Monique van 't Hek_BobBronshoff
Plan Nederland

Afgelopen dinsdag vond in Londen de eerste Girl Summit plaats, georganiseerd door de Britse overheid in samenwerking met UNICEF. Belangrijkste onderwerpen op de top waren vrouwenbesnijdenis en het kindhuwelijk. Monique van ’t Hek, directeur van Plan Nederland vertelt over de top en hun strijd voor de rechten van meisjes wereldwijd. ‘Het gedachtegoed dat meisjes minder waard zijn, is de diepere oorzaak van de problemen.’ Op de top waren veel regeringleiders met name uit Afrika en Azië aanwezig. Maar ook Europese landen waren goed vertegenwoordigd. ‘Een geweldig initiatief met goede sprekers en erg indrukwekkend dat er zoveel hoge regeringleiders aanwezig waren’, aldus Van ’t Hek. Wat is er besloten tijdens de top en wat heeft het opgeleverd? ‘Het thema vrouwenbesnijdenis en kindhuwelijk wordt al heel serieus genomen, maar ik denk dat het nog serieuzer genomen moet gaan worden. Het Verenigd Koninkrijk gaf aan concrete stappen te willen zetten. Want iets als vrouwenbesnijdenis is niet alleen internationaal een probleem maar ook in het VK zelf wonen 130 duizend meisjes die zijn besneden. Dat is daar al strafbaar, maar nu is de wet aangescherpt. Ze gaan ouders aansprakelijk stellen, ook als meisjes besneden worden tijdens een vakantie in het land waar ze oorspronkelijk vandaan komen. Maar ze gaan ook leraren en ziekenhuispersoneel training geven om de signalen te zien. Politici uit Afrikaanse en Aziatische landen gaven aan wat ze al doen, en welke beleidsveranderingen er nodig zijn om het probleem aan te pakken. Maar er zijn bij mij wel wat twijfels of het probleem aan de basis echt wordt aangepakt. Fantastisch natuurlijk dat ze er allemaal waren, de slogan was ook ‘It’s everybody’s business’, het is een probleem van ons allemaal en dat kwam heel sterk naar voren. Maar ik weet niet zeker of al die plannen van Afrikaanse en Aziatische politici zoveel resultaat gaan opleveren. Het gedachtegoed moet ook door de gemeenschappen zelf gedragen worden.’ Wat Engeland nu aan concrete maatregelingen treft, zou dat in Nederland ook nodig zijn? ‘In Nederland is al wetgeving die ouders aansprakelijk stelt. In Nederland zijn nu ongeveer 30.000 besneden vrouwen en jaarlijks komen daar nog ongeveer 50 meisjes bij. Dat is veel minder dan in Engeland, maar het zijn er nog wel 30.000 teveel. Gelukkig doet Nederland zelf ook veel aan goede preventiemaatregelen. Een volgende stap is om in de preventie meer samen te werken met specialisten uit de landen zelf. Hier zouden ngo’s zoals wij een belangrijke rol in kunnen spelen. Wat werkt wel en niet in bepaalde culturen? Die informatie is waardevol om te gebruiken in de preventie richting gezinnen in Nederland. Nederland gaat er extra geld aan besteden in ontwikkelingslanden: 20 miljoen aan Unicef en ook Plan ontvangt voor diverse projecten op dit gebied miljoenen aan steun. Bijvoorbeeld voor ons Girl Power-project, dat we samen met vijf andere organisaties in tien landen in Afrika en Azië uitvoeren en dat er onder andere op gericht is om geweld tegen meisjes tegen te gaan en een gelijke positie in de samenleving te bevechten. Onlangs hebben wij financiering ontvangen voor projecten om kindhuwelijken en meisjesbesnijdenis tegen te gaan.’ Hoe ernstig is het probleem van gedwongen kindhuwelijken en wat is hier de oorzaak van? ‘In de hele wereld zijn nu volgens UNICEF 700 miljoen vrouwen die als kind zijn uitgehuwelijkt. Dat is heel erg veel. In Guinee, Niger en Mali wordt de helft van alle meisjes daardoor al moeder voor hun 18e jaar. Er zijn twee belangrijke oorzaken, de eerste is armoede en de tweede is traditie en cultuur. Er is sprake van genderongelijkheid waarbij meisjes als minder worden beschouwd dan jongens. Meisjes zijn een soort eigendom, die je kunt uithuwelijken, waarover je afspraken kunt maken. Die meisjes zijn te jong om daar tegenin te gaan.’ Educatie lijkt een belangrijke oplossing van het probleem, hoe pakken jullie dat aan? ‘Onderwijs maakt meisjes bewust van hun rechten en vergroot hun kans op het vinden van werk waarmee ze in hun eigen levensonderhoud kunnen voorzien. We werken er aan om onderwijsdrempels voor meisjes weg te nemen en zetten ons ervoor in om meisjes zo lang mogelijk op school te houden. We lichten ouders voor over het belang van onderwijs en overtuigen hen van het nut. We laten mannen en jongens inzien dat ook zij baat hebben bij gelijke kansen voor meisjes. En we geven meisjes seksuele voorlichting zodat ze niet zwanger raken en daardoor van school gaan. Plan organiseert ook kortlopend inhaalonderwijs, waarmee bijvoorbeeld  getrouwde meisjes in korte tijd hun diploma kunnen halen.’ Wat zijn  de gezondheidsrisico’s van vroeg zwanger worden? ‘Het kan de dood van moeder en kind tot gevolg hebben. Het lichaam van jonge meisjes is helemaal nog niet klaar om zwanger te zijn en kinderen te baren, vooral het bekken is nog niet volgroeid. Daardoor worden de baby’s vaak doodgeboren. Daarnaast is er een hoog risico op levenslange fysieke complicaties, zoals een fistel. De meisjes scheuren tijdens de zware bevalling van de vagina tot de anus helemaal uit en krijgen daarna problemen met het ophouden van urine, waardoor ze vaak verstoten worden uit de familie. De fysieke risico’s zijn enorm. Meisjes die tussen hun 10e en 14e een kind krijgen lopen vijf keer meer kans om te overlijden tijdens de bevalling. Daarnaast zijn zulke jonge meisjes nog helemaal niet klaar om moeder te worden, ook niet mentaal. Ze kunnen geen kind meer zijn. Ze worden van school gehaald, waarmee er een streep door hun toekomst gaat. Dat is ook afschuwelijk. Het is allemaal terug te brengen op genderongelijkheid, dat meisjes minder waard zijn dan jongens. In Afrika geeft vaak de familie van de jongen geld aan de familie van het meisje bij het uithuwelijken. In Azië is dat meestal andersom en gaat zo’n meisje ook wonen bij haar schoonfamilie. Het uithuwelijken van een dochter kan economisch aantrekkelijk zijn omdat er een persoon minder is om te voeden, te kleden en naar school te laten gaan en middels de bruidsschat kan het nog geld opleveren ook. De familie van het meisje wil daarom niet te veel in hen investeren, want ze raken haar toch kwijt omdat ze bij haar man of schoonfamilie gaat wonen. ‘ Is er ook een verhoogde kans op hiv/aids? ‘Ja, in Afrika hebben nog steeds veel mannen het bijgeloof dat je geneest van hiv als je met een maagd trouwt. Daarom willen mannen die al met hiv geïnfecteerd zijn extra graag met een jong meisje trouwen, daar betalen ze dan een bruidsschat voor aan de ouders. Hierdoor lopen die meisjes extra veel risico om geïnfecteerd te worden. Daarnaast lopen kindbruiden extra risico op huiselijk geweld door relatieproblemen, met alle gevolgen van dien.’ Helpen wetten tegen kindhuwelijken? ‘Zeker wel, maar een probleem is de handhaving van de wet. In India bijvoorbeeld is het kindhuwelijk verboden en is de bruidsschat verboden, maar toch komt het op grote schaal nog voor. Wet- en regelgeving is er vaak wel, maar het wordt niet genoeg gehandhaafd en uitgevoerd door een gebrek aan politieke inzet in die landen. Het is belangrijk dat die wetten er zijn, maar nog belangrijker is het dat ze uitgevoerd worden en mensen gestraft worden. Daarom trainen wij advocaten, rechters en politie, we maken mensen bewust van het bestaan van deze wetten en we werken samen met lokale en religieuze leiders uit de gemeenschappen om het waarom achter deze wetten uit te dragen.’ Hoe komt het dat wetten niet gehandhaafd worden? ‘Ik denk dat de praktijk te veel geworteld is in de traditie en cultuur. En zaken veranderen alleen als mensen dat zelf echt willen. Change has to come from within, mensen moeten willen veranderen. Maar dat gebeurt niet zomaar. Je ziet wel dat opgeleide vrouwen niet meer uitgehuwelijkt willen worden en niet besneden willen worden. Maar bij meisjes op het platteland die geen onderwijs gehad hebben is de sociale druk van cultuur nog groot. Onderwijs, opleiding en werk, dat zijn drie belangrijke dingen om die meisjes uit de geïsoleerdheid, de traditie, de naïviteit te krijgen. Ze moeten informatie krijgen, ook op scholen moet het besproken worden.’ Hoe ernstig is het probleem van vrouwenbesnijdenis en wat is de oorzaak? ‘In Mali, Sierra Leone, Nigeria, Eritrea, Somalië, Ethiopië, Soedan, Egypte en Guinee komt vrouwenbesnijdenis heel veel voor. Wereldwijd zijn 130 miljoen meisjes besneden. Bij de top werd ook gezegd dat als we niet snel actie ondernemen, zowel vrouwenbesnijdenis en het kindhuwelijk, erger wordt door de sterk stijgende wereldbevolking in arme landen. Mensen denken vaak dat het iets religieus is, van de Islam, maar dat is echt niet waar. Het gebeurt in moslimculturen, maar ook in andere culturen. Het is dus niet gerelateerd aan geloof maar aan de vrouwonvriendelijke cultuur. Het is iets traditioneels iets en het gaat, net als bij kindhuwelijken, om genderongelijkheid: de onderdrukking van de vrouw. Een idee erachter is dat een vrouw onrein is als ze niet besneden is, en dus geen man kan vinden en als een paria in de samenleving leeft.’ Helpen wetten tegen vrouwenbesnijdenis? ‘Natuurlijk helpen die, maar net als bij het kindhuwelijk worden ze te weinig gehandhaafd. Dus moeten mensen weten dat die wetten bestaan en waarom ze bestaan. En wetshandhavers moeten getraind worden. Overheden moeten meer de moeite nemen om aan te tonen het niet goed is. Ook grootmoeders spelen hier een cruciale rol in. Zij zijn het vaak die de meisjes laten besnijden, zij moeten overtuigd worden dat vrouwenbesnijdenis schadelijk is.’ Wat doet Plan aan deze problemen? ‘Plan Nederland is aangesloten bij Plan International, en we werken in vijftig ontwikkelingslanden. Een van onze grootste krachten is dat we in de communities werken met lokale medewerkers. Mensen die de cultuur en de tradities goed begrijpen en de taal spreken. Tegelijkertijd weten we dat je problemen niet alleen in de communities kunt oplossen. De wet- en regelgeving moet ook aangepast worden en je moet werken met lokale regeringleiders. We zijn groot genoeg om dat ook te kunnen doen en werken dus veel samen met leiders zoals stamhoofden en traditionele en religieuze leiders. Zij hebben een enorme invloed in de gemeenschap. Het is ook belangrijk om op nationaal niveau de wetgeving te beïnvloeden en op internationaal niveau samen te werken met andere organisaties die ook met dit probleem te maken hebben. We moeten het probleem op alle niveaus aanpakken, anders gaat het niet lukken. ‘It’s everybody’s business’, we moeten het met elkaar doen. Door samen te werken met lokale, traditionele leiders boeken we goede resultaten. Inmiddels zijn er dorpen en gebieden waar of geen kindhuwelijken of geen vrouwenbesnijdenis meer voorkomt. In Zambia zetten 178 van de  790 traditionele leiders zich actief in om kindhuwelijken in hun dorpen tegen te gaan. In Bangladesh zijn 149 dorpen kindhuwelijkvrij verklaard. We werken daar met groepen jongeren, die heten Wedding Busters. Als ze menen waar te nemen dat meisjes niet meer naar school komen en uitgehuwelijkt worden, gaan ze naar de familie toe om de ouders proberen te overtuigen om het niet te doen. Dat heeft absoluut resultaat. In een provincie in  Pakistan bestond nog een wet uit 1929 over het kindhuwelijk. Nu is er een nieuwe wet waarin het uithuwelijken van kinderen onder de 18 strafbaar wordt gesteld. Die lobby is nu uitgebreid naar andere provincies. We werken ook veel met groepen meisjes, clubs, om die meisjes bewust te maken van dingen die schadelijk voor hen zijn en dat ze recht hebben om naar school te gaan. Daarnaast betrekken we jongens en mannen bij de projecten omdat zij cruciaal zijn voor het slagen van projecten rondom gendergelijkheid. Op de top van dinsdag was ook een groep Youth for Change, van 22 internationale jongeren met een geweldige presentatie hoe zij er tegenaan kijken. Je moet met de jongeren zelf werken, want die dreigen het slachtoffer te worden of zijn het al. En natuurlijk de ouders en leerkrachten.’ Hoe ga je om met culturele gevoeligheden? ‘Dat is niet gemakkelijk, maar we werken als Plan International alleen maar met lokale mensen uit de regio. Mensen die er helemaal in geloven dat het niet goed is. Omdat ze er vandaan komen en het er niet mee eens zijn dat dit soort praktijken gebeuren, hebben ze invloed. Dat is heel belangrijk: niet wij witneuzen gaan het daar vertellen, maar de verandering komt van binnenuit. Er moet wel een flinke zet gegeven worden. Er is nog veel te veel slechte informatie, onwetendheid en bijgeloof. We werken op thema’s die te maken hebben met het schenden van de rechten van de mens. Al deze landen hebben het verdrag ondertekend. Dat overstijgt iedere cultuur.’ Is er genoeg aandacht in de internationale donorgemeenschap voor deze problemen? ‘Er is zeker wel aandacht voor, en die is de afgelopen jaren ook toegenomen. Nederland en het VK hebben er het meest uitgesproken beleid op. Het VK heeft nu dezelfde stap als Nederland  gezet door ook de ouders strafbaar te stellen.  Cameron sprak ook op de top en vertelde dit verhaal met zoveel passie, dat was echt ongelofelijk. In Nederland valt dit onder vrouwenrechten en seksuele rechten en daaronder wordt heel specifiek het kindhuwelijk en vrouwenbesnijdenis genoemd door minister Ploumen. Ons ministerie ondersteunt diverse projecten van ons en andere ngo’s op het gebied van genderongelijkheid, en kindhuwelijken en besnijdenissen specifiek.’ Het uitroeien van vrouwenbesnijdenis en kindhuwelijken binnen één generatie: is dat haalbaar?  ‘Ik wil dat heel graag geloven en in theorie moet het absoluut kunnen. Maar ik ben ook sceptisch, want als ik naar Europa en Nederland kijk denk ik: we hebben er twintig eeuwen over gedaan om vrouwen handelingsbekwaam te maken. Het was pas in 1967 dat vrouwen in Nederland zelf mochten beslissen over hun geld zonder toestemming van hun man. Het moet kunnen, maar dan moeten we met z’n allen al die afgelegen dorpen en gebieden bereiken en daar een slag maken juist ook met die jongeren. Daar is ook financiering voor nodig. Genderongelijkheid is zo’n groot probleem. Als je kijkt naar educatie, gaat het op de basisschool vrij goed, want er gaan wereldwijd steeds meer kinderen naar de basisschool. Maar als het gaat om de middelbare school, dan haken zoveel meisjes af. Dat is heel onrechtvaardig. Vandaar dat het zo noodzakelijk is een bijzondere focus op meisjes te hebben.’

‘Beloon koplopers en reken af met freeriders’

Door Lennaert Rooijakkers | 02 juni 2020

Minister Kaag van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking wil na de zomer een nieuw beleid rond Internationaal Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen vormgeven. Wat is er de afgelopen jaren bereikt, hoe staat Nederland ervoor, en wat zijn de uitdagingen? Vandaag deel een van een tweeluik: met vrijblijvende convenanten hebben Nederlandse bedrijven nog een flinke slag te maken.

Lees artikel

Wacht nou eens op de hulpvraag!

Door Anika Altaf | 29 mei 2020

Bij deze COVID-19 crisis initiëren ontwikkelingsorganisaties allerlei acties in tientallen landen in Azië en Afrika. Maar sluiten die wel aan op waar mensen behoefte aan hebben en zijn deze wel kosteneffectief? Anika Altaf en Betteke de Gaay Fortman pleiten ervoor om niet in oude reflexen terug te vallen, maar nauwgezet uit te zoeken wat de hulpvraag is en goed te luisteren naar de mensen om wie het gaat.

Lees artikel

Corona steun via particuliere initiatieven

Door Marc Broere | 28 mei 2020

Niet alleen grote organisaties zijn actief met het geven van noodhulp tijdens de coronacrisis. Wilde Ganzen is een speciaal corona fonds gestart voor Nederlandse particuliere initiatieven en hun lokale partners. Zij zitten vaak in haarvaten van de samenleving en kunnen de meest gemarginaliseerde groepen bereiken.

Lees artikel