Door:
Daphne Damiaans

27 maart 2014

fafaso stove shopDe promotie van efficiëntere houtfornuizen, Improved Cooking Stoves (ICS), in Burkina Faso heeft minder resultaat dan vooraf gehoopt. Dat blijkt uit een impactevaluatie van de IOB, de inspectiedienst van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

Uit het rapport van de IOB blijkt dat de fornuizen weliswaar in steeds meer huishoudens en fabrieken in Burkina Faso te vinden zijn, maar dat deze lang niet altijd gebruikt worden en minder energiebesparend zijn dan gehoopt werd. De opstellers van het rapport zijn echter positief: ‘Voor de gebruikers betekenen de fornuizen een enorme stijging in comfort en hygiëne; met dezelfde hoeveelheid hout hebben ze nu bijvoorbeeld de hele dag warm water.’

Hout en houtskool (met een ander woord: biomassa) zijn nog altijd de belangrijkste energiebronnen van Burkina Faso en de meeste andere landen in het Afrika onder de Sahara. Wereldwijd zijn ongeveer 2,5 miljard mensen afhankelijk van biomassa om op te koken. In Burkina Faso vormt het 83% van alle gebruikte energie, waarbij voor koken zelfs 90,7% van de huishoudens brandhout gebruikt. Daarnaast wordt door 3,8% van de gezinnen houtskool gebruikt om op te koken en door een kleine 5% vloeibaar gas. Op elektriciteit wordt vrijwel nooit gekookt. Dit betekent dat er door de aanhoudende bevolkingsgroei een steeds grotere druk op de houtreserves van het land komt te liggen.  Ook vormen de houtkachels een groot gezondheidsrisico: wereldwijd sterven jaarlijks 3,5 miljoen mensen aan de gevolgen van het inademen van rook tijdens het koken.

Meer aandacht gekregen

Het ICS-programma Foyers Améliorés au Burkina Faso (FAFASO) werd in 2005 opgezet door de Nederlands-Duitse samenwerking EnDev (Energising Development). Tussen 2006 en 2013 werd 2,8 miljoen euro in het project geïnvesteerd.  De nieuwe generatie houtkachels heeft de laatste jaren weer meer aandacht gekregen, omdat ze tegen lage kosten de luchtkwaliteit in huis kunnen verbeteren, broeikasgas helpen terugdringen, de hoeveelheid werk voor vrouwen verminderen en de energie-uitgaven van arme gezinnen reduceren.

Er is daarnaast nog een groter belang voor de Nederlandse regering, vertelt Willem Cornelissen, als senior onderzoeker aan de Erasmus Universiteit betrokken bij het project: ‘Het ICS-project heeft een groot politiek aspect: als je wilt dat er naar je geluisterd wordt, moet je zelf actief zijn in de sector. Nederland wil dat internationale organisaties en overheden hun energiebeleid aanpassen, in de richting van hernieuwbare energie. Door aan dit soort projecten deel te nemen, kunnen we een voortrekkersrol spelen.’

De lachende Roumdé

In tegenstelling tot eerdere ICS-projecten in Burkina Faso werd ditmaal geen directe subsidie verstrekt en werd de prijs van de fornuizen dus niet kunstmatig omlaag gebracht. In plaats daarvan bracht men de kachels onder de aandacht door advertentiecampagnes. Op de radio, met interactief toneel in dorpen, op lokale markten en via affiches werd de lokale bevolking gewezen op de nieuwe generatie fornuizen. Om de herkenbaarheid te vergroten werd een speciaal label met bijbehorend logo in het leven geroepen: Roumdé (‘de geprefereerde’, in de nationale taal More), een breeduit lachende rode kachel. De fornuizen zijn ontworpen in het land zelf, met een simpel design en robuuste uitstraling.

De vier verschillende modellen van de Roumdé kosten zo’n 2000 tot 3500 CFA-frank, omgerekend ongeveer 3 tot 5 euro. ‘Zo’n aankoop is een cash lay-out,’  verklaart Willem Cornelissen. ‘Geld dat je in één keer op de toonbank moet kunnen leggen. Het is een investering die de mensen in zo’n vier maanden terugverdienen. Omdat de cash lay-out als best veel geld wordt ervaren, zie je dat een echte Roumdé vooral gekocht wordt om cadeau te geven. Het is een product waar waarde en prestige aan gehecht wordt.’ De overgang naar een houtfornuis is voor veel mensen een grote stap: traditioneel werd gekookt op de driestenen-vuurplaats, lokaal wordt gebruikgemaakt van houtskoolbranders en allesbranders. De nieuwe generatie houtfornuizen zorgen voor het juiste mengsel tussen brandstof (hout) en zuurstof, waarbij de vlam geconcentreerd is en een optimale temperatuur bereikt.

Om de resultaten van het project in kaart te brengen, werd onderzoek gedaan naar de Roumdé in de twee grootste steden van Burkina Faso: Ouagadougou en Bobo-Dioulasso. Hier woont met respectievelijk 1,6 en 0,5 miljoen inwoners zo’n 15% van de totale bevolking van het land. Een consortium van het Duitse Rheinisch-Westfällisches Institut für Wirtschaftsforschung (RWI) en de Rotterdamse Erasmus Universiteit interviewden in 2011 1473 huishoudens en in 2010 en 2012 in totaal 480 bierbrouwers. De onderzoekers peilden in hoeverre de Roumdé een kostenbesparing opleverde, wat het voor de gezondheid van de gebruikers betekende en of er tijd bespaard werd met de nieuwe generatie houtfornuizen.

Rebound-effect

Van de ondervraagde huishoudens in de twee steden had 9,6% een gecertificeerde ICS. In totaal werden tussen 2005 en 2009 ruim 107.000 nieuwe houtfornuizen verkocht, waarmee meer dan een half miljoen mensen bereikt werden. Deze huishoudens bespaarden gemiddeld 3,5 kilo brandhout of 1,9 kilo houtskool (10 tot 30 procent) per week met hun ICS. Niet alleen is dit minder dan vooraf ingeschat, ook wordt dit effect regelmatig teniet gedaan door het zogenaamde ‘rebound-effect’: de eigenaren van een Roumdé passen hun kookgedrag aan het nieuwe fornuis aan. Ze koken bijvoorbeeld vaker en zorgen ervoor dat ze de hele dag warm water hebben.

Ook de kostenbesparing blijkt tegen te vallen: waar aan het begin van het project gehoopt werd op een besparing van € 5 per maand, blijkt dit nu slechts € 1,42 te zijn. Dit betekent dat gezinnen gemiddeld 1 a 2 procent minder aan energie uitgeven, een bedrag dat onvoldoende is om ruimte te maken voor zaken als scholing of medische zorg.  In tijd levert de Roumdé een besparing van 7 tot 18 minuten per dag op. Opvallend is dat slechts 88% van de huishoudens met een nieuw fornuis deze ook werkelijk gebruikt – van deze huishoudens heeft daarnaast bijna de helft ook nog een ander fornuis in gebruik.

De bierbrouwerijen in Burkina Faso zijn verantwoordelijk voor minimaal 20% van het verbruikte hout in de twee grootste steden, waar zo’n 3500 ambachtelijke brouwerijen te vinden zijn. Hiervan heeft op dit moment in Ouagadougou 49% een ICS, in Bobo-Dioulasso is dit 54%. Deze bierbrouwers, vrijwel uitsluitend vrouwen, brouwen over het algemeen twee keer per week, telkens 120 liter dolo. De bierbrouwerijen die zijn overgestapt op een ICS besparen minder dan vooraf verwacht: zo’n 42 kilo brandhout (36 a 38%) per week. De efficiëntie van de Roumdés wordt ondermijnd door het traditionele brouwproces, waar de vrouwen aan vast houden: door te grote houtblokken in het fornuis te stoppen wordt niet alleen de deur beschadigd, maar raakt ook de ketel oververhit. Ook de mogelijke tijdsbesparing gaat verloren, want net als voorheen wordt de kachel gedurende het hele brouwproces gevoed met nieuwe houtblokken.

Imitaties

FAFASO breidt sinds 2012 zijn activiteiten uit naar de rand van de stad en het platteland, in een poging een groter deel van de bevolking te bereiken. Het lijkt er op dat er nog altijd vraag is naar betere houtfornuizen, maar dat hiervoor ook regelmatig wordt uitgeweken naar goedkope alternatieven. Deze zijn voor de consument slecht te onderscheiden van het origineel, ook omdat de verkooppunten reclame maken met het bekende Roumdé-logo. De kachels zijn echter niet zo energiezuinig als het origineel. Volgens Cornelissen zijn de imitaties geen wezenlijk probleem, aangezien de originele Roumdés met een kwaliteitscertificaat komen. Cornelissen: ‘De klant is vrij om te bepalen of ze een product met of zonder zo’n keurmerk willen – en kunnen – kopen. Hoe dan ook zijn zelfs de imitaties al een stuk beter zijn en, zij het in mindere mate, dragen ook deze bij aan de besparing op het gebruik van brandhout.’

De lagere resultaten en concurrentie van imitaties roepen de vraag op of het ICS-project in Burkina Faso wellicht enigszins tegenvalt. Cornelissen blijft echter optimistisch: ‘ICS worden internationaal gezien als een significante bijdrage aan de beperking van ontbossing. Onze studie toont aan dat die bijdrage er wel is, maar minder dan verwacht. Tegelijkertijd zijn de investeringskosten echter heel laag, is het comfort voor huishoudens toegenomen, de markt gediversifieerd en het bewustzijn toegenomen. ’

Opinie: ‘Brief minister Kaag over maatschappelijk middenveld: analytisch zwak en weinig ambitieus’

Door Fons van der Velden | 09 juli 2019

Het is een groot goed dat de Nederlandse overheid zoveel fondsen ter beschikking stelt voor de versterking van maatschappelijke organisaties en maatschappelijk middenveld, schrijft Fons van der Velden in deze opiniebijdrage naar aanleiding van de kamerbrief van minister Kaag. Maar hij vindt de brief analytisch zwak en van weinig ambitie getuigen. Wat had beter gekund?

Lees artikel

Tip 3 aan Kaag: ‘Lever in op je privilege en geef zuidelijke organisaties meer inspraak bij het bepalen van prioriteiten’

Door Lizan Nijkrake | 08 juli 2019

Minister Kaag werkt hard aan een nieuw subsidiekader voor het maatschappelijk middenveld. Ze wil meer eigenaarschap geven aan zuidelijke ngo’s om hen meer legitimiteit te geven, en ziet daarbij een andere rol voor Nederlandse organisaties. Vice Versa vroeg vier zuidelijke organisaties hoe zij dit zien. Wat is hun gouden tip voor onze minister? Met vandaag Carla López Cabrera, directeur van Fondo Centroamericano de Mujeres (FCAM) in Nicaragua, een feministisch fonds dat lokale vrouwenrechtenbewegingen in Centraal Amerika steunt.

Lees artikel

Shifting fundamental power issues in funding relationships

Door Evelijne Bruning Ruerd Ruben en Lau Schulpen | 02 juli 2019

This article claims that the current aid architecture favours clientilism, dependency and short-term projects. The authors Evelijne Bruning (The Hunger Project) Ruerd Ruben (Wageningen University & Research) and Lau Schulpen (Radboud University Nijmegen) are suggesting four possible ways to overcome this in order to shift power closer to the ground.

Lees artikel