Paul van den Berg, politiek adviseur van Cordaid, begrijpt niet waarom staatssecretaris Knapen eerst zijn bezuinigingsplannen bekend maakt en pas daarna met een officiële reactie op het WRR-rapport komt. ‘Bezuinigingen zouden logischerwijs onderdeel uit moeten maken van een visie op de algehele herinrichting van het ontwikkelingsbeleid.’ Wat we nu krijgen is mosterd na de maaltijd. Aanstaande vrijdag, 26 november, maakt staatssecretaris Knapen via een brief aan de Tweede Kamer bekend hoe het forse bezuinigingspakket voor Ontwikkelingssamenwerking voor het jaar 2011 er in zijn ogen uit gaat zien. Dit vloeit voort uit de afspraken zoals die door de VVD, het CDA en de PVV in het zogenaamde ‘gedoogakkoord’ zijn gemaakt. Het is zodoende onderdeel van de totale bezuinigingen van 18 miljard euro die het kabinet wil doorvoeren in de komende jaren. Het regeerakkoord van VVD en CDA daarentegen stelt juist het rapport “Minder pretentie, meer ambitie” van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) als uitgangspunt te nemen voor de op komst zijnde hervormingen van het ontwikkelingsbeleid. De volgende passage verwijst daarnaar: ‘Het ontwikkelingsbeleid wordt fundamenteel herzien en gemoderniseerd, waarbij het rapport “Minder pretentie, meer ambitie” van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid als leidraad dient.’ Merkwaardig Bezuinigingen zouden logischerwijs onderdeel uit moeten maken van een visie op de algehele herinrichting van het ontwikkelingsbeleid. Een formele regeringsreactie op het rapport van de WRR is echter nog niet gegeven en wordt zelfs niet verwacht tot ná het Kerstreces. Laat staan dat er een stevige politieke en publieke discussie heeft plaatsgevonden over de waardevolle en minder waardevolle elementen van het WRR-rapport. Dat is op zijn minst merkwaardig. Was het niet verstandiger geweest om—alvorens stevige financiële keuzes te maken—eerst voldoende politieke en maatschappelijke steun te genereren voor de ‘fundamentele herziening en modernisering’ van het ontwikkelingsbeleid? En nu dit niet gebeurd is: is de reactie van de regering op het WRR rapport, die op zijn vroegst wordt verwacht  in januari 2011, dan niet een verantwoording achteraf van forse ingrepen in de architectuur van het Nederlandse ontwikkelingsbeleid? En dus mosterd na de maaltijd? Lastig parket De ontwikkelingswoordvoerders in de Tweede Kamer bevinden zich in een lastig parket. Op 6 december moeten zij in debat met Knapen naar aanleiding van de bezuinigingsvoorstellen. Daarnaast staan er nog talloze andere notities op de agenda voor het debat van 6 december. Zo dreigt dit debat over een topzware mix van bezuinigingen en beleidsaspecten te gaan, zonder dat de exacte koers van het nieuwe kabinet op het gebied van ontwikkelingssamenwerking is uitgekristalliseerd en uitgediscussieerd met de ontwikkelingssector. Dat gaat pas gebeuren als de financiële piketpaaltjes al geslagen zijn. Helaas moeten we dus vaststellen dat de vorm voor een belangrijk deel voor de inhoud uit gaat in deze tijd waarin een hernieuwd elan en maatschappelijk draagvlak voor ontwikkelingssamenwerking broodnodig zijn.

Vredesduif in Soedan

Door Elian Yahye | 18 januari 2021

De provincie Darfur wordt geplaagd door conflict en verkeert in een permanente humanitaire crisis. Mekka Abdelgabar is er geboren en is het kind van twee families die vier jaar lang oorlog met elkaar voerden – en toen de strijdbijl begroeven. Nu brengt zij er zelf vechtende partijen bijeen, omdat ze diep in de dialoog gelooft. ‘De meeste Darfuri snakken naar vrede.’

Lees artikel

Wereldcafé: in gesprek met Kathleen Ferrier en Bram van Ojik  

Door Marc Broere | 12 januari 2021

Op donderdagmiddag 28 januari vindt een speciale nieuwsjaarseditie van het Wereldcafé plaats. Presentator Qader Shafiq gaat met Kathleen Ferrier en Bram van Ojik  in gesprek over Nederland en de wereld, en over hun wensen voor 2021.

Lees artikel

Ik, de vreemdeling

Door Ellen Mangnus | 08 januari 2021

‘Wat weet ik nu werkelijk van de toestand ter plekke?’ Die gedachte is Ellen Mangnus niet vreemd en zo bekijkt ze de kloof tussen de westerse en de lokale onderzoeker èn met de mens die het onderwerp is. ‘Het samenwerken van Noord en Zuid staat nog niet garant voor een passende agenda’, merkt ze. Misschien ligt het aan de richting van initiatief: wat als we het andersom doen, van Zuid naar Noord?

Lees artikel