Door:
IPS Nieuws

16 maart 2012

Categorieën

Tags

IPS – Brazilië heeft zijn ontwikkelingssamenwerking de laatste zeven jaar verdrievoudigd. Het levert nu al hulp aan meer dan 65 landen. Analist Mauricio Santoro ziet politieke motieven achter de Braziliaanse donorstrategie.   Brazilië was traditioneel altijd een ontvanger van ontwikkelingshulp. Door nieuwe steun aan vijf Afrikaanse landen heeft het zijn status van donor bevestigd. Het Zuid-Amerikaanse land draagt 1,8 miljoen euro bij aan een VN-programma voor de plaatselijke aankoop van voedsel, bestemd voor boeren en kwetsbare bevolkingsgroepen in Ethiopië, Malawi, Mozambique, Niger en Senegal. Familiale landbouw Met het project exporteert Brazilië de expertise die het heeft opgebouwd met zijn eigen Voedselaankoopprogramma (PAA). Daarbij worden producten van kleine landbouwproducenten aangekocht en verspreid onder arme bevolkingsgroepen, onder meer via schoolmaaltijden. Het programma bestrijdt de honger en versterkt de lokale voedselmarkten. “Zo willen we andere regeringen een beleid voor de familiale landbouw helpen ontwikkelen. In Brazilië is familiale landbouw verantwoordelijk voor de productie van 60 procent van het voedsel dat in het land wordt geconsumeerd”, zegt Marco Farani, directeur van het Braziliaanse Agentschap voor Ontwikkelingssamenwerking (ABC). Het PAA is een van de pijlers onder het voedselprogramma Fome Zero (“Honger op nul”), dat door de vorige president, Luiz Inácio Lula da Silva, werd opgestart en door zijn opvolger, Dilma Rousseff, wordt voortgezet. Met Fome Zero en andere armoedeprogramma’s kon de Braziliaanse regering de ondervoeding in het land met een kwart verminderen en ongeveer 24 miljoen mensen uit de extreme armoede halen. FAO in Braziliaanse handen Het project voor de vijf Afrikaanse landen voorziet in samenwerking met de Voedsel- en Landbouworganisatie (FAO) en het Wereldvoedselprogramma (WFP) van de VN, onder meer bij de productie en levering van zaden en meststoffen en de organisatie van de aankoop en distributie van de voedingsproducten. De FAO wordt sinds januari geleid door een Braziliaan, José Graziano da Silva, destijds een van de stuwende krachten achter Fome Zero. In december had Graziano aangekondigd dat hij zijn expertise onder meer zou gebruiken om lokale productiecircuits te versterken, verspilling tegen te gaan en de kosten te verlagen. Meer dan 65 landen Brazilië, vandaag de zesde grootste economie ter wereld, zet sinds 2005 steeds meer in op ontwikkelingssamenwerking. In 2005 besteedde het daar nog 119 miljoen euro aan, in 2009 was dat al opgelopen tot 272 miljoen euro. Definitieve cijfers voor 2010 zijn er nog niet maar het Braziliaanse Agentschap voor Ontwikkelingssamenwerking schat dat er dan al 300 miljoen dollar naar andere landen is gegaan. “We zijn vandaag actief in meer dan 65 landen, terwijl we drie of vier jaar geleden alleen in Portugeessprekende landen in Afrika actief waren”, zegt Farani. Bijna de helft van de hulp gaat naar Latijns-Amerikaanse landen. Het gaat meestal om bilaterale samenwerking maar ook om projecten via de VN, zoals het nieuwe project met de vijf Afrikaanse landen. Brazilië behoort nu tot de tien grootste donoren van het Wereldvoedselprogramma. Het verschil “in onze invulling van Zuid-Zuidsamenwerking”, zegt de ABC-directeur, “is dat we geen gesloten modellen of oplossingen opleggen. We proberen de ervaring van de andere landen te gebruiken en onze ervaring aan te passen aan hun mogelijkheden.” Zetel in VN-Veiligheidsraad Analist Mauricio Santoro van de Stichting Getulio Vargas, een onafhankelijke onderzoeks- en opleidingsinstelling in Rio de Janeiro, ziet politieke motieven achter Braziliës donorstrategie. Het land ambieert een permanente zetel in de VN-Veiligheidsraad en wil ook meer beslissingsmacht in multilaterale fora zoals het Internationaal Monetair Fonds en de Wereldhandelsorganisatie, zegt hij. “De politieke doelstelling is de invloed van Brazilië te vergroten in de andere ontwikkelingslanden, met name in Latijns-Amerika en Afrika. Het is een van de manieren waarop Brazilië zijn internationale leiderschap bij de landen in het Zuiden wil consolideren.” Santoro ziet een verschil met donoren die via ontwikkelingssamenwerking nieuwe markten willen openen. “De nadruk ligt meer op de politiek dan op de economie. De ontwikkelingssamenwerking is niet noodzakelijk groter bij grote commerciële bondgenoten. Het werkt wel als een soort schokdemper bij spanningen in landen zoals Bolivia, Paraguay of Mozambique, waar de aanwezigheid van Braziliaanse bedrijven sterk is.” Een ander verschil, zegt Santoro, is dat de Braziliaanse ontwikkelingssamenwerking geen voorwaarden oplegt en inzet op projecten die de opleiding van mensen voorrang geven.

Curaçao op een tweesprong

Door Ayaan Abukar | 15 november 2019

De vlucht uit Venezuela gaat soms per bootje, naar het dichtbije Curaçao. Daar leidt het tot vertwijfeling: de weerslag is xenofobie èn solidariteit, een tekort aan kennis, vrees bij de Venezolanen – en stilte vanuit Den Haag. ‘Zonder politiek leiderschap gaan verhalen een eigen leven leiden.’ Ayaan Abukar vloog erheen en ging in gesprek.

Lees artikel

Hoe de ziel uit de ngo-sector verdwijnt

Door Marc Broere | 13 november 2019

Ze behoren tot de pioniers en innovators van de milieubeweging en ontwikkelingssamenwerking in Nederland en vormden decennialang een spraakmakend duo. Hoewel ze volop genieten van hun pensioen, luiden Ron van Huizen en Hans Guijt de noodklok over een ontwikkeling die hen zorgen baart: raden van toezicht die ontwikkelingsorganisaties willen laten besturen alsof het bedrijven zijn. ‘Stop met de idiote doelstelling dat je altijd moet groeien.’

Lees artikel

Deugen de meeste mensen nu wel of niet?

Door Hans Beerends | 31 oktober 2019

Historicus Rutger Bregman stelt in zijn nieuwe boek dat de meeste mensen deugen, verwijzend naar de prehistorie. Daar staat volgens Hans Beerends tegenover dat veel deugende mensen zich ook gemakkelijk laten misleiden.

Lees artikel