Foto SiebeVanuit zijn persoonlijke ervaring beschrijft Siebe Anbeek, storyteller van Hivos, hoe het komt dat de stereotypen van Afrika maar niet verdwijnen. Over het beeld dat van hen bestaat hebben Afrikanen zelf niets te vertellen, zegt hij. Voor het Reframing the Message project is het daarom nodig niet alleen meer gedifferentieerde verhalen te vertellen, maar vooral om deze  verhalen en beelden door de mensen zelf te laten maken. Anbeek: ‘Het is  tijd om Afrikanen hun ziel terug te geven.’

 

 

Het was onze gids Seydou die mij leerde dat sommige mensen bang zijn voor camera’s. Mijn vrienden en ik waren op reis door Mali aangekomen in Djenné; het dorpje rondom de bekende kleimoskee. Het was marktdag. Langs kraampjes met apenschedels en kolanoten liepen drommen mensen met grote rieten hoeden en kleurige gewaden. ‘Zij denken dat jullie hun zielen komen stelen’, zei Seydou met een ongemakkelijke lach. ‘Je kunt dus niet iedereen fotograferen.’ Hij leek zich te schamen voor zijn landgenoten.

Ik deed de angst van de dorpelingen af als bijgeloof en schoot mijn plaatjes stiekem uit de heup, als een cowboy met zijn revolver. Ik richtte op mensen, koos een kader, drukte af en legde hen vast. De camera is net een wapen, maar: “guns don’t kill, people do”. Het oog van de fotograaf kiest. De beelden die ik maakte in Djenné zeggen dus minstens zoveel over mij als over de mensen die erop staan. De dorpelingen spraken tot mijn verbeelding, maar hadden er zelf niets over te zeggen.

De koloniale bibliotheek

Wat op die dag gold voor de inwoners van Djenné, geldt al eeuwenlang voor vrijwel alle Afrikanen. Over het beeld dat van hen bestaat, hebben ze praktisch niets te vertellen. Volgens de Congolese filosoof Valentin Mudimbe is Afrika een plaats die vooral betekenis kreeg in het westerse denken. Afrika werd volgens hem als het ware ‘uitgevonden’ door Europeanen. Het geheel van kennis over Afrika dat door ons werd geproduceerd noemt hij ‘de koloniale bibliotheek’. Deze bibliotheek is zo groot en machtig dat alle kennis over Afrika er nog steeds een beroep op lijkt te doen.

Het vullen van deze koloniale bibliotheek begon met schilderijen, tekeningen en verhalen. Die vormden een afspiegeling van de ideeën over Afrikanen uit die tijd. Zij werden verbeeld met speren, rond kookpotten, in dierenvellen. De uitvinding van de camera veranderde alles, en niets tegelijkertijd. Enerzijds groeide de bibliotheek harder: een foto is sneller gemaakt dan een schilderij. Anderzijds baseerden de fotografen uit die tijd zich op wat in de bibliotheek voorhanden was. Hun blik werd gestuurd door wat zij al wisten. Zo kon het gebeuren dat, ondanks dat de productie van beelden steeds versnelde (later ook door televisie en internet), de stereotypen stand hielden. Ze zijn zo sterk dat we ze niet eens meer zien. Zo’n zin over kolanoten en apenschedels valt nauwelijks op.

Bezet gebied

In de schaamte van Seydou herkennen wij onze eigen manier van denken. En de macht ervan: ook hij leent uit onze bibliotheek. Maar hij had zich niet hoeven schamen, want zijn landgenoten hebben gelijk. Afrika’s ziel wordt keer op keer gejat, zijn imago is bezet gebied. En een jaar of vijftig geleden, kwam er een belangrijke bezetter bij: de ontwikkelingssector.

Toegegeven: de ontwikkelingssector doet het niet zo slecht als SBS 6. Groeten uit de Rimboe werd u niet aangeboden door Oxfam Novib. We snappen inmiddels waarom het beter is om geen trommels, plaggenhutten en dierenvellen op onze posters te zetten. Wel zijn we er voor verantwoordelijk dat onze kennis over Afrika is voorzien van een aantal nieuwe kernwoorden. Want in onze communicatie is Afrika vooral arm, gewelddadig en ziek. Het Reframing the Message debat doet een poging om dit te veranderen.

Reframing the message

Het werkt niet om Afrikanen vanaf nu ‘krachtig’ te noemen. Janneke Juffermans legt in een eerdere bijdrage aan dit debat uit waarom. “Kracht laat zich alleen zien als je iets hebt om te tillen”, schrijft zij. Het eenzijdige beeld blijft dus overeind. Terecht pleit zij daarom voor meer gedifferentieerde en veelzijdige verhalen over Afrika. Maar volgens mij moeten wij nog een stap verder gaan. De beeldvorming over Afrika is niet alleen eenzijdig wat betreft inhoud, maar ook wat betreft productie. Mudimbe’s bibliotheek wordt nog steeds vooral door westerlingen gevuld. Door onze kranten en televisiezenders, door onze boeken en films, maar ook door ons: ontwikkelingsorganisaties.

In dit debat gedragen wij ons als een cameraman die niet langer tevreden is over zijn foto’s: we zijn op zoek naar nieuwe kaders. Reframing the message. Maar de foto’s zijn niet het probleem: het is de fotograaf. Zo lang we weigeren om onze camera’s af te geven, verandert er te weinig. Geef uw camera daarom eens aan een ander. Bijvoorbeeld door communicatiemensen aan te nemen op regiokantoren, door een journalist ter plaatse te vragen om verslag te doen van een project, of door die lokale fotograaf eens zonder briefing op pad te sturen. Het is tijd om Afrikanen hun ziel terug te geven.

De erfenis van vier bevlogen vrouwelijke ministers

Door Paul Hoebink | 07 juli 2020

Vier vrouwelijke ministers van Ontwikkelingssamenwerking sloegen eind vorige eeuw de handen ineen met de ‘Utstein-4’. De Nederlandse Eveline Herfkens was een van hen. Wat hebben zij samen bereikt? Herfkens’ long time partner in life and work poogt in zijn nieuwste boek de balans op te maken, maar raakt verstrikt in de feiten.

Lees artikel

‘Opgeven is erger dan verliezen’

Door Marc Broere | 29 juni 2020

Carolyne Ndalilah, directeur van de spraakmakende Keniaanse jongerenorganisatie TYSA, helpt jongeren zichzelf én de uitdagingen van hun gemeenschap te leren kennen. ‘Wat onze samenleving nodig heeft, zijn jongeren die voorbij de dag van morgen denken; die het als een uitdaging zien het onmogelijke uit te proberen.’

Lees artikel

In coronatijd schiet de noodhulpsector terug in oude reflexen

Door Sarah Haaij | 18 juni 2020

Noodhulp moet effectiever en meer lokaal worden georganiseerd, sprak de internationale gemeenschap in 2016 af. Voortaan zou een kwart van het hulpgeld zo direct mogelijk naar lokale partners gaan. De kloof met de praktijk is ‘schokkend’: o,1 procent van het corona-noodhulpgeld gaat rechtstreeks naar lokale ngo’s, voor wie inspraak en toegang tot fondsen tijdens de pandemie nog moeilijker lijkt te worden.

Lees artikel