Elk jaar verschijnt er een kleine bibliotheek aan nieuwe boeken over ontwikkelingssamenwerking. Vice Versa maakt een selectie: welke boeken mogen niet ontbreken in jouw boekenkast? Vandaag lokaalmondiaal directeur Stefan Verwer, die Een zonnig eiland van Aad van den Heuvel las. Neem een abonnement op Vice Versa en ontvang Een zonnig eiland als welkomstgeschenk! We kennen Aad van den Heuvel als icoon van de buitenlandjournalistiek. Betrokken bij de rest van de wereld en door velen erkend als pionier van de derde wereldjournalistiek in Nederland. Hij was journalist, presentator, maar de laatste jaren toch vooral auteur van misdaadromans. Onlangs nog publiceerde hij de thriller De vuile bom, waarin een Nederlandse luitenant, die onderdeel uitmaakt van taskforce Uruzgan, een bomaanslag in Nederland moet proberen te voorkomen. De overstap van buitenlandjournalistiek naar misdaadromans is opmerkelijk, maar dat Aad van den Heuvel nog steeds op de hoogte is van het reilen en zeilen in ontwikkelingssamenwerking, bewijst hij wel in de literair satirische roman Een zonnig eiland, die in 2009 bij uitgeverij De Geus is verschenen. Slim inspelen op trends De bewoners van het eiland Jarubo, ergens in de Stille Oceaan, hebben een slimme manier gevonden om te profiteren van goedbedoelende ontwikkelingsorganisaties: “De mensen in Holland waren bereid om veel geld te schenken, omdat ze dachten dat een betere wereld een wereld zonder armen was (pagina 20).” Slim inspelend op de nieuwste trends in de wereld van de hulp, slagen de eilandbewoners erin om keer op keer nieuwe ontwikkelingsprojecten te starten, inspelend op het feit dat hulp ‘vraaggestuurd’ moet zijn, maar ook de politieke realiteit niet uit het oog verliezend. Zo wordt een er opstand in het Zuiden van het eiland in scène gezet, zodat er donorgeld beschikbaar komt voor het bestrijden van terrorisme en als er een orkaan over de Stille Oceaan raast, dan kun je er vergif op innemen dat er in no time een aanvraag vanuit Jarubo wordt gedaan voor noodhulp. Noodhulp, die natuurlijk lokaal moet worden ingekocht, om de positie van lokale boeren niet in gevaar te brengen. Het feit dat Jarubo moeilijk te bereizen is helpt de eilandbewoners om de controles van ontwikkelingsorganisaties te omzeilen, terwijl het eiland dankzij de hulp beschikt over een aantal goedgetrainde filmers, die telkens weer de beelden produceren, die de omvang van de ‘rampen’ die het eiland treffen in beeld brengt. En als er dan toch een volhardende ontwikkelingswerker het eiland wil bezoeken, dan wordt een rondleiding langs de geweldige ontwikkelingsprojecten op het eiland geënsceneerd. Dat de Jaruboërs niks aan het toeval overlaten blijkt wel uit het feit dat de betreffende ontwikkelingswerker kon rekenen op een ‘speciale’ behandeling van de weduwe van Tractor Beasley, die met haar drie dochters de betreffende ontwikkelingswerker in de avonduren verwende. De compromitterende foto’s werden vervolgens gebruikt als extra zekerheid: mochten er onrechtmatigheden in de ontwikkelingsprojecten van Jarubo worden geconstateerd, zorgden de foto’s ervoor dat die informatie niet verder verspreid zou worden. Web van intriges Het systeem van Jarubo dreigt echter in te storten als CoconutMorris de vergissing begaat om te frauderen met een projectaanvraag. De hoofdpersoon van het verhaal gaat op zoek naar de dader, die op mysterieuze wijze is verdwenen. Langzaam ontspint zich een web van intriges, maar vooral wordt steeds duidelijker op welke briljante wijze de Jaruboërs erin slagen om het systeem achter de ontwikkelingshulp te omzeilen. Aad van den Heuvel toont dat hij over een grote kennis beschikt over de werking van de hulpsector, maar ook dat hij een uitstekende verhalenverteller is, die op satirische wijze de hulpsector beschrijft. Zoals het moment dat de hoofdpersoon zich vertwijfeld afvraagt waarom Jarubo aanspraak zou kunnen maken op fondsen voor de wederopbouw van de door oneerlijke handelspraktijken vernietigde kippenindustrie, immer: “Jarubo heeft nooit een kippenindustrie gehad.”  Het antwoord wordt snel gegeven: “Als wij een kippenindustrie hadden gehad, dan was deze kapot gemaakt.” Geen aanval op ontwikkelingssamenwerking ‘Een zonnig eiland’ is geen aanval op ontwikkelingssamenwerking, maar niet voor niks wordt het boek aangekondigd als een “satirische roman over de industrie van de ontwikkelingshulp”. Het boek van Aad van den Heuvel is wel degelijk te lezen als een scherpe kritiek op de werking van ontwikkelingssamenwerking en dan met name op het feit dat ook de ontwikkelingssector zich nog te vaak laat leiden door modegrillen. Het boek kan gelezen worden als een oproep aan ontwikkelingsorganisaties om veel meer hun eigen koers te varen, hoe lastig dit ook in deze tijd is. Uiteindelijk is Een zonnig eiland’ toch vooral een mooi boek, wat je met veel plezier kunt lezen. Een bijzonder boek van een man die ondanks zijn multitalent, toch vooral een icoon van de buitenlandjournalistiek blijft.  Aad van den Heuvel (Rotterdam, 1935) is journalist, televisiemaker en -presentator en daarnaast al lange tijd werkzaam als auteur. Van den Heuvel schreef de misdaadromans Het Monet-mysterie, Het Sahararaadsel en De oorlogsverslaggever (De Geus, 2008). De laatste twee titels werden genomineerd voor De Diamanten Kogel, de belangrijkste Vlaamse thrillerprijs. Met Een zonnig eiland (2009) schreef Van den Heuvel zijn eerste literaire satirische roman.

Neem een abonnement op Vice Versa en ontvang de roman Een zonnig eiland als welkomstgeschenk.

De erfenis van vier bevlogen vrouwelijke ministers

Door Paul Hoebink | 07 juli 2020

Vier vrouwelijke ministers van Ontwikkelingssamenwerking sloegen eind vorige eeuw de handen ineen met de ‘Utstein-4’. De Nederlandse Eveline Herfkens was een van hen. Wat hebben zij samen bereikt? Herfkens’ long time partner in life and work poogt in zijn nieuwste boek de balans op te maken, maar raakt verstrikt in de feiten.

Lees artikel

‘Opgeven is erger dan verliezen’

Door Marc Broere | 29 juni 2020

Carolyne Ndalilah, directeur van de spraakmakende Keniaanse jongerenorganisatie TYSA, helpt jongeren zichzelf én de uitdagingen van hun gemeenschap te leren kennen. ‘Wat onze samenleving nodig heeft, zijn jongeren die voorbij de dag van morgen denken; die het als een uitdaging zien het onmogelijke uit te proberen.’

Lees artikel

In coronatijd schiet de noodhulpsector terug in oude reflexen

Door Sarah Haaij | 18 juni 2020

Noodhulp moet effectiever en meer lokaal worden georganiseerd, sprak de internationale gemeenschap in 2016 af. Voortaan zou een kwart van het hulpgeld zo direct mogelijk naar lokale partners gaan. De kloof met de praktijk is ‘schokkend’: o,1 procent van het corona-noodhulpgeld gaat rechtstreeks naar lokale ngo’s, voor wie inspraak en toegang tot fondsen tijdens de pandemie nog moeilijker lijkt te worden.

Lees artikel