journalistiek over mondiale samenwerking
 Word Abonnee!
Een themanummer over landrechten, met achtergronden en reportages uit onder meer Colombia, Irak, Mozambique, Indonesië en Mongolië.

Waarom Trump vandaag ontwikkelingslanden (misschien) een enorme dienst heeft bewezen

Door Selma Zijlstra

President Trump heeft vandaag het vrijhandelsverdrag TPP met één pennenstreek naar het kerkhof verbannen. Waarom dat geen slecht idee is, blijkt uit een artikel van Vice Versa dat we publiceerden begin 2014, na afloop van de 10e WTO-top in Bali. Lees in deze verkorte versie waarom ontwikkelingslanden waarschijnlijk wel zullen varen bij Trumps eerste internationale besluit.

Met een WTO die vrijwel continu in crisis lag, zijn landen steeds meer hun toevlucht gaan zoeken in regionale en bilaterale verdragen. Er zijn er meer dan 500 van kracht of in de maak. Econoom Jagdish Bhagwati noemt het een ‘spaghetti bowl’ van handelsverdragen. Omdat afzonderlijke landen in ieder vrijhandelsverdrag andere overeenkomsten onderhandelen, met eigen uit- zonderingen en achterdeurtjes, ontstaat er een onontwarbare kluwen. En juist deze wirwar is volgens hem, en volgens vele WTO-watchers, de grootste bedreiging voor het multilaterale systeem.

De twee meest in het oog springende vrijhandelsverdragen die op het moment in de maak zijn, zijn de zogenaamde ‘megadeals’: het Transatlantic Trade and Investment Partnerschip (TTIP) tussen de EU en de VS en het Trans-Pacific Partnership (TPP) tussen de landen rondom de Pacifische Oceaan, te weten de VS, Australië, Maleisië, Vietnam, Singapore, Peru, Chili, Brunei, Canada, Japan, Nieuw-Zeeland en Mexico.

Nicolas Imboden, directeur van de organisatie IDEAS, die lage-inkomenslanden adviseert hoe ze voordeel kunnen halen uit hun WTO-lidmaatschap, becommentarieert: ‘Het betekent de erosie van het inclusieve multilaterale systeem. We hadden ooit de GATT, de General Agreement on Tariffs and Trade, dat was een rich men’s club. Vervolgens kreeg men iets meer oog voor ontwikkelingslanden en die kregen uitzonderingen, maar de regels bleven die van het Westen. Nu hebben we sinds de oprichting van de WTO eindelijk een inclusief systeem. Ontwikkelingslanden werden echter de meerderheid en nu wordt het te ingewikkeld voor de rijkere landen, en gaan ze terug naar het systeem van de GATT. Want dat is wat het TPP en het TTIP in feite doen: de arme landen achterlaten in de kou.’

Deborah Elms, die als liberale econoom bij de Temasek Foundation for Trade and Negotiations uit Singapore niet vies is van een beetje meer vrijhandel, erkent dat dergelijke megadeals niet gunstig zijn voor armere landen. Elms: ‘Voor veel ontwikkelingslanden is het geen optie om in dergelijke deals mee te gaan. De kleine Pacifische eilanden hebben bijvoorbeeld niets te bieden. Niemand wil met hen een vrijhandelsverdrag. Dus ze kunnen niet profiteren van de nieuwe regels die de verdragen te bieden hebben.’

Het TPP heeft iets van een middelbare-school- tafereel waar je wel of niet mee mag doen met de grote jongens. ‘Je hoort erbij of je staat erbuiten’, zegt Elms. ‘Een land als Vietnam zal naar mijn verwachting een grote groei meemaken. Als de importtarieven van de VS van 14 % naar 0 % gaan, zullen de exportvoordelen enorm zijn. Niet alleen voor ruwe materialen, maar ook de tarieven voor hooggekwalificeerde producten gaan naar beneden. De groei zal als gevolg hebben dat buitenlandse bedrijven hun producties uit Thailand halen – dat niet deel is van het TPP – en naar Vietnam brengen. Thailand zal hevig lijden, en Vietnam zal winnen. Het splijt de regio uiteen.’

De protesten van maatschappelijke organisaties en denktanks gaan verder. Zo ziet Martin Khor van het South Centre, een denktank in Genève, niet alleen maar voordelen voor de landen die mee mogen doen. Hij schrijft op zijn blog dat de tariefreducties de lokale producenten in gevaar kunnen brengen. Ook zet de VS met het TPP de industriepolitiek van Aziatische landen onder druk, waarin de staat een grote rol heeft in de economische ontwikkeling en veel bedrijven voor de helft bezit. Dergelijke politiek hebben landen als Maleisië, Zuid-Korea en Vietnam volgens Khor juist doen groeien.

Ook de strenge eisen van de Verenigde Staten voor een restrictief intellectueel eigendomsbeleid, die een stuk verder gaan dan de huidige WTO-regels, creëren zorgen bij de TPP-partners. Met name de ontwikkelingslanden onder hen voelen zich niet overal meer prettig bij, blijkt uit een recent statement van een Maleisische minister. ‘Je tast het fundamentele soevereine recht aan van landen om eigen politiek en regelgeving te voeren. Dat is tricky en dus vragen we om flexibiliteit.’

Tegelijkertijd is niet meedoen ook niet echt een optie – denk aan het voorbeeld van Thailand. Daarom staat de volgende groep landen ook al in de rij om over het TPP te praten. Het verdrag creëert aldus een opwaartse druk voor handelsliberalisering. Saillant detail is overigens dat het TPP (en ook het TTIP) niet op alle gebieden zo vrijhandelsgezind is. Over het afbouwen van Amerikaanse landbouwsubsidies wordt in alle talen gezwegen.

Kortom: de opkomst van megadeals is een heel gevaarlijke situatie, vindt Nicolas Imboden, directeur van IDEAS. ‘De rijke landen zullen met hun regels naar de WTO komen en zeggen: “Ofwel je accepteert deze regels en je maakt ze multilateraal, of we zullen ermee doorgaan en sluiten jullie uit van de markt.” De minst ontwikkelde landen hebben geen enkele onderhandelingspositie.’

Foto: Gage Skidmore/Flickr

Selma Zijlstra

Email: selma@viceversaonline.nl

Selma Zijlstra is redacteur en journalist bij Vice Versa. Ze studeerde Internationale Betrekkingen aan de Rijksuniversiteit Groningen (BA) en haalde haar master in Conflict Studies and Human Rights (cum laude) aan de Universiteit Utrecht. Haar specifieke interesses zijn: geweldloos verzet, handel(spolitiek), arbeidsomstandigheden, gender, conflict, landrechten en wetenschappelijke evaluaties (en voor zover mogelijk de combinaties daartussen).  

 

Dossier:
Ready for change?

Unaniem aanvaard door de internationale gemeenschap: de zeventien Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SGD’s). Hét kader voor het werken aan economische, ecologische en sociale vooruitgang wereldwijd voor de komende vijftien jaar. Ook Nederland heeft zich uitgesproken voor de Duurzame Ontwikkelingsdoelen. Reden om in het online debat ‘Ready for Change’ het huidige kabinetsbeleid eens kritisch tegen het licht te houden. Hoe draagt Nederland met haar beleid bij aan het behalen van de doelen? En belangrijker nog: welke veranderingen zijn nodig om het beleid 'SDG-proof' te maken? In de maand september stond de website van Vice Versa, hét platform over mondiale samenwerking, volop stil bij het belang van een coherente implementatieagenda van de ontwikkelingsdoelen.   

Artikelen in dit dossier

Waarom Trump vandaag ontwikkelingslanden (misschien) een enorme dienst heeft bewezen

Een beetje meer solidariteit graag

En? Nederland en Europa Ready for Change?

Nederland en de SDG’s: een teleurstellende kaartenbak

‘Hoog tijd dat Nederland haar nek weer gaat uitsteken’

Voor theeboeren komt klimaatverandering dichtbij

Waterschaarste dwingt tot samenwerken

Marilou van Golstein Brouwers: De motor voor duurzame ontwikkeling komt vaker vanuit het bedrijfsleven dan vanuit de overheid

De prijs van toegang tot duurzame energie in Kenia

Op zoek naar het echte verhaal in de theevelden van Kenia

Was getekend: Lilianne, Melanie, Sharon, Henk, Lodewijk

Beleid Ploumen ‘niet te rijmen’

Stephen Chacha: Duurzaamheid ontneemt Afrika het recht op ontwikkeling

Samen staan we sterk: inclusieve en effectieve uitvoering voor een universeel probleem

Jan Pronk: De SDG’s zouden moeten leiden tot veel meer kritiek op het Nederlandse beleid

Het achterblijvertje van Europa moet fors bijbenen: wat het klimaatakkoord van Parijs betekent voor Nederland

Duurzame ontwikkeling: Ready for Change? Ja, wij zijn er klaar voor

Klimaatfinanciering bereikt kwetsbare gemeenschappen onvoldoende

Perspectief op Klimaatverandering  

Het klimaatakkoord van Parijs; ook een succes voor ontwikkelingslanden?

Vallende mango’s en de SDG’s

Ontbossing in Brazilië; de hobbelige weg naar duurzame soja

‘Ontwikkeling hoort niet te verwoesten’

Made in Ethiopia; De uitdagingen in de opbouw van een duurzame textielsector

‘Made in Bangladesh’ – Nederland, Bangladesh en duurzame waardeketens

Verduurzaming mondiale waardeketens: Vrijwillig, maar niet vrijblijvend

Duurzame Doelen: brengt Nederland de theorie in de praktijk?

Europarlementariër Sargentini: ‘SDG’s staan niet hoog op de Brusselse agenda’

Geen kind onbeschermd in Europa

Dat migratie bij de SDG’s hoort is lang niet overal bekend

AANKONDIGING: Vice Versa Verkent: Ready for Change?