Door:
Anne Manschot

27 januari 2012

Categorieën

Tags

Het tijdschrift The Global Journal presenteerde een top honderd van de beste ngo’s – ‘de eerste internationale ranglijst in zijn soort’. Aan de hand van criteria als ‘impact’ en ‘duurzaamheid’ werden duizend ngo’s gekeurd, waarop de beste honderd in een ranglijst werden gezet. Vice Versa bekijkt voor u de ranglijst en belt met de enige als ‘Nederlands’ aangemerkte organisatie op de lijst: Aflatoun. ‘The Global Journal is erg blij de Wikimedia Foundation te kunnen feliciteren met het behalen van de eerste plaats in de Top 100’, kondigt The Global Journal haar keuze voor de nummer één op de ranglijst aan. ‘Wikimedia’s meest beroemde initiatief, Wikipedia, heeft de manier waarop de wereld informatie verkrijgt getransformeerd (…).  De website draait volledig op vrijwilligers en heeft zich in snel tempo ontwikkeld tot de grootste collectie van gedeelde kennis in de geschiedenis.’ Als toonaangevend voorbeeld van ‘a great idea well executed’ werd de Wikimedia Foundation daardoor de eerste plaats in de Top 100 toegekend. De top tien Na de Wikimedia foundation haalden achtereenvolgens de ngo’s Partners in Health, Oxfam, BRAC (Bangladesh Rural Advancement Committee), het International Rescue Committee, PATH (Program for Appropriate Technology in Health), CARE International, Médecins Sans Frontières, Danish Refugee Council en Ushahidi de top tien van de lijst. Wat opvalt aan de Top 100 Beste Ngo’s – en wat ook terugkomt in de top tien – is de diversiteit aan organisaties wat betreft hun insteek en doelgroep. Van Land Rights tot Crowdsourcing Software, van informatievrijheid tot gezondheidszorg: alles passeert de revue. Desalniettemin wordt bij verreweg de meeste ngo’s in de ranglijst de Verenigde Staten of het Verenigd Koninkrijk als land van herkomst aangemerkt, al hebben ngo’s als BRAC (uit Bangladesh, op de vierde plaats), Ushahidi (uit Kenia, op de tiende plaats) of Pratham (India, 22ste plaats) ook hun plekje in de lijst veroverd. Opstellen van een ranglijst Hoe is deze Top 100 tot stand gekomen? Aan welke criteria moesten organisaties voldoen, en hoe werden ze beoordeeld? Volgens de website van The Global Journal is het ranglijsten van een groep organisaties met zulk een grote diversiteit ‘onvermijdelijk subjectief’. Desalniettemin werd er toch gebruik gemaakt van een aantal kwalitatief meetbare criteria. Hieronder vallen: innovatie (creativiteit in programmeren, een vernieuwende aanpak voor een ‘oud’ probleem), effectiviteit (het waarmaken van doelstellingen, en kwaliteit van externe evaluaties), en impact (outcomes verkiezen boven outputs, bredere effecten, donor-gedreven versus behoefte-gedreven aanpak). De overige vijf criteria waren efficiëntie en value for money, transparantie en verantwoording, duurzaamheid, strategisch en financieel management en peer review: de erkenning van de organisatie door andere ngo’s en donors betrokken in de sector. The Global Journal: ‘Ondanks dat we specifieke criteria hanteerden om onze keuzes te leiden, is het resultaat moeilijk meetmaar. Want hoe vallen de fundamentele impact op de samenleving van een Wikipedia te vergelijken met de tastbare resultaten van een goed geoliede humanitaire machine?’ Aan deze ranglijst lag echter nog een andere, meer substantiële vraag ten grondslag: wat is een ngo eigenlijk? De sector definieert zich namelijk door iets wat het niet is, namelijk: niet gouvernementeel. Maar wanneer ben je dan een ngo? The Global Journal zegt zelf ook te hebben geworsteld met deze vraag, en heeft uiteindelijk voor dit project gekozen  voor de volgende definitie: ‘Operational or advocacy focused non-profit organizations organized on a local, national or international level.’ Organisaties die niet gericht zijn op het behalen van winst dus, maar op een lokaal, nationaal of internationaal niveau zich bezighouden met advocacy of concrete projecten. Een definitie waar niet iedereen het mee eens zal zijn, erkent het blad, maar ‘ook niet iedereen zal het überhaupt al eens zijn met het opzetten van een ranglijst.’ Even bellen met Aflatoun De enige organisatie die als ‘Nederlands’ wordt aangemerkt op de lijst, op nummer vijftig, is de ngo Aflatoun. Andere ngo’s die ook in Nederland actief zijn zoals Plan International of  Oxfam kwamen ook op de lijst voor (respectievelijk op plaats 35 en plaats 3), maar worden beiden als organisaties uit het Verenigd Koninkrijk bestempeld. Even bellen met Aflatoun dus, om te vragen hoe zij zich zo op de ranglijst hebben weten te krijgen. ‘Er is een maand geleden contact met ons gezocht door The Global Journal’, legt Aflatoun woordvoerder Simon Bailey uit. ‘We werden verzocht gegevens op te sturen omdat wij één van de organisaties waren die kans maakten op een plaats in de Top 100. Uiteindelijk hoorden we pas op de dag van publicatie [23 januari, red.] dat we op nummer 50 kwamen te staan.’ ‘We zijn natuurlijk erg vereerd dat we op de ranglijst staan. We zijn een kleine organisatie, maar ons werk wordt blijkbaar toch erkend’, aldus Bailey. In hoeverre de ranglijst nou eigenlijk iets zegt over welke ngo het ‘best’ is, aangezien The Global Journal zelf al erkende dat het maken van zo’n lijst ‘onvermijdelijk subjectief’ is, reageert Bailey: ‘We zien het meer als een erkenning van wat we doen. Bovendien heeft The Global Journal hiermee ook een goede databank opgesteld met informatie over wat verschillende organisaties doen, en waarin ze onderscheidend zijn.’ Daarbij, betoogt de Aflatoun woordvoerder, is het goed dat de discussie over de ngo-sector eindelijk in een positief licht komt te staan. ‘Er wordt voortdurend benadrukt dat er zoveel organisaties zijn die het slecht doen, of verkwistend met geld of andere middelen omgaan. Deze Top 100 laat zien dat er ook veel organisaties zijn die het hartstikke goed doen.’ En zou Aflatoun volgend jaar op nummer één komen te staan? ‘Dat hopen we natuurlijk wel’, lacht Bailey. Hij gaat op een serieuze toon verder: ‘Om onszelf te verbeteren denk ik dat we ons nog meer zouden moeten richten op samenwerking.’   Klik hier voor de ‘Top 100 Best NGOs’ van The Global Journal, en bekijk ook het interview dat Vice Versa hield met de Aflatoun directeur, Hidde van der Veer.

‘De allerarmsten worden niet geholpen. En dat kan wél.’

Door Marc van Dijk | 05 augustus 2020

Te vaak lanceren hulporganisaties projecten zonder eerst te praten met degenen om wie het gaat. Onderzoeker Anika Altaf sprak met de allerarmsten in Ethiopië, Benin en Bangladesh. Om hen te bereiken moet het roer om.

Lees artikel

Richt je niet alleen op laaghangend fruit

Door Marc Broere | 30 juli 2020

In zijn hoofdredactioneel commentaar in de nieuwe Vice Versa doet Marc Broere een oproep aan ontwikkelingsorganisaties om een extra mijl te lopen om ook de meest gemarginaliseerden in te sluiten in hun projecten. Onderzoeker Anika Altaf laat zien dat het kan.

Lees artikel

Column Eva Nakato: Van nadeel tot voordeel

Door Eva Nakato | 27 juli 2020

Wat vroeger in je leven als ‘ongepast’ werd gezien door je omgeving, blijkt vaak de sleutel tot succes in je latere leven te zijn. Ook voor onze columniste Eva Nakato. Vroeger werd ze soms gepest om haar zware stem, nu wordt ze juist hiervoor uitgekozen voor het spreken in het openbaar en het inspreken van teksten.

Lees artikel