Kieswijzer Ontwikkelingssamenwerking: Omlaag/omhoog; vooruit/achteruit

 

 

 

 

 

 

 

BLOG- Hoogleraar Paul Hoebink heeft alle verkiezingsprogramma’s al gelezen en de paragrafen over internationale samenwerking met elkaar vergeleken. Hij werd er niet blij van, want veel analyse en vooruitdenken trof hij niet aan. Toch: op welke partijen kun je het beste stemmen als je internationale samenwerking belangrijk vindt?

Als eerstejaarsstudent politieke wetenschappen in Nijmegen, héél lang geleden, bestond mijn eerste practicum uit het analyseren van de verkiezingsprogramma’s. Daar werd ik niet vrolijk van. Niet eens zozeer omdat we laat ontdekten dat de begeleidende docent een boekje aan het maken was van onze werkstukken, maar meer omdat we uitvonden dat veel partijen zaken in verkiezingsprogramma’s beloofden die ze net in Kamerdebatten hadden afgezworen. Een nieuwe zoektocht naar de ontwikkelingssamenwerkingsparagrafen in de dit najaar verschenen programma’s van een dertiental partijen voor de Tweede Kamerverkiezingen van volgend jaar maart, levert nog minder vrolijkheid op, maar om geheel andere redenen. Laat ik eerst een samenvatting geven van deze zoektocht om daarna het geheel te analyseren en te eindigen met een aantal stemadviezen.

De aandacht

Eerst maar de aandacht die deze partijen besteden aan het onderwerp ‘Ontwikkelingssamenwerking’. Daar zit nogal wat variatie in. Het zijn vijf woorden tot twee regels bij de PVV, Voor Nederland (VNL) en Thierry Baudets Forum voor de Democratie (FvdD). In ‘Nederland weer van ons’, het maar liefst één pagina lange verkiezingsprogramma van de PVV, is het “Geen geld meer naar ontwikkelingshulp”, aangevuld met “windmolens kunst, innovatie, omroep enz.”, wat een besparing zou moeten opleveren van 10 miljard euro.

Dan zijn er de acht regel partijen (50 Plus en SP), de 12 regel partij (Denk), de met 16-17 regels (CDA, Groen Links), de twee derde pagina programma’s (PvdA en SGP) en de ene pagina van de VVD. Tenslotte de partijen die ontwikkelingssamenwerking heel wat woorden, zinnen en pagina’s gunnen: twee pagina’s met een hele kleine letter bij de Partij voor de Dieren (PvdD), drie pagina’s bij de Christen Unie (CU) en maar liefst zes pagina’s bij D66.

 

De centen

Hoeveel willen deze partijen uittrekken voor ontwikkelingssamenwerking? Dan zijn er allereerst de ‘helemaal niets’, ‘doe maar weg’ partijen. De PVV dus, VNL (wel noodhulp) en FvdD. De laatste wil de ‘vier miljard euro’ van ontwikkelingssamenwerking in het Nederlandse onderwijs steken, wat tegelijkertijd ook de enige referentie aan ontwikkelingssamenwerking is. Nergens wordt verder toegelicht of dit ook betekent dat we dan uit de Europese Unie stappen (wat de PVV wil), en tevens uit de Wereldbank, het IMF en een hele serie VN-organisaties.

De VVD geeft in zijn programma ‘Zeker Nederland’ aan dat er verder bezuinigd kan worden, “miljarden euro’s structureel worden vrijgemaakt”, “als het (men bedoelt hulp, ze dus, taalfoutje) wordt ingezet op een aantal kernthema’s”, bovendien kan dat “de verslavende werking van ontwikkelingshulp tegengaan”. Waarop precies bezuinigd kan worden is slechts tussen de regels door te lezen, waar tegelijkertijd de VVD ook opnieuw wil proberen de ODA-norm te verruimen (voor de vierde keer deze eeuw) en defensie-uitgaven naar de ontwikkelingsbegroting wil overhevelen. Evenmin is duidelijk op welke wetenschappelijke publicaties of evaluaties dat idee van de verslavende werking is gestoeld.

Dan zijn er de partijen die zeer onduidelijk zijn over hoeveel geld ze precies voor ontwikkelingssamenwerking willen uittrekken, namelijk de SGP, SP en het CDA. Het CDA is in zijn 16 regels sowieso een en al onduidelijkheid: “Daarom worden (moet ‘wordt’ zijn) de financiering van de Nederlandse bijdrage omgevormd (?) op basis van deze nieuwe aanpak en (‘moet deze’: mijn invoeging) tevens beantwoorden aan afspraken die in internationaal verband zijn gemaakt”. Afgezien van de taalfouten in deze zin, is onduidelijk wat het CDA met die internationale afspraken bedoelt. Die zogenaamde ‘nieuwe aanpak’ bestaat uit het samenbrengen van “diplomatie, Defensie, handel en ontwikkeling”, waarvan ik denk dat het CDA maar eens bij haar eigen oud-minister Van Ardenne langs moeten gaan voor een mini-les over hoe dat in haar tijd als minister al samenging.

Verder is er de ‘wat er nu is plus 750 miljoen’ partij (D66), maar op het verkiezingscongres van die partij is aangenomen dat D66 wil dat Nederland zich houdt aan de “minimaal 0,7 procent van het BNP”, “zoals voorgeschreven door de OESO”. Ook 50 Plus wil dat Nederland zich “houdt aan internationale afspraken als het gaat om het geven van ontwikkelingshulp”. We mogen aannemen dat dat ook hier gaat om de norm van 0,7% van het Bruto Nationaal Product (sinds 1993 berekend op basis van het Bruto Nationaal Inkomen), zoals aangenomen in de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 24 oktober 1970. Drie partijen (de Christen Unie, Groen Links en PvdA) stipuleren dat wat verder: zij stellen dat die 0,7 procent weer moet worden hersteld in de komende regeerperiode, maar dat de uitgaven voor eerstejaars opvang voor asielzoekers en voor het klimaatfonds daarbij moeten worden opgeteld. Daarbij moet worden aangetekend dat de PvdA dat ook beloofde bij de vorige verkiezingen, maar dat dit het eerste was wat de PvdA aan de VVD cadeau deed bij de kabinetsformatie van Rutte II. Blijven over twee partijen die een heel forse verhoging van de ontwikkelingshulp willen en naar een uitgavenniveau van de jaren tachtig terug willen gaan, 1,0 procent van het Bruto Nationaal Inkomen, DENK en de PvdD.

 

Thema’s 

Qua thema’s die naar voren gebracht wordt is de relatie met asielzoekers/migranten en ontwikkelingshulp een van de belangrijkste. Dat geldt bijvoorbeeld voor de VVD, die opvang in de eigen regio vooropstelt en die het meewerken aan terugkeer- en andere regelingen voor migranten en asielzoekers criterium wil maken voor het verstrekken van ontwikkelingshulp, maar ook voor handelsovereenkomsten en visaverstrekking: “Ontwikkelingshulp mag geen vrijblijvend cadeautje zijn”; landen moeten “actief meewerken”, de VVD verwacht een “tegenprestatie” en anders wacht hen “gerichte dwangmaatregelen”. Hoe dit te bewerkstelligen is met de – na de eerdere en verdere bezuinigingen – dubbeltjes in de Nederlandse hand wordt niet duidelijk gemaakt. Ook bij de SP is migratie de hoofdmoot in hoofdstuk 19 van het verkiezingsprogramma ‘Nu Wij’, waar de partij zegt zich vooral te willen richten op Afrika en daarbij op jongeren via (vak)opleidingen en op gezondheidszorg.

Hulp en handel zijn in het huidige kabinet gecombineerd in een ministerspost voor een minister zonder portefeuille (dus een minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking), dus het is logisch dat de twee regeringspartijen dat willen behouden. Voor de VVD omdat men handel belangrijker dan hulp vindt en dat men het Nederlandse bedrijfsleven (nog) meer bij de hulp wil betrekken. DENK, Groen Links en de PvdD willen dit juist loskoppelen, juist omdat zij vinden dat ontwikkelingshulp eerst en vooral voor de armsten in ontwikkelingslanden is bedoeld (Groen Links). Eerlijke handel, zoals ook het tegengaan van belastingontduiking, zien we weer terug bij D66 en de Christen Unie, die voorstelt dat in de handelsverdragen “duurzame en inclusieve groei en wederkerigheid worden opgenomen”, wat ook terug te vinden is bij Groen Links. Bij de PvdD gaat het dan om het regionaliseren van de handel en in dat kader vindt ze ook dat “alle bestaande exportsubsidies en budgetten voor exportpromotie moeten verdwijnen”.

Particuliere hulp en maatschappelijke organisaties krijgen maar weinig aandacht. De PvdD wil speciale steun voor milieu- en mensenrechtenorganisaties. De Christen Unie vindt dat een derde van de Nederlandse hulp via particuliere ontwikkelingsorganisaties moet gaan, maar die subsidie mag niet hoger zijn dan de eigen middelen. Als dit alleen om Nederlandse ontwikkelingsorganisaties gaat, zal het moeilijk zijn om die een derde van het budget zo te besteden, want dan kom je met die 50 procent aan eigen middelen nooit hoger dan 600 miljoen euro (zoals blijkt uit de statistieken van Geven in Nederland en de jaarverslagen van Goede Doelen Nederland).

Een aantal partijen komt verder met wat bijzondere punten. Zo wil de SGP speciale aandacht voor weeskinderen en uitstapprogramma’s voor prostituees. De PvdD besteedt een hele paragraaf aan conflictgrondstoffen, wil daarop strengere regels en rapportage door bedrijven. D66 wil langdurige overeenkomsten met hulpontvangende landen en meer continuïteit in de programma’s door de roulatie van staf op de ambassades te veranderen.

 

Teleurstellend

Al met al steekt er onvoorstelbaar weinig analyse in de verschillende programma’s. Er is geen visie op de plaats van ontwikkelingssamenwerking en internationale samenwerking in deze 21e eeuw en de rol die Nederland daar kan spelen. Daarbij zou het onder andere moeten gaan om de overgang van ontwikkelingssamenwerking naar internationale samenwerking. Wat doen we met landen die gradueren (zoals voor Nederland nu Ghana, Kenia en Indonesië), gaan we daar helemaal weg?

Een ‘klein’ land als Nederland is gebaat bij rechtsstatelijkheid en internationale samenwerking. Dat geldt in het bijzonder een aantal mondiale publieke goederen, zoals veiligheid, het milieu en klimaat, gezondheid van mensen en dier, voedselvoorziening. Alleen al de grensoverschrijdende ziektes, van ebola via zika tot de vogelgriep, geven aan dat internationale samenwerking hierop van levensbelang is. Daar hoort ook bij dat landen naar vermogen middelen vrijmaken voor die samenwerking. Dat gebeurt gedeeltelijk al via de lidmaatschapsbijdragen voor internationale organisaties, maar eigenlijk zou er naast de ODA-norm van 0,7 procent een tweede norm moeten komen voor internationale samenwerking op deze mondiale publieke goederen om tot een eerlijke lastenverdeling te komen. De ODA-norm an sich is niet zozeer van betekenis, maar wel het idee van lastenverdeling dat daarachter schuilt.

Die plaatsbepaling van Nederland in de wereld van de 21e eeuw zou ook moeten leiden tot een goede inschatting van op welke mondiale publieke goederen en met wie we zouden willen samenwerken. Dat gaat om landen post-ontwikkelingshulp, maar zeker ook over internationale organisaties. Als Nederland zich vooral wil inzetten op bepaalde thema’s/beleidsterreinen, wie zijn dan de internationale partners waarmee we dat zouden willen doen? Welke internationale organisaties zijn efficiënt en effectief en met welke wil Nederland toch door ondanks hun eventuele beperktheden en met een agenda van verandering?

Tenslotte moet overdacht worden wat daarin de rol is van maatschappelijke organisaties. Het ruwe afbreken van de medefinanciering van particuliere ontwikkelingsorganisaties heeft niet alleen voor honderden ontslagen in Nederland maar ook voor het instorten van veel organisaties in ontwikkelingslanden gezorgd. Een debat over de functie en effectiviteit van dit ‘kanaal’ is nooit in de diepte gevoerd. De subsidie is nu, zeer beperkt vorm gegeven onder de noemer van ‘advocacy en beleidsbeïnvloeding’. Een bredere en diepgaander analyse van rol en betekenis van het maatschappelijk middenveld en mogelijkheden tot ondersteuning is hard noodzakelijk.

 

Stemadviezen

Dit alles leidt tot de volgende stemadviezen:

  1. Als u geen Nederlandse cent meer wilt uitgeven aan ontwikkelingshulp en het u niet interesseert of dat betekent dat we veel VN-organisaties, de Wereldbank, de EU en het IMF verlaten: stem dan op de PVV, VNL of FvdD, maar verdeel u stem zoveel mogelijk over deze drie.
  2. Wilt u vooral handel voorrang geven, dan is de VVD uw partij.
  3. Wie van vaagheid houdt kan zowel bij het CDA als de SP terecht.
  4. Verhoging van de hulp met omlijnde gedachten, stem op D66 of de Christen Unie. Eventueel ook bij de PvdA, maar houd dan de laatste kabinetsformatie in gedachten.
  5. Voor het toetsen van het hele Nederlandse beleid aan ontwikkelingsdoelstellingen, stem dan op Bram van Ojik (GL)
  6. Forse verhoging van de hulp met aandacht voor conflictgrondstoffen en sluiting van alle dierentuinen: Partij voor de Dieren.

 

 Ontwikkelingssamenwerking in de verkiezingsprogramma’s 2017

 

 AandachtOmvang hulpOpmerkelijke punten
PVV5 woordenniets
VNL11 regelalleen noodhulpStoppen met de hulp, alleen noodhulp. Geen hulp, maar handel
FvD15 regelsnietsOntwikkelingshulp (ruim 4 miljard) naar verbetering Nederlands onderwijs
VVDruim een paginanieuwe bezuinigingenOntwikkelingshulp kan belangrijke bijdrage leveren aan verminderen migratiestromen; migratie criterium voor selectie landen; tegenprestatie en gerichte dwangmaatregelen als landen niet meewerken
CDA17 regelsonduidelijkDefensie, handel en ontwikkeling samenbrengen, als ‘nieuwe aanpak’
SGP2/3 paginaonduidelijkNiet meer bezuinigen; geld weghalen uit bureaucratie grote VN-organisaties voor onderwijs, voedselzekerheid en maatschappelijke organisaties; alert op vervuiling budget
CU2 pagina’sNaar 0,7%Kosten asielzoekers gemaximeerd op 250 mln. Helft budget naar verbetering levensomstandigheden in armste landen; 1/3 van het budget via maatschappelijke organisaties; betere verantwoording multilaterale organisaties; omvorming DGGF
D666 pagina’sNaar 0,7%2Investeren op terreinen waar Nederland (universitaire) kennis heeft; investeren in rechtsstatelijkheid en rechten LHBTI; natuurverlies meewegen, bescherming biodiversiteit, bestrijding stroperij; langjarige betrokkenheid, einde aan rotatie op de posten
50 Plus9 regelsonduidelijkNederland houdt zich aan internationale afspraken als het gaat om het geven van ontwikkelingshulp; Nederlands bedrijfsleven moet koppositie in IS verstevigen; geen hulp aan corrupte regimes
SP 8 regelsonduidelijkConcentreren op Afrika, vooral gericht op jongeren(vakopleidingen) en daarnaast op gezondheidszorg; speciale rol voor Afrikaanse, Latijns-Amerikaanse en Aziatische Nederlanders die over relevante netwerken beschikken
PvdA ¾ pagina0,7%+3Hulp en handel in één portefeuille; iedere wet toetsen op effect op ontwikkelingslanden; steun maatschappelijke organisaties en mensenrechtenverdedigers; verantwoorde mondiale productieketens en verplichte rapportage MVO
GroenLinks 1 pagina0,7%+3Ontwikkelingssamenwerking gaat over het belang van mensen in ontwikkelingslanden, niet om het economisch belang van het Nederlands bedrijfsleven; Nederland steunt maatschappelijk middenveld; alle aspecten internationaal beleid toetsen
DENK 14 regelsMinstens 1%Verschil in welvaart, gezondheid en kennis verkleinen; loskoppelen handel en ontwikkelingssamenwerking; voorkomen dat ontwikkelingsgeld naar corrupte en onverantwoordelijke regeringen
PvdD2+ pagina’s1%Hulp niet gericht op belangen Nederlands bedrijfsleven; prioriteit schoon drinkwater, hygiëne, gezondheidszorg, schone energie en steunen emancipatiebewegingen; conflictgrondstoffen aan banden; regionaliseren handel; visserijakkoorden EU ontbinden
  1. VNL = Voor Nederland; FvD = Forum voor de Democratie; . 2. In verkiezingsprogramma alleen beperkte verhoging; op congres motie aangenomen om 0,7% te halen. 3. 0,7%+ = 0,7% zuivere ontwikkelingshulp, klimaatfondsen en opvang asielzoekers daarbovenop
  • Michiel Van de Kasteelen

    Een wat vreemde vergelijking op basis van soms onjuiste informatie, leidend tot eveneens wat vreemde stemadviezen. Voor alle duidelijkheid. Het GroenLinks programma 2017 geeft de volgende tekst: “Er gaat meer geld naar ontwikkelingssamenwerking. De bestedingen gaan omhoog naar de internationaal afgesproken norm van 1,0% van het BNP. De kosten voor opvang van asielzoekers worden niet betaald uit het ontwikkelingsbudget. Klimaatsteun voor ontwikkelingslanden komt bovenop de uitgaven voor ontwikkelingssamenwerking.” Die paragraaf vormt onderdeel van een bredere tekst, waarin ook andere elementen, als genoemd door Paul Hoebink aan de orde zijn. Uitvoerige analyses lenen zich niet voor opname in een verkiezingsprogramma, wil je dat tot een acceptabele lengte beperken. En dan de vraag: waarom bij de stemadviezen onder 5 verwijzen naar een persoon en niet naar de partij als geheel, zoals bij alle andere partijen? Hoe het ook zij: als je Ontwikkelingssamenwerking een goed hart toedraagt, zijn er een aantal partijen waarop je zou kunnen stemmen. GroenLinks is er daar zeker een van.