Door: Ayaan Abukar
13 maart 2017

Tags

BLOG- Et voila, alweer de laatste verkiezingsblog van Evert-Jan Brouwer van Woord en Daad. Woensdag 15 maart is het de grote dag. Sommige partijen gaan flinke klappen krijgen, anderen krijgen er waarschijnlijk zetels bij. Bij die laatste categorie hoort naar verwachting ook GroenLinks van Jesse Klaver. Kennelijk zijn er toch heel wat kiezers die dit keer ‘stemmen voor verandering’. Evert-Jan is benieuwd naar wat deze mensen mogelijk trekt.

 

Als je naar de website van GroenLinks gaat, kom je terecht in een wervelende one-man-show: filmpjes van Jesse Klaver, een uiterst dynamische, welbespraakte jongeman van 30 jaar, wit overhemd met open boord, mouwen opgestroopt, een en al adrenaline. Ik doe een verwoede poging om op de site te achterhalen wie de andere kandidaten zijn, maar dat valt nog niet mee. Ik stuit wel op een stuk proza van Jesse, waarin hij spreekt over ‘mijn plan’. Na een poosje ploeteren kom ik dan toch uit bij de kandidaten. Daaronder good old Bram van Ojik op 10 en Oxfam’s Tom van der Lee op 3. Mensen met veel ervaring en visie op het gebied van internationale samenwerking.

Ik spoed mij naar het programma: Tijd voor verandering. Ik lees het door de bril van de droomcoalitie die Jesse schildert: een progressieve coalitie van GroenLinks, PvdA, D66 en SP. Die komt in de peiling van vorige week uit op 54 zetels, een minderheidskabinetje zeg maar.

Het eerste thema dat ik pak is Europa. Het is opvallend dat oud-Europarlementariër Kathalijne Buitenweg op nr. 2 van de lijst staat. Het is een signaal dat GroenLinks wil investeren in adequate kennis van de toekomstige fractie over de Europese Unie. Belangrijk om in ieder geval één essentieel punt van het programma te realiseren: grotere betrokkenheid van nationale parlementen bij EU-besluitvorming. Dat kan helpen bij het verkleinen van het gat tussen de EU en de burger. ‘Brussel’ zal niet meer zo gemakkelijk de schuld krijgen als dingen mis gaan. En andersom zal de Tweede Kamer beter kunnen inschatten waar de EU een oplossing kan bieden als Nederland er zelf niet meer uitkomt.

GroenLinks gaat de onvrede over de EU niet uit de weg: Brexit en het Oekraïne-referendum worden genoemd. Veel burgers ‘ervaren niet de voordelen van Europese samenwerking’. Toch vraag ik mij bij het lezen af of GroenLinks het gevoel van de burgers voldoende peilt. Met name waar de partij pleit voor een Europese defensiemacht en voor doorgaan met uitbreiding van de EU, zelfs met Turkije, zij het onder voorwaarden. De financiële ellende met Griekenland en andere zuiderburen blijft in de tekst zelfs ongenoemd!

Realistisch en constructief is het programma daarentegen waar het pleit voor een krachtige gezamenlijke benadering van het klimaatvraagstuk, belastingontwijking en migratie. Over dat laatste onderwerp een saillant citaat: “Tijdelijke arbeidsmigranten kunnen makkelijker in Europa werken en weer terugkeren met speciale visa.” Een onontkoombaar discussiepunt zolang we in Europa door steeds kleinere gezinnen (eigen keus!) steeds verder vergrijzen.

Duurzaamheid is het volgende onderwerp waarop ik het programma spel. GroenLinks neemt de Duurzame Ontwikkelingsdoelen of SDG’s als leidraad voor de vormgeving van ontwikkelingssamenwerking. Jammer genoeg wordt niet helemaal duidelijk of de SDG’s ook binnenslands toegepast moeten worden. Ik dacht dat dit wel het idee was van die doelen. Gemakshalve ga ik er maar vanuit dat Jesse dat ook denkt.

Verder is het programma natuurlijk enorm groen. Ik kwam nog de volgende mooie passage tegen: “De toekomst van onze economie is groen. De verantwoordelijkheid voor economie, klimaat en energie moet onder één bewindspersoon vallen. Daarom komt er een ministerie voor Klimaat en Duurzame Economie.” Wat mij betreft is die suggestie het uitproberen waard. Concreet: staatssecetaris Dijksma en minister Kamp krijgen één opvolger.

Veel nadruk wordt gelegd op duurzame energie en de omslag naar een circulaire economie. Ruimte voor energie-innovatie en het stimuleren van groen ondernemen krijgen alle aandacht. GroenLinks zou zo maar een onverwachte bondgenoot in de SGP kunnen vinden als het gaat om het faciliteren en belonen van energiebesparing, een thema dat bij andere partijen minder aandacht krijgt.

Ten slotte ontwikkelingssamenwerking. Dit thema is bij GroenLinks, net als bij enkele andere partijen, in goede handen. Ze hebben traditiegetrouw veel aandacht voor coherent beleid: ervoor zorgen dat we de resultaten van ontwikkelingssamenwerking niet ongedaan maken door de perverse effecten van ánder beleid. Of, positief geformuleerd, dat ons handelsbeleid, migratiebeleid, energiebeleid etcetera óók ten goede komen aan ontwikkelingslanden.

De partij wil flink investeren in ontwikkelingssamenwerking: 1% van het BNP. Dat is méér dan enige andere partij. In het verleden zaten SGP en ChristenUnie ook op die lijn, maar zij hebben hun ambities bijgesteld. GroenLinks wil trouwens dat het budget vooral wordt ingezet op de beroemde vier speerpunten (voedselzekerheid/landbouw, water, veiligheid en rechtsorde en SRGR). Daarin zijn ze niet vernieuwend. Het lijkt een soort wezenskenmerk geworden van het Nederlandse ontwikkelingsbeleid: op die terreinen hebben we ‘kennnis en ervaring’ in huis. GroenLinks zegt nog net niet dat we die moeten ‘exporteren’, daar zijn ze natuurlijk te links voor.

Iets anders dat opgemerkt mag worden is dat de partij de inzet voor ontwikkelingssamenwerking niet instrumenteel maakt aan het beperken van migratie. Veel andere partijen, de VVD in bijzondere mate, doen dat wel of neigen in die richting. Als onderzoeksinstituut Kaleidos stelt dat GroenLinks hierin de enige partij is, gaat het te ver. Zo kennen ook de ChristenUnie en de SGP een zelfstandige waarde toe aan ontwikkelingssamenwerking.

Afsluitend: Ik heb op onderdelen genoten van het GroenLinks programma. Sterk op ontwikkelingssamenwerking en duurzaamheid. Bij het Europa-verhaal heb ik erg gemengde gevoelens.

Spannend zou het pas worden als GroenLinks voor het eerst in de geschiedenis serieus zou meedoen aan kabinetsonderhandelingen. Dat weten we pas na 15 maart. Met dat minderheidskabinetje van Jesse Klaver kan het land uiteraard niet geregeerd worden, dus Jesse zou sowieso nog heel wat groene en linkse veren moeten laten. En daarnaast is het maar de vraag of dit partijprogramma macro-economisch niet met een korreltje zout genomen moet worden: dankzij de rekenmethode van het CPB ontspringt GroenLinks een riskante dans.

Met deze aflevering zet Evert-Jan een punt achter zijn verkiezingsblogs. Op 15 maart gaat hij eerst zijn stem uitbrengen en daarna met spanning de uitslagen op de voet volgen.

Ayaan Abukar is politicoloog en expert op het gebied van Migratie & Ontwikkeling en Internationale Veiligheid. Voor Vice Versa schrijft ze columns en opinies en coördineert ze diverse journalistieke projecten.

Hulp en handel: er is geen weg meer terug

Door Selma Zijlstra | 22 mei 2017

De afgelopen vier jaar vond er een kleine beleidsrevolutie plaats: hulp en handel kwamen voor het eerst bij elkaar onder één minister, binnen één departement. In het eerste artikel van deze hulp- en handelsreeks: de prioriteiten van Ploumen.

Lees artikel

Een speciale universiteit voor vrouwen

Door Kathleen Ferrier | 22 mei 2017

Kathleen Ferrier blogt over haar ere-hoogleraarschap aan de Aziatische Universiteit voor Vrouwen (AUW) in Bangladesh.

Lees artikel

Vrijdagmiddagborrel:  het front

Door Marc Broere | 19 mei 2017

Marc Broere kan zich goed voorstellen dat betrokken burgers zich momenteel beter thuisvoelen in de klimaatbeweging dan bij ontwikkelingsorganisaties.

Lees artikel