Door:
Mieke van Dixhoorn

15 april 2015

Tags

tax kopie VERSLAG – De OESO, de VN en de EU: allemaal zijn ze bezig met nieuwe afspraken te maken en verdragen te sluiten op het gebied van belasting. Hoe ver mag je gaan in het geven van voordelen aan bedrijven, als je misschien tegelijk schade berokkent aan een ander land? Ook deze zomer, op de Finance for Development conferentie in Addis Abeba, staat belasting hoog op de agenda. In Amsterdam was er vorige week alvast een voorproefje. Belasting is de laatste jaren steeds politieker geworden en de nieuwsberichten waren niet bepaald positief. De Nederlandse overheid sloot deals met Starbucks en andere grote bedrijven als Apple laveren op ingenieuze wijze door verschillende belastingsystemen van de wereld. Publieke opinies zijn niet mals. Dat we niet meer met een puur technische kwestie te maken hebben, was ook duidelijk merkbaar bij de deelnemers aan de Global Tax Policy conference in Amsterdam, eind vorige week. Tijdens de bijeenkomst die werd georganiseerd door de Universiteit van Maastricht, was een hoofdrol weggelegd voor belastingparadijzen, (onbedoelde) spillovers van belastingbeleid, het beruchte Base Erosion and Profit Shifting plan (BEPS) van de OESO en de rol van ontwikkelingslanden in het sluiten van de verdragen. 3D-schaken Internationale afspraken maken, is lastig. Een bekend verhaal. Maar belastingkwesties lijken een extra dimensie te hebben. Michael Lennard, hoofd Internationale Belasting en Handelsamenwerking in het Financiering voor Ontwikkelingskantoor van de VN, vergeleek de uitdaging met 3D-schaken.

Schermafbeelding 2015-04-15 om 00.08.25

In zijn keynote toespraak vestigde Lennard meteen de aandacht op de rol van belastingafspraken in de financiering van de zogenaamde Sustainable Development Goals. De opvolgers van de welbekende millenniumdoelen zullen in september van dit jaar hun uiteindelijke vorm krijgen in New York. Maar eerst moet er in Addis Abeba tijdens de Finance for Development conferentie van 13-16 juli worden gepraat over het geld. De VN zelf schat dat 3,9 biljoen dollar nodig is om de nieuwe ontwikkelingsdoelen te financieren. Dat betekent dat er nog een gat zit in de begroting van zo’n 2,4 biljoen dollar. Hulp alleen kan dat gat niet dichten. Vandaar dat de internationale blik grotendeels gericht is op een eeuwenoude manier waarmee overheden geld inzamelen: belastingheffing. Samenwerking De Zero Draft van de Addis Abeba conferentie ziet er op het eerste gezicht best veelbelovend uit: strengere nationale regels en verbeterde internationale samenwerking tegen illegale financiële stromingen en belastingontduiking, internationale richtlijnen, zodat er minder verschil is in belastingklimaten en het bevorderen van transparantie. Ook het ‘upgraden’ van de belastingcommissie van de VN staat op de agenda. Nodig, aangezien zij nu maar een budget hebben voor één internationale vergadering per jaar en welgeteld twee mensen in dienst hebben. Maar, zoals Lennard benadrukte: ‘Het is nog maar een opzet.’ Hij vervolgde zijn verhaal met een waslijst aan spanningen die nog niet zomaar de wereld uit zijn. Is het bijvoorbeeld überhaupt mogelijk om een set standaard belastingregels te hebben, of moeten er meerdere modellen komen? Waar moet de winst van bedrijven belast worden? Willen we zekerheid voor belastingbetalers of voor overheden en hun burgers? Waar ligt de grens tussen goede en schadelijke belastingconcurrentie? Lennard wilde, ook na herhaaldelijke vragen, geen commentaar leveren op specifieke landencases. Maar: ‘Bepaalde concurrentie is goed. Als Apple zo’n goede tablet ontwikkelt dat de omzet bij andere bedrijven daalt, is dat niet per se slecht. Landen moeten zich aantrekkelijk kunnen maken voor bedrijven, tot het moment dat andere landen er systematisch onder lijden.’ Marktonderzoek Hiermee doelt Lennard op de zogenaamde ‘spillover’ effecten van belastingbeleid in het ene land, op het andere land. Met name negatieve effecten in ontwikkelingslanden door belastingbeleid in rijkere landen, hebben hierin de aandacht. In een paper uit 2011 riepen het IMF, de Wereldbank, de VN en de OECD de G-20 op om systematisch te onderzoeken wat de effecten zijn van hun belastingbeleid. Het International Bureau of Fiscal Documentation (IBFD) doet dat soort onderzoek. Wantrouwen Een eensgezinde aanpak van de internationale belastingvraagstukken, verwachten de meeste deelnemers aan de conferentie niet. Heinz Zourek, directeur-generaal belastingen en douane van de Europese Commissie, verwoordde het zo: ‘Voor belastingambtenaren is de buitenlandse belastingambtenaar een grotere vijand dan de belastingbetaler. Ze laten zich leiden door wantrouwen, waardoor samenwerken moeilijk is.’ Van belastingbeleid in de EU is volgens de Oostenrijker niet te spreken. Elke lidstaat mag eigen beleid hanteren, zolang het de interne markt niet schaadt. In dat beleid zit veel verschil. Zourek: ‘Dat varieert van zes belastingboxen, tot wel 195.’ Wel ziet de Europese topambtenaar dat ‘eerlijkheid terug is in het publieke debat over belastingen’. En hoewel lidstaten nog steeds krampachtig vasthouden aan hun eigen recht om bedrijven voordelen te bieden, verwacht Zourek dat er binnenkort wel afspraken gemaakt kunnen worden om in ieder geval belastingontduiking tegen te gaan. Op 18 maart werd het voorstel gedaan door de Europese Commissie om de afspraken die gemaakt worden met bedrijven over belastingen, oftewel ‘tax rulings’, openbaar te maken. Zourek is optimistisch over hoe snel deze uitwisseling tot stand kan komen. De toegenomen druk vanuit de publieke opinie, helpt daarbij volgens hem enorm. Transparantie Het uitwisselen van de zogenaamde ‘tax rulings’ tussen EU-lidstaten zou wel achter gesloten deuren gebeuren. Hetzelfde geldt voor de country-by-country reporting die de OESO voorstaat. Volgens Francis Weyzig, senior beleidsadviseur bij Oxfam Novib, is dat niet genoeg. ‘Bij het publiek is er een enorm gebrek aan vertrouwen. Daarom hebben we debat nodig en dus publieke data.’ Weyzig wil graag dat iedereen de mogelijkheid krijgt om de belastingkwesties echt te begrijpen: ‘Politici weten tegenwoordig niet meer of het beleid wat zij maken effectief is.’ Natuurlijk zal het uitwisselen van de data erg complex zijn. Brede Kerk De VN zou volgens Michael Lennard een ‘Brede kerk’ moeten zijn, waar landen van alle maten en soorten hun ei kwijt kunnen. Maar, in de praktijk is dat helaas niet altijd het geval. De bekende disbalans in het internationale systeem, steekt hier de kop weer op. Westerse landen overleggen vooraf in hun club, de OESO. Ontwikkelingslanden hebben geen forum wat sterk genoeg is om tegenwicht te bieden aan de plannen waar OESO landen mee op de proppen komen. Roy Rohatgi, voorzitter van de Foundation for International Taxation, zorgde voor een opleving in de zaal door te verkondigen dat de OESO de rest van de wereld hun plannen door de neus boort. ‘Op deze manier negeer je ongeveer 60 procent van de wereld.’ Rohatgi kwam met een historische onderbouwing om te bewijzen dat India en andere niet-westerse landen nooit serieus zijn genomen wat betreft internationale belastingafspraken. Toen echter vanuit de zaal de opmerking kwam dat India precies hetzelfde doet richting Afrika, kon hij niets anders dan het erkennen. ‘India heeft twee gezichten.’ Veranderende Wereld De wereld verandert snel, stelde Mick Moore, hoofd van het Internationale Centrum voor Belasting en Ontwikkeling. Met de digitalisering en andere technologische en economische ontwikkelingen worden de gaten die in de belastingsystemen bestaan alleen maar groter en kunnen bedrijven er steeds makkelijker misbruik van maken. Verder ziet Moore dat de langverwachte verschuiving van de macht nu echt aan het gebeuren is. Met de oprichting van de AIID (Asian Infrastructure Investment Bank) en de BRIC landen die allemaal hun eigen beleid voeren op belasting, zal het ‘niet lang duren voor de discussie tussen de OESO en de VN gedateerd is. ‘Het zou mij niet verbazen als de ontwikkelingslanden over een jaar of vier hun kans grijpen,’ aldus de politicoloog. Naast een toekomst met nieuwe, of vooral andere, actoren, ziet Mick Moore een toekomst waarin ongelijkheid gaat groeien, doordat de economie zal groeien zonder dat er banen bij komen. Belasting moet volgens hem daarom juist in ontwikkelingslanden (een term die hij overigens liever niet gebruikt) niet alleen meer gelijk staan aan inkomsten. Het moet een manier worden om ongelijkheid te bestrijden en sociale zekerheid op te bouwen. Natuurlijk is het innen van die belasting nog steeds een groot probleem. Een oproep van Moore: stop alsjeblieft met de eindeloze trainingen die elke ngo aanbiedt aan belastingmedewerkers. Wat volgens hem nodig is zijn mentoren die in de praktijk hun protegees door een aantal moeilijke zaken kunnen leiden. Belastingambtenaren zonder grenzen, zogezegd.

De roep om inclusieve ontwikkeling komt uit het zuiden

Door Lieke Scheewe | 03 december 2020

In de geschiedenis van internationaal beleid rond handicap heeft het mondiale zuiden ondanks scheve machtsverhoudingen een belangrijke rol gespeeld. Het VN Verdrag Handicap, dat door Nederland als een van de laatste landen ter wereld werd geratificeerd, daagt ook ons uit om nu eindelijk in actie te komen en ontwikkelingssamenwerking meer inclusief te maken, schrijven Lieke Scheewe (Dutch Coalition on Disability and Development) en Paul van Trigt (Universiteit Leiden).

Lees artikel

Dangote wants to increase Nigeria’s self-reliance on food

Door Emmanuel Ndadozie | 30 november 2020

Nigeria relies largely on imported food to feed its population. Some years ago, the Nigerian multinational Dangote decided to change this situation. It started by purchasing six rice mills that will become operational in the next 18 months. Dangote Rice has started restructuring the rice farming sector tells Robert Coleman, Agricultural Director of Dangote’s rice business in Nigeria. ‘I believe agriculture is the future of Africa.’

Lees artikel

Minister Wiebes: woordvoerder van Shell of Nederlands Minister voor Economische Zaken en Klimaat?

Door Jurrian Veldhuizen | 25 november 2020

Inmiddels twee maanden geleden stelde Lammert van Raan van de Partij voor de Dieren 25 zeer kritische Kamervragen aan Minister Hoekstra van Financiën en Minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat over de twijfelachtige klimaatplannen van olie- en gasbedrijven. Minister Wiebes had lang de tijd nodig om antwoord te geven. Toen het uiteindelijk kwam, bleek de minister een uitstekende woordvoerder voor Shell en een kampioen in het ontwijken van vragen en daarmee verantwoordelijkheden, schrijft Jurrian Veldhuizen namens Building Change.

Lees artikel