Door:
Thomas Hurkxkens

4 maart 2010

Categorieën

Tags

Directeur Bart Dijkstra neemt in maart afscheid van Free Voice. Zakelijk gezien noemt hij zijn vertrek na zeven jaar, en na het afronden van de subsidieaanvraag voor de overheid, een ‘logische keuze’, maar emotioneel is het moeilijker. ‘Werken aan persvrijheid gaat je niet in de koude kleren zitten. Het raakt je persoonlijk’, zegt Dijkstra. ‘Ik loop straks weer veilig het kantoor uit, maar voor veel partners met wie wij werken in bijvoorbeeld Zimbabwe of Venezuela is dat wel anders. Het werk brengt veel verantwoordelijkheid met zich mee. Je kunt het je niet veroorloven om naïef te zijn.’ Bart Dijkstra leidde Free Voice door drie subsidierondes: van voor de aanvraag voor Thematische Medefinanciering (TMF) via die van het Medefinancieringsstelsel ofwel MFS-1 naar die van het MFS-2, die dit jaar wordt beoordeeld. Voor wie niet beter weet lijkt Free Voice onder Dijkstra’s leiding een ontwikkelingsorganisatie te zijn geworden, maar volgens hem ligt dat anders: ‘Wat wij doen is niet louter ontwikkelingswerk. Vrije pers levert echter wel degelijk een bijdrage aan armoedebestrijding. Organisaties als de Wereldbank en Unicef leggen een direct verband tussen de mate van armoede en de mate van persvrijheid in een land. Mensen worden door vrijheid van meningsuiting aangemoedigd om hun positie zelf te verbeteren. Kijk naar de situatie in Zuid-Soedan, waar vijf jaar geleden nauwelijks journalisten of radiostations waren. Mede door het werk van Free Voice zijn er nu journalisten werkzaam en zijn er radio-uitzendingen. Als dit niet was gebeurd, waren de Zuid-Soedanese vluchtelingen in de buurlanden niet geïnformeerd over de mogelijkheden om terug te keren naar hun land.’ De belangrijkste ontwikkeling van de afgelopen zeven jaar is volgens Dijkstra dat de partners steeds zelfstandiger zijn gaan functioneren. Vroeger werd er vooral gestuurd vanuit Nederland. ‘Het is ons gelukt om ervoor te zorgen dat partners niet afhankelijk zijn van Nederland. Dit hebben we bijvoorbeeld gedaan door in de landen van onze partners regionale mediafondsen op te zetten, waar lokale mediaorganisaties geld kunnen lenen voor projecten.’ Bovendien is Free Voice volgens Dijkstra een meer ‘volwassen’ organisatie geworden. Ging het zeven jaar geleden nog om individuele projecten, nu denkt Free Voice groter: ‘We praten niet meer met individuele stations die een nieuwe zendmast nodig hebben, maar met sectorvertegenwoordigers over wat er nodig is voor de ontwikkeling van de journalistiek in een bepaalde regio.’ Trots is hij op een programma in de Arabische landen waar Free Voice een netwerk van journalisten en advocaten ondersteunt. Ook Europese journalisten worden erbij betrokken: ‘Het succes zit hierin dat we zijn uitgegaan van de wensen en behoeften van de journalisten en media dáár. Zij werden medeverantwoordelijk voor het programma. Daarom worden ook advocaten uit de regio opgeleid om schendingen van persvrijheid beter te kunnen verdedigen.’ Tevreden stelt Dijkstra vast dat vrije pers als een steeds belangrijker pijler van armoedebestrijding wordt gezien, en als ‘een vak apart’: ‘Vroeger dachten ontwikkelingsorganisaties: dat doen we er wel even bij; dat radiostation richten we wel even op. Maar voldoet een zender ook aan journalistieke eisen? En hoe weet je dat je niet voor het karretje van een van de partijen gespannen wordt?’ ‘Vol vertrouwen’ laat de 62-jarige directeur de organisatie achter om met pensioen te gaan. ‘Maar ik kom echt niet achter de geraniums terecht, hoor’, zegt hij lachend. Hij denkt aan lesgeven op een School voor Journalistiek of andere hbo-instelling. Ook blijft hij betrokken bij een project dat de zelfstandigheid van grotere partners bevordert, terugkoppeling stimuleert en bijsturing effectiever maakt. Dijkstra heeft desgevraagd ook een duidelijk advies voor zijn opvolger: ‘Bekijk goed wat er speelt en bepaal je eigen koers.’ Dit omdat er volgens de scheidend directeur niet alleen in Nederland maar ook internationaal steeds meer zal moeten worden samengewerkt. ‘Er zullen steeds meer netwerken moeten ontstaan met buitenlandse media advocacy-organisaties die een duidelijke visie hebben op het belang van persvrijheid en journalistiek. Steeds meer landen zijn actief op dit gebied. Volgens de laatste berichten wordt ook in China aan een mediaontwikkelingsprogramma gewerkt. De partners in het Zuiden blijven centraal staan, want zij voeren het werk uiteindelijk uit. Ik heb in mijn periode bij Free Voice heel veel respect gekregen voor wat zij hebben bereikt.’

‘Opgeven is erger dan verliezen’

Door Marc Broere | 29 juni 2020

Carolyne Ndalilah, directeur van de spraakmakende Keniaanse jongerenorganisatie TYSA, helpt jongeren zichzelf én de uitdagingen van hun gemeenschap te leren kennen. ‘Wat onze samenleving nodig heeft, zijn jongeren die voorbij de dag van morgen denken; die het als een uitdaging zien het onmogelijke uit te proberen.’

Lees artikel

In coronatijd schiet de noodhulpsector terug in oude reflexen

Door Sarah Haaij | 18 juni 2020

Noodhulp moet effectiever en meer lokaal worden georganiseerd, sprak de internationale gemeenschap in 2016 af. Voortaan zou een kwart van het hulpgeld zo direct mogelijk naar lokale partners gaan. De kloof met de praktijk is ‘schokkend’: o,1 procent van het corona-noodhulpgeld gaat rechtstreeks naar lokale ngo’s, voor wie inspraak en toegang tot fondsen tijdens de pandemie nog moeilijker lijkt te worden.

Lees artikel

Vluchtelingen en migranten in de klem van corona en falend beleid

Door Frank van Lierde | 16 juni 2020

Wereldwijd raakt de coronacrisis migranten, ontheemden en vluchtelingen misschien nog wel het hardste. Ook in Nederland. Asielprocedures staan stil, opvangcentra zitten vol, en wie al wat verdiende verdient bijna niets meer. Migratie-expert Bob van Dillen geeft uitleg en komt met oplossingen en aanbevelingen.

Lees artikel