Door:
Vera Hendriks

11 juli 2011

Categorieën

Weer eens wat anders: dat gevoel krijg ik als ik op het vliegtuig naar Bosnië stap, op weg naar een tiendaagse jongerentraining in gendergelijkheid. Natuurlijk ben ik geïnteresseerd in het onderwerp, maar net zo goed is het een soort vakantie: nieuwe vrienden maken, tripjes in de omgeving en elke avond gratis bier. Dat brengt bij mij de vraag naar boven: hoe nuttig zijn dit soort trainingen eigenlijk? Als je een tijdje in de ngo-sector werkt, dan ben je op meerdere conferenties, trainingen en workshops in het buitenland geweest en weet je waar ik over praat. Sommige conferenties zijn een jaarlijkse plicht die met tegenzin wordt vervuld, maar andere dienstreizen zie je met vrolijkheid tegemoet. Vooral die waarbij je naar een nieuw land gaat of waarbij je wat vrije tijd en een ruime dagvergoeding krijgt zijn favoriet: betaald de toerist uithangen, dat willen we natuurlijk allemaal. Kinderspel Maar wat telt nu zwaarder mee? Het onderwerp van de training die ik hier in Bosnië bijwoon, of de lol van het reizen? Vanzelfsprekend is het onderwerp van de training nuttig voor mijn werk en mijn algemene kennis, en ik hoop ook echt nieuwe praktijkervaring, workshopideeën en leestips op te doen. Binnen de groep ben ik één van de actiefste deelnemers – ik laat ze vaak het achterste van mijn tong zien. Daarbij ruim ik braaf de rommel op na alle rollenspellen en energisers en ben ik niet te beroerd om het weblog aan te vullen met een flinke lap tekst. Daar gaat het niet om. Het punt is eigenlijk, dat ik méér heb aan het dineren met mijn groepsgenoten, de discussies over nationalisme en homoseksualiteit en de wandeling naar het oude fort op de berg, dan aan de dagenlange sessies over gender. Zulke sessies zijn me een beetje te oppervlakkig: de inhoud heb je al duizend keer gehoord, in allerlei verschillende vormen, en de als leuk bedoelde interactieve delen (lees: spelletjes) doen al gauw kinderachtig aan. Ik verlang eigenlijk naar een goede ouderwetse lezing van een rot in het vak die me precies kan vertellen hoe ik gender mainstreaming in een jeugdproject aanpak. Maar integendeel, de trainers zijn respectievelijk één en twee jaar jonger dan ik, en lezingen worden door de Europese Commissie waarschijnlijk niet gesubsidieerd. Deelnemers Een paar van mijn groepsgenoten lijken me ‘workshophoppers’, van die lui die elke gelegenheid voor een buitenlandse reis aangrijpen om te profiteren van het lekkere weer en de mooie meiden. Hun inbreng is meestal gering, ze kunnen hun handen soms niet thuishouden (bah!) en elke avond trekken ze door tot een uur of 3 met lokaal gestookte drank. Waarom faciliteert de EU-subsidie wel zulke workshophoppers, maar veel minder de projecten die kansarme jongeren in Europa een betere toekomst kunnen opleveren? Deze fun-reizigers kunnen best voor zichzelf zorgen, me dunkt. Zo kennen we ook de per diem-kostwinners in Afrika en de doorgewinterde toespraakschnabbelaars, die al vrij lang weinig nieuws meer te vertellen hebben. Gelukkig zijn er ook mensen in mijn groep die me wel inspireren. Ik bewonder het doorzettingsvermogen van een jonge Bosnische vrouw, die een groep voor queers wil oprichten in een land waar de meeste jongeren niet openlijk voor homoseksualiteit durven uit te komen. Ook hebben we een feministe uit Brazilië, die me trots de door haar vriendinnen georganiseerde slutwalk in haar stad op Youtube laat zien. Een meisje uit Macedonië bekende dat ze nog nooit openlijk met iemand over seks had gesproken, maar dat ze dat bij ons wel durfde. Buiten de sessies leer je het meest Vooral buiten de sessies om laaien de discussievuren op. En daar leer ik dan ook het meeste – dáár ligt voor mij de grote waarde van trainingen en conferenties. Volgens mij draait het om jezelf en anderen te leren kennen en te begrijpen, en samen aan netwerken te bouwen die op den duur kunnen uitgroeien tot nieuwe initiatieven. Misschien is het juist positief dat we samen eten en drinken, en dat we morgenmiddag in de stad gaan winkelen. Misschien is het maar goed dat ik me niet verveel en dat het uitzicht fantastisch is. Misschien maakt het niet uit dat ik geen flauw idee heb waarom we hier zijn – over een jaar zal ik het wél weten. Zie ook ons weblog: http://opportunitiesforall.wordpress.com

Minister Wiebes: woordvoerder van Shell of Nederlands Minister voor Economische Zaken en Klimaat?

Door Jurrian Veldhuizen | 25 november 2020

Inmiddels twee maanden geleden stelde Lammert van Raan van de Partij voor de Dieren 25 zeer kritische Kamervragen aan Minister Hoekstra van Financiën en Minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat over de twijfelachtige klimaatplannen van olie- en gasbedrijven. Minister Wiebes had lang de tijd nodig om antwoord te geven. Toen het uiteindelijk kwam, bleek de minister een uitstekende woordvoerder voor Shell en een kampioen in het ontwijken van vragen en daarmee verantwoordelijkheden, schrijft Jurrian Veldhuizen namens Building Change.

Lees artikel
UN Food Systems Summit 2021

Wie niet aan tafel mee mag praten, staat op het menu

Door Vice Versa | 24 november 2020

Oxfam Novib, Hivos, Both Ends en de AgriProFocus Food Security Policy Coalition pleiten voor duurzame en inclusieve voedselsystemen op de VN- wereldtop komend jaar. Tijdens de conferentie ‘Bold Actions for Food as a Source for Good’, op 23 en 24 November georganiseerd door de Wageningen Universiteit, het World Economic Forum en anderen, kan Minister Kaag aandringen op een ambitieuze Summit die harde afspraken maakt over de toekomst van ons voedsel.

Lees artikel

‘Food security policy should focus less on production and more on consumers’

Door Joris Tielens | 22 november 2020

How can the Netherlands contribute to improving nutrition in Africa in the coming decade? Retiring Professor Ruerd Ruben would like to see Dutch government policy informed by a food systems approach – with more focus on consumers, and an active role for Dutch embassies entering into policy dialogue with the government in their African host countries. Minister for Foreign Trade and Development Cooperation Sigrid Kaag agrees: ‘The systems approach, where more priority is given to the environment and consumers, is now widespread. It will be high on the agenda of the UN summit in 2021.’

Lees artikel