van beloftes

De enige landen die zich aan deze afspraken hebben gehouden zijn de landen die nog steeds ver boven de 0,7 zitten (Noorwegen, Zweden en Luxemburg) en zelfs Denemarken waar een minderheidsregering met steun van een anti-immigratie-partij (de Deense Volkspartij) ook vasthoudt aan 0,8 procent. Daarnaast zijn er de Britten die onder Cameron naar de beloofde 0,7 zijn gegaan. Nederland is de grofste schender van deze beloftes, want we zijn het eerste land dat de 0,7 haalde in 1975, maar ook het eerste dat ervan afstapte. Niet dit jaar (zoals de Volkskrantabusievelijk meldde op haar voorpagina) maar al in 2013 zijn we onder de 0,7 gezakt en volgend jaar zakken we zelfs naar 0,56. Partos meldde tot mijn verbazing dat ‘het budget voor ontwikkelingssamenwerking voorlopig overeind’ blijft, maar bij deze vereniging hebben ze blijkbaar niet gezien dat Ontwikkelingssamenwerking volgend jaar opnieuw 750 miljoen euro moet inleveren en in de jaren daarna een miljard.

Dan hebben we het nog niet over de opvang van vluchtelingen (die te laag begroot is) en de eerstejaars opvang van asielzoekers (waarvoor hetzelfde geldt en die in 2014 al 450 miljoen duurder uitviel en in 2015 zelfs ruim 600 miljoen), wat allemaal ten koste zal gaan van de bilaterale hulp, vooral de hulp aan Afghanistan, Bangladesh, Kenia, Oeganda, Midden-Amerika en Indonesië. Als we uitgaan van de omvang van 0,8 procent die de Nederlandse hulp vanaf 1995 (na de Herijking) had, dan is er de afgelopen drie jaar 3 miljard bezuinigd op ontwikkelingssamenwerking en dat op een begroting van 4,8 miljard voor dit jaar (dat is een bezuiniging van 21 procent).

Geen beleid

Bij al dit treurigs komt ook nog dat Nederland momenteel geen beleid heeft op het terrein van ontwikkelingssamenwerking. Er wordt het nodige geroepen over de combinatie van hulp en handel, maar dat blijft bij wat kreten, wat voorbeelden van de bijdragen van Unilever en Heineken, en hoe het een zich tot het ander verhoudt weten we nog steeds niet. Na Eegje Schoo lijken we opnieuw een lichtgewicht op deze ministerspost te hebben, die vooral gewaardeerd wordt om de vrolijke manier waarop ze op handelsmissie gaat. Verder heerst diep zwijgen over de rol van armoedebestrijding in het Nederlands beleid, de bijdrage aan democratisering, de toekomst van de ontwikkelingssamenwerking en internationale samenwerking, de rol van mondiale publieke goederen, over donor harmonisatie en taakverdeling tussen donoren.

Bij zo’n verwaarlozing van het ontwikkelingsbeleid hoor je geen lid te worden van de Veiligheidsraad. Daarom start ik een twitter campagne: ‘Een land dat zijn ontwikkelingssamenwerking zo verwaarloost als Nederland, zou geen lid moeten worden van de Veiligheidsraad’/ ‘A country that neglects its development cooperation, like the Netherlands, should not become member of the Security Council’.

IMVO werkt alleen als bedrijven willen, niet enkel als ze moeten

Door Sarah Haaij | 29 oktober 2020

Terwijl de roep om wetgeving op het terrein van Internationaal Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (IMVO) toeneemt, houdt Pramit Chanda juist een heel ander verhaal. De landendirecteur van het Nederlandse Initiatief Duurzame Handel (IDH) in India denkt dat wetgeving en verplichting gedrag niet gaat veranderen. ‘Bedrijven moeten geloven dat ze zelf die verandering kunnen bewerkstellingen met de manier waarop ze zakendoen.’

Lees artikel

‘Nederland steunt fossiele export met destructieve gevolgen’

Door Jurrian Veldhuizen | 27 oktober 2020

Onlangs kwam de monitor exportkredietverzekeringen 2019 uit, met daarin een verslag van de financiële ontwikkelingen en beleidsmatige ontwikkelingen op het gebied van Nederlandse exportkredietverzekeringen. Deze werd begeleid met een brief van staatssecretaris Vijlbrief. In deze brief noemde staatssecretaris Vijlbrief de bijdrage aan de duurzame ontwikkelingsdoelen en verwees hij maar liefst dertig keer naar de ‘vergroening’ en groene transacties van de doorgaans voornamelijk ‘grijze’ verzekeringen. Mooie en positieve ontwikkelingen, schrijft Jurrian Veldhuizen,  maar achter deze woorden schuilt een grote mate van onduidelijkheid en vooral veel contradictie.

Lees artikel

Communities need land rights to gain from investments

Door Siri Lijfering | 26 oktober 2020

Communities being able to participate on an equal basis in land governance is key to food security and inclusive development. How can securing land rights pave the way for responsible investments and what can we learn from experiences with the palm oil industry? To answer these questions we turn to West Africa where two activists are fighting for their communities’ right to land. ‘If we want to move forward, we need to share the wealth that the land brings.’

Lees artikel