Door:
Johan Hardeman

15 september 2015

Categorieën

gerard (1)

INTERVIEW – Gerard Steijn besefte rond zijn pensionering dat hij nog wat wil betekenen voor de wereld. Hij ontwikkelde De Mobiele Fabriek: een project om na een aardbeving van puin legostenen te maken en daarmee huizen te bouwen. Steijn is 73 jaar, maar nog lang niet klaar. ‘Ik vind het helemaal niet leuk om in een strandstoel op de Bahama’s te zitten.’

De Mobiele Fabriek wordt ontwikkeld in een hip kantoor aan het Rembrandtplein in Amsterdam. Een bedrijfsruimte met flexibele werkplekken en ambitieuze dertigers. Steijn deelt het kantoor met het personeel van een communicatiebureau. Ze hadden nog werkplekken over en hij is ingetrokken. Steijn maakt werkweken van veertig uur, want achter de geraniums zitten is geen optie voor de energieke Amsterdammer. Bovendien is hij gegrepen door de wereld van de hulpverlening. Of zoals hij het zelf zegt: ‘Het is een besmetting die je oploopt.’ Legoprincipe Het idee van de Mobiele Fabriek is simpel. Maak een fabriek ter grootte van twee zeecontainers waarmee je van puin bouwstenen kunt maken. Stop aan de ene kant stukgeslagen bouwpuin naar binnen. Aan de andere kant rollen mallen gevuld met vers beton van de loopband. Na 24 uur uitharden zijn de stenen klaar om mee te bouwen. ‘Als er nu een aardbeving plaatsvindt, is het eerste wat ze doen al het puin bij elkaar vegen. Doe dat niet. Zet een fabriekje neer en stop die honderden miljoenen euro’s die je bespaart in mensen. Laat mensen hun eigen huis bouwen en betaal hen daarvoor. Dan hebben ze werk en daarna een huis.’ Om de huizen stevig te maken, gebruikte Steijn het legoprincipe. De blokken worden op elkaar gestapeld en niet gemetseld. De nok van het dak zorgt dat de boel bij elkaar blijft. Een test met een aardbevingsimulator wijst uit dat deze manier drie à vier keer zo veilig is als bouwen op de traditionele manier. Geheime troef is dat Steijn de huisjes laat bouwen op een terp. ‘In de landen waar we bouwen kennen ze het woord ‘’terp’’ vaak niet eens’, lacht hij. De terpen zorgen ervoor dat de eerste klap al wordt opgevangen voor het huisje een schok krijgt. Huisje In 2007 richtte Steijn De Mobiele Fabriek op, maar ideeën over recycling speelde al langer door zijn hoofd. ‘Ik heb een obsessie voor het hergebruiken van afval,’ biecht hij op. ‘In de Nederlandse bouwwereld wordt 95% van het bouwpuin gebruikt als fundering onder wegen. In de derde wereld is bouwafval een plaag omdat niemand daar iets opruimt. Dat is jammer want bouwpuin is een volwaardige grondstof.’ Vanaf 2000 onderzoekt Steijn de mogelijkheden van duurzaamheid. Internationale crowdfunding Om de Mobiele Fabriek te ontwikkelen is geld nodig. In 2014 haalde Steijn via crowdfunding bijna 100.000 euro op. ‘In onze onschuld lukte het binnen een paar weken om het bedrag fluitend bij elkaar te krijgen.’ In juli is De Mobiele Fabriek klaar en kan er worden getest in Haïti. Na de vreselijke aardbeving in 2010 hebben veel mensen daar nog steeds geen huis. Veel Haïtianen verblijven in tentenkampen. Het is een ideaal testgebied. Dertig families gaan er een huis bouwen met hulp van De Mobiele Fabriek. Een nieuwe, deze keer internationale, crowdfundingsactie moet 400.000 dollar ophalen om het project te betalen. De actie loopt vanaf 11 juni. ‘We vragen 1 dollar aan mensen. Dat lijkt weinig, maar we vragen wel aan mensen om hun netwerk in te schakelen. De rekensom is simpel: netwerk x netwerk x netwerk x 1 euro = heel veel geld.’ Er zijn twee partijen waarvan Steijn geen hulp verwacht: ngo’s en bouwbedrijven. Om met de laatste te beginnen. ‘De woningen die nu in Haïti staan, zijn de schuld van de bouwwereld. Als ik met mensen van bouwbedrijven praat, zeggen ze altijd dat het hun schuld niet is, maar dat is het wel. Op het moment dat in Haïti een aardbeving plaatsvindt, is het voor Nederlandse bouwbedrijven een fluitje van een cent om in te grijpen en een aantal veilige woningen neer te zetten. Ze hebben hun mond vol van sociaal ondernemen, maar dat is verworden tot een marketingkreet. Ze kunnen helpen, maar ze doen het niet.’ Steijn ziet volop kansen voor bedrijven om in de derde wereld te helpen en ook nog wat aan te verdienen. ‘Je ziet het bij een bedrijf als Nokia. Dat verkoopt in eerste wereldlanden dure telefoons en in de derde wereldlanden vooral kleine telefoons voor minder geld. Maar vergeet niet dat veel vaak een klein bedrag vanzelf een groot bedrag wordt. De markt is daar ongelofelijk.’ Sociale cultuur De tweede boosdoener is volgens Steijn de ngo’s. Die kunnen goed de hand ophouden, maar missen een bedrijfsmatige manier van werken. ‘Een maatschappelijk werker wordt nooit een ondernemer.’ Na een ramp zijn we gewend ngo’s aan te spreken, maar volgens Steijn ligt de toekomst van de hulpverlening in handen van sociale ondernemingen zoals de zijne. Het beste van twee werelden wordt dan gecombineerd. Het zakelijke aan de ene kant en het sociale aan de andere kant. Volgens Steijn is het ook mogelijk om een sociale cultuur in bedrijven te creëren. Dat had hij nu al graag meer gezien bij de bouwbedrijven die hem niet verder wilden helpen. Verbitterd is Steijn helemaal niet. Tijdens het interview lacht hij gedurig en af en toe maakt hij een grapje of vertelt een smakelijke anekdote. Het valt hem alleen tegen dat hij zo vaak moet knokken tegen vastgeroeste ideeën en instituten. Hij kijkt naar de jonge mensen om zich heen in het kantoor aan het Rembrandtplein. Passie ziet hij daar. Heilig vuur om de wereld te veranderen. Bij zijn eigen generatie zag hij dat vuur langzaam uitdoven. Steijn is niet vatbaar voor cynisme. Hij krijgt energie van zijn project, maar ziet tegelijk dat het  langzaam tijd wordt om de boel over te dragen. ‘Ik denk niet dat ik het eeuwige leven heb,’ zegt hij droogkomisch. ‘Gelukkig staan jonge mensen te trappelen om De Mobiele Fabriek over te nemen en tot een goed einde te brengen.’

Samenwerken in Mali

Door Marc Broere | 20 januari 2020

De komende twee weken staat Mali centraal in ons project ‘Samenspraak en Tegenspraak: de oogst.’ Voor de crisis in 2012 was Mali op het oog een goed functionerende democratie dat weinig in de schijnwerpers stond, maar door de migratie en het geweld in het noorden is het land nu van geopolitieke betekenis. Ook ligt het in een van de drie focusregio’s van het Nederlandse ontwikkelingsbeleid.

Lees artikel

‘Het sportveld brengt niets dan goeds’

Door Marc Broere | 20 januari 2020

Zonder de organisatie Tysa was Pascilia Naloka (28) niet de vrouw geweest die ze nu is – en als coach en mentor geeft ze haar vaardigheden door. Meiden die met weinig zelfvertrouwen binnenstromen zien veranderen in zelfbewuste mensen, dáár doet ze het voor. ‘Als je beledigd of ontmoedigd wordt, blijf dan in jezelf geloven.’

Lees artikel

Inburgeren met lucht en geduld

Door Ayaan Abukar | 17 januari 2020

Geef vluchtelingen de steun en tijd die nodig is om hun nieuwe leven in Nederland duurzaam op te bouwen, schrijft Ayaan Abukar in deze column. 

Lees artikel