Door: Selma Zijlstra
16 februari 2016

Categorieën

Tags

Kiiza

Campagne van Kiiza Besigye (FDC)

REPORTAGE – Aankomende donderdag zijn de presidentsverkiezingen in Oeganda. Traangas, arrestaties en zelfs doden en gewonden zijn deze week de orde van de dag. In dit vijandige politiek klimaat startte NIMD een politieke dialoog voor hervormingen. Vorig jaar maakte Vice Versa een reportage over welke rol dialoog kan spelen in de democratisering van een land. Hippo Twebazes ogen zijn gesloten. Hij lijkt te slapen; de onderwerpen zijn ook al tig keer bediscussieerd. Toch blijkt hij alert, want zodra het over een belangrijke kwestie gaat, openen zijn ogen. ‘Waar zou je ons adviseren te stoppen met dit voorstel?’ vraagt de oppositie. ‘Hoe ver kan de National Resistance Movement gaan?’ Twebaze, zelf van regeringspartij National Resistance Movement (NRM), antwoordt geduldig en sluit zijn ogen weer. Buiten wordt het donker. Slechts de contouren zijn zichtbaar van het hek dat het rustige kantoorterrein in de wijk Ntinda afschermt van de kolkende hoofdstad Kampala. Vandaag is de Interparty Organization for Dialogue (IPOD) aan het werk. Er staan electorale hervormingen op de agenda. Sinds 2012 hebben afgevaardigden van de zes politieke partijen in het Oegandese parlement hieraan gewerkt, met als resultaat ruim vijftig voorstellen voor een beter verkiezingsproces. Maar over een aantal van die voorstellen moet NRM nog beslissen. Maintain status quo, staat er vooralsnog als optie. Electorale hervormingen zijn een hot topic in de Oegandese politiek. Met verkiezingen in 2016 voor de deur, eist de oppositie grondige hervorming van de kieswetten. Zij beschouwen de vorige verkiezingen als niet vrij en eisen een eerlijke kans. Maar in het Oost-Afrikaanse land blijkt dat geen eenvoudig proces. Oeganda’s democratie is jong. De eerste verkiezingen vonden plaats nadat het land in 1962 onafhankelijk werd van het Verenigd Koninkrijk. Milton Obote, leider van de United People’s Congress (UPC) mocht zich de eerste Oegandese president noemen. In 1971 bracht opperbevelhebber van het leger Idi Amin hem ten val. De beruchte Amin regeerde met ijzeren hand en liet tegenstanders bruut vermoorden. Tijdens zijn heerschappij groeide een jonge idealistische student politicologie op, Yoweri Museveni, die zijn inspiratie haalde uit marxistische literatuur. Samen met een groep Oegandese bannelingen en met hulp van het Tanzaniaanse leger verdreef hij Idi Amin in 1980. Toen na omstreden verkiezingen opnieuw Milton Obote president werd, trok een gefrustreerde Museveni zich terug in de bossen en volgde een burgeroorlog met naar schatting ruim 300 duizend doden. Met zijn NRM veroverde Museveni Kampala in 1986. Om een einde te maken aan de verdeeldheid verbood Museveni alle politieke partijen; die waren volgens hem te veel langs etnische en regionale lijnen georganiseerd. NRM werd de enige toegestane beweging. Bij verkiezingen werden parlementariërs gekozen op persoonlijke titel en niet namens een partij. De stabiliteit onder de nieuwe president en het economische succes van Oeganda maakten Museveni tot donor darling van het Westen, dat een Afrikaans alternatief zag voor het meerpartijenstelsel. Toch voerden donoren uiteindelijk de druk op voor een meerpartijensysteem en na een referendum in 2005 kwam dat er ook. Oude politieke partijen werden weer actief en nieuwe werden geregistreerd. Maar Museveni was allesbehalve klaar om te vertrekken. De voormalig guerrillastrijder, die ooit beloofde niet langer dan twee termijnen op het pluche te zitten, wijzigde de Grondwet om de presidentiële ambtstermijnen af te schaffen. De verkiezingen van 2006 en 2011, die Museveni beide ruim won, waren omstreden en de oppositie betwistte de uitslag. Inmiddels is Museveni 28 jaar aan de macht. En hoewel de antihomowet leidde tot wat rimpelingen in relaties met het Westen, zorgt de Oegandese militaire deelname in brandhaarden als Somalië en Zuid-Soedan ervoor dat westerse mogendheden niet al te moeilijke vragen stellen. Stabiliteit en corruptie In zijn kantoor op de campus van de Makerere Universiteit in Kampala somt professor politicologie Sabiti Makara de positieve en negatieve punten op van Museveni’s heerschappij. ‘Eén: het land was continu in crisis en chaos. Er was veel geweld, het leger was ongedisciplineerd. Museveni zorgde voor stabiliteit en voor discipline in het leger. Hij maakte werk van gendergelijkheid, zorgde voor 35 procent vrouwen in het parlement. Drie: Oeganda’s bnp groeit het laatste decennium met gemiddeld 7 procent per jaar. Dat vertaalt zich niet direct in hogere inkomens voor de armen, maar absolute armoede daalde van 56 procent in 1990 naar ongeveer 21 procent nu. Meer kinderen gaan naar school, en punt zeven – hou je het bij? – hij zorgde voor relatieve pers- en internetvrijheid.’ Hij pauzeert even. ‘Nu zijn negatieve kant. Hij is al 28 jaar aan de macht. Als een persoon te lang blijft, begint hij fouten te maken. Corruptie is alomtegenwoordig. De wegen zijn slecht, publieke diensten ingestort, instituties verlamd. Een weg aanleggen is hier is dubbel zo duur als in buurland Rwanda. De reden? Corruptie.’ Het hadden de woorden van de oppositie kunnen zijn. Het patronagesysteem, waarmee Museveni vrienden, familie en supporters gunsten verleent, het afschaffen van de presidentiële ambtstermijnen, de vermenging van uitvoerende, wetgevende en rechtsprekende macht: het is de oppositie een doorn in het oog. Zij willen vooral één ding: Museveni uit het zadel. Omar Kalinge, secretaris-generaal van de in 1996 opgerichte partij JEEMA (Justice Economic Liberalization Education Moral and African Unity) is stellig: ‘De discussie over verandering begint met regime change. We willen een ander gezicht op tv.’ Florence Namanyana van de Democratic Party (‘de oudste partij van het land’, zegt de parlementariër niet zonder trots) kan het vanuit Oeganda’s indrukwekkende parlementsgebouw beamen. Door de gangen lopend naar een commissievergadering over staatsbedrijven (‘zoveel corruptie’, zucht ze), stelt Namanyana: ‘Hij is te lang aan de macht. Het is tijd dat hij gaat.’ Maar Daudi Migereko, de aimabele NRM-minister van Land, Huisvesting en Stadsontwikkeling en afgevaardigde voor IPOD, vindt de beschuldigingen zwaar overdreven. Op zijn bureau leggen vier vaste telefoons het af tegen zijn veelvuldig rinkelende mobieltje. President Museveni kijkt vanuit zijn lijst aan de muur bemoedigend toe. ‘Waarom zou iemand die goed bezig is niet méér tijd krijgen?’ reageert Migereko op klachten over het afschaffen van de ambtstermijnen. ‘Een goede leider die nog niet de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt, moet het land kunnen blijven dienen. Oegandezen willen hem nog steeds als president’, zegt hij kalm. Dat is niet onwaar. Hoewel in hoofdstad Kampala de steun voor Museveni afbrokkelt en veel voormalige NRM-stemmers niet de moeite meer nemen naar de stembus te gaan, blijft de steun op het platteland groot. Door een gebrek aan vertrouwen in de oppositie, dat geen reëel alternatief biedt, en angst voor verandering is NRM voor veel mensen nog steeds de beste optie. Die angst is niet ongegrond: machtswisselingen gingen in Oeganda nooit zonder bloedvergieten. De dialoog begint Omdat Oeganda’s politieke partijen lijnrecht tegenover elkaar staan, weigerden de oppositie en regering jarenlang met elkaar te praten. In deze sfeer van vijandigheid ging het Nederlands Instituut voor Meerpartijendemocratie (NIMD) in 2009 aan de slag om een dialoog tussen de partijen op te zetten. Zowel oppositie als de regeringspartij hadden de toenmalige Nederlandse ambassadeur, Joke Brandt, benaderd voor steun. Brandt liet hen via NIMD kennismaken met hun collega’s in Ghana, waar NIMD eveneens werkte aan politieke dialoog. Daar zagen de Oegandese partijen hoe dialoog kan bijdragen aan de opbouw van democratie en aan vreedzame machtswisselingen. Het befaamde ‘handshake’-moment van de secretarissen-generaal van de zes parlementaire politieke partijen was van grote symbolische waarde, zegt Karijn de Jong, senior programmamanager bij het NIMD. Het was de eerste keer dat ze publiekelijk met elkaar werden gezien en gaf het signaal dat de partijen bereid waren samen te werken. ‘Putting Uganda first’ werd het leidende motto van IPOD. Als informeel platform heeft de organisatie geen beslissingsbevoegdheid, maar dat de partijen om de tafel zaten was al heel wat. IPOD-medewerker Henry Kasacca maakte de ontwikkeling van dichtbij mee: ‘Als oppositie kon je niet samen met de regeringspartij worden gezien. Nu komen ze er openlijk voor uit dat ze praten. Voordien luisterde NRM niet naar de oppositie; nu heeft de oppositie een platform.’ Het duurde wel even voordat er aan vertrouwen was gebouwd, vertelt Kalinge, die erbij was vanaf het eerste moment. ‘Waarom samenwerken met de regeringspartij? dachten we als oppositie. Na een paar jaar veranderde dat. Je leert de mensen kennen en bouwt aan relaties. Vanuit die persoonlijke relaties kun je de partij proberen te overtuigen.’ De dialoog wordt door de deelnemers gezien als belangrijk doel op zichzelf. Namanyana: ‘Het is belangrijk om NRM te blijven betrekken. We kunnen hen erop aanspreken wanneer ze afspraken niet nakomen die binnen IPOD zijn gemaakt. En we leren samenwerken met andere oppositiepartijen.’ Binnen IPOD kan NRM bovendien aangeven op welke punten ze niet in staat zijn tot compromis. ‘Zo kan de oppositie binnen IPOD haar eisen voorbereiden, waarna ze meer kans hebben in het parlement’, weet Kasacca. Waar voor de oppositie de winsten binnen IPOD duidelijk zijn, is het gissen naar die van NRM. Critici en menig oppositielid denken dat NRM er slechts zit vanwege windowdressing en om donoren tevreden te houden, anderen geloven wel degelijk dat NRM het proces serieus neemt. Kasacca bijvoorbeeld: ‘De regering gebruikt IPOD om aan haar legitimiteit te bouwen’, meent hij. Iemand die uiteraard meer licht kan laten schijnen op NRM’s motivatie is minister Migereko. ‘We focussen op discussie en dialoog met de oppositie om consensus te bereiken. Op die manier zullen politieke partijen niet op een onconstitutionele en illegale manier hun politieke doelstellingen nastreven. Dat leidt tot chaos en instabiliteit en dat willen we ontmoedigen. IPOD heeft belangrijke successen gehaald, het heeft chaos voorkomen. Het leger trouwens ook, natuurlijk’, voegt hij toe. Volgens Karijn de Jong van het NIMD wordt Museveni echter niet alleen gedreven door druk vanuit de oppositie, maar moet hij ook de hervormingsgezinde facties van NRM tevreden zien te houden. Hervormingen Dialoog mag belangrijk zijn, maar er moet wel iets substantieel te bespreken zijn. De partijen besloten daarom binnen IPOD aan vier issues te werken: electorale hervormingen, grondwethervormingen, publieke financiering van politieke partijen, en de rechtsorde. De eerste stappen voor electorale hervormingen, in 2011, reikten tot in Londen. Omdat het vermoeden bestond dat er gesjoemeld zou worden, werden dáár de stempapieren gedrukt; de voltallige oppositie reisde mee. Daar werden de papieren ook geteld en naar het vliegveld geëscorteerd. In Kampala wachtte de oppositie de stempapieren op en vergezelde ze naar de verschillende kieslokalen in het land. Kalinge vond het betekenisvol: ‘Natuurlijk kon NRM de verkiezingen alsnog vervalsen. Maar ze konden geen nieuwe stempapieren meer maken. Daarop hadden we in elk geval zicht.’ Voor de oppositie zijn de hervormingswensen helder. Zij vermoeden grootschalige fraude en eisen daarom onder meer een gemoderniseerd stemregister. Ook willen ze een nieuwe samenstelling van de Kiescommissie, die nu door Museveni wordt aangesteld en daardoor volgens oppositie en analisten niet onafhankelijk is. ‘Je laat de trainer van Ajax toch ook niet de scheidsrechter aanwijzen?’ verduidelijkt Augustine Ruzindana, secretaris-generaal van het Forum for Democratic Change (FDC). Oeganda’s op één na grootste partij ontstond in 2005, toen Museveni’s oude strijdmakkers verbolgen waren over het afschaffen van de ambtstermijnen. Een bijkomend probleem, vindt de oppositie, is dat de leden van de Kiescommissie voor meerdere termijnen kunnen worden aangesteld. ‘Dan probeer je bij de president in een goed daglicht te komen zodat je kunt blijven zitten’, zegt Florence Namanyana. Een minstens even groot zorgpunt is de vermeende vermenging tussen partij en staat. ‘We nemen het niet op tegen een partij, maar tegen de staat’, meent Ruzindana. En dus ook tegen leger en politie. Volgens de oppositie zijn die op de hand van NRM, en dat laat de oppositie weinig manoeuvreerruimte. Toen FDC-leider Kizza Bessigye, net als Ruzindana een oud-strijdmakker van Museveni, het in 2006 waagde de president uit te dagen tijdens de verkiezingen, werd hij opgepakt wegens ‘terrorisme’. In 2011 werd hij het ziekenhuis in geslagen. ‘Museveni beschouwt het als een misdaad als je hem uitdaagt’, ziet professor Makara. Volgens de oppositie financiert de president bovendien zijn campagne met staatsmiddelen. Tijdens tripjes door het land deelt hij naar hartenlust geld uit om stemmen te winnen. Florence Namanyana windt zich zichtbaar op. ‘De president is zijn campagne al begonnen. Geld wordt uitgedeeld as we speak. Waar komt het vandaan? De regering. Dat geld kon gebruikt worden voor publieke diensten, gezondheid, onderwijs.’ Landelijke media schatten dat Museveni’s campagne 350 miljard Oegandese shilling heeft gekost; van een tiende daarvan durft de oppositie niet eens te dromen. De zorgen van de oppositie worden gestaafd door EU-waarnemers, die tijdens de laatste twee verkiezingen onregelmatigheden en een gebrek aan gelijk speelveld constateerden. NRM herkent zich echter niet in het beeld. Migereko: ‘Verkiezingen kennen winnaars en verliezers. Als je verliest, betekent dat niet dat je geen eerlijke kans had.’ Veel van de zorgen van de oppositie begrijpt hij niet, bijvoorbeeld over de Kiescommissie. ‘Ze kunnen door de president aangewezen zijn, maar dat betekent niet dat ze niet onafhankelijk opereren. De oppositie wil een selectiecomité. Zo creëer je bureaucratie voor problemen die simpel op te lossen zijn.’ Symptoombestrijding? Desalniettemin zegt NRM open te staan voor voorstellen voor verbetering. Zo zullen er nieuwe legitimatiebewijzen worden gebruikt om te stemmen. Deze, en de andere hervormingen die de partijen samen binnen IPOD voorbereiden, zullen hun weg vinden naar het parlement, waarna het kabinet erover stemt. De oppositie vertrouwt erop dat de voorgestelde hervormingen de verkiezingen een stukje eerlijker maken. De vraag is echter of dit allemaal lukt vóór 2016. Grootste probleem volgens de oppositie is de houding van NRM. ‘NRM ziet de issues niet als een probleem’, reflecteert Ruzindana op Migereko’s eerdere woorden. ‘Dus hoe kun je een issue op tafel leggen als de belangrijkste partij niet accepteert dat dat een issue is? Indirect kunnen we aan hervormingen werken, maar het blijft symptoombestrijding.’ Ruzindana verwoordt de mening van veel oppositieleden, gefrustreerd over het gebrek aan vooruitgang binnen IPOD. Een evaluatierapport beschreef dat het de hoge verwachtingen van de oppositie niet kon waarmaken. Even dreigden de partijvoorzitters van de oppositie zelfs uit IPOD te stappen en voor een meer activistische aanpak te kiezen. ‘De oppositie wil grote veranderingen, maar het IPOD-mandaat is beperkt’, aldus Eugène van Kemenade, hoofd van het NIMD-kantoor in Oeganda. ‘We kunnen geen wetten doorvoeren. We kunnen wél dingen voorstellen. Zij willen dat het regime weggaat, maar wat wij kunnen doen is proberen het level playing field te vergroten.’ De doorgaans meer gematigde secretarissen-generaal van de partijen wisten de voorzitters echter te overtuigen van het belang van het IPOD-proces. Kalinge snapt de terughoudendheid die ook zijn eigen partijgenoten bij het IPOD-proces hebben wel: ‘Wij praten met de NRM en tegelijkertijd worden onze mensen door diezelfde NRM-leden in elkaar geslagen. Toch moeten beide wegen worden bewandeld, die van activisme en die van de strategisch zo belangrijke dialoog.’ Een gevecht tegen de bierkaai blijft het wel een beetje. Want dat Museveni in 2016 via eerlijke en vrije verkiezingen de macht afstaat, lijkt nog niemand te geloven. ‘De verkiezingen zijn al gestolen’, meent professor Makara. ‘Zijn campagne begon de dag na de verkiezingen in 2011. Zijn voorsprong is enorm.’ Dus waarom dan toch meedoen aan de verkiezingen en strijden voor hervormingen? Kalinge ziet genoeg redenen: ‘Ook al winnen we de verkiezingen niet, het is voor ons een manier om negentig dagen lang met de bevolking te kunnen praten zonder dat de politie ons lastigvalt. En bovenal kunnen we niet weglopen van onze verantwoordelijkheid. Het is onze plicht ons voor te bereiden op een echte democratie. Goede kieswetten zijn al een reden op zichzelf. You bite what you can chew. We zitten hier niet voor kortetermijnresultaten: het gaat om strategie.’ Oegandese Lente Waar het in de toekomst heengaat met Oeganda, kan niemand met zekerheid voorspellen. Scenario’s volop. Verraadt Museveni’s bewondering voor de 90-jarige Zimbabwaanse president Mugabe zijn ambities? Of gaat hij toch op zijn 75ste met pensioen, zoals de Grondwet voorschrijft? Misschien zorgt de interne NRM-partijdynamiek voor scheuren? Voortekenen zijn al zichtbaar. In september is premier Amama Mbabazi ontslagen omdat hij zou hebben geprobeerd presidentskandidaat te worden. Er wordt gespeculeerd dat Mbabazi naar de oppositie zal overlopen. Als de oppositie zich nu voltallig achter hem schaart en met één stem campagne voert, krijgt Museveni in 2016 mogelijk een serieuze tegenstander. Een ander scenario waarover volop wordt gespeculeerd is een Oegandese Lente, naar analogie van de Arabische. Of die er komt valt te betwijfelen, want een goed opgeleide middenklasse, zoals in Tunesië, ontbreekt. Toch zijn er wel degelijk ingrediënten voor een potentieel explosieve situatie. Van de bevolking is 78 procent jonger dan dertig jaar, en 83 procent van de jongeren tussen de 18 en 24 jaar is werkloos. Zij beginnen gefrustreerd te raken door het gebrek aan kansen, terwijl ze een kleine elite rijker zien worden. Dat het nummer ‘Time Bomb’ van Oeganda’s populairste rapper Bobi Wine momenteel een grote hit is, is veelbetekenend. ‘Er kan gemakkelijk gekapitaliseerd worden op die woede’, vermoedt Kalinge. Ook Museveni lijkt zenuwachtig te worden. Demonstraties worden steeds vaker neergeslagen en voor demonstraties van meer dan drie mensen is tegenwoordig toestemming vereist van de politie. ‘Bij zowel de regering als de oppositie winnen extremistische krachten terrein’, observeert Kasacca. IPOD heeft volgens hem een cruciale rol te spelen om in een potentieel explosieve situatie de gematigde stemmen naar voren te laten komen. De echte tijd voor IPOD komt nog, denkt ook Kalinge. ‘Er komt een tijd dat NRM ons nodig heeft.’ En voorovergebogen, terwijl hij over zijn brillenglazen heen kijkt, zegt hij op gedempte toon: ‘Weet je, eind vorig jaar woonde Museveni’s schoonzoon namens NRM een IPOD-vergadering bij in een hotel even buiten de stad. Hij zei: “We zijn nu 28 jaar aan de macht en we weten dat dingen kunnen veranderen. Maar we willen in leven blijven en onze eigendommen behouden. Als Museveni vertrekt, gaan jullie ons dan opsluiten en onze eigendommen stelen? Of kunnen we praten over veiligheid tijdens een transitie en worden we menselijk behandeld?” Dat was de eerste keer dat ik zoiets hoorde in IPOD. Kijk, daar ging het ergens over! Precies díe rol moet IPOD spelen. Dan gaat het niet meer over een paar electorale hervormingen, maar over het voortbestaan van de natie.’ Naschrift: We zijn inmiddels ruim een jaar verder. Veel van de hervormingen waar de oppositie om vroeg zijn niet tot stand gekomen. Misschien niet heel verbazingwekkend gezien het huidige politieke speelveld. Toch, zo is de hoop, zal het platform een rol spelen in de transitie wanneer Museveni zijn laatste termijn uitzit, of, als hij niet herkozen wordt (wat onwaarschijnlijk is), wanneer de macht wordt overgedragen. Karijn de Jong: ‘Veranderingsprocessen zijn immers een traject van lange adem.’  

Selma Zijlstra

Selma Zijlstra is redacteur en journalist bij Vice Versa. Ze studeerde Internationale Betrekkingen aan de Rijksuniversiteit Groningen (BA) en haalde haar master in Conflict Studies and Human Rights (cum laude) aan de Universiteit Utrecht. Haar specifieke interesses zijn: geweldloos verzet, handel(spolitiek), arbeidsomstandigheden, gender, conflict, landrechten en wetenschappelijke evaluaties (en voor zover mogelijk de combinaties daartussen).

 

Vrijdagmiddagborrel: Regeerakkoorden voor de nieuwe ontwikkelingsagenda sluiten

Door Marc Broere | 23 juni 2017

Mogelijkheden om met elkaar out of the box wat dieper over het vakgebied te praten zijn er bijna niet binnen de wereld van mondiale samenwerking, schrijft Marc Broere. Juist die ontmoeting is heel belangrijk.

Lees artikel

Het merk ‘Refugee’

Door Ayaan Abukar | 20 juni 2017

Neem ze liever op als volwaardig lid van de samenleving, dan te labelen

Lees artikel

Handel en Hulp: 10 lessen en 1 hartekreet

Door Ruerd Ruben | 19 juni 2017

Op basis van het congres ‘Hulp en Handel -de balans en de toekomst’, van afgelopen vrijdag, zette professor Ruerd Ruben zijn tien belangrijkste lessen en éen hartenkreet op een rij.

Lees artikel