Door:
Vice Versa

4 april 2011

Categorieën

Het schrappen van Burkina Faso als vaste ontwikkelingspartner van Nederland wordt door Leontine Keijzer-Gango, mede-oprichter van het Burkina Faso Platform, met verontwaardiging ontvangen. Samen met dit platform trekt zij de lobby voor het behouden van de vaste ontwikkelingsrelatie met haar land. Leontine Keijzer-Gango is geboren en getogen in Burkina Faso, getrouwd met een Nederlandse man en woont sinds 1994 in Nederland. Ze studeerde bedrijfskunde, werkte vijftien jaar lang voor IWACO, een Nederlands adviesbureau voor water en milieu in onder andere Burkina Faso. Nu heeft zij haar eigen Coaching en Advies bureau Karfo Coaching, waarin zij zich richt op de ontwikkelingssector. Sinds ze zich heeft gevestigd in Nederland is ze altijd betrokken gebleven bij de Nederlandse ontwikkelingssamenwerking in Burkina Faso. Vanzelfsprekend speelt haar achtergrond in dit land een rol bij haar lobby. Keijzer-Gango; ‘Dit is het perspectief van een vrouw met ervaring in de ontwikkelingssamenwerking, met een hart voor Burkina Faso én voor Nederland.’ Een democratisch en stabiel land Volgens Keijzer-Gango laat Nederland Burkina Faso vallen in een cruciale fase van de ontwikkeling. Ze vertelt dat ze verontwaardigd is, juist omdat Burkina Faso voldoet aan vele selectiecriteria. ‘Bij het platform kenden we de voorwaarden, daarom ben ik zo verbaasd. We wisten dat mensenrechten, democratie en goed bestuur belangrijk zouden zijn. Burkina Faso voldoet aan deze voorwaarden.’ Keijzer-Gango vertelt dat het WRR rapport Burkina Faso als voorbeeldland noemt voor andere ontwikkelingslanden. Het is een democratisch en stabiel land en bestrijdt de corruptie, benadrukt Keijzer-Gango. Het land heeft hier zelfs complimenten voor ontvangen van de VN. Bezuinigingen op onderwijs en gezondheidszorg Redenen om de relatie met specifieke landen stop te zetten worden niet gegeven in de focusbrief, maar uit de selectiecriteria en het nieuwe beleid valt al wel het een en ander op te maken. De ontwikkelingssamenwerking van Nederland met Burkina Faso richt zich vooral op gezondheidszorg en onderwijs, thema’s waarop in het nieuwe beleid bezuinigd gaat worden. Keijzer-Gango heeft begrip voor de nieuwe richting van Ben Knapen, waarbij veiligheid en rechtsorde, Nederlandse expertise op water en landbouw, voedselzekerheid, economische ontwikkeling en reproductieve rechten en gezondheid belangrijker worden. Ze vindt het raar dat Nederland eerst zelf adviseerde ontwikkelingssamenwerking op gezondheidszorg en onderwijs te richten. Nu het beleid verandert, laat Nederland Burkina Faso vallen. Ze geeft aan dat Nederland gedurende de jaren zeventig tot negentig veel in water en landbouw heeft geïnvesteerd. Omdat Burkina Faso achterliep op het gebied van onderwijs is Nederland zich daar op gaan richten. ‘De economie kan niet groeien als negentig procent van de bevolking analfabeet is. Dus Nederland heef geïnvesteerd in onderwijs, die basis is belangrijk.’ Keijzer-Gango benadrukt het belang te blijven investeren en adviseren met Nederlandse kennis en ervaring in beroepsonderwijs om de private sector en daarmee de economie in Burkina Faso te stimuleren. ‘De positieve effecten daarvan zijn nieuwe kennis en vaardigheden, dus werk, ondernemerschap, aantrekkelijkheid voor investeerders en vermindering van migratie naar het westen.’ Grootste donor SRGR Wat betreft gezondheidszorg zit Burkina Faso juist in de goede richting volgens Keijzer-Gango. ‘Letterlijk tachtig procent van de Nederlandse hulp aan gezondheidszorg in Burkina Faso gaat naar seksuele en reproductieve gezondheid en rechten (SRGR), één van de vier nieuwe speerpunten van Ben Knapen.’ Deze hulp richt zich op advies en investeringen in seksuele voorlichting, bescherming van moeder en kind en het tegengaan van aids en vrouwenbesnijdenis in Burkina Faso. Ze benadrukt dat de ondersteuning in SRGR ook de bevolkingsgroei (nu 3,5%) helpt te beperken, wat bijdraagt aan economische vooruitgang. Keijzer-Gango heeft oog voor de belangen hier en de noodzaak daar. ‘Nederland wil sectoren ondersteunen waarmee het verschil kan maken. In Burkina Faso is Nederland de grootste donor in SRGR dus maakt hiermee een verschil. Als de Nederlandse hulp stopt stort het hele gezondheidsstelsel van Burkina in elkaar.’ Potentie Burkina Faso Naast uit te leggen waarom is geïnvesteerd in de sectoren gezondheidszorg en onderwijs legt Keijzer-Gango de nadruk op de potentie van Burkina Faso. Ze stelt dat dit land wel degelijk interessant is voor de nieuwe speerpunten van het Nederlandse ontwikkelingsbeleid. Water en voedselzekerheid zijn terreinen waar juist in geïnvesteerd kan worden. Keijzer-Gango vertelt over de kennis die is opgedaan met Nederlands geld en door Nederlandse waterdeskundigen in Burkina Faso. Ze vindt dat Nederland deze kennis opnieuw zou moeten mobiliseren en gebruiken om te helpen met het bouwen van dammen, hydrocentrales en irrigatieprojecten. Burkina Faso is een droog land, de landbouw is afhankelijk van het regenseizoen. Keijzer-Gango geeft aan dat de regens de laatste twintig jaar onvoldoende zijn geweest. ‘Grote irrigatieprojecten zullen bijdragen aan de voedselzekerheid, hydrocentrales aan economische ontwikkeling en Nederland kan profiteren van zijn uitzonderlijke expertise op de gebieden van water en landbouw.’ Onbegrip Keijzer-Gango vindt de manier waarop de veranderingen gaan onbegrijpelijk. ‘Ik vind het heel vreemd dat Burkina Faso nu moet boeten omdat de Nederlandse focus plotseling verandert. Ik zou het logischer vinden als de landen nog een paar jaar krijgen om zich te richten op deze nieuwe speerpunten, en dan te kijken welke landen er inderdaad iets van hebben gemaakt.’ De Burkinese vindt een grotere rol voor het bedrijfsleven goed, maar heeft ook kritiek. Keijzer-Gango snapt dat haar land niet in het bijzonder interessant is voor de belangen van het bedrijfsleven: ‘Het land ligt niet aan zee, heeft geen olie en geen grondstoffen.’ Maar, zegt ze: ‘Ontwikkelingssamenwerking zou toch niet alleen op het bedrijfsleven gericht moeten zijn. Ontwikkelingssamenwerking gaat toch ook om mensen?’ Laten uitdrogen van een bloeiende plant Keijzer-Gango benadrukt de belangrijke Nederlandse rol in Burkina Faso. De ontwikkelingsrelatie heeft een lange geschiedenis. De mensen in Burkina Faso zijn volgens Keijzer-Gango erg betrokken bij de ontwikkelingsprojecten, gefinancierd met bilateraal geld of door Nederlands NGO’s. Ze stelt dat de hulp werkt, dat het land hierdoor in de richting van zelfredzaamheid gaat. Keijzer-Gango vindt het jammer dat dit nauwelijks belicht wordt in de media. ‘Ontwikkelingssamenwerking wordt in de media gepresenteerd als geld gooien in een bodemloze put. Maar Burkina Faso is hét bewijs dat ontwikkelingssamenwerking werkt.’ Ze vertelt over het tot stand komen van democratie in Burkina Faso na de militaire staatgreep van 1987. Sinds 1990 zijn er vrije verkiezingen. ‘Deze ontwikkeling kwam tot stand mede dankzij internationale druk en ontwikkelingssamenwerking.’ Ook ontwikkelingssamenwerking die gericht is op onderwijs en gezondheidszorg levert volgens Keijzer-Gango concrete resultaten op. Nu weggaan vindt ze vernietiging van kapitaal en terugkeer naar de jaren zestig waar alleen de eigen belangen van donoren telden. Ze is daarnaast bang dat activiteiten van de tachtig particuliere initiatieven van het Platform Burkina Faso zullen vervagen. Deze activiteiten dragen bij aan de millenniumdoelen. ‘Dit is niet het moment om weg te gaan. Dat is als het laten uitdrogen van een mooie bloeiende plant.’ Het verhaal vanuit de realiteit Nu is ze druk bezig met de lobby voor Burkina Faso. ‘Dat betekent heel veel gesprekken voeren met Kamerleden van verschillende partijen. Verder hebben we met het platform een brief gestuurd naar Ben Knapen en zijn we een petitie gestart.’ Keijzer-Gango vertelt over de vele telefoontjes die ze krijgt van partnerorganisaties in Burkina Faso die aangeven dat de hulp niet nu moet stoppen. ‘Ik ga voor deze lobby omdat ik geloof dat de mensen in Burkina Faso écht worden geraakt door dit besluit. Ik ga voor deze lobby omdat ik ook loyaal ben aan de Nederlandse ontwikkelingssamenwerking die dankzij kritiek en geloof in mensen heeft gezorgd voor wederzijdse betrokkenheid en verantwoordelijkheid van de partners in Burkina Faso.’ Ze vindt het belangrijk oude en nieuwe Kamerleden haar verhaal van de lange relatie van ontwikkelingssamenwerking tussen Nederland en Burkina Faso te vertellen. ‘Het verhaal vanuit de realiteit en belevenis van de gemiddelde Burkinese vrouw in plaats van de deskundige rationele rapporten van mensen die nooit in Burkina-Faso zijn geweest.’

‘Opgeven is erger dan verliezen’

Door Marc Broere | 29 juni 2020

Carolyne Ndalilah, directeur van de spraakmakende Keniaanse jongerenorganisatie TYSA, helpt jongeren zichzelf én de uitdagingen van hun gemeenschap te leren kennen. ‘Wat onze samenleving nodig heeft, zijn jongeren die voorbij de dag van morgen denken; die het als een uitdaging zien het onmogelijke uit te proberen.’

Lees artikel

In coronatijd schiet de noodhulpsector terug in oude reflexen

Door Sarah Haaij | 18 juni 2020

Noodhulp moet effectiever en meer lokaal worden georganiseerd, sprak de internationale gemeenschap in 2016 af. Voortaan zou een kwart van het hulpgeld zo direct mogelijk naar lokale partners gaan. De kloof met de praktijk is ‘schokkend’: o,1 procent van het corona-noodhulpgeld gaat rechtstreeks naar lokale ngo’s, voor wie inspraak en toegang tot fondsen tijdens de pandemie nog moeilijker lijkt te worden.

Lees artikel

Vluchtelingen en migranten in de klem van corona en falend beleid

Door Frank van Lierde | 16 juni 2020

Wereldwijd raakt de coronacrisis migranten, ontheemden en vluchtelingen misschien nog wel het hardste. Ook in Nederland. Asielprocedures staan stil, opvangcentra zitten vol, en wie al wat verdiende verdient bijna niets meer. Migratie-expert Bob van Dillen geeft uitleg en komt met oplossingen en aanbevelingen.

Lees artikel