Door:
Jack van Ham

13 januari 2012

Tags

Als zelfs de Koningin een lans durft te breken om ons korte termijn eigenbelang te laten, dan kunnen ngo’s niet achterblijven en moeten ze de tweets van G.W. maar voor lief nemen. Dat vindt Jack van Ham, oud-directeur van ICCO en het Rode Kruis. Door Jack van Ham ‘Meer bedrijfsmatig werken’, ‘meer bedrijfsleven’, ‘onafhankelijker van de overheid’, ‘meer ideologie’, het zijn zo een paar kreten die ik lees en zijn losgelaten op het debat over de toekomst van de Nederlandse ngo’s  van woensdag 14 december jl. Meer dan de bijdrage van de Nederlandse ngo’s aan het toekomstdebat triggerde mij de kop van het interview door Vice Versa met de secretaris generaal van de ACS (Afrika bezuiden de Sahara, het Caribische gebied en de Stille Oceaan), Mohamed Ibn Chambas. ‘Wat westerse landen met de rechterhand geven, wordt met de linkerhand teruggenomen.’ Nog los van het feit dat deze zin van toepassing mag worden verklaard op ieder land dat zich mengt in ontwikkelingssamenwerking (lees o.a. China, India), lijkt mij hier meer de kern van de toekomst van ontwikkelingssamenwerking weergegeven dan de zaken waarover in het Knaak van Knapen debat werd gesproken. Temeer daar het nieuwe officiële Nederlandse beleid zelf ongegeneerd spreekt over het ‘eigenbelang.’ Wat daarmee wordt bedoeld is evident. Ondanks crisis en euro, is Nederland nog steeds een van de rijkste landen van de wereld. En gezien het ontwikkelingsbeleid wil het dat nog heel lang blijven. De beste weg daarheen is met de linkerhand meer terug te nemen dan je met de rechter geeft. Weinig verandering brengen Dat Nederlandse ngo’s daarin weinig verandering zullen kunnen brengen is ook duidelijk. Een totaal versnipperd veld gaat voor zijn eigen kansen, opvattingen en meningen, zijn doelstellingen en rapportageverplichtingen, en belaagt daarmee een keur van ontwikkelingslanden en de daar aanwezige ngo’s. Als alleen Nederlandse ngo’s dat zouden doen zou het wellicht te overzien zijn. Maar dit ‘systeem’ kun je met minstens 50 vermenigvuldigen. Ook individuele landen, allemaal belast met ‘het eigenbelang’ , formuleren met een beetje geluk eens in de vier jaar (maar door politieke crises meestal vaker) nieuw en ‘allesomvattend’ beleid wat aan de wereldwijde armoede snel een einde zal maken. Meestal goed voor de ego’s van zittende ministers maar weinig effectief in het bestrijden van wereldwijd onrecht (als dat al ooit de bedoeling was). Het is vooral héél kostbaar omdat steeds opnieuw de beperkte geldstromen weer een andere richting in moeten om de politiek tevreden te houden. Coherente aanpak Niemand is het erover oneens dat een succesvol beleid voor bestrijding van kansarmoede, onrecht en materiële armoede een coherente aanpak van duurzame economie, goed onderwijs en gezondheidszorg en een deugdelijk bestuur (corruptiebestrijding, deugdelijke juridische en belastingsystemen) moet zijn. Niet het wat, maar de wijze waarop en wie er het meest van profiteert is de kern van de vraag voor global development van de toekomst. In dat opzicht lijkt het ontwikkelingsdebat wel op het debat over de financiële crises. Alles bij het oude blijven Zolang bevoorrechte landen en bedrijven – of zij nu gevestigd of opkomend zijn – hun beleid van ‘eigenbelang’ niet kunnen en durven laten varen, en werkelijk zullen gaan voor global development gebaseerd op eerlijke handel, verdeling van schaarse middelen, werkelijke kansen en faire deelname aan de samenleving door iedereen, aanpak van corruptie en een werkelijk duurzame economie, blijft alles bij het oude. En dat is op korte termijn misschien plezierig voor hen die er het meest van profiteren, op lange termijn is deze houding desastreus voor iedereen. Het zou ook de ngo’s sieren dat zij dit verhaal, maar vooral ook hun acties, hierop zouden baseren en uitvoeren. Als zelfs de Koningin, toch niet de meest politiek rabiate en radicale inwoner van Nederland, hiervoor in haar kersttoespraak een lans durft te breken, lijkt de weg geplaveid voor een radicale omslag voor ngo’s. Dan moeten ze de onvermijdelijke tweets van G.W. maar voor lief nemen.

De erfenis van vier bevlogen vrouwelijke ministers

Door Paul Hoebink | 07 juli 2020

Vier vrouwelijke ministers van Ontwikkelingssamenwerking sloegen eind vorige eeuw de handen ineen met de ‘Utstein-4’. De Nederlandse Eveline Herfkens was een van hen. Wat hebben zij samen bereikt? Herfkens’ long time partner in life and work poogt in zijn nieuwste boek de balans op te maken, maar raakt verstrikt in de feiten.

Lees artikel

‘Opgeven is erger dan verliezen’

Door Marc Broere | 29 juni 2020

Carolyne Ndalilah, directeur van de spraakmakende Keniaanse jongerenorganisatie TYSA, helpt jongeren zichzelf én de uitdagingen van hun gemeenschap te leren kennen. ‘Wat onze samenleving nodig heeft, zijn jongeren die voorbij de dag van morgen denken; die het als een uitdaging zien het onmogelijke uit te proberen.’

Lees artikel

In coronatijd schiet de noodhulpsector terug in oude reflexen

Door Sarah Haaij | 18 juni 2020

Noodhulp moet effectiever en meer lokaal worden georganiseerd, sprak de internationale gemeenschap in 2016 af. Voortaan zou een kwart van het hulpgeld zo direct mogelijk naar lokale partners gaan. De kloof met de praktijk is ‘schokkend’: o,1 procent van het corona-noodhulpgeld gaat rechtstreeks naar lokale ngo’s, voor wie inspraak en toegang tot fondsen tijdens de pandemie nog moeilijker lijkt te worden.

Lees artikel