Iedere vrijdagmiddag laat hoofdredacteur Marc Broere de afgelopen week de revue passeren. Met vandaag natuurlijk aandacht voor de discussie die losbarstte na het verschijnen van de Kamerbrief van staatssecretaris Ben Knapen. ‘Is het nu echt zo slecht van Ben Knapen om de steun aan het particuliere kanaal te verminderen en juist wél te investeren in publiek-private-partnerschappen?’ Genoeg is genoeg. Eindelijk komt de ontwikkelingssector weer eens in actie. En dat is goed. Ik volg met interesse de twitterberichten die naar Tweede Kamerleden worden gestuurd en de berichten die op www.genoegisgenoeg.nu worden geplaatst. Wat me wel opvalt aan de site is de toon van de berichten. Wat te denken van: ‘Ben Knapen helpt Sudanese president steviger in het zadel.’ Of: ‘Kabinet Rutte houdt jongeren Bangladesh ontwetend en angstig.’ Hoewel ik begrijp dat je one-liners nodig hebt in een campagne, valt over smaak te twisten. Ik denk persoonlijk dat de gekozen toon eerder averechts werkt dan dat ze resultaten oplevert. Mij irriteert het in ieder geval. Ook vind ik het best een belediging richting jongeren in Bangladesh om te suggereren dat ze door ons kabinet angstig en onwetend blijven. Maar goed, soms schijnt het doel de middelen te heiligen. Verder haastten de particuliere ontwikkelingsorganisaties zich de afgelopen week om te zeggen dat juist hun manier van werken de meest effectieve is. Ik denk dat ze daar zeker een punt hebben. Aan de andere kant zou ik het ook een goede zaak vinden als particuliere ontwikkelingsorganisaties hun eigen rol eens kritisch onder de loep zouden nemen. Want is het eigenlijk toch niet onvermijdelijk dat de rol van de klassieke vorm van medefinanciering is uitgespeeld binnen internationale samenwerking anno 2010? Jonge kritische denkers Ik was afgelopen week met name onder de indruk van een aantal stukken op deze site die over dit onderwerp gingen. Dan heb ik het over de bijdrages van Michel Groenenstijn, Gaston Schmitz en vanochtend Marloes Tap. Het zijn jonge en kritische denkers die de ‘machtigen’ in MFS-land een kritische spiegel voorhouden. Zijn bezuinigingen op het particuliere kanaal echt wel alleen maar zo ellendig? Bieden ze juist ook geen mogelijkheden, zoals bovengenoemde auteurs betogen, om naar andere werkvormen te gaan? Geven ze juist geen mogelijkheden om na te denken over een nieuwe positionering, met name richting de partnerorganisaties in het Zuiden? Die partners in het Zuiden worden nu in de discussie vooral als ‘slachtoffer’ gebruikt, terwijl deze partnerorganisaties veel geëmancipeerder zijn dan westerse NGO’s denken en juist zelf vaak al op een andere en vooral meer gelijkwaardige manier willen samenwerken met het Noorden. De traditionele donor-ontvanger relatie, die ook de samenwerking tussen NGO’s in het Noorden en Zuiden  altijd heeft getypeerd, heeft gelukkig haar langste tijd gehad. Dus is het nu echt zo slecht van Ben Knapen om de steun aan het particuliere kanaal te verminderen en juist wél te investeren in de zogeheten publiek-private-partnerschappen, zoals hij gisteren nog deed met de toezegging van honderd miljoen euro aan het Initiatief Duurzame Handel?  Is hier niet sprake van het logisch evolueren van internationale samenwerking? En zijn dit soort partnerschappen niet een logische nieuwe stap en is de traditionele hulp, zoals die tientallen jaar door medefinancieringsorganisaties werd gegeven, niet een beetje gedateerd geworden? Het zijn interessante vragen. Met minder geld meer resultaten behalen Bovenstaande betekent overigens niet dat de rol van westerse NGO’s is uitgespeeld. Hij wordt alleen anders, en misschien nog wel veel belangrijker. Kijk naar de rol die OxfamNovib speelde in het verduurzamen van de cacao- en de koffiesector. Met minder geld behaal je misschien wel grotere resultaten dan in het traditionele ontwikkelingswerk met projectfinanciering. OxfamNovib scoorde afgelopen jaar enorm met de Groene Sint actie, de Zuivere Koffie Actie en de Eerlijke Bankwijzer. Het zijn allemaal campagnes die passen bij internationale samenwerking anno 2010. De enige keer dat OxfamNovib zich afgelopen jaar echt blameerde was met een onderwijscampagne tijdens het WK voetbal waar binnen een internationale campagne samen met de omstreden FIFA-baas Sepp Blatter (die ervoor zorgde dat sloppenwijken werden verplaatst en vrouwen geen handeltjes mochten drijven rondom de stadions) actie voor de millenniumdoelen werd gevoerd. Met Blatter hoort een ontwikkelingsorganisatie geen zaken te doen. Punt! Dus minder geld betekent nogmaals niet dat je rol minder belangrijk wordt, hij wordt alleen anders. Het gaat veel meer om het inzetten van expertise, of zoals Michel Groenenstijn dat typeerde als het vervullen van een taak als mediator.  Ook zal het zwaartepunt veel meer bij lobby en actievoeren komen te liggen. Inconsistenties In het nieuwe beleid dat Knapen aan het uitzetten is zitten wel degelijk ook goede kanten. En uit betrouwbare bronnen heb ik begrepen dat hij gewoon een middenkoers wil gaan voeren. Knapen heeft niets met mensen die de ontwikkelingshulp af willen schaffen, maar hij heeft ook niets met een sector die niet veranderen wil. En dat lijkt me een gezonde middenweg. Wat ik wél slecht en ook zorgelijk vind is dat er zoveel inconsistenties en betwistbare aannames in de Kamerbrief zitten. Paul van den Berg maakte vanochtend al een top 5 op deze site. Dit weekend zal ook oud-ambtenaar Paul Hassing een doorwrochte analyse van de Kamerbrief maken waarin dit punt naar voren komt.  En ook de derde Paul, Paul Hoebink,  ging gisteren in zijn analyse uitgebreid op dit onderwerp in. Zo schreef Hoebink dat het helemaal niet bewezen is dat Nederland bijvoorbeeld goed is op het terrein van water en dat we daar een meerwaarde in hebben. In het rapport ‘Watering White Elephants’ figureerden de Nederlandse waterprojecten juist in hele negatieve zin. Ook heb ik Knapen op de televisie uitspraken horen doen over onderwijs. Hij verklaarde dat Nederland juist geen meerwaarde heeft bij onderwijs.  Je kunt je afvragen waar deze aanname vandaan komt. SGP-kamerlid Kees van der Staaij wees er terecht op dat onderwijs altijd bovenaan stond in de ‘successen Top 10’ van de vorige minister Bert Koenders. Ook Yvonne Epping wees op deze site op het feit dat Nederland nummer 1 staat in het ‘schoolreport 2010’ als beste internationale donor op het gebied van onderwijs. En was het, zoals Paul Hoebink schreef, niet de VVD’er Hessing die ooit de motie maakte die ieder jaar weer opnieuw werd aangenomen door de Tweede Kamer en waarin stond dat Nederland minimaal twintig procent van haar ontwikkelingsbudget aan onderwijs moest geven? Heeft de VVD dus al die jaren zitten slapen? Argumentatie ontbreekt Wat echt fundamenteel ontbreekt in de beleidsbrief van de staatssecretaris is de argumentatie onder de ingrijpende keuzes. En dat is zorgelijk. Overigens is dit zeker niet uniek voor het Nederlandse ontwikkelingsbeleid. Onder Agnes van Ardenne werd, zoals iemand op deze site al opmerkte, vaak door haar ambtenaren gezegd: ‘Is dit beleid of is hier over nagedacht? Haar Afrika-nota ging bijvoorbeeld lijnrecht in tegen haar nota ‘Aan elkaar verplicht.’ En ook Bert Koenders presteerde het om in zijn belangrijkste beleidsnota ‘Een zaak van iedereen’ werkelijk alle kanten op te fladderen. Dus in die zin bevindt Knapen zich in goed gezelschap. Tot slot nog een woord aan de politiek. Opeens waren alle politici afgelopen week bevriend met HIV/AIDS bestrijding. Je zou bijna denken dat als de Kamerbrief twee dagen voor de Internationale Dag van de Persvrijheid was verschenen,  alle politici opeens bevriend waren geweest met persvrijheid en de budgetten daarvoor zouden willen verhogen. Ik was erg blij met de kritische opmerkingen gisteren van Lau Schulpen die dit debat hiermee behoorlijk in perspectief zet. De machtige Aidslobby mag het debat niet gaan domineren. Dat zou een kwalijke zaak zijn. Maar vooral de wat  populistische en gemakzuchtige houding van de meerderheid van onze OS-woordvoerders baart me toch wel wat  zorgen met het oog op het Kamerdebat van aankomende maandag. Ik hoop dat de Kamerleden, naast Sinterklaas-vieren, dit weekend echt de tijd nemen om hun debat goed voor te bereiden. Want over 1 ding zijn we het allemaal wel eens.  Maandag 6 december wordt een cruciale dag voor de toekomst van de Nederlandse ontwikkelingssamenwerking. En Vice Versa zal daarbij zijn. Fijn weekend.

Vechten voor het recht op liefde

Door Siri Lijfering | 05 december 2019

De antihomowet die in Nigeria is ingevoerd, maakt de lhbt-gemeenschap nòg kwetsbaarder. Zo is opkomen voor lesbische vrouwen zowel broodnodig als gevaarlijk; een kat-en-muisspel met hoge inzet. Hoe gaat het strategisch partnerschap Count Me In! ermee om?

Lees artikel

Venezolaanse vluchtelingen op Curaçao vallen tussen wal en schip

Door Bob van Dillen | 05 december 2019

Nu er een humanitaire crisis is in onze eigen regio, geeft de Nederlandse overheid niet thuis. Dat schrijft Bob van Dillen van Cordaid, die de situatie nauwgezet volgt, in deze opiniebijdrage. Ondertussen wordt de situatie steeds nijpender en krijgen vluchtelingen op Curaçao geen menswaardige behandeling.

Lees artikel

Strijd op twee fronten

Door Siri Lijfering | 04 december 2019

De Nigerdelta is aantrekkelijk voor sekswerkers, maar ook gevaarlijk: geweld en vervolging liggen op de loer. Het strategisch partnerschap Count Me In! probeert hun rechten te beschermen; beeldvorming en beïnvloeding van beleid lijken de sleutel te zijn. Twee sekswerkers doen hun verhaal.

Lees artikel