Door:
Fatumo Farrah

29 oktober 2013

Categorieën

Tags

fatumoDe tekenen waren hoopvol voor Somalië.  Maar afgelopen maanden overheerst weer het slechte nieuws, met als klap op de vuurpijl Tom Hanks’ nieuwe film ‘Captain Philips’ over heldhaftige Amerikanen en bloeddorstige piraten. ‘Het wordt nooit wat met Somalië’ lijkt wederom de gedachte te zijn. Maar Somalië is veel meer dan de krantenkoppen, laat Fatumo Farrah, directeur van de Somalische migrantenorganisatie HIRDA zien. Tom Hanks’ nieuwe film ‘Captain Philips’ gaat op 21 november in première. De film gaat over piraterij in Somalië. Het is een eendimensionale, slechte film. Alle clichés passeren de revue: heldhaftige Amerikanen, bloeddorstige piraten, afhankelijke Somalische vrouwen. Er is geen enkel oog voor de complexiteit in Somalië. Mij bekruipt me, mede hierdoor, een ‘terug naar af’ gevoel. Terwijl ik juist hoopvol was. De burgeroorlog is alweer anderhalf jaar geleden en veel Somaliërs in de diaspora keren terug naar Somalië om een bestaan op te bouwen. 16 september jongstleden was een ronduit belangrijke en hoopvolle dag voor Somalië. De internationale gemeenschap sprak toen op de conferentie ‘A New Deal for Somalia’ in Brussel ondubbelzinnig haar vertrouwen uit in de nieuwe Somalische regering. Het was een belangrijke doorbraak, want Somalië werd, voor het eerst sinds de oorlog 22 jaar geleden, als een legitieme staat erkend. Gezamenlijk beloofden de internationale gemeenschap en de Somalische regering de inwoners van mijn land uitzicht op vooruitgang. Veel geld (1,8 miljard euro) en kennis is toegezegd, veel nieuwe, goede plannen zijn gesmeed. De wereld leek weer vertrouwen te hebben in Somalië. Op 22 september was ik alweer een stuk somberder gestemd. De wereld keek toen met  afschuw naar Nairobi, waar terroristen met een Somalische achtergrond 72 mensen doodschoten. Het terrorisme was niet weg te denken uit de media. Dit in tegenstelling tot de doorbraak tijdens de conferentie in Brussel, wat nagenoeg geen aandacht heeft gekregen in de Nederlandse media. ‘Het wordt nooit wat’ Het gevolg van dit alles: de gedachte ‘Het wordt nooit wat met Somalië’ overheerst weer. Ander nieuws over Somalië de laatste weken helpt hier ook niet bij: de aanval van de Amerikaanse Navy Seals in Somalië, de immigranten die zijn omgekomen bij hun oversteek vanuit Afrika naar Italië, de arrestatie van een piraat op een Belgische luchthaven, de nog altijd doorgaande bomaanslagen van de terroristen in Somalië. Slecht nieuws overheerst. Ik constateer het en zeg tegelijkertijd tegen mezelf en tegen een ieder die het wil horen: Somalië is veel meer dan de krantenkoppen.. Er is genoeg reden tot hoop.  De kunst is nu niet ontmoedigd te raken door -bijvoorbeeld- de verschrikkelijke gebeurtenis in Nairobi. Dat zou precies zijn waar de terroristen op uit zijn. Zij zijn simpelweg niet gebaat bij een veilig en stabiele Hoorn van Afrika. Zij zijn niet uit op een welvarend land waar mannen en vrouwen in gelijkheid leven en waar ieder kan denken en zeggen wat hij of zij wil. Erkenning Als gezegd, de belangrijkste winst voor mij de afgelopen anderhalve maand is dat de internationale gemeenschap de nieuwe Somalische regering erkent. Dit is vooral belangrijk omdat mensen in Somalië overheidsdiensten nu zien als lege instituties en daar hebben ze gelijk in. Er moet vertrouwen komen in de politie, in de rechtbank, in de scholen en universiteiten, in de ministeries. Zonder vertrouwen krijgt de staat niets voor elkaar. Zodra er vertrouwen is, kan de overheid weer haar macht terug krijgen, weer functioneren en het land in de steigers zetten. Pas dan kan Somalië weer een legitieme staat zijn. Het goede aan de ‘New Deal’ is dat juist hier heel veel aandacht naar toe gaat. De staat moet worden opgebouwd, het bevoordelen van de eigen clan en religieuze groepen – iets wat diep verankerd zit in de Somalische cultuur – moet worden uitgebannen. Een ander belangrijk punt in de New Deal is ook de nadruk die wordt gelegd op ‘inclusiviteit’.  Inclusief betekent dat alle partijen meedoen. Regionale overheden, de gehele civil society, de universiteiten, mensen uit de diaspora: iedereen moet meedoen. Alleen gezamenlijk kunnen we Somalië opbouwen, is de overtuiging. Niet één partij krijgt alle macht en kan per decreet vertellen hoe het moet. Die inclusiviteit is belangrijk. Er is met vet onderstreept dat dit de visie is waarmee de duizelingwekkende uitdagingen te lijf worden gegaan. Hoopvol maar realistisch Mijn vraag is nu: wordt dit echt waargemaakt. Krijgt bijvoorbeeld de civil society echt inspraak. Wordt er geluisterd? Zal de overheid de civil society gaan zien als een mogelijkheid om kansen te benutten in plaats van als een bedreiging? Krijgen experts uit de diaspora echt de ruimte om hun kennis te delen, komen er denktanks met mensen van buiten de bekende kring die invloed krijgen? Ik ben hoopvol, maar ook realistisch. De geschiedenis leert dat de clan cultuur en de religieuze groeperingen heel dwingend zijn. De ruzies en haat onderling is groot, dat gaat niet zomaar weg. De terroristen zijn bijna verslagen maar nog altijd een groot gevaar. De woorden van de internationale gemeenschap en de Somalische regering moeten nu gestalte krijgen. De internationale gemeenschap zal Somalië niet nog een keer zo steunen zoals het nu heeft gedaan. Een stap verder: Als nu geen vooruitgang wordt geboekt zal Somalië misschien wel onder VN-bestuur komen, of wordt het land opgedeeld en ondergebracht bij buurlanden. Dit waren tenminste de geruchten die circuleerden in de Somalische gemeenschap, voor de  erkenning van de huidige Somalische staat en regering. Het is dus van groot belang dat de New Deal voor Somalië impact heeft. Het is nu of nooit voor de Somalische regering. Het is een dimensie aan het verhaal over Somalië dat je niet terugvindt in de film van Tom Hanks. Fatumo Farrah. Directeur van HIRDA, een Somalische migrantenorganisatie die armoede bestrijdt in Somalië. www.hirda.eu.        

Opinie: ‘Brief minister Kaag over maatschappelijk middenveld: analytisch zwak en weinig ambitieus’

Door Fons van der Velden | 09 juli 2019

Het is een groot goed dat de Nederlandse overheid zoveel fondsen ter beschikking stelt voor de versterking van maatschappelijke organisaties en maatschappelijk middenveld, schrijft Fons van der Velden in deze opiniebijdrage naar aanleiding van de kamerbrief van minister Kaag. Maar hij vindt de brief analytisch zwak en van weinig ambitie getuigen. Wat had beter gekund?

Lees artikel

Tip 3 aan Kaag: ‘Lever in op je privilege en geef zuidelijke organisaties meer inspraak bij het bepalen van prioriteiten’

Door Lizan Nijkrake | 08 juli 2019

Minister Kaag werkt hard aan een nieuw subsidiekader voor het maatschappelijk middenveld. Ze wil meer eigenaarschap geven aan zuidelijke ngo’s om hen meer legitimiteit te geven, en ziet daarbij een andere rol voor Nederlandse organisaties. Vice Versa vroeg vier zuidelijke organisaties hoe zij dit zien. Wat is hun gouden tip voor onze minister? Met vandaag Carla López Cabrera, directeur van Fondo Centroamericano de Mujeres (FCAM) in Nicaragua, een feministisch fonds dat lokale vrouwenrechtenbewegingen in Centraal Amerika steunt.

Lees artikel

Shifting fundamental power issues in funding relationships

Door Evelijne Bruning Ruerd Ruben en Lau Schulpen | 02 juli 2019

This article claims that the current aid architecture favours clientilism, dependency and short-term projects. The authors Evelijne Bruning (The Hunger Project) Ruerd Ruben (Wageningen University & Research) and Lau Schulpen (Radboud University Nijmegen) are suggesting four possible ways to overcome this in order to shift power closer to the ground.

Lees artikel