Skip to content

 

Door:
Sophie van der Meer

4 oktober 2013

Categorieën

tweede kamerGing het altijd maar zo gemakkelijk als tijdens het Algemeen Overleg over de Wereldbank, zal minister Ploumen wellicht gedacht hebben. Slechts vijf partijen (SP, VVD, PvdA, D66 en PVV) waren aanwezig om de Nederlandse inzet bij de jaarvergadering van de Wereldbank, die volgende week in Washington plaatsvindt, te bespreken. Het was een constructieve bijeenkomst, zonder grote discussiepunten tussen de Kamerleden en de minister. Aan de orde kwamen: de salarissen van de Wereldbank-top, mensenrechten, het internationale Bankwezen en Tom Jones.

What’s new, pussycat?’ Dit nummer van Tom Jones was de eerste gedachte die opkwam bij SP Kamerlid Eric Smaling toen hij de nieuwe strategie van de Wereldbank Groep las. Vanuit de Wereldbank wordt er ingezet op het beëindigen van extreme armoede en het bereiken van gedeelde welvaart. Hoewel Smaling hier natuurlijk niets op tegen heeft, vraagt hij zich af: ‘is dit nu echt nieuw?’ De strategie is nog vrijblijvend en erg algemeen, meende hij, ‘ik kan er geen soep van koken.’ Ook de VVD zag in de strategie wel een heldere visie, maar geen heldere invulling. Ploumen kon de vergelijking met Tom Jones wel waarderen, maar zag dit beleid eerder als een comeback: ‘het is hernieuwd’. De focus ligt op armoedebestrijding en welzijn, in plaats van op welvaart, wat de minister alleen maar kan toejuichen.

Volgens Ploumen gaat President van de Wereldbank groep Jim Yong Kim een stap verder dan zijn voorgangers, zowel qua proces –evidence based werken- als qua inhoud en samenwerking met partners. Zo is er duidelijke outreach vanuit de Wereldbank naar partners als de Verenigde Naties en de Europese Unie, maar ook bilateraal zoekt Kim zijn partners op. ‘Met het stellen van deze twee concrete doelen heeft het beleid van Kim op het gebied van inclusieve groei echt meer bite’, aldus Ploumen. Smaling was echter nog niet overtuigd, want ‘wat op papier staat, is nog niet gelijk aan de werkelijkheid.’ Geen onwaarheid, vond ook de minister. ‘The proof of the pudding is in the eating’, stelde zij. De minister verzekerde dat zij in lijn met haar brief, dan ook echt wel op de uiteindelijke invulling van de plannen van Kim zal gaan letten.

Afgezien van enkele vragen ter verduidelijking, kon de brief van Ploumen betreffende de Nederlandse inzet bij de jaarvergadering van de Wereldbank, rekenen op steun van de aanwezige partijen. Alleen PVV Kamerlid Van Klaveren was ontevreden over het beleid van de minister, maar dit was niet persoonlijk gericht, verzekerde hij de minister. De Wereldbank, of in de woorden van Van Klaveren “de Sinterklaasbank”, zou de PVV dan ook liever samen met ontwikkelingssamenwerking in zijn geheel zien verdwijnen.

Beloningsbeleid

Het beloningsbeleid van de Wereldbank werd door alle partijen aangestipt en bleek het enige punt te zijn waarop ook de PVV zich kon vinden in de mening van de andere aanwezigen: de minister moet haar uiterste best doen om de lonen van de Wereldbank-top zo veel mogelijk binnen de perken te houden, was de conclusie. Ploumen gaf aan hier al mee bezig te zijn en wel op drie manieren. Ten eerste, is het beloningsbeleid steeds een onderwerp van gesprek tijdens bilaterale bijeenkomsten over de Wereldbank, zo ook met Kim. Ten tweede, blijft Nederland samen met de gelijkgezinde landen dit onderwerp op de agenda zetten. Tot slot, zal de minister ook bij andere landen in bilaterale bijeenkomsten dit onderwerp aankaarten. De minister kijkt dan ook reikhalzend uit naar de salarisstudie, gefinancierd door Zweden en het Verenigd Koninkrijk, en de Kamerleden kijken verwachtingsvol met haar mee. Deze studie kan de discussie rondom het beloningsbeleid tijdens de Voorjaarsvergadering van de bank in 2014 extra kracht bijzetten. Maar ook tijdens de aankomende vergadering komt dit onderwerp absoluut aan de orde en de kamer zal hierover nog meer gaan horen, beloofde Ploumen.

Mensenrechten

De mensenrechtenschendingen bij projecten van de Wereldbank, die afgelopen zomer in een rapport van Human Rights Watch naar buiten zijn gekomen, waren een belangrijk onderwerp van gesprek. Zowel Sjoerd Sjoerdsma (D66) als Roelof van Laar (PvdA), riepen de minister op haar standpunt krachtig over te brengen in Washington. Van Laar pleitte voor mensenrechten-check van de Wereldbank programma’s, voorafgaand aan ieder Wereldbankprogramma. Ploumen stelt dat, hoewel dit voorstel internationaal op tegenstand zal stuiten, zij dit punt inderdaad expliciet aan de orde zal stellen in Washington.

‘Hebben grove schendingen van mensenrechten eigenlijk consequenties, zoals het afzien van schuldenverlichting?’ wilde Sjoerdsma weten, ‘hoe zit het bijvoorbeeld met de schuldverlichting aan Soedan?’ Hierop verklaarde de minister dat schuldverlichting wordt afgekondigd door de Club van Parijs. Deze groep hanteert zeer strenge regels en die eisen worden in Soedan waarschijnlijk niet bereikt. De beslissing tot kwijtschelding van schulden ligt dus niet bij de Wereldbank zelf legt Ploumen uit. Ook vraagt Sjoerdsma zich af of de waarborging van universele mensenrechten al opgenomen zijn in de safeguards van de Wereldbank en stelt voor dat als dit niet het geval is dit alsnog te doen. ‘Herziening van de safeguards is een moeizaam proces’, lichtte Ploumen toe. Maar ze verzekert de Kamer dat in Washington beide punten – de mensenrechten- en beloningsproblematiek – aan de orde zullen komen.

Ook in de Asian Development Bank speelt de problematiek rondom het vastleggen van eisen over mensenrechten. Binnen dit instituut is de invloed van Nederland vele malen kleiner dan in de Wereldbank, benadrukte de minister. Nederland werkt hier daarom veel samen met gelijkgezinde landen. Toch bleef de rol van Nederland binnen deze bank enigszins onduidelijk voor de aanwezige partijleden. Begrijpelijk, vond ook Ploumen, want de Asian Development Bank is niet eerder besproken. De minister zei daarom toe een brief te sturen over de gang van zaken binnen Asian Development Bank.

BRICS Bank

Hoewel het officieel geen agendapunt vormde, wilde de D66 toch graag van de minister weten wat haar ideeën waren over de oprichting van een ontwikkelingsbank door de BRICS-landen. ‘In hoeverre vormt de oprichting van een BRICS-bank een bedreiging voor Nederland? Moet de EU zich niet engageren en moeten we de dialoog over het herstructureren van de Wereldbank niet verder gaan voeren?’ Hierop verzekerde de minister dat zij de ontwikkelingen rond de oprichting van de BRICS-bank nauwlettend in de gaten houdt. Ook in bilaterale relaties is dit een onderwerp van gesprek, gaf Ploumen aan, met het oog op haar bezoek aan Brazilië volgende week. De minister wil van meet af aan bereidheid tot meedenken tonen. Bij de bijeenkomst van alle EU ministers op het gebied van ontwikkelingssamenwerking zal ze de BRICS-bank dan ook zeker ter sprake brengen. ‘Wellicht dat we als EU zelfs een gebaar kunnen maken naar de BRICS-landen toe.’

‘Maar zijn we nu niet veel te vriendelijk?’, vraagt Van Laar zich af. ‘Deze landen onttrekken zich aan de Wereldbank en kunnen zodoende bepaalde regels en voorwaarden omzeilen. Zo zit Nederland straks op de achterbank.’ Zo ver wil de minister het niet laten komen: ‘wanneer je engageert, kunt je ook gesprekspartner zijn.’ Ze beloofde de ontwikkelingen in de gaten te houden en het gesprek hierover, zowel binnen de EU als in bilaterale relaties, gaande te houden. Dit stemde de Kamerleden tevreden.

Vol vertrouwen

De tweede termijn vlogen de dankuitingen voor het constructieve debat over en weer tussen de Kamerleden en de minister. De meningen wat betreft Ploumen’s beleid over de Wereldbank liepen niet ver uiteen en de minister was goed in staat de vragen van Kamerleden te beantwoorden. Ook de voornemens en toezeggingen van de minister over beloningen, mensenrechten, de Asian Development Bank en de BRICS-bank vielen in goede aarde. Smaling kwam toch nog even terug op de inhoud van de nieuwe Wereldbank strategie en vroeg de minister de invulling hiervan nieuw leven in te blazen: ‘Tom Jones 2.0’, stelde hij voor. Een interessant concept, vond de minister, want ‘wat verandert er nu feitelijk on the ground?‘ willen we weten. Deze vraag neemt Ploumen mee naar Washington, waar zij verzekerd is van de steun van de Kamer voor haar aanpak.

Wat doet de corona-pandemie met de ontwikkelingssector?

Door Sarah Haaij | 31 maart 2020

Investeren in internettoegang, cursussen online aanbieden en digitaal collecteren – flexibiliteit en aanpassingsvermogen zitten in het DNA van de sector. Maar de angst voor een massale uitbraak in landen met een zwakke gezondheidszorg is groot. Vier ngo-directeuren vertellen over de impact van de crisis op hun werk.

Lees artikel

Corona in Afrika: ‘Als de lockdowns aanhouden, komen er hongersnoden’

Door Frank van Lierde | 30 maart 2020

Het Afrikaanse continent zet zich schrap voor corona. Veel landen kiezen meteen voor het zwaarste scenario: de lockdown. Wat moet er gebeuren om een ramp af te wenden? Wat kunnen ontwikkelingsorganisaties doen? Gesprek met Jos Dusseljee, de gezondheidsexpert van Cordaid. ‘Virussen die de wereld voor lange tijd kunnen bedreigen, moet je als wereldgemeenschap bestrijden, in elk land waar ze bestaan of uitbreken.’

Lees artikel

‘Er wordt hier met grote verbazing naar Nederland gekeken’

Door Marc Broere | 27 maart 2020

Voor Kees Blokland, directeur van Agriterra, heeft de coronacrisis grote impact. Hij is er op meerdere lagen bij betrokken: via zijn zoon die op de spoedeisende hulp van het Rijnstate ziekenhuis in Arnhem werkt, via zijn Spaanse echtgenote met wie hij momenteel in Valencia verblijft en via de gevolgen voor de projecten van Agriterra, dat samenwerkt met  boerencoöperaties in Afrika, Azië en Latijns-Amerika. Een persoonlijk relaas vanuit Spanje waar in sommige media de aanpak in Nederland in één adem genoemd wordt met ‘corona-ontkenners’ als Donald Trump en de Braziliaanse en Mexicaanse  presidenten Bolsonaro en López Obrador. En waar het de marsen op Internationale Vrouwendag (8 maart) waren die voor een explosie en verspreiding van het virus zorgden.

Lees artikel
Scroll To Top