Door:
Emma-Jane Tolenaar

5 februari 2013

Categorieën

Tags

top 100 ngo'sThe Global Journal heeft in haar januari-februari nummer een lijst met de honderd beste ngo’s voor 2013 samengesteld. Een lijst die dit jaar wordt aangevoerd door het Bengaalse BRAC, maar nog steeds wordt gedomineerd door Amerikaanse en Europese ngo’s.   ‘Een operationele, of belangen behartigende non-profitorganisatie die actief is op lokaal, nationaal of internationaal niveau,’ zo definieert The Global Journal non-gouvernementele organisaties. Deze ngo’s zijn onderverdeeld in 11 verschillende sectoren, te weten: educatie, ontwikkeling, humanitair, gezondheid, onderdak, vredesopbouw, mensenrechten, milieu, kinderen en jongeren, recht en gerechtigheid, en technologie. Deze tweede editie van de Top 100 ngo’s is samengesteld op basis van 3 criteria: impact, innovatie en duurzaamheid. Lijstaanvoerder BRAC scoort het hoogst op impact en duurzaamheid en staat vierde op het gebied van innovatie. De organisatie werd in de jaren ’70 opgericht met als doel het verstrekken van microkredieten. In de loop der jaren zijn deze werkzaamheden gediversifieerd en uitgebreid en is de organisatie uitgegroeid tot de grootste non-gouvernementele ontwikkelingsorganisatie ter wereld De tweede plaats is aan de Wikimedia Foundation toebedeeld, bekend van de website Wikipedia. De Amerikaanse organisatie is de nummer 1 op het gebied van innovatie en ook op het gebied van duurzaamheid en impact wist zij een plekje in de top 10 te bereiken. The Global Journal noemt de organisatie zelfs de meest invloedrijke non-gouvernementele actor op het gebied van educatie wereldwijd. De top 3 wordt afgesloten door het Amerikaanse Acumen Fund. Acumen Fund richt zich op leningen en equity based investeringen en is verantwoordelijk voor 82 miljoen dollar aan investeringen in 72 landen wereldwijd. Volgens The Global Journal worden de invloed en voorbeeldrol van de organisatie bevestigd door de ruim 200 impact investment organisaties die in navolging van deze ngo zijn opgericht. Het merendeel van de ngo’s is afkomstig uit de Verenigde Staten en Europa, maar ook Azië (13), het Midden-Oosten (3), Afrika (5) en Australië (3) zijn vertegenwoordigd. De hoogst geplaatste Afrikaanse ngo is het Tanzaniaanse APOPO (plaats 11). Deze organisatie traint ratten om landmijnen op te sporen. Op deze wijze heeft de organisatie alleen in Mozambique al 6 miljoen vierkante meter van mijnen weten te ontdoen. In de lijst is ook een viertal Nederlandse organisaties opgenomen. Op de 36e plaats staat Aflatoun, veertien plaatsen hoger dan vorig jaar. Deze organisatie biedt kinderen van 6-18 jaar sociaal en financieel onderwijs, gericht op duurzaam resultaat. Op de 60e plaats staat de eerste Nederlandse nieuwkomer: ZOA. Deze organisatie biedt hulp in gebieden die getroffen zijn door een natuurramp of gewapend conflict en helpt getroffen gemeenschappen in het herstellen van hun levensonderhoud en voedselveiligheid, geeft basisonderwijs en zet zich in voor schoon water, verbeterde hygiëne en sanitaire voorzieningen. De derde Nederlandse ngo is ook een nieuwkomer in de lijst en staat op de 72e plaats: Child & Youth Finance. Opgezet door de oprichter van Aflatoun hanteert deze organisatie het spin-in-het-web-model. Zo brengen zij internationale aandeelhouders, kinderrechtenorganisaties en academici bij elkaar om de financiële zekerheid en empowerment van kinderen en jongeren te vergroten. Het rijtje van Nederlandse vertegenwoordigers wordt afgesloten door Greenpeace International die met een 89e plaats ook nieuw in de lijst is. Greenpeace is een onafhankelijke internationale milieuorganisatie die milieuproblematiek aan de kaak stelt en oplossingen biedt voor een gezond en duurzaam evenwicht tussen mens en milieu. De lijst telt in totaal 33 nieuwkomers. De hoogste nieuwkomer is de Indiase Akshaya Patra Foundation op de 23e plaats. Het Akilah Institute for Women, Code for America, Skateistan en het Nederlandse Child & Youth Finance International worden door The Global Journal als meest veelbelovende nieuwkomers bestempeld. Het Keniaanse AMREF is de grootste stijger in de lijst. Zij stegen met 53 plaatsen naar de 28e plaats. De grootste daler is het Indiase PlanetRead, zij daalden met 48 plaatsen naar de 75e plaats. Opvallend is dat Oxfam International, na een derde plaats in 2012, nu helemaal van de lijst is verdwenen.

Opinie: ‘Brief minister Kaag over maatschappelijk middenveld: analytisch zwak en weinig ambitieus’

Door Fons van der Velden | 09 juli 2019

Het is een groot goed dat de Nederlandse overheid zoveel fondsen ter beschikking stelt voor de versterking van maatschappelijke organisaties en maatschappelijk middenveld, schrijft Fons van der Velden in deze opiniebijdrage naar aanleiding van de kamerbrief van minister Kaag. Maar hij vindt de brief analytisch zwak en van weinig ambitie getuigen. Wat had beter gekund?

Lees artikel

Tip 3 aan Kaag: ‘Lever in op je privilege en geef zuidelijke organisaties meer inspraak bij het bepalen van prioriteiten’

Door Lizan Nijkrake | 08 juli 2019

Minister Kaag werkt hard aan een nieuw subsidiekader voor het maatschappelijk middenveld. Ze wil meer eigenaarschap geven aan zuidelijke ngo’s om hen meer legitimiteit te geven, en ziet daarbij een andere rol voor Nederlandse organisaties. Vice Versa vroeg vier zuidelijke organisaties hoe zij dit zien. Wat is hun gouden tip voor onze minister? Met vandaag Carla López Cabrera, directeur van Fondo Centroamericano de Mujeres (FCAM) in Nicaragua, een feministisch fonds dat lokale vrouwenrechtenbewegingen in Centraal Amerika steunt.

Lees artikel

Shifting fundamental power issues in funding relationships

Door Evelijne Bruning Ruerd Ruben en Lau Schulpen | 02 juli 2019

This article claims that the current aid architecture favours clientilism, dependency and short-term projects. The authors Evelijne Bruning (The Hunger Project) Ruerd Ruben (Wageningen University & Research) and Lau Schulpen (Radboud University Nijmegen) are suggesting four possible ways to overcome this in order to shift power closer to the ground.

Lees artikel