Door:
Iris Visser

25 maart 2015

Tags

PloumenBCO
Foto: Rebke Klokke

Handen en voeten geven aan beleidscoherentie. Daar ging de conferentie Beleidscoherentie voor Ontwikkeling – The Next Level over, waarbij de coherentiemonitor van Partos, Foundation Max van der Stoel (FMS) en Woord en Daad werd gepresenteerd aan minister Ploumen. Een conferentie waar wetenschappers bleven hameren op sterkere institutionele mechanismes voor coherentie, al vond de minister deze zelf niet persé nodig. En waar Bram van Ojik (GroenLinks) het kabinet verweet geen strategische keuzes te maken. ‘Het gaat om keiharde economische belangen.’ ‘Looking for what is good for me and also good for others.’ Dat is volgens Paul Engel, Senior Fellow bij ECDPM de beste samenvatting als we het hebben over beleid dat bijdraagt aan ontwikkeling. Dit blijkt makkelijker gezegd dan gedaan. Bram van Ojik (fractievoorzitter Tweede Kamerlid Groenlinks) vraagt zich dan ook af hoe het mogelijk is – als we allemaal vóór beleidscoherentie zijn –  er zo weinig van terecht komt. Misschien toch omdat, wat goed is voor anderen, niet altijd goed is voor onszelf. Niet voor niets noemt Bart Romijn (directeur Partos) de coherentiemonitor zowel een witboek als een zwartboek. Een witboek omdat Nederland en de Europese Unie al grote stappen hebben gezet op het gebied van beleidscoherentie. Een zwartboek omdat er tegelijkertijd nog talloze incoherenties plaatsvinden. ‘Eigenlijk is het rapport een soort vijftig tinten grijs.’ Hoe we beleidscoherentie moeten aanpakken, blijft volgens Engel wel voornamelijk een politiek thema. Engel: ‘It’s the politics, stupid. Je hebt nu eenmaal te maken met verschillende belangen. Maar als je aan ontwikkelingssamenwerking doet zonder coherentie, dan ondergraaf je jezelf. Als Nederland een inclusieve en duurzame groei doet, dan moet beleidscoherentie voor ontwikkeling de standaard zijn om de effecten van ontwikkelingssamenwerking te meten. Daar zijn we nog lang niet.’ Kansen voor beleidscoherentie Dat we er nog niet zijn erkent minister Lilianne Ploumen van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking ook. Maar ze benadrukt dat er grote stappen worden gezet, bijvoorbeeld bij het verduurzamen van de textielsector in Bangladesh en Pakistan en het heronderhandelen van belastingverdragen (lees hier haar reactie toen ze het rapport in ontvangst nam). Aan ambitie ontbreekt het haar in elk geval niet. Ze ziet 2015 als hét jaar voor globale beleidscoherentie, met conferenties als Finance for Development (juli in Addis Abeba), de Sustainable Development Goals (september in New York) en de klimaattop in Parijs voor de deur. In 2016 wordt Nederland bovendien voorzitter van de Europese Unie. Hier ziet Ploumen ook een mooie kans om meer aandacht te geven aan beleidscoherentie. Politieke en maatschappelijke druk zijn nodig, volgens Engel, maar dat is niet genoeg. Nederlandse kennis- en onderzoeksinstellingen doen nog heel weinig op het gebied van beleidscoherentie, vindt de onderzoeker. En dat terwijl het meten van effecten essentieel is. ‘Als je geen gebrek hebt aan aandacht en kennis voor het onderwerp, dan kan dat geen reden meer zijn om niets met coherentie te doen.’ Margriet Kuster (Ministerie van Buitenlandse Zaken) is van mening dat er ook een rol is weggelegd voor de partnerlanden zelf. ‘Waarom kunnen zij niet de toegang van bepaalde producten verbieden of waarom kunnen zij niet hun eigen boeren steunen? Kijk naar de kansen voor handel en hoe je daar met het ontwikkelingsbeleid op in kunt springen.’ Verschillende meningen over een structurele dialoog Op dit moment vindt er nog geen structurele dialoog plaats over beleidscoherentie voor ontwikkeling. Hoe Scandinavische landen dit oppakken, kan als voorbeeld dienen. Engel: ‘Kijk bijvoorbeeld naar het Finse model, waarbij verschillende partijen, de overheid, het bedrijfsleven en het maatschappelijk middenveld, een agenda maken. Dat hebben wij niet. Zolang we geen duidelijke doelen hebben, is het moeilijk te bepalen wie effectief bezig is.’ Margriet Kuster is minder enthousiast over een structurele dialoog. ‘Ik weet het niet, het kost veel tijd. Ik zie meer in de modernisering van de diplomatie, zoals we bij de steenkolen hebben gedaan’ (lees daar hier meer over). Paul Engel ziet het duidelijk anders. De coherentie-unit die in 2002 was opgericht om beleidscoherentie hoger op de agenda te krijgen werd tien jaar later door Ploumen weer afgeschaft, tot verbazing van Engel en Mijke Elbers van de FMS (lees daarover in het artikel ‘Uitvoering coherentiebeleid Ploumen schiet nog tekort’). In plaats van beleidscoherentie te organiseren in een unit, vond Ploumen het beter dit te ‘mainstreamen’. Engel ziet vooral het gevaar dat als je beleidscoherentie op deze manier organiseert, het ergens in de organisatie zal verdwijnen. De projectgroep die Ploumen in ruil voor de unit heeft opgericht, is volgens Rolph van der Hoeven (Institute of Social Sciences) geen ideaal alternatief. ‘Het woord project impliceert alleen al dat er een einde aan komt.’ Van der Hoeven vraagt zich dan ook af of er andere ideeën zijn om een structurele dialoog vorm te geven. ‘Beleidscoherentie kost geld, tijd en energie’, zegt Engel. Daarom zou het ministerie hier ook ruimte in het budget voor moeten maken. Suzan Cornelissen (FMS) voegt daaraan toe dat niet alleen de woordvoerders van Buitenlandse Zaken op de hoogte moeten zijn van de implicaties van beleidskeuzes voor ontwikkelingslanden, maar dat alle collega’s hiervan op de hoogte moeten zijn. Dus ook de beleidsmakers van het handels- en klimaatbeleid. De rol van de politiek Beleidscoherentie organiseert zich dus niet uit zichzelf. Dat is ook geen wonder. ‘Coherentie gaat om keiharde economische belangen’, benadrukt Van Ojik, die in het debat de felheid mist. ‘Het lijkt een beetje een feel-good onderwerp te worden.’ Het moet volgens hem duidelijk zijn dat er in het coherentiedebat keiharde strategische keuzes moeten worden gemaakt. Want coherentie voor ontwikkeling gaat Nederland hoe dan ook iets kosten. En die strategische keuzes ontbreken nog totaal, ziet Van Ojik, ‘ook na 2,5 jaar Ploumen’. Volgens hem gaat beleidscoherentie en de controle van het maatschappelijk middenveld daarop nu nog te veel om het melden van incidenten. ‘Maar de minister moet een lijn uitzetten en ngo’s moeten haar bij de les houden.’ ‘Hoeveel ambtenaren van het Ministerie van Economische Zaken en Financiën zijn hier eigenlijk?’ vraagt Van Ojik. Twee voorzichtige handen gaan de lucht in. Er blijkt één ambtenaar van Economische Zaken en één van Financiën aanwezig te zijn. Van Ojik vindt dat we daarom het debat op de één of andere manier aantrekkelijk moeten maken, zodat ook andere ministeries en het bedrijfsleven gaan meepraten. ‘We moeten het debat niet verdoezelen.’ Zijn concrete aanbeveling: zorg er als sector voor dat je je verenigt achter één controversieel standpunt, en gooi dat de wereld in zodat je de aandacht trekt. Bijvoorbeeld door voor te stellen om alle brievenbusmaatschappijen op de Zuidas per direct te sluiten. ‘Iets wat politiek spannend is, waardoor het bedrijfsleven en de minister-president wel zullen schrikken.’  

Dangote wants to increase Nigeria’s self-reliance on food

Door Emmanuel Ndadozie | 30 november 2020

Nigeria relies largely on imported food to feed its population. Some years ago, the Nigerian multinational Dangote decided to change this situation. It started by purchasing six rice mills that will become operational in the next 18 months. Dangote Rice has started restructuring the rice farming sector tells Robert Coleman, Agricultural Director of Dangote’s rice business in Nigeria. ‘I believe agriculture is the future of Africa.’

Lees artikel

Minister Wiebes: woordvoerder van Shell of Nederlands Minister voor Economische Zaken en Klimaat?

Door Jurrian Veldhuizen | 25 november 2020

Inmiddels twee maanden geleden stelde Lammert van Raan van de Partij voor de Dieren 25 zeer kritische Kamervragen aan Minister Hoekstra van Financiën en Minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat over de twijfelachtige klimaatplannen van olie- en gasbedrijven. Minister Wiebes had lang de tijd nodig om antwoord te geven. Toen het uiteindelijk kwam, bleek de minister een uitstekende woordvoerder voor Shell en een kampioen in het ontwijken van vragen en daarmee verantwoordelijkheden, schrijft Jurrian Veldhuizen namens Building Change.

Lees artikel
UN Food Systems Summit 2021

Wie niet aan tafel mee mag praten, staat op het menu

Door Vice Versa | 24 november 2020

Oxfam Novib, Hivos, Both Ends en de AgriProFocus Food Security Policy Coalition pleiten voor duurzame en inclusieve voedselsystemen op de VN- wereldtop komend jaar. Tijdens de conferentie ‘Bold Actions for Food as a Source for Good’, op 23 en 24 November georganiseerd door de Wageningen Universiteit, het World Economic Forum en anderen, kan Minister Kaag aandringen op een ambitieuze Summit die harde afspraken maakt over de toekomst van ons voedsel.

Lees artikel