In de aanloop naar de nieuwe verkiezingen heeft het merendeel van de partijen hun conceptverkiezingsprogramma’s klaar. In de komende weken krijgen de definitieve programma’s vorm. Een roerige tijd die Vice Versa kritisch volgt. Wat zijn de huidige politieke visies op ontwikkelingssamenwerking? Kort voor het zomerreces hebben veel politieke partijen hun visie op en plannen voor de toekomst van Nederland kenbaar gemaakt. Vice Versa presenteert een overzicht van de stand van zaken op het gebied van ontwikkelingssamenwerking (OS). Wat zijn de visies van de verschillende partijen op de toekomst van de sector? CDA: Modernisering  OS De christendemocraten staan voor modernisering van ontwikkelingssamenwerking. Het CDA streeft niet alleen naar een nieuw jasje, maar ook naar een meer moderne inhoud van OS. Daarom legt de partij de focus op een beperkt aantal partnerlanden en geeft hierbij de voorkeur aan fragiele staten en conflictgebieden. De samenwerking moet zich richten op economische ontwikkeling en zelfredzaamheid en op kwaliteit en effectiviteit boven kwantiteit. Ook wil het CDA de criteria voor Official Development Assistance (ODA) vernieuwen. In de zoektocht naar nieuwe financieringsbronnen en voor het succes van de moderne ontwikkelingsagenda benadrukt het CDA het belang van coalities met bedrijven, particuliere donoren, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties. De kracht van de laatstgenoemde schuilt volgens de partij in het stimuleren van maatschappelijk verantwoord en duurzaam ondernemen en mondiaal burgerschap. CDA noemt geen minimaal percentage van het bnp dat aan OS besteed moet worden en laat daarmee de 0,7 procentnorm los. ChristenUnie: Dienstbaar in de wereld Uitgangspunt voor de ChristenUnie is dat ontwikkelingssamenwerking werkt, als je het maar goed doet. Het kan een doeltreffend instrument zijn om acute noden, maar ook armoede, ziekten als HIV/Aids te verlichten, kinderen en vrouwen in een betere positie te brengen en ongelijkheid aan te pakken. We moeten dan wel lessen trekken uit ervaringen dat hulp niet altijd effectief was en geld niet altijd goed terecht kwam. Voorbeelden van geleerde lessen zijn om in beginsel geen begrotingssteun meer te geven en leningen in plaats van donaties te verstrekken aan zwakke overheden in fragiele staten. Ontwikkelingssamenwerking moet breder ingebed worden. Onze relaties met de ontvangende landen zijn, waar mogelijk op basis van gelijkwaardigheid, niet alleen gericht op armoedebestrijding, maar ook op rechtszekerheid en versterking van de economie. Ons land richt zich hierbij op thema’s waar het bij uitstek kan bijdragen: landbouw en voedselzekerheid, recht en veiligheid, milieu en water, onderwijs en goed bestuur. In landen waar de staat niet of nauwelijks functioneert, moet de aandacht gaan naar maatschappijopbouw. De ChristenUnie pleit voor één minister voor Ontwikkelingssamenwerking. Het budget voor ontwikkelingssamenwerking blijft tenminste 0,7 procent van het bnp en groeit geleidelijk weer naar 0,8 procent. Daar bovenop kunnen laagrentende leningen verstrekt worden. Het ontwikkelingssamenwerkingsbudget wordt meer verbonden met andere departementen die internationaal actief zijn en een substantieel deel wordt besteed aan klimaat- en milieudoelen. D66: Coherentie en maatwerk D66 wil dat Nederland het ontwikkelingsbudget handhaaft op 0,7% van het bnp. Daarbij moet gestreefd worden naar verhoogde effectiviteit. Bij de besteding dient meer nadruk te liggen op het stimuleren van zelfredzaamheid en maatwerk. Vrouwenrechten, reproductieve gezondheid en de emancipatie van Lesbians, Gays, Bisexuals and Transgenders (LGBT) blijven prioriteiten. Daarnaast vindt D66 dat de nieuw vast te stellen Nederlandse agenda voor ontwikkelingssamenwerking zich moet richten op goed bestuur, democratisering, corruptiebestrijding, natuur en milieu en ruimte voor innovatie en overdragen van kennis. Goed bestuur in fragiele staten met veel delfstoffen verdient meer aandacht. D66 reserveert een deel van het budget voor behoud van natuur en biodiversiteit. het is oneerlijk van armere landen te verwachten dat zij de afweging tussen natuurbescherming, onderwijs, ontwikkeling en gezondheidszorg volledig binnen hun eigen middelen maken. D66 wil daarnaast investeren in samenwerking en uitwisseling tussen kennisclusters uit Nederland en hun tegenhangers in ontwikkelingslanden, zoals universiteiten, onderzoekscentra, bedrijven en scholen. Multilaterale instellingen zoals de Verenigde Naties, Internationaal Monetair Fonds, Wereldbank en de Wereld handelsorganisatie moeten hervormd worden. D66 wil dat de Nederlandse inbreng wordt afgestemd in Europees verband om de effectiviteit te vergroten. De keuze is voor concentratie op een aantal landen, accenten op fragiele staten, meer onderlinge samenwerking en inkomstenspreiding door investeringen en samenwerking met het Nederlandse bedrijfsleven en steun van andere (institutionele) fondsen en donoren. Dit verstevigt de kernbegrippen die D66 voorstaat in haar visie op ontwikkelingssamenwerking: coherentie en maatwerk. D66 steunt de vermindering van het aantal te subsidiëren organisaties en wil de subsidieafhankelijkheid van NGO’s tegengaan. Van bedrijven die van het ontwikkelingsbudget profiteren verwachten wij maatschappelijk verantwoord ondernemerschap. GroenLinks: 0,8% en coherentie Voor GroenLinks is ontwikkelingssamenwerking van groot belang. Ze stelt dat ontwikkelingslanden de kredietcrisis niet hebben veroorzaakt, maar wel de grootste klappen ontvangen. De partij streeft naar meer geld voor OS: 0,8 procent van het bnp zou de minimale norm moeten zijn. De structurele klimaatsteun aan ontwikkelingslanden komt daar nog eens bovenop. Nederland moet bovendien druk uitoefenen op landen van de Europese Unie en andere rijke landen om minimaal 0,7 procent van het bnp aan OS te besteden. GroenLinks streeft naar een meer coherente benadering van ontwikkelingssamenwerking. De partij pleit voor één minister van Internationale Samenwerking die verantwoordelijk is voor Buitenlandse Zaken, Ontwikkelingssamenwerking, Handel en Defensie. Focusgebieden zijn kleine boeren, vrouwen, emancipatie van minderheden, seksuele reproductieve gezondheid en rechten en fragiele staten. Op het gebied van internationale samenwerking streeft de partij naar betere coördinatie binnen Nederland, maar ook daarbuiten. Er zou een bundeling moeten zijn van Europese expertise en middelen zoals een internationaal platform voor groene technologie. Binnen dit kader acht de partij het van groot belang dat ontwikkelingslanden een eerlijke kans op ontwikkeling krijgen door ongunstig Nederlands en Europees beleid op het gebied van landbouwsubsidies, belasting, handel en klimaat af te schaffen. PvdA: Ontwikkelingshulp is en blijft essentieel. De PvdA stelt dat er veel is bereikt met ontwikkelingssamenwerking. Miljoenen mensen hebben, mede dankzij de gulle hand van Nederlanders en particuliere initiatieven, toegang gekregen tot onderwijs, gezondheidszorg, schoon drinkwater en sanitaire voorzieningen. Wil ontwikkelingssamenwerking effectief blijven, moet het gekoppeld worden aan een sterke en eerlijke wereldeconomie, respect voor mensenrechten, democratie en internationaal recht en vrede en veiligheid. Daarom pleit de PvdA voor een nieuwe vorm van internationale samenwerking. Het goede van ontwikkelingssamenwerking moet behouden blijven en vernieuwing in de wereld van ontwikkelingshulp moet doorgezet worden. Nederland moet zich houden aan de afspraak om 0,7% van het bnp aan OS te besteden. Doel is zelfredzaamheid door te investeren in beleidsterreinen waarop Nederland ervaring heeft: recht en veiligheid, landbouw en voedselzekerheid, water en basisgezondheidszorg, waaronder het terugdringen van moeder- en kindersterfte. De PvdA wil  de kracht en betrokkenheid van de Nederlandse samenleving ten volle benutten door particuliere initiatieven professioneel te ondersteunen. Het maatschappelijk middenveld levert een forse bijdrage aan waardevolle projecten. Zij hebben in tientallen jaren kennis en ervaring van onschatbare waarde opgebouwd, die behouden moet blijven. Daarnaast moet het bedrijfsleven ook de kans krijgen in te tekenen voor subsidies, zodat er gezonde concurrentie ontstaat tussen goede ideeën, uiteenlopende benaderingen en innovatieve projecten. Ontwikkelingssamenwerking moet transparanter door open data, zodat iedereen kan zien waar het geld naar toe gaat en welke resultaten geboekt worden. Er moet een internationaal kwaliteitskeurmerk komen dat professionalisering en kwaliteitsverbetering aanmoedigt. Een minister voor internationale samenwerking zou dit beleid tot uitvoer moeten brengen. SP: Vrede en veiligheid De SP wil het percentage van 0,7 procent van het bnp als budget voor ontwikkelingssamenwerking handhaven. Volgens het concept verkiezingsprogramma is dat een zaak van beschaving en solidariteit. De uitvoering van ontwikkelingssamenwerking moet echter ingrijpend verbeterd worden en verspilling voorkomen worden. Nederland is geen eiland en Europa is geen fort. Internationale solidariteit dient de basis te zijn van het buitenlands beleid. Volgens de SP moeten we de internationale rechtsorde bevorderen, in het belang van vrede en veiligheid en welvaart en welzijn van alle wereldburgers. Vrede en veiligheid hebben de beste kansen in een duurzame en eerlijke mondiale samenleving. De SP zet in op een eerlijker belastingstelsel en eerlijkere handel. Hoe meer kans we arme landen geven om zich te versterken, hoe minder permanente transfers er nodig zijn van rijk naar arm. Het nakomen van de internationaal overeengekomen millenniumdoelen is een hoge verplichting van de hele wereld en mag niet afhankelijk gemaakt worden van tijdelijke economische tegenwind. VVD: 70% minder naar OS Afgelopen week heeft het al veel stof op doen waaien: de VVD stelde voor het budget voor OS van 4,4 miljard terug te brengen tot 1,4 miljard euro. De bijdrage aan multilaterale organisaties kan drastisch worden teruggebracht en de bijdrage aan maatschappelijke organisaties kan helemaal komen te vervallen, aldus de VVD. Bij ontwikkelingshulp moet belastinggeld veel beter worden besteed. De VVD wil dat de effecten van ontwikkeling centraal staan, niet de bedoelingen. We moeten niet alles willen doen, maar vooral doen wat we goed kunnen: werken aan de rechtsstaat en veiligheid, en bedrijvigheid via water en landbouw. Zo behartigen we tegelijk ons nationaal belang en versterken de economische ruggengraat in het hulpbehoevende land. De VVD wil de ruggengraat van een samenleving (bedrijfsleven, economische ontwikkeling) bevorderen. Zo kan zich een systeem ontwikkelen waarin men zelf uit belastingopbrengsten zaken als zorg en onderwijs kan financieren. Alleen als de overheid financieel afhankelijk is van haar burgers, is er de noodzaak die burgers iets te zeggen te geven en te respecteren. Dus is dit ook de enige weg naar democratie.   Het concept verkiezingsprogramma van de PVV is nog niet beschikbaar.

Hoe de ziel uit de ngo-sector verdwijnt

Door Marc Broere | 13 november 2019

Ze behoren tot de pioniers en innovators van de milieubeweging en ontwikkelingssamenwerking in Nederland en vormden decennialang een spraakmakend duo. Hoewel ze volop genieten van hun pensioen, luiden Ron van Huizen en Hans Guijt de noodklok over een ontwikkeling die hen zorgen baart: raden van toezicht die ontwikkelingsorganisaties willen laten besturen alsof het bedrijven zijn. ‘Stop met de idiote doelstelling dat je altijd moet groeien.’

Lees artikel

Deugen de meeste mensen nu wel of niet?

Door Hans Beerends | 31 oktober 2019

Historicus Rutger Bregman stelt in zijn nieuwe boek dat de meeste mensen deugen, verwijzend naar de prehistorie. Daar staat volgens Hans Beerends tegenover dat veel deugende mensen zich ook gemakkelijk laten misleiden.

Lees artikel

Het Raadsel van de ander

Door Vice Versa | 08 oktober 2019

In de nieuwe Vice Versa die komend weekend verschijnt staat ‘de ander’ centraal en zoeken we naar een nieuw, progressief narratief. Angst voor de ander kun je alleen bestrijden met menselijke verhalen, schrijven Ayaan Abukar en Marc Broere.

Lees artikel