Door: Marc Broere
22 december 2017

Categorieën

Tags

Naar aanleiding van het stoppen van het Women Peacemakers Program breekt Marc Broere een lans voor kleine en middelgrote organisaties. Ze vervullen een onmisbare rol binnen het maatschappelijk middenveld in Nederland, maar dreigen tussen wal en schip te vallen.

Deze week ruimen de medewerkers van het Women Peacemakers Program (WPP) hun bureaus leeg aan de De Wittenstraat in Amsterdam. Na Oikos is dit al de tweede waardevolle maatschappelijke organisatie in korte tijd die de stekker eruit trekt. Opnieuw gaat het om een organisatie die over hele specifieke deskundigheid beschikt die je niet zo maar even opvangt. Voor het maatschappelijk middenveld (ook wel de civil society genoemd)  in Nederland betekent het stoppen van dit type organisaties een enorme aderlating.

Het WPP is een organisatie met twintig jaar aan ervaring en kennis op het gebied van het ondersteunen van lokale vrouwengroepen wereldwijd. Een van haar belangrijkste resultaten is dat mede dankzij onderzoek van WPP de negatieve gevolgen van antiterrorisme maatregelen op vrouwenorganisaties zichtbaar zijn gemaakt. Dit onderwerp is nu ook in Nederland op de politieke agenda gezet in een kamerbrief van 23 oktober, waarin toenmalig minister Ploumen ingaat op maatregelen die zijn getroffen om te voorkomen dat anti-witwasmaatregelen en contraterrorisme maatregelen vrouwenorganisaties onbedoeld belemmeren in hun werk. De brief was voor een belangrijk deel gebaseerd op de bevindingen van WPP.

Regranting

Het feit dat organisaties als Oikos en het WPP noodgedwongen moeten stoppen laat zien dat er belangrijke weeffouten zitten in het Nederlandse financieringsysteem. Het lijkt er steeds meer op dat middelgrote organisaties, met een budget van tussen de 200.000 en 500.000 euro per jaar, tussen wal en schip vallen. Vroeger werden dit soort organisaties, die meestal over een hele specifieke deskundigheid beschikken, met name ondersteund door grote spelers zoals OxfamNovib, Hivos, Cordaid en ICCO. Sinds de bezuinigingen vanuit de Nederlandse overheid op ontwikkelingssamenwerking zijn ingezet, hebben deze grote organisaties zelf fors moeten bezuinigen en zijn ze vaak gestopt met ondersteuning van platforms en netwerken, en met regranting van kleinere of middelgrote organisaties.

Inmiddels hebben deze grote organisaties hun budgetten via buitenlandse donoren, of door mee te doen aan tenders van de Nederlandse overheid, vaak wel weer redelijk opgekrikt, maar het gaat daarbij om gebonden fondsen die specifiek aan de desbetreffende programma’s moeten worden besteed. Er is amper nog vrij te besteden geld beschikbaar voor zaken van algemeen belang, zoals het ondersteunen van andere belangrijke spelers binnen de civil society. Hierdoor is een belangrijke inkomstenbron  voor deze middelgrote organisaties weggevallen.

Drempelcriteria

Dan is er de Nederlandse overheid voor wie deze organisaties inmiddels te klein zijn geworden om nog rechtstreeks te financieren. Tot enkele jaren geleden konden ze nog zelfstandig indienen bij de Nederlandse overheid, zoals bijvoorbeeld bij het MDG3 Fonds of het Stabiliteitsfonds. Maar de afgelopen jaren zijn de drempelcriteria echter zo hoog gesteld dat ze niet meer toegankelijk zijn voor de kleinere en middelgrote organisaties. Dit komt ook voort uit een trend dat donoren, waaronder Nederland, steeds meer kiezen voor de veilige weg. Ze denken dat de beste resultaten worden gerealiseerd door organisaties die grote sommen geld kunnen beheren. Iets waar overigens geen enkele bewijslast voor bestaat.

Een van de weinige mogelijkheden om het spel toch nog mee te spelen, is om als onderdeel van een partnerschap een aanvraag in te dienen. Maar dat brengt deze organisaties steeds meer in een afhankelijkheidspositie ten opzichte van de grotere partijen binnen dat partnerschap. WPP voelde hier bijvoorbeeld weinig voor omdat een partnerschap volgens de organisatie een keuze moet zijn op basis van gelijkwaardigheid en niet als de enige optie om nog aan financiering te komen; een financiering waarbij je bovendien vooral als uitvoerder wordt ingezet.

Ook de Nationale Postcode Loterij (NPL) is geen optie voor deze kleine en middelgrote organisaties. Hoewel de NPL juist bij uitstek gedurfde initiatieven honoreert en niet voor de veilige opties kiest, heb je om een aanvraag in te dienen een jaaromzet van minimaal 500.000 euro nodig. Dus ook hier vallen deze organisaties buiten de boot.

Gedeelde verantwoordelijkheid

Ik vind het heel belangrijk dat organisaties als WPP, Oikos en al die andere kleine en middelgrote organisaties blijven bestaan. Ze vervullen een onmisbare rol binnen het maatschappelijk middenveld en hebben vanwege hun relatief kleine omvang in de loop der jaren een hechte en persoonlijke werkrelatie opgebouwd met grassrootorganisaties in het Zuiden. Dat zie je in de vrouwenbeweging, maar ook breder in het maatschappelijk middenveld. Ze beschikken vaak lokaal over voelsprieten die de grote organisaties niet meer hebben omdat deze grote organisaties vaak samenwerken met geprofessionaliseerde lokale ngo’s die soms meer in westers donorjargon lijken te spreken dan dat ze nog echt met de voeten in de klei staan.

Het is een gedeelde verantwoordelijkheid dat het maatschappelijk middenveld divers blijft. Eigenlijk zou haar lijflied ‘Imagine’ of  ‘Give peace a chance’ van John Lennon moeten zijn, maar ‘the winner takes it all’ van Abba lijkt op dit moment meer van toepassing te zijn. Grote organisaties zouden zich moeten realiseren dat het ook voor hun goed is dat er kleine wendbare organisaties zijn die een cruciale rol spelen binnen het maatschappelijk middenveld. Zij zijn de vooruitgeschoven posten -de verkenners, de aanjagers,de verdiepers, degenen die op deuren bonken en op de barricades staan.

Maar ik vind dat ook de Nederlandse overheid een verantwoordelijkheid heeft. Juist Nederland profileert zich middels het programma ‘Samenspraak&Tegenspraak’ op het ondersteunen van de civil society in het Zuiden. Je kunt dat niet doen zonder zelf ook oog te hebben voor de diversiteit van je eigen maatschappelijk middenveld. Er vinden verkennende gesprekken plaats 0ver een vervolg van dit programma waaraan nu 25 organisaties en allianties deelnemen, en dat in 2020 afloopt. Het zou een goede zaak zijn als er in dit vervolgprogramma een ruime plek wordt ingeruimd voor kleine en middelgrote organisaties.  Zowel voor de overheid als voor de organisaties die meedoen aan Samenspraak&Tegenspraak geldt dat je niet mensen in het Zuiden kan gaan aanleren wat een civil society is, terwijl je het zelf onder je ogen laat gebeuren dat ons eigen maatschappelijk middenveld aan kracht verliest door het verdwijnen van enkele waardevolle collega’s.

Les 1 van het Civil Society Handboek luidt: massa=power. Hoe breder en diverser, hoe beter. Als organisaties alleen maar voor hun eigen zaak gaan en niet in een breder belang denken, blijft er van ons maatschappelijk middenveld uiteindelijk helemaal niets meer over.

De volgende Vrijdagmiddagborrel van Marc Broere verschijnt na de kerstvakantie, op 12 januari.

Marc Broere

Marc Broere is hoofdredacteur van Vice Versa. Daarnaast is hij auteur van een aantal boeken waaronder De Bewogen Beweging -50 jaar mondiale solidariteit (met Hans Beereends), Berichten over Armoede -een journalistieke kijk op ontwikkelingssamenwerking, en Minder Hypes, Meer Hippocrates -een positieve injectie voor de ontwikkelingssector (met Ellen Mangnus).

Van de Libische hel naar het Élysée

Door Ayaan Abukar | 21 juni 2018

Ineens was Mamoudou Gassama een superheld, nadat hij in Parijs een kleuter redde – en de Franse nationaliteit kreeg. Ayaan Abukar zocht Gassama op. Een gesprek over de daad en het debat, over idealisme en hypocrisie.

Lees artikel

Global Health Café 3: Financing Health

Door Vice Versa | 13 juni 2018

Come to the third Global Health Café on health financing, on the 2nd of July in Nieuwspoort in The Hague

Lees artikel

‘Wij zijn allemaal Palermitanen’

Door Vice Versa | 11 juni 2018

Burgemeester Leoluca Orlando van Palermo verwelkomt migranten meestal persoonlijk en gelooft heilig in het recht op mobiliteit. Zijn beleid loont; Orlando is vorig jaar met grote meerderheid herkozen. Rechtspopulisme heeft geen schijn van kans in zijn stad. Wat is het geheim van Palermo? Ayaan Abukar en Marc Broere gingen op onderzoek en zijn door de burgemeester voor vier dagen tot Palermitaan benoemd.

Lees artikel