Door: Marc Broere
29 juni 2018

Tags

Het overleg gisteren in de algemene commissie Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking over de beleidsnota ‘Investeren in perspectief’ van minister Kaag ontaardde in een enorme chaos. Ook was de diepgang ver te zoeken.

Als openingsspreker Achraf Bouali (D66) nog maar net enkele zinnen van zijn bijdrage heeft uitgesproken, wordt hij al langdurig geïnterrumpeerd door Esther Ouwehand (PvdD) die een aantal duidelijk door hulporganisatie Save the Children ingestoken vragen over onderwijs stelt. Deze start van het langverwachte overleg over de beleidsnota ‘Investeren in perspectief’ van minister Kaag van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking zal typerend blijken voor de rest van de avond.

Er vinden zoveel interrupties plaats over details, die vooral lijken voort te komen uit korte lijntjes tussen sommige Kamerleden met Nederlandse ontwikkelingsorganisaties die lobbyen voor hun eigen deelonderwerp, dat een dieper debat over de hoofdlijnen van het nieuwe Nederlandse beleid al bij voorbaat tot mislukken gedoemd lijkt. Ook leidt het ertoe dat het overleg moet worden afgeraffeld en het onderwerp handelspolitiek er bekaaid afkomt. Zo krijgen we uiteindelijk een debat dat voor niemand bevredigend verloopt en bovendien wordt ontsierd door oplopende irritaties.

Krimpende ruimte maatschappelijk middenveld

Zeker, over een aantal belangrijke zaken die verder gaan dan deelbelangen van NGO’s zijn de Kamerleden het met elkaar eens. Zo is de krimpende ruimte voor het maatschappelijk middenveld wereldwijd een onderwerp dat door verschillende partijen prominent naar voren wordt gebracht. Vooral Kirsten van den Hul stelt haar bijdrage grotendeels in het teken van dit onderwerp en komt ook met een aantal concrete voorstellen. Zo pleit ze voor een early warning system waarin vroegtijdig gesignaleerd kan worden welke negatieve trends er gaande zijn op de het gebied van de ruimte voor maatschappelijke organisaties en activisten. Van den Hul komt aan het einde van het debat ook met een motie waarin ze verzoekt om de extra middelen die er voor de diplomatieke posten van Nederland zijn ook in te zetten voor extra capaciteit gericht op het samenwerken met en het versterken van mensenrechten en het lokale maatschappelijk middenveld.

Ook wil Van den Hul per se van haar collega Bente Becker van de VVD weten of zij zich ook zorgen maakt over de krimpende ruimte van maatschappelijke organisaties en activisten. Als Becker dit met een overtuigend ‘Ja’ bevestigt, twittert politiek adviseur Paul van den Berg van Cordaid meteen. ‘Blij met politieke steun van @bentebecker voor initiatieven om de krimpende ruimte voor maatschappelijke organisaties terug te winnen. Dit op interruptie @kirstenvdhul. Daar kunnen we verder mee.’

De tweet is tekenend voor hoe de meeste lobbyisten van de NGO-sector het debat volgen. Telkens als er een klein succesje is binnengehaald, het betreffende Kamerlid meteen een dikke pluim geven.

Rol van religie

Een ander onderwerp dat weer helemaal terug in de spotlights is, is die van de rol van religieuze organisaties binnen ontwikkelingssamenwerking. Onder de van oorsprong katholieke bewindslieden Knapen en Ploumen speelde dit nauwelijks een rol, maar juist Kaag die uit een partij (D66) komt die in sommige kringen de reputatie heeft anti-religieus te zijn, blijkt de rol van religie binnen ontwikkeling duidelijk te zien en te omarmen.

Ze antwoordde met een volmondig ‘Ja’ op de vraag van Anne Kuik (CDA) over of ze een rol ziet voor religie binnen het ontwikkelingsbeleid. Want volgens Kuik zitten moskeeën, kerken en tempels in de haarvaten van iedere samenleving. Ook liet Kaag zich door Joel Voordewind (CU) verleiden om een passage uit de bijbel voor te lezen, het verhaal van de Barmhartige Samaritaan. Wel voegde de bewindsvrouw eraan toe dat het Nederlandse beleid ‘theïstisch, atheïstisch en monotheïstisch’ is.

Scherpte opzoeken

De eerste tekenen van een ongemakkelijke sfeer ontstaan als Isabelle Diks (GroenLinks) aan de beurt is. Net als eerder de PvdD en later SP doet zij wél een poging om de nota kritisch tegen het licht te houden. Wordt de nota door de coalitiepartijen wel erg opzichtig de hemel in geprezen met nauwelijks kritische kanttekeningen (waar is de tijd van het dualisme binnen de Nederlandse politiek gebleven?), Diks doet een poging de scherpte op te zoeken. Ze mist vooral het aspect van beleidscoherentie en zegt dat we gewoon verder gaan op de weg van grootschalige projecten die negatieve gevolgen hebben voor milieu en lokale bevolking. Verder constateert ze een ‘obsessie met migratie’ in de nota.

Joel Voordewind (CU) interrumpeert meteen en vraagt aan Diks of ze de werkelijkheid waar we vandaag de dag in leven niet ziet. Waarop Diks antwoordt dat het Nederlandse beleid nu een slang is die in zijn eigen staart bijt. De helft van het ontwikkelingsbudget gaat volgens haar nu naar migratiebeperking. Hoe minder geld er naar echte ontwikkelingssamenwerking gaat, hoe meer mensen gedwongen worden om te emigreren. ‘Dat noem ik dweilen en de kraan openzetten’, aldus Diks. Deze opmerking leidt tot een felle woordenwisseling met vooral de coalitiepartijen D66, CU en CDA die Diks proberen te framen als iemand die weinig oog heeft voor de migratieproblematiek en het lot van migranten.

Er volgt een lange interruptieperiode waarin de coalitiepartners GroenLinks met aanvallen blijven bestoken. Diks probeert duidelijk te maken dat GroenLinks een aantal zaken fundamenteel anders ziet dan de coalitiepartijen. Niet alleen migratie, maar ook de handelspolitiek. Haar partij ziet bovendien een verband tussen onze rijkdom hier en armoede daar en heeft niet het idee dat deze beleidsnota van het kabinet ook maar iets aan de scheve verhoudingen in de wereld gaat veranderen.

Mustafa Amaouch (CDA) snapt helemaal niets van de kritiek van GroenLinks. Hij haalt het voorbeeld aan van duurzame palmolieproductie, waarover Diks daarvoor een aantal kritische kanttekeningen had gemaakt. ‘Wilt u nu echt niet dat de kinderen daar iets te eten hebben en naar school kunnen gaan?’ De opmerking is tekenend voor de manier waarop enkele coalitiepartijen hun opponenten proberen weg te zetten.

Gebonden hulp

Complimenten aan de minister zijn er ook van Bente Becker (VVD). Ze vraagt om een aantal concrete toezeggingen om Nederlandse bedrijven die in ontwikkelingslanden willen investeren een nog beter level playing field te geven. Becker hoort bovendien regelmatig van ondernemers dat de drempel om een aanvraag te doen bij het bedrijfsleveninstrumentarium te hoog is. Ze vraagt de minister bovendien ook om eens een kijkje in Frankrijk te nemen waar veel meer gebonden hulp is die ook het bedrijfsleven daar meer ten goede komt.

Ook gaat Becker uitgebreid in om het principe van less for less and more for more, het koppelen van OS-geld aan de bereidheid van landen om mee te werken aan de terugkeer van eigen onderdanen die hier geen legale status hebben, of aan mee te werken aan migratiedeals. Becker wil concrete toezeggingen van de minister en vraagt welke indicatoren de minister wil gebruiken om te beoordelen of een ontwikkelingsrelatie beëindigd kan worden met landen die niet willen meewerken aan migratiedeals of het terugnemen van onderdanen.

Maar één echte grondoorzaak

Het keerpunt in het overleg vindt plaats als commissievoorzitter Raymond van Roon van pet moet verwisselen. Omdat partijgenoot Danai van Weerdenburg ziek is, moet Van Roon de bijdrage van de PVV voorlezen en vragen beantwoorden. De voorzittershamer gaat voor enkele minuten naar Joel Voordewind. Van Roon stelt in ‘zijn’ bijdrage dat er maar één grondoorzaak is van alle problemen in de wereld, en dat is de islam. Hij gaat verder in op de ‘bodemloze putten’ van ontwikkelingssamenwerking en spreekt over een ‘veerdienst van NGO’s om gelukszoekers de Middellandse Zee over te zetten.’

De bijdrage van de PVV levert felle reacties op van met name Achraf Bouali, Esther Ouwehand, Sadet Karabulut en Mahir Alkaya (beiden SP), terwijl Bente Becker op een meer zakelijke manier het PVV Kamerlid het vuur aan de schenen legt. Van Roon is onvermurbaar. Was de PVV vroeger altijd een voorstander van noodhulp en deed Geert Wilders actief mee aan belpanels tijdens nationale acties van Giro 555, op enige compassie van de PVV hoeven vluchtelingen als gevolg van grote crises vandaag de dag niet meer te rekenen. Ze moeten het allemaal zelf uitzoeken, zegt Van Roon letterlijk. Zoals Nederland het vroeger ook zelf moest uitzoeken.

‘De rillingen lopen over mijn lijf als ik u zo hoor praten’, zegt Bouali. Het blijkt voor Van Roon lastig om de rest van het overleg nog als onafhankelijk voorzitter te kunnen functioneren. Zijn bijdrage blijft als een sluier over het overleg hangen.

Kernpunten reactie minister

Na een eetpauze is het de beurt aan minister Kaag. Ze neemt uitgebreid de tijd om te reageren en krijgt ondertussen veel vragen over de hulpagenda binnen haar beleidsnota. Een aantal kernpunten uit het betoog van de minister.

  • Dit is geen negatief verhaal, maar dit is het verhaal van verandering en van transformatie.
  • Ik daag iedereen uit die dit een slecht plan vind om met een beter alternatief te komen.
  • Ik deel de zorgen over de krimpende ruimte van het maatschappelijk middenveld.
  • We moeten meer op technologie inzetten voor innovatieve oplossingen. Dat is ook veel goedkoper.
  • Gebonden hulp is ouderwets en onnodig.
  • Op het ministerie is men nu volop bezig met de uitwerking van de plannen op concreet niveau.
  • ODA middelen zullen niet worden ingezet voor grensbewaking, maar worden besteed aan waar ze echt voor bedoeld zijn. Mocht er een andere definitie voor ODA komen, dan begint er een ander verhaal.

 

Onaangename sfeer

Ondertussen is het half negen en zegt Van Roon dat de minister niet meer geïnterrumpeerd mag worden omdat het overleg tot negen uur gepland staat en er ook nog een tweede ronde met spreektijd voor de Kamerleden op het programma staat. Hij sommeert de Kamerleden hun verdere vragen in te brengen tijdens deze tweede ronde. Dit schiet volledig in het verkeerde keelgat bij Mahir Alkaya en Mustafa Amaouch, de twee handelspecialisten van SP en CDA die met hun collega’s op ontwikkelingssamenwerking zijn meegekomen. Er is nu geen tijd meer om het onderwerp handelspolitiek op een goede manier te behandelen, stellen ze. Alle interrupties zijn tot dusverre gegaan naar de hulpagenda waar Kaag nog steeds over aan het woord is. ‘Ik sta erop dat we deze ruimte krijgen’, stelt Amaouch. ‘Wat is dit voor manier van voorzitten?’ briest Alkaya.

De sfeer is ondertussen ronduit onaangenaam geworden. Op twitter schrijft Ingrid Coenen van Partos: ‘Debat #bhosnota gaat verkeerde kant op. Boel wordt afgeraffeld, de minister lijkt geïrriteerd, antwoorden worden vooruitgeschoven, kamerleden zijn boos en ruzie tussen voorzitter @r_deroonpvv en @MahirAlkaya . De echte verliezer hiervan: het ontwikkelingsbeleid. Enorm zonde…’

Er worden verschillende suggesties voor het vervolg gedaan. Becker stelt voor het debat te verlengen en Van den Hul zelfs om de tweede ronde op een ander tijdstip te houden, zodat de het debat de tijd en zorgvuldigheid krijgt die het verdient. Dat vindt nestor Voordewind geen goed idee omdat het dan pas na het reces wordt en er nu belangrijk beleid in gang moet worden gezet. Het overleg wordt uiteindelijk meerdere malen verlengd tot uiteindelijk half 11. Maar het gevoel van afraffelen blijft.

Excuses

Ondertussen blijven Van Roon en Alkaya met elkaar clashen en biedt de SP-woordvoerder zelfs zijn excuses aan voor het verloop van het debat om uiteindelijk nog een sneer aan Van Roon te geven dat er veel betere voorzitters in de Tweede Kamer zijn. Het wordt er niet beter op als tot slot de behandeling van de verschillende moties door minister Kaag eveneens chaotisch verloopt omdat de bewindsvrouw nog niet altijd de juiste terminologie van het politieke handwerk in de vingers blijkt te hebben. Het blijft voor mensen daarom ongewis wat ze nu precies adviseert over sommige moties. De verslaggever van Radio 1 heeft dan al getwitterd. ‘Minister Kaag gaat hulpgeld gebruiken als druk- en lokmiddel om migratie af te remmen. Zo meer hierover bij @oogopmorgen.’

En zo is dat de boodschap die het Nederlandse publiek die avond meekrijgt van een chaotisch debat over de nota van minister Kaag: hulpgeld als druk- en lokmiddel om migratie af te remmen.

 

 

 

Marc Broere

Marc Broere is hoofdredacteur van Vice Versa. Daarnaast is hij auteur van een aantal boeken waaronder De Bewogen Beweging -50 jaar mondiale solidariteit (met Hans Beereends), Berichten over Armoede -een journalistieke kijk op ontwikkelingssamenwerking, en Minder Hypes, Meer Hippocrates -een positieve injectie voor de ontwikkelingssector (met Ellen Mangnus).

De strijd om patenten  

Door Manon Stravens | 20 juli 2018

Sinds de schaamteloze rechtszaak van Big Pharma tegen Nelson Mandela in 1998 is veel ten goede veranderd: voor tientallen ontwikkelingslanden zijn generieke en dus veel goedkopere aidsmedicijnen nu voorhanden. Juriste Ellen ’t Hoen riep een ‘patentpool’ in het leven, dat intellectueel eigendom beheert en licenties uitgeeft. Ze vindt dat het mechanisme ook op andere essentiële medicijnen toepasbaar is. ‘Het is een ongelooflijke gemiste kans’, zegt ’t Hoen, ‘als we dat verzuimen.’

Lees artikel

De twee verhalen over aids

Door Joris Tielens | 19 juli 2018

Ruim dertig jaar aidsbestrijding slaagde goeddeels in het bedwingen van de epidemie èn leert ons wat nodig is om de ziekte ten einde te brengen. Maar de wet van de remmende voorsprong geldt: er is veel vooruitgang door behandeling, maar preventie is verwaarloosd. Bovendien dreigt het succesverhaal te vroeg de mondiale financiering te verkleinen, met mogelijk desastreuse gevolgen. Gevraagd: politieke wil.

Lees artikel

Politieke wil nodig om aids schaakmat te zetten

Door Vice Versa | 18 juli 2018

.Ter gelegenheid van de grote internationale aidsconferentie, die volgende week bijna 20.000 mensen uit de hele wereld naar Amsterdam zal brengen, is een speciale uitgave van Vice Versa verschenen. De epidemie is bedwongen, maar er is politieke wil nodig om aids voor eens en altijd schaakmat te zetten.

Lees artikel